﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="2" publtype="brif">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-24400-XIII-37/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 1995-1996</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="OPmt1__2.1" markup="c11xa"></versie>
    <ordernr>6K0485</ordernr>
    <vergjaar>1995-1996</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>24 400 XIII</nummer>
      <naam>Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van
het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 1996</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>37</nummer>
      <titel>BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN</titel>
      <al>Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal</al>
      <witreg></witreg>
      <al>'s-Gravenhage,  <datum>14 februari 1996</datum></al>
      <witreg></witreg>
      <al>Met deze brief informeer ik u over mijn voornemen om binnenkort <nadruk type="vet">de Subsidieregeling Technologische Samenwerking met Indonesië</nadruk> in
de Staatscourant te publiceren alsmede aan het Marin een subsidie toe te kennen
voor samenwerking met het Indonesian Hydrodynamic Laboratory. Beide maken
deel uit van het pakket dat ik in de zomer van 1995 heb aangeboden aan de
regering van de Republiek Indonesië. </al>
      <tuskop letat="vet">Technologische Samenwerking met Indonesië</tuskop>
      <al>De Subsidieregeling Technologische Samenwerking met Indonesië stimuleert
technologische samenwerking tussen enerzijds Nederlandse bedrijven en kennisinstellingen
en anderzijds Indonesische bedrijven en kennisinstellingen. Met deze subsidie-regeling
wordt aangesloten bij de doelstelling zoals neergelegd in Kennis in Beweging,
nl. om bilaterale technologie-samenwerking met landen buiten Europa te intensiveren.</al>
      <al>De faciliteit is bedoeld om technologische samenwerking in een eerste
fase op te starten. Dit betekent dat binnen de doelstelling van het bevorderen
van technologische samenwerking, de nadruk bij deze regeling sterk ligt op
het leggen van contacten, het bouwen van netwerken en het tot stand brengen
van concrete samenwerkingsverbanden. Met deze accentuering sluit de faciliteit
nauw aan bij de doelstelling van het gehele Indonesië-pakket, nl. het
positioneren van het Nederlands bedrijfsleven op de Indonesische markt.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De regeling maakt deel uit van mijn beleid terzake internationale technologische
samenwerking. Met het Besluit subsidies bedrijfsgerichte technologiestimulering
internationale programma's (BTIP) worden reeds EUREKA-projecten en projecten
onder het memorandum of understanding inzake technologische samenwerking met
Israël ondersteund.</al>
      <al>Voor de technologische samenwerking met Indonesië is gekozen voor
een aparte faciliteit omdat er met Indonesië, anders dan bij EUREKA en
Israël, geen formele overeenkomst tot samenwerking is. De faciliteit
is eenzijdig aangeboden en vervolgens door Indonesië geaccepteerd. Er
is dan ook geen enkele financieringsverplichting voor de Indonesische
overheid. Wel is de niet genormeerde eis toegevoegd, dat ook de Indonesische
partners een economisch risico dragen. De invulling van deze eis zal op projectbasis
worden beoordeeld. Daarnaast worden met betrekking tot technologie en samenwerking
de accenten in deze faciliteit anders gelegd dan bij de BTIP. De definitie
van onderzoekproject is uitgebreid, opdat een groter deel van het traject
van het toegepast onderzoek eronder kan vallen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Evenals bij de BTIP worden met de onderhavige regeling haalbaarheids-
en onderzoekprojecten ondersteund. De maximale subsidie bedraagt 37,5% van
de in Nederland gemaakte en betaalde projectkosten. Subsidie-aanvragen worden
na consultatie in Indonesië ter beoordeling voorgelegd aan het Adviescollege
internationale technologieprogramma's. De regeling zal worden uitgevoerd door
het agentschap Senter.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Voor deze faciliteit is een budget van f 11,4 mln beschikbaar. De
looptijd van de subsidieregeling is in beginsel vier jaar. De looptijd van
de totale Indonesiëfaciliteit is 7 jaar.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Een tussentijdse evaluatie van de regeling is voorzien na het eerste jaar.
Het uiteindelijke doel van de regeling, het positioneren van het Nederlandse
bedrijfsleven op de Indonesische markt, valt echter pas over enkele jaren
in te schatten.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De ontwerp-regeling wordt, gelet op artikel 93 van het EEG-verdrag, gemeld
bij de Europese Commissie (bij brief van 1 februari 1996). Zolang de Commissie
niet kenbaar heeft gemaakt, dat zij geen bezwaren heeft tegen het ten uitvoer
brengen van het besluit, worden toezeggingen gedaan onder voorbehoud van goedkeuring
door de Europese Commissie. </al>
      <tuskop letat="vet">Marin</tuskop>
      <al>Ten behoeve van een samenwerking met het Indonesian Hydrodynamic Laboratory
(IHL) te Surabaya heb ik een subsidie van f 3,6 mln aan het Marin aangekondigd.</al>
      <al>Marin (Maritiem Research Instituut Nederland) speelt een centrale rol
in het maritieme onderzoek. De kennis en expertise van Marin op het terrein
van hydromechanica heeft ertoe geleid dat dit instituut – nationaal
en internationaal gezien – kan worden beschouwd als een voortrekker
op het gebied van maritiem onderzoek in het algemeen en hydromechanica in
het bijzonder. Genoemd project loopt tot 1998 en is een managementondersteuningsproject,
bestaande uit het stationeren van Marin-mensen bij IHL en het opzetten van
researchprojecten. </al>
      <tuskop letat="vet">Budgettaire dekking</tuskop>
      <al>De benodigde budgettaire dekking voor de technologische samenwerking met
Indonesië en de bijdrage aan het Marin komen structureel ten laste van
de ruimte voor beleidsintensiveringen binnen de Homogene Groep Internationale
Samenwerking. Omdat deze dekking pas met ingang van '97 mogelijk is, zullen
de voor '96 benodigde uitgaven betaald worden ten laste van de begroting van
het Ministerie van Economische Zaken.</al>
      <ondtek>
        <functie>De Minister van Economische Zaken,</functie>
        <naam>G. J. Wijers </naam>
      </ondtek>
    </stuk>
  </body>
</kamerwrk>