﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="2" publtype="kobo">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-25722-1/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 1997-1998</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="port1.0__2.3" markup="c11xa"></versie>
    <ordernr>KST24990</ordernr>
    <vergjaar>1997-1998</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>25 722</nummer>
      <naam>Wijziging van de Wet, houdende wijziging van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen
in verband met de invoering van het veilen van schaarse frequenties voor systemen
van digitale mobiele telecommunicatie (veilen frequenties mobiele telecommunicatie)</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>1</nummer>
      <titel>KONINKLIJKE BOODSCHAP</titel>
      <al>Aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Wij bieden U hiernevens ter overweging aan een voorstel van wet houdende
wijziging van de Wet, houdende wijziging van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen
in verband met de invoering van het veilen van schaarse frequenties voor systemen
van digitale mobiele telecommunicatie (veilen frequenties mobiele telecommunicatie).</al>
      <al>De memorie van toelichting, die het wetsvoorstel vergezelt, bevat de gronden
waarop het rust.</al>
      <al>En hiermede bevelen Wij U in Godes heilige bescherming.</al>
      <ondtek>
        <plaats>'s-Gravenhage</plaats>
        <datum>31 oktober 1997</datum>
        <naam>Beatrix</naam>
      </ondtek>
    </stuk>
    <wet>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>2</nummer>
      <titel>VOORSTEL VAN WET</titel>
      <al>Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:</al>
      <al>Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de regels
in te trekken met betrekking tot het in rekening brengen van vergoedingen
voor het gebruik van schaarse radio-frequenties voor het aanbod van bepaalde
mobiele telecommunicatiediensten door houders van een vergunning of een machtiging,
die het gebruiksrecht niet via een veiling hebben verworven;</al>
      <al>dat het wenselijk is het gebruiksrecht op alle voor DCS 1800 beschikbare
radio-frequenties in een en dezelfde procedure te veilen;</al>
      <al>dat het wenselijk is het wetsvoorstel in overeenstemming te brengen met
de vigerende Wet op de telecommunicatievoorzieningen;</al>
      <al>Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der
Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en
verstaan bij deze:  </al>
      <tuskop letat="vet">ARTIKEL I</tuskop>
      <al>Indien het bij koninklijke boodschap van 18 december 1996 ingediende voorstel
van wet, houdende wijziging van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen
in verband met de invoering van het veilen van schaarse frequenties voor systemen
van digitale mobiele telecommunicatie (kamerstukken II 1996/97, 25 171),
tot wet wordt verheven, wordt deze wet als volgt gewijzigd: </al>
      <tuskop letat="rom">A</tuskop>
      <al>In artikel I, onderdeel A, komt de aanhef te luiden:</al>
      <al>In artikel 1, eerste lid, wordt na onderdeel jj een onderdeel ingevoegd,
luidende: </al>
      <tuskop letat="rom">B</tuskop>
      <al>Na artikel I, onderdeel A, wordt een nieuw onderdeel ingevoegd, luidende: </al>
      <tuskop letat="rom">Aa</tuskop>
      <al>In artikel 4ab wordt «het college» telkens vervangen door:
Onze Minister. </al>
      <tuskop letat="rom">C</tuskop>
      <al>Na artikel I, onderdeel C, wordt een nieuw onderdeel ingevoegd, luidende: </al>
      <tuskop letat="rom">Ca</tuskop>
      <al>In artikel 13c, tweede lid, vervalt het woord «landelijk»
en wordt een volzin toegevoegd, luidende: Onze Minister bepaalt krachtens
artikel 13l of de in de vorige volzin bedoelde diensten al dan niet landelijk
worden verzorgd. </al>
      <tuskop letat="rom">D</tuskop>
      <al>In artikel I, onderdeel L, wordt artikel 13k gewijzigd als volgt:</al>
      <witreg></witreg>
      <al>1. In het vijfde lid vervalt de tweede volzin.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>2. Toegevoegd wordt een achtste lid, luidende:</al>
      <al>8. In afwijking van het eerste tot en met derde lid kan Onze Minister
het moment uitstellen waarop de toegekende radio-frequenties dan wel de radio-frequenties
waarop het gebruiksrecht via een veiling is verworven door de vergunninghouder
mogen worden gebruikt. Aan deze bepaling wordt slechts toepassing gegeven:</al>
      <al>a. ten aanzien van de houders van de vergunningen voor het technische
systeem, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van het Besluit vergunningen mobiele
telecommunicatie, die op het moment van de inwerkingtreding van deze wet zijn
verleend, om de daadwerkelijke mededinging in het aanbod van de bij een vergunning
opgelegde diensten tot stand te brengen, of</al>
      <al>b. indien op het moment van vergunningverlening nog rechten van derden
op het gebruik van de betreffende radio-frequenties gelden.  </al>
      <tuskop letat="rom">E</tuskop>
      <al>Artikel I, onderdeel M, komt te luiden: </al>
      <tuskop letat="rom">M</tuskop>
      <al>Artikel 13l, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd:</al>
      <witreg></witreg>
      <al>1. de aanhef komt te luiden: De voorschriften kunnen betrekking hebben
op:</al>
      <witreg></witreg>
      <al>2. onderdeel c komt te luiden: de diensten die al dan niet landelijk moeten
worden aangeboden,</al>
      <witreg></witreg>
      <al>3. in onderdeel d wordt na «bedoelde diensten» ingevoegd:
, indien van toepassing, </al>
      <tuskop letat="rom">F</tuskop>
      <al>In artikel I, onderdeel N, wordt in artikel 13oa, vierde lid, «Onze
Minister» vervangen door: het college. </al>
      <tuskop letat="rom">G</tuskop>
      <al>In artikel I, onderdeel Q, komt de eerste volzin van artikel 13ij te luiden
als volgt:</al>
      <al>Onze Minister kan aan artikel 13x ook toepassing geven in de verhouding
tussen elk van de vergunninghouders voor een bepaald technisch systeem enerzijds
en de houder van een later verleende vergunning voor een technisch systeem,
waarmee op grond van artikel 13c in samenhang met artikel 13l, vergelijkbare
diensten landelijk moeten worden aangeboden anderzijds, doch alleen op verzoek
van de houder van de later verleende vergunning. </al>
      <tuskop letat="rom">H</tuskop>
      <al>Artikel I, onderdeel S, komt te luiden: </al>
      <tuskop letat="rom">S</tuskop>
      <al>Aan artikel 41 wordt een vierde lid toegevoegd, luidende:</al>
      <al>4. Overeenkomstig bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen
regels kan, ingeval vergunningverlening plaats vindt op de wijze van artikel
13h, een door Onze Minister vast te stellen vergoeding verschuldigd zijn door
de houders van een vergunning ter dekking van de kosten van de veiling. </al>
      <tuskop letat="rom">I</tuskop>
      <al>Aan artikel I wordt een nieuw onderdeel toegevoegd, luidende: </al>
      <tuskop letat="rom">T</tuskop>
      <al>In het opschrift van § 2 van hoofdstuk IX, en in de artikelen
44 en 48b wordt «4ab» telkens vervangen door: 4ac. </al>
      <tuskop letat="rom">J</tuskop>
      <al>De artikelen II tot en met IV vervallen.  </al>
      <tuskop letat="rom">K</tuskop>
      <al>De aanhef van artikel V komt te luiden:</al>
      <al>Indien de wet van 21 februari 1997, houdende wijziging van de Wet op de
telecommunicatievoorzieningen en het Wetboek van Strafvordering in verband
met de volledige wederzijdse erkenning van goedkeuringen van randapparatuur
en van apparatuur voor satellietgrondstations (Stb. 124), en deze wet in werking
zijn getreden, komt artikel 41, eerste lid, onderdeel a, en het tweede tot
en met het zesde lid, van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen te luiden
als volgt: </al>
      <tuskop letat="rom">L</tuskop>
      <al>De artikelen VI tot en met VIII vervallen. </al>
      <tuskop letat="vet">ARTIKEL II</tuskop>
      <al>Deze wet treedt in werking op het tijdstip waarop de in artikel I bedoelde
wet in werking treedt.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat
alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat,
aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Gegeven</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De Minister van Verkeer en Waterstaat, </al>
    </wet>
  </body>
</kamerwrk>