﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="sg" publtype="brif">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-25094-1/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>1/2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 1996-1997 Nr. 70</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="OPmt1__2.1" markup="c11xa"></versie>
    <ordernr>6K3560</ordernr>
    <vergjaar>1996-1997</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>25 094</nummer>
      <naam>Herstructurering participatiebedrijf Overijsselse Ontwikkelingsmaatschappij
NV (OOM)</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>1</nummer>
      <titel>BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN</titel>
      <al>Aan de Voorzitters van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal</al>
      <witreg></witreg>
      <al>'s-Gravenhage,  <datum>5 november 1996</datum></al>
      <al>Ter griffie van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal ontvangen
op 5 november 1996. De wens over de voorgenomen rechtshandeling nadere inlichtingen
te ontvangen kan door of namens een van beide Kamers of door ten minste vijftien
leden van de Eerste Kamer dan wel dertig leden van de Tweede Kamer te kennen
worden gegeven uiterlijk 5 december 1996.  </al>
      <al>Het oordeel dat de voorgenomen rechtshandeling een voorafgaande machtiging
bij de wet behoeft kan door een van beide Kamers worden uitgesproken uiterlijk
19 november dan wel binnen veertien dagen na het verstrekken van de in de
vorige volzin bedoelde inlichtingen. </al>
      <tuskop letat="vet">1. Inleiding</tuskop>
      <al>In deze brief wordt de voorgenomen herstructurering van het participatiebedrijf
van de Overijsselse Ontwikkelingsmaatschappij N.V.(OOM) uiteengezet. Ten einde
te kunnen inspelen op de huidige marktomstandigheden en de voorwaarden te
scheppen waarbij de continuïteit van het participatiebedrijf van de OOM
in de toekomst gewaarborgd kan blijven, bestaat er behoefte aan een nieuwe
financieringsstructuur. De voorgenomen financieringsopzet leidt tot een wijziging
in de onderlinge verhoudingen van de thans bij de OOM betrokken aandeelhouders,
te weten de Staat, de provincie Overijssel en de particuliere aandeelhouder
Univé Verzekeringen. Alhoewel de Staat geen nieuwe middelen bij deze
herstructurering inzet, zal deze herstructurering leiden tot aankoop door
de Staat van aandelen OOM. Deze aankoop moet ingevolge artikel 29, derde lid,
van de Comptabiliteitswet tevoren worden gemeld aan de beide kamers van de
Staten-Generaal. Deze brief dient om u over de voorgenomen herstructurering
te informeren. Ik zend u deze brief tevens als mededeling ingevolge artikel
29, Comptabiliteitswet, in overeenstemming met de Minister van Financiën.
Achtereenvolgens zal ik in deze brief – na een korte historische schets –
ingaan op de nieuwe opzet van het participatiebedrijf, de stappen die daarvoor
nodig zijn en de positie van de Staat. </al>
      <tuskop letat="vet">2. Historie (algemeen)</tuskop>
      <al>De in 1975 opgerichte OOM kreeg, evenals de andere regionale ontwikkelingsmaatschappijen
(ROM's), als taak om in samenwerking met het bedrijfsleven nieuwe economische
activiteiten in de regio tot stand te brengen. Die activiteiten moesten bijdragen
aan versterking van de regionaal economische structuur. Die taak wordt ingevuld
door middel van drie soorten activiteiten:</al>
      <al>– (financiële) participatie in bedrijven; </al>
      <al>– bevordering van ontwikkeling en innovatie bij het regionale bedrijfsleven;</al>
      <al>– het aantrekken van nieuwe investeerders.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De OOM kon deze rol mede vervullen doordat Staat en Provincie zich garant
stelden voor de aangegane participatieverplichtingen en voorts het exploitatietekort
voor hun rekening namen. Begin jaren negentig is de financieringsstructuur
van de ROM's en dus ook van de OOM gewijzigd. Daardoor verdween de mogelijkheid
de bedrijfsrisico's van de ROM's op de Staat en de Provincie af te wentelen.
Het bestaande garantiesysteem werd vervangen door een systeem waarbij door
stortingen op aandelenkapitaal de OOM haar participatie-activiteiten zelfstandig
en voor eigen rekening en risico kon uitvoeren. De bedoeling was dat de OOM
op termijn zo zichzelf in beginsel zou kunnen blijven voorzien van voldoende
financiële middelen (revolving fund gedachte). Mede met het oog hierop
werden Staat (ca 65%), Provincie (ca 23%) en een derde private partij Univé
(ca 12%) aandeelhouder van de OOM.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>In 1993 vond een algemene evaluatie plaats van het functioneren van de
ROM's.</al>
      <al>In de beleidsnotitie van mijn ambtsvoorganger van 3 november 1993 (Tweede
Kamer, vergaderjaar 1993–1994, notanummer 21 571, volgnummer 9)
is uitvoerig ingegaan op de positie van de ROM's na 1994. Eén van de
belangrijkste conclusies van de evaluatie was dat de ROM's gezien kunnen worden
als een belangrijk instrument in de regio's, maar dat gegeven de verbeterde
economische ontwikkeling een verminderde inspanning van de Staat gerechtvaardigd
was. Het zwaartepunt wat betreft de financiering van de ROM's diende te verschuiven
van EZ naar de regio. Dit hield met name in dat voor de beleidsperiode tot
en met 1998 het subsidiëren van de apparaatskosten door EZ in beperkte
mate verminderd zou worden, behalve voor de NOM, waarvoor voortzetting van
de bestaande betrokkenheid van EZ noodzakelijk werd geacht.</al>
      <al>Hierbij kwam dat ook de Provincie Overijssel de apparaatskosten niet langer
wenste te subsidiëren en er zich een aantal ontwikkelingen op de markt
voordeden, die een herschikking van de OOM-fondsen wenselijk maakt, om hierop
adequaat te kunnen inspelen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Inspelend op de door EZ uitgezette beleidslijn en de overige ontwikkelingen
heeft de OOM zich bezonnen op haar toekomst en de wijze waarop zij zich het
beste kan blijven inzetten op haar kerntaken van ontwikkeling, acquisitie
en participatie. Met betrekking tot de laatste taak kwam de OOM tot het oordeel
dat een ingrijpende wijziging van de opzet van het participatiebedrijf wenselijk
is, omdat het bestaande revolving fund met een omvang van ca. fl. 25 mln.
te beperkt is om de continuïteit te waarborgen en met name om de met
het participatiebedrijf samenhangende apparaatskosten op te brengen. Daarom
heeft men besloten tot een nieuwe opzet van het participatiebedrijf van de
OOM.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Omdat het om vennootschapsrechtelijke redenen niet zonder tijdsvertraging
mogelijk is voor de OOM om Univé rechtstreeks uit te kopen, is er een
oplossing gekozen waarbij gewone OOM-aandelen om-niet worden ingetrokken en
waarbij Provincie en EZ de door Univé gehouden cumulatief preferente
OOM-aandelen kopen. EZ en Provincie doen deze koop met gesloten beurzen. Zij
krijgen het daarvoor benodigde geld eerst van de OOM uit vermindering van
de nominale waarde van hun aandelen. Doordat EZ formeel aandelen koopt van
Univé en doordat als gevolg van het uittreden van Univé het
belang van EZ (evenals trouwens van de Provincie) procentueel toeneemt (niet
nominaal), is ingevolge de Comptabiliteitswet melding aan beide kamers van
de Staten-Generaal nodig alvorens de herstructurering kan worden doorgevoerd.  </al>
      <tuskop letat="vet">3. Nieuwe opzet participatiebedrijf van de OOM</tuskop>
      <al>De nieuwe opzet van het participatiebedrijf is gebaseerd op de visie van
de OOM dat de huidige omvang van het participatiefonds van de OOM (ca. fl.
25 mln.) te gering van omvang is om revolverend te kunnen zijn. De OOM wil
de fondsomvang vergroten door deelname van derden, met het oog waarop een
aantal fondsen wordt gecreëerd, die zich op verschillende delen van de
participatiemarkt moeten gaan richten. Hiertoe wordt aansluiting gezocht bij
reeds bestaande activiteiten en faciliteiten in hun geografische samenhang
alsmede diverse al in de markt opererende partijen en bij de mogelijkheden,
die ondermeer vanuit het Europese regionale beleid (het EFRO) worden geboden.
Door deze verbreding van het bestaande financiële draagvlak beoogt de
OOM de financieringsmogelijkheden voor starters en voor het bestaande MKB
een nieuwe impuls te geven.</al>
      <al>Deze opzet heeft geresulteerd in een nieuwe structuur van de participatie-aktiviteiten,
waarbij het participatiebedrijf van de OOM ten dele op afstand van de OOM
wordt gezet in separate rechtspersonen. De in de OOM aanwezige liquiditeiten
en bestaande participaties worden daartoe verdeeld over de fondsen op basis
van liquiditeitsbehoefte en doelgroep van de fondsen. De nieuwe structuur
is opgezet op basis van de volgende doelgroepen in Overijssel:</al>
      <al>a. het bestaande MKB;</al>
      <al>b. starters;</al>
      <al>c. projecten met een voorwaardenscheppend karakter, waarop geen marktconform
rendement behaald kan worden.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Hierna wordt de structuur in hoofdlijnen aangegeven (zie tevens de structuurschets
in bijlage).</al>
      <witreg></witreg>
      <al>a. Het <nadruk type="vet">bestaande MKB</nadruk>. Voor deze doelgroep wordt opgericht de
Overijsselse Participatie Maatschappij B.V. (OPM).</al>
      <al>Dit fonds moet geheel marktconform gaan opereren om op die basis derde
partijen te kunnen interesseren om hierin te participeren. In de beginfase
van dit fonds zal de OOM met ca. fl. 12 mln. deelnemen, deels door inbreng
van een deel van het participatiebedrijf van de OOM en deels door inbreng
van geld. Daarnaast zal Univé als aandeelhouder van dit fonds toetreden.
Voor Univé is het vanuit haar doelstellingen bezien een logische stap
om te participeren in een financieringsbedrijf als de OPM en geen binding
te hebben met de ontwikkelings- en acquisitieactiviteiten van de OOM. Hiervoor
is het noodzakelijk dat Univé bij de OOM wordt uitgekocht. De verkoopprijs
is gelijk aan het nominale belang van ca fl. 3,2 mln. De opbrengst van de
uitkoop zal Univé vervolgens volledig aanwenden voor storting op aandelenkapitaal
van de OPM. Daarnaast is Univé bereid nog eens fl. 3,2 mln. als risicokapitaal
in het fonds storten, mede op basis van de ontwikkeling van het OPM-fonds,
met dien verstande dat het procentueel belang van Univé in de OPM gemaximeerd
is tot 25%. De Staat en de provincie zullen geen additionele bijdragen aan
dit fonds verstrekken.</al>
      <al>Om te zorgen voor een voldoende omvang van middelen in de OPM –
beoogd wordt een fondsomvang van ca. f 50 mln – zullen in de komende
jaren nieuwe aandeelhouders aangetrokken moeten worden. Hiervoor zal in het
komende jaar een belangrijke aanzet moeten worden gegeven. Het aantrekken
van nieuwe aandeelhouders heeft tot gevolg dat het uiteindelijke OOM-belang
in de OPM zal teruglopen tot ca. 25%</al>
      <al>Het management van OPM zal op basis van een marktconform contract door
de OOM worden geleverd. Partiële subsidiëring van apparaatskosten,
zoals bij de OOM, is bij de OPM niet aan de orde. Met het rendement dat op
termijn voor de OPM verwacht wordt en het daaruit door de OOM te ontvangen
dividend, beoogt de OOM de activiteiten van de startersfondsen
te kunnen verstevigen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>b. <nadruk type="vet">Starters</nadruk>. Voor deze doelgroep wil de OOM zoveel mogelijk
inspelen op de bestaande situatie in Overijssel. Zij zoekt daarom samenwerking
met andere bestaande partijen. Dit heeft tot gevolg dat de OOM zal participeren
in vier – ten dele mede door de OOM op te richten – vennootschappen
met elk verschillende aandeelhouders, doelgroepen en regionale begrenzingen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Twee fondsen zullen zich richten op de <nadruk type="vet">grotere starters,</nadruk> die
een participatie nodig hebben die groter is dan fl. 250 000,-.</al>
      <al>b.1. Ten behoeve van de grotere starters in de regio Twente zal het Innofonds
Twente B.V. worden opgericht. De beoogde omvang van dit fonds zal in de eerste
fase ca. f 10 mln. bedragen. De OOM zelf zal voor fl. 2 mln. deelnemen
in het kapitaal. Daarnaast nemen de Universiteit Twente (fl. 1 mln.) en de
Hogeschool Enschede (fl. 0,2 mln.) deel. De resterende financiering wordt
gevonden uit EFRO-middelen en provinciale co-financiering.</al>
      <al>b.2. Het mede op mijn initiatief tot stand gekomen Technostartersfonds
Noord- en Oost Nederland, dat werkzaam zal zijn in de noordelijke en oostelijke
provincies, zal zich richten op de groep grotere technostarters in de andere
regio's in Overijssel. In dit fonds nemen naast de OOM ook deel de Noordelijke
Ontwikkelingsmaatschappij, de Gelderse Ontwikkelingsmaatschappij en het ABN
AMRO MKB fonds, PARNIB Holding, Gilde Investment Fund en de Nederlandse Participatie
Maatschappij. De totale fondsomvang bedraagt, inclusief een subsidiëring
ad. fl. 2,5 mln., fl. 10,2 mln. De OOM neemt in het aandelenkapitaal deel
voor fl. 1,1 mln., waarmee een belang van ruim 14% wordt verkregen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Twee fondsen zullen zich richten op de <nadruk type="vet">kleinere starters,</nadruk> waarbij
het bedrag per participatie kleiner is dan fl. 250 000,-.</al>
      <al>b.3. Voor de kleinere starters in Twente werkt de reeds bestaande Participatiemaatschappij
Ondernemend Twente (PPM-OT). De OOM zal hierin een belang van ca. 12% verwerven
(fl. 0,4 mln.) en het Innofonds Twente een belang van ca. 30% (fl. 1 mln.).
Daarnaast participeren in deze vennootschap nog een aantal gerenommeerde Nederlandse
banken. Ook Univé zal toetreden als aandeelhouder ten bedrage van fl.
350 000,-. Dit is gelijk aan de opbrengst die Univé krijgt voor
haar opgebouwde cumulatief preferente winstrechten op haar OOM-aandelen.</al>
      <al>b.4. In de andere regio's in Overijssel zullen de kleinere kennisintensieve
starters bediend worden door het Hanzefonds (aandeelhouders: OOM en ABN AMRO,
elk voor fl. 0,5 mln.).</al>
      <witreg></witreg>
      <al>c. <nadruk type="vet">Projecten met een voorwaardenscheppend karakter, waarop geen marktconform
rendement behaald kan worden.</nadruk> Hiervoor zal participeren op commerciële
basis niet of in onvoldoende mate mogelijk zijn. Deze doelgroep blijft, zoals
nu ook al, bediend worden door de OOM, vanwege het belang van deze projecten
voor de economische structuur van de regio. De beoogde beperkte totale omvang
voor deze financieringen rechtvaardigt geen aparte juridische structuur. Dit
fonds met een omvang van ca. fl. 2,5 mln. zal dan ook rechtstreeks onder de
verantwoordelijkheid van de OOM blijven vallen. </al>
      <tuskop letat="vet">4. Positie Staat</tuskop>
      <al>De voorgenomen wijziging van de structuur van het financieringsbedrijf
van de OOM raakt de betrokkenheid van de Staat bij de OOM.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Vanuit een <nadruk type="vet">beleidsmatig</nadruk> oogpunt is een aantal punten van belang.</al>
      <al>a De OOM blijft de haar toebedeelde taken uitvoeren. Met betrekking tot de acquisitie- en ontwikkelingsfunctie treedt geen wijziging op.
De derde taak, de participatiefunctie, wordt verder versterkt. Voor participatie
in het bestaande MKB komt in de nieuwe opzet in beginsel meer geld ter beschikking.
De OPM verkrijgt een commerciële basis. De bij de OOM betrokken private
aandeelhouder Univé zal zich terugtrekken uit de OOM en de opbrengst
voor de OOM-aandelen in de OPM risicodragend inbrengen, en is bereid op basis
van de ontwikkeling van het OPM-fonds haar inbreng te verdubbelen, mits haar
procentuele belang niet boven de 25% uitkomt. De OOM zal gericht op zoek kunnen
gaan naar nieuwe partners in dit fonds omdat de basis voor deelname aantrekkelijker
is. Een ander doelgebied van de OOM, de starters, kan door de thans gekozen
opzet actiever worden bewerkt. De OOM maakt gebruik van de marktmogelijkheden
van dit moment en zoekt aansluiting bij bestaande initiatieven en partijen
in de regio. De oprichting van het Innofonds Twente en het aansluiten bij
de nieuwe faciliteit van dit departement voor technostarters, stelt de OOM
in staat zich op een belangrijk doelgebied te richten, te weten de «onderkant»
van de participatiemarkt, die door de commerciële PPM's vanwege het voor
hen te beperkte rendement (in relatie tot de omvang van de participatie zijn
de beheerskosten hoog) wordt gemeden. Eén en ander sluit goed aan bij
het huidige EZ-beleid. Bovendien biedt de gekozen opzet van fondsen de OOM
een betere kans om de begin jaren negentig geformuleerde taakstelling voor
de ROM's om een revolving fund te realiseren. Het vorenstaande geeft geen
aanleiding de betrokkenheid van dit departement bij de OOM te herzien.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Door het wegwerken van de negatieve algemene reserves wordt ook bereikt
dat de holding met een schone lei kan beginnen.</al>
      <al>b De voorgenomen gewijzigde opzet maakt de afstand van EZ tot het participatiebedrijf
van de OOM ten dele groter. Immers EZ neemt niet deel in de nieuwe participatiefondsen –
dochtervennootschappen van de OOM – maar blijft slechts rechtstreeks
bij de OOM als houdstermaatschappij betrokken. Dat de afstand groter wordt
sluit aan bij de conclusies van de beleidsevaluatie uit 1993. Als gevolg van
die gewijzigde opzet zijn specifieke afspraken nodig tussen de OOM en haar
aandeelhouders (EZ en provincie) en de betreffende participatie-fondsen. De
statutaire wijzigingen en de aanpassing van de bestaande contracten zullen
een waarborg moeten bieden voor ieders belangen. Beoogd is de structuur zodanig
op te zetten dat de bestaande verhoudingen en competenties zo veel mogelijk
in tact blijven.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>In <nadruk type="vet">financiële</nadruk> zin heeft de herstructurering voor het aandelenbezit
van de Staat in concreto tot gevolg dat:</al>
      <al>– de nominale waarde van de aandelen van de Staat daalt van fl.
17,414 mln. naar fl. 14,605 mln.</al>
      <al>– procentueel het belang van de Staat in de OOM stijgt van 65,2%
naar 74,3%. Dit is een gevolg van het uittreden van Univé. De Staat
brengt geen nieuwe middelen in. De onderlinge verhouding tussen de aandeelhouders
Staat en Provincie wijzigt niet.</al>
      <al>– de intrinsieke waarde van de aandelen van de Staat miniem daalt
ten opzichte van de positie per ultimo 1995 ad fl. 15,15 mln. met fl. 0,26
mln. (dit is 74,3% – het procentuele belang van de Staat in de OOM na
de herstructurering – van fl. 350 000,-, zijnde het bedrag dat
Univé ontvangt voor haar opgebouwde winstrechten). Daar staat tegenover
dat door het wegvallen van de winstrechten van Univé de Staat in de
toekomst eerder winstuitkering ontvangt.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De herstructurering geschiedt voor de Staat met gesloten beurs. Bij Slotwet
zal de administratieve verwerking zichtbaar gemaakt worden. </al>
      <witreg></witreg>
      <al>Voor de <nadruk type="vet">OOM</nadruk> heeft het uittreden van Univé uit de OOM
tot gevolg dat het eigen vermogen met totaal fl. 3,55 mln vermindert, zijnde
de som van het bedrag dat Univé voor zijn aandelen en voor zijn opgebouwde
(cumulatief preferente) winstrechten verkrijgt, respectievelijk fl. 3,2 mln.
en fl. 350 000. </al>
      <tuskop letat="vet">5. Nadere uitwerking</tuskop>
      <al>De voorstellen met betrekking tot de voorgenomen herstructurering van
het financieringsbedrijf van de OOM zijn door Provinciale Staten van Overijssel
op 22 mei 1996 goedgekeurd. Ook Univé en de Raad van Commissarissen
van de OOM hebben ingestemd met voorgestelde opzet.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De onderhandelingen met betrokken partijen over de nadere uitwerking van
de maatregelen in statuten en overeenkomsten zal naar verwachting voor ultimo
1996 kunnen worden afgerond.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Ik zal nauwlettend volgen of de herstructurering het beoogde resultaat
krijgt en vertrouw er op dat u met deze herstructurering kunt instemmen.</al>
      <ondtek>
        <functie>De Staatssecretaris van Economische Zaken,</functie>
        <naam>A. van Dok-Van Weele</naam>
      </ondtek>
      <plaatje file="kst-25094-1-1.gif" color="no" format="gif"></plaatje>
    </stuk>
  </body>
</kamerwrk>