﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="2" publtype="brif">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-24400-VIII-69/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 1995-1996</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="OPmt1__2.1" markup="c11xa"></versie>
    <ordernr>6K0579</ordernr>
    <vergjaar>1995-1996</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>24 400 VIII</nummer>
      <naam>Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van
het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (VIII) voor het jaar
1996</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>69</nummer>
      <titel>BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAPPEN</titel>
      <al>Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Zoetermeer,  <datum>23 februari 1996</datum></al>
      <witreg></witreg>
      <al>Bij de behandeling van de onderwijsbegroting 1996 hebben enkele leden
van uw Kamer mij gevraagd naar de stand van zaken met betrekking tot <nadruk type="vet">de subsidie voor de ondersteuning van het onderwijs in de Friese taal</nadruk>.
Ik heb u toen mijn voornemen kenbaar gemaakt om aan de provincie Friesland
een doeluitkering te gaan verstrekken waarmee de provincie activiteiten voor
Fries kan bekostigen. Graag wil ik u over de ontwikkelingen met betrekking
tot dit onderwerp informeren.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Met een doeluitkering krijgt de provincie zekerheid over de beschikbaarheid
van middelen en kan ze zelf binnen dit budgettaire kader de prioriteiten vaststellen
voor de besteding van deze middelen.</al>
      <al>Op 10 november jl. heb ik hierover gesproken met de heer Walsma, gedeputeerde
van Friesland. Bij dit gesprek was ook de directeur van het Gemeenschappelijk
Centrum voor Onderwijsbegeleiding in Friesland aanwezig.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Bij die gelegenheid heb ik een aantal voorwaarden voor de doeluitkering
besproken. Dit waren in hoofdlijnen de volgende.</al>
      <al>1. De doeluitkering is bestemd voor activiteiten voor Fries in en ten
behoeve van het primair en voortgezet onderwijs. De provincie besluit zelf
waaraan prioriteit wordt gegeven.</al>
      <al>2. De doeluitkering wordt toegekend voor een periode van vier jaar  (1
augustus 1996 tot 1 augustus 2000). Aan de hand van rapportages wordt bezien
of deze subsidie na deze vierjarige periode wordt voortgezet.</al>
      <al>3. De provincie Friesland zorgt voor tussentijdse en eindrapportage. Het
gaat daarbij om een voortgangsrapportage aan het eind van het tweede jaar
van de projectperiode en een rapportage omstreeks januari 2000. Mede aan de
hand van deze laatste rapportage zal worden vastgesteld of de doeluitkering
wordt voortgezet na 1 augustus 2000.</al>
      <al>4. De doeluitkering bedraagt f 900 000,– op jaarbasis
en zal jaarlijks worden geïndexeerd. Deze uitkering komt in de plaats
van de subsidies voor begeleiding, scholing en nascholing Fries
aan de schoolbegeleidingsdiensten en de hogescholen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De heer Walsma heeft zich bereid getoond om een en ander onder deze voorwaarden
uit te voeren.</al>
      <ondtek>
        <functie>De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen,</functie>
        <naam>T. Netelenbos </naam>
      </ondtek>
    </stuk>
  </body>
</kamerwrk>