<?xml version="1.0" encoding="us-ascii"?>
<!DOCTYPE kamerwrk PUBLIC "-//SDU//DTD kamerwerk xml 1.1//NL" "../../dtd/kamerwrk-11.dtd"[]>
<kamerwrk kamer="2" publtype="brif">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-23432-304/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 2009-2010</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="rel_1_0_7_10__1.1" markup="1xa" />
    <ordernr>KST134995</ordernr>
    <vergjaar>2009-2010</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>23 432</nummer>
      <naam>De situatie in het Midden-Oosten</naam>
    </onderw>
    <onderw>
      <nummer>26 150</nummer>
      <naam>Algemene Vergadering der Verenigde Naties</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>304</nummer>
      <titel>BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN</titel>
      <al>Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal</al>
      <witreg />
      <al>Den Haag, <datum>21 september 2009</datum></al>
      <witreg />
      <al>Graag bied ik u, in reactie op het verzoek van de vaste commissie voor
Buitenlandse Zaken van 17&#xA0;september 2009 met kenmerk 2009Z16689/2009D43958
inzake rapport Goldstone en inzet Mensenrechtenraad, het volgende.</al>
      <witreg />
      <al>Het 575 pagina&#x2019;s tellende rapport wordt momenteel zorgvuldig door
de Nederlandse regering bestudeerd, zoals dat ook door regeringen van andere
landen wordt gedaan. Een overhaast oordeel over de bevindingen van het rapport
zou het extensieve werk van de Commissie-Goldstone geen recht doen. Ik kan
derhalve niet aan uw verzoek tegemoetkomen u reeds op 21&#xA0;september een
appreciatie van het rapport te doen toekomen, alsmede de inzet van de regering
bij de bespreking in de Mensenrechtenraad.</al>
      <witreg />
      <al>Daarbij komt dat de minister-president, de minister voor Ontwikkelingssamenwerking
en ikzelf de komende week in New York, in de marge van de Algemene Vergadering
van de Verenigde Naties, een groot aantal regeringsleiders en ministers zullen
spreken. Wij zullen indrukken die wij bij deze gesprekken over het Goldstone-rapport
opdoen meenemen in de door u verzochte brief, die u spoedigst na onze terugkomst
uit New York zult ontvangen.</al>
      <ondtek>
        <functie>De minister van Buitenlandse Zaken,</functie>
        <naam>M. J. M. Verhagen</naam>
      </ondtek>
    </stuk>
  </body>
</kamerwrk>