﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/repository/schemas/op-consolidated/op-consolidated_2014-05-15/xsd/op-xsd-2014-05-15.xsd">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-22112-4423/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kamerstuk>
    <kamerstukkop>
      <tekstregel inhoud="vergaderjaar">Vergaderjaar 2025-2026</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kameraanduiding">Tweede Kamer der Staten-Generaal</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="kamernummer">2</tekstregel>
      <tekstregel inhoud="documenttype">Kamerstukken</tekstregel>
    </kamerstukkop>
    <dossier>
      <dossiernummer>
        <dossiernr>22 112</dossiernr>
      </dossiernummer>
      <titel>Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie</titel>
    </dossier>
    <stuk>
      <stuknr>Nr. <ondernummer kamer="2">4423</ondernummer></stuknr>
      <titel>BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN</titel>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <al>Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal</al>
            <al>Den Haag, 28 augustus 2026</al>
            <al>Overeenkomstig de bestaande afspraken ontvangt u hierbij 7 fiches die werden opgesteld door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissie voorstellen (BNC).</al>
            <al>Fiche: mededeling <nadruk type="cur">Stop Destroying Videogames</nadruk> (Kamerstuk <extref doc="kst-22112-4417" soort="document" status="actief">22 112, nr. 4417</extref>).</al>
            <al>Fiche: Omnibus XII energieproducten en bandenlabelling (Kamerstuk <extref doc="kst-22112-4418" soort="document" status="actief">22 112, nr. 4418</extref>).</al>
            <al>Fiche: Herziening van de richtlijn betreffende het Europees onderzoeksbevel in strafzaken(Kamerstuk <extref doc="kst-22112-4419" soort="document" status="actief">22 112, nr. 4419</extref>).</al>
            <al>Fiche: Wijziging Verordening gegevensbescherming voor Europese instellingen (EUVG) (Kamerstuk <extref doc="kst-22112-4420" soort="document" status="actief">22 112, nr. 4420</extref>).</al>
            <al>Fiche: Omnibusrichtlijn directe belastingen (Kamerstuk <extref doc="kst-22112-4421" soort="document" status="actief">22 112, nr. 4421</extref>).</al>
            <al>Fiche: Herziening van de Administratieve samenwerkingsrichtlijn op het gebied van belastingen (Kamerstuk <extref doc="kst-22112-4422" soort="document" status="actief">22 112, nr. 4422</extref>).</al>
            <al>Fiche: Mededeling OceanEye: EU-initiatief voor oceaanobservatie.</al>
          </tekst>
        </vrije-tekst>
        <tekst-sluiting>
          <ondertekening>
            <functie>De Minister van Buitenlandse Zaken,</functie>
            <naam>
              <voornaam>T.B.W.</voornaam>
              <achternaam>Berendsen</achternaam>
            </naam>
          </ondertekening>
        </tekst-sluiting>
      </algemeen>
      <algemeen>
        <vrije-tekst>
          <tekst status="goed">
            <tussenkop kopopmaak="vet">Fiche: Mededeling OceanEye: EU-initiatief voor oceaanobservatie</tussenkop>
          </tekst>
          <divisie opmaak="default">
            <kop kopopmaak="vet">
              <nr status="officieel">1.</nr>
              <titel>Algemene gegevens</titel>
            </kop>
            <lijst type="expliciet" start="1" level="single" nr-sluiting=".">
              <li>
                <li.nr>a)</li.nr>
                <al>
                  <nadruk type="cur">Titel voorstel</nadruk>
                </al>
                <al>MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD OceanEye: een EU-initiatief voor oceaanobservatie</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>b)</li.nr>
                <al>
                  <nadruk type="cur">Datum ontvangst Commissiedocument</nadruk>
                </al>
                <al>3 juni 2026</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>c)</li.nr>
                <al>
                  <nadruk type="cur">Nr. Commissiedocument</nadruk>
                </al>
                <al>COM(2026) 268</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>d)</li.nr>
                <al>
                  <nadruk type="cur">EUR-Lex</nadruk>
                </al>
                <al>
                  <extref doc="https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A52026DC0268&amp;qid=1783497633697" soort="URL" status="actief">https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A52026DC0268&amp;qid=1783497633697</extref>
                </al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>e)</li.nr>
                <al>
                  <nadruk type="cur">Nr. impact assessment Commissie en Opinie Raad voor Regelgevingstoetsing</nadruk>
                </al>
                <al>Niet opgesteld</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>f)</li.nr>
                <al>
                  <nadruk type="cur">Behandelingstraject Raad</nadruk>
                </al>
                <al>Raad van Algemene Zaken</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>g)</li.nr>
                <al>
                  <nadruk type="cur">Eerstverantwoordelijk ministerie</nadruk>
                </al>
                <al>Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat</al>
              </li>
            </lijst>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop kopopmaak="vet">
              <nr status="officieel">2.</nr>
              <titel>Essentie voorstel</titel>
            </kop>
            <al>Op 3 juni 2026 publiceerde de Europese Commissie (hierna: Commissie) de mededeling OceanEye: een EU-initiatief voor oceaanobservatie (hierna: OceanEye/het initiatief/de mededeling). OceanEye is een strategisch initiatief voortvloeiend uit het Ocean Pact<noot id="ID-1267301-d40e180" type="voet"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>Kamerbrief <nadruk type="cur">Fiche: Mededeling Het Europees Oceaanpact</nadruk>. Kamerstuk <extref doc="kst-21112-4104" soort="document" status="actief">22 112, nr. 4104</extref></noot.al></noot> om oceaanobservatie te versterken, het inzicht in en beheer van het mariene milieu te verbeteren en de Europese innovatie en industriële leiderschap op dit gebied te versterken. Oceaanobservatie betekent hier de gehele kenniswaardeketen van fysieke metingen op zee en satellietwaarnemingen, tot toepasbare informatieproducten voor gebruikers. De geografische reikwijdte van het OceanEye strekt vanaf de kust van EU-gebieden tot en met de open oceaan en is dus inclusief de Nederlandse Noordzee. De mededeling bouwt voort op bestaand zeebeleid en stelt als doel dat de EU tegen 2035 35% van het mondiale<noot id="ID-1267301-d40e191" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al>De termen zee en oceaan worden in dit stuk uitwisselbaar gebruikt en verwijzen beide naar deze geografische scope</noot.al></noot> oceaanobservatiesysteem uitvoert, 35% van de wereldmarkt voor oceaanobservatietechnologie verwerft en zo de grootste leverancier van oceaaninformatie wordt. Een goed functionerend oceaanobservatiesysteem is cruciaal voor het beschermen en herstellen van een gezonde en schone oceaan, met behoud van mariene biodiversiteit. Daarnaast speelt de oceaan een belangrijke rol op het gebied van duurzame voedselwinning en in het weer- en klimaatsysteem. Ook groeit het economische gebruik van de zee, zoals scheepvaart, energiewinning en digitale infrastructuur. Tot slot is de zee van groeiend belang op het gebied van maritieme veiligheid, beveiliging en defensie. Hierdoor neemt de behoefte aan betrouwbare oceaandata en -monitoring toe om activiteiten veilig, efficiënt en duurzaam te kunnen plannen en uitvoeren. Investeringen in oceaanobservatie en het gebruik ervan betalen zich naar schatting van de Commissie 5–6 keer terug in economische en maatschappelijke voordelen. Ondanks het belang en omvang van de oceaan (70% van het aardoppervlak), is slechts 5% onderzocht en in kaart gebracht. Daarbij kampt oceaanobservatie met versnippering, financieringstekorten en geopolitieke afhankelijkheid, wat leidt tot gegevenslacunes en strategische risico’s op het gebied van waterveiligheid, natuur- en milieubescherming en beveiliging.</al>
            <al>De uitvoering van het OceanEye kent vier pijlers. Pijler I stelt een Europees bestuurskader en digitaal systeem voor oceaanobservatie en -kennis voor, dat in de oceaanwet (verwacht eind 2026) verder zal worden uitgewerkt. Dit bouwt voort op bestaande nationale en internationale systemen en samenwerkingsverbanden, met als doel de gehele kenniswaardeketen beter te organiseren en vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen. Pijler II versterkt de internationale dimensie door een alliantie op te richten ter ondersteuning van het <nadruk type="cur">Global Ocean Observing System</nadruk> (GOOS) van de Intergouvernementele Oceanografische Commissie (IOC) van UNESCO. Pijler III focust op de operationele en industriële dimensie. Doelen hierbinnen zijn het operationeel maken van het in Pijler I voorgestelde (digitale) oceaanobservatiesysteem. Pijler IV bevordert de maatschappelijke betrokkenheid door oceaanobservatie via onderzoek, kunst en cultuur, onderwijs en publieke evenementen dichter bij de samenleving te brengen en zo de band tussen Europeanen en de zee te versterken, onder meer via een Nieuw Europees Bauhaus-lab. Voor een impuls aan de uitvoering van het OceanEye stelt de Commissie financieringsplannen voor vanuit Horizon Europe die in totaal optellen to € 92 miljoen.<noot id="ID-1267301-d40e205" type="voet"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al>Horizon Europe is het onderzoeksprogramma van de EU dat innovatie stimuleert door via EU-brede competitieve selectieprocedures financiering toe te kennen aan projectvoorstellen op basis van inhoudelijke excellentie. Er is geen vast geoormerkt budget beschikbaar per lidstaat.</noot.al></noot> Voor langdurige financiering van het OceanEye stelt de Commissie dat er EU-breed een jaarlijkse stijging van de investering van 3–4 keer het huidige niveau nodig is. De Commissie stelt voor om hiervoor verschillende fondsen in te zetten zoals Horizon Europe, het Europees Fonds voor Concurrentievermogen en InvestEU. Tevens roept de Commissie lidstaten op hun nationale begrotingen af te stemmen op deze EU-strategie.</al>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop kopopmaak="vet">
              <nr status="officieel">3.</nr>
              <titel>Nederlandse positie ten aanzien van de mededeling/aanbeveling</titel>
            </kop>
            <divisie opmaak="default">
              <kop kopopmaak="cur">
                <titel>a) Essentie Nederlands beleid op dit terrein</titel>
              </kop>
              <al>Het Nederlandse mariene beleid stelt als doel het beschermen, herstellen en duurzaam gebruiken van de Noordzee en de oceaan. Het Programma Noordzee met het Maritiem Ruimtelijk Plan<noot id="ID-1267301-d40e223" type="voet"><noot.nr>4</noot.nr><noot.al>Partieel Herziene Programma Noordzee 2022–2027. Kamerstuk <extref doc="kst-35325-11" soort="document" status="actief">35 325, nr. 11</extref>; (<extref doc="https://noordzeeloket.nl/beleid/programma-noordzee/programma-noordzee-2022-2027/" soort="URL" status="actief">https://noordzeeloket.nl/beleid/programma-noordzee/programma-noordzee-2022-2027/</extref>)</noot.al></noot> en de Mariene Strategie<noot id="ID-1267301-d40e236" type="voet"><noot.nr>5</noot.nr><noot.al>Europese Kaderrichtlijn Mariene Strategie (<extref doc="https://noordzeeloket.nl/beleid/mariene-strategie-krm/" soort="URL" status="actief">https://noordzeeloket.nl/beleid/mariene-strategie-krm/</extref>)</noot.al></noot> stellen de integrale kaders voor respectievelijk het gebruik en de bescherming van de Noordzee. Deze onderstrepen beide het belang van kennis en monitoring van de zee. Het huidige coalitieakkoord<noot id="ID-1267301-d40e249" type="voet"><noot.nr>6</noot.nr><noot.al>Aan de slag – Coalitieakkoord 2026–2030 (<extref doc="https://www.kabinetsformatie2025.nl/documenten/2026/01/30/aan-de-slag---coalitieakkoord-2026-2030" soort="URL" status="actief">https://www.kabinetsformatie2025.nl/documenten/2026/01/30/aan-de-slag---coalitieakkoord-2026-2030</extref>)</noot.al></noot> investeert, met oog op de grootschalige uitrol van wind op zee in combinatie met andere gebruiken, reeds extra middelen ter monitoring en bescherming van het mariene milieu. Met het Programma Noordzee 2028–2033 wordt vorm gegeven aan deze investeringen. Ook is het OceanEye in lijn met Nederlandse ambities op verschillende beleidsterreinen. Zo heeft het kabinet in het coalitieakkoord vastgelegd zich ervoor in te zetten dat bij de uitvoering van de Natuurherstelverordening,<noot id="ID-1267301-d40e262" type="voet"><noot.nr>7</noot.nr><noot.al>Natuurherstelverordening (<extref soort="URL" doc="https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/ALL/?uri=CELEX:32024R1991" status="actief">https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/ALL/?uri=CELEX:32024R1991</extref>)</noot.al></noot> binnen de bestaande wettelijke kaders, ook op zee een bredere afweging met andere belangen plaatsvindt. Daarbij zet het kabinet zich tevens in voor een betere bescherming van de infrastructuur op de Noordzee. Het Nederlandse visserijbeleid is in lijn met het Europese Gemeenschappelijk Visserijbeleid.<noot id="ID-1267301-d40e271" type="voet"><noot.nr>8</noot.nr><noot.al>Gemeenschappelijk Visserij Beleid (<extref soort="URL" doc="https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2013/1380/oj/nld" status="actief">https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2013/1380/oj/nld</extref>)</noot.al></noot> Daarnaast is op het gebied van waterveiligheid,<noot id="ID-1267301-d40e281" type="voet"><noot.nr>9</noot.nr><noot.al>Zeespiegelmonitor: <extref doc="https://www.deltares.nl/expertise/onze-expertises/zeespiegelstijging/zeespiegelmonitor" soort="URL" status="actief">https://www.deltares.nl/expertise/onze-expertises/zeespiegelstijging/zeespiegelmonitor</extref></noot.al></noot> scheepvaartveiligheid en bescherming van infrastructuur op de Noordzee (maritieme beveiliging) een groeiende informatiebehoefte, met het oog op respectievelijk een stijgende zeespiegel, een steeds drukker wordende Noordzee en toenemende (geopolitieke) dreigingen. Hiertoe worden specifieke programma’s opgesteld en uitgevoerd zoals het Monitorings- en Onderzoeksprogramma Scheepvaartveiligheid Wind op Zee,<noot id="ID-1267301-d40e293" type="voet"><noot.nr>10</noot.nr><noot.al><extref doc="https://noordzeeloket.nl/functies-gebruik/energietransitie-zee/windenergie-zee/scheepvaartveiligheid-moswoz/" soort="URL" status="actief">https://noordzeeloket.nl/functies-gebruik/energietransitie-zee/windenergie-zee/scheepvaartveiligheid-moswoz/</extref></noot.al></noot> Informatievoorziening op Zee,<noot id="ID-1267301-d40e304" type="voet"><noot.nr>11</noot.nr><noot.al><extref soort="URL" doc="https://ihm.nl/nieuws/nieuwsberichten-artikelen/2021/iv-zee-informatievoorziening-diepte/" status="actief">https://ihm.nl/nieuws/nieuwsberichten-artikelen/2021/iv-zee-informatievoorziening-diepte/</extref></noot.al></noot> en Programma Bescherming Noordzee Infrastructuur.<noot id="ID-1267301-d40e313" type="voet"><noot.nr>12</noot.nr><noot.al><extref soort="URL" doc="https://noordzeeloket.nl/functies-gebruik/kabels-leidingen/pbni/" status="actief">https://noordzeeloket.nl/functies-gebruik/kabels-leidingen/pbni/</extref></noot.al></noot> Ook is de innovatieve aanpak in lijn met Nederlands beleid, zoals de nadruk op integratie met het Europese aardobservatieprogramma Copernicus.<noot id="ID-1267301-d40e322" type="voet"><noot.nr>13</noot.nr><noot.al>Kabinetsreactie LTR 21 februari 2025  <extref doc="https://open.overheid.nl/documenten/2f2ce6fc-64db-47ad-b86e-7048be1681a9/file" soort="URL" status="actief">-</extref></noot.al></noot></al>
              <al>Nederland benadrukt het grensoverschrijdende karakter van de opgaves op zee en zet in op internationale samenwerking. Ter bescherming van het mariene milieu werkt Nederland samen met andere landen aan de bescherming van het milieu en de natuur in de Noordoost-Atlantische Oceaan onder het OSPAR-verdrag,<noot id="ID-1267301-d40e335" type="voet"><noot.nr>14</noot.nr><noot.al>Het op 22 september 1992 te Parijs tot stand gekomen Verdrag inzake de bescherming van het mariene milieu in het noordoostelijk deel van de Atlantische Oceaan (<extref doc="trb-1993-16" soort="document" status="actief">Trb. 1993, 16</extref>).</noot.al></noot> onder meer op afstemming van monitoring, gezamenlijke beoordelingen en ontwikkeling van maatregelen. Met andere Noordzeelanden wordt gesproken over grensoverschrijdende samenwerking op het gebied van ruimtelijke planning op de Noordzee, zoals binnen het <nadruk type="cur">Greater North Sea Basin Innitiatieve</nadruk><noot id="ID-1267301-d40e347" type="voet"><noot.nr>15</noot.nr><noot.al><extref soort="URL" doc="https://maritime-spatial-planning.ec.europa.eu/news/establishment-greater-north-sea-basin-initiative-gnsbi" status="actief">https://maritime-spatial-planning.ec.europa.eu/news/establishment-greater-north-sea-basin-initiative-gnsbi</extref></noot.al></noot> en <nadruk type="cur">North Seas Energy Cooperation.</nadruk><noot id="ID-1267301-d40e359" type="voet"><noot.nr>16</noot.nr><noot.al><extref soort="URL" doc="https://energy.ec.europa.eu/topics/infrastructure/high-level-groups/north-seas-energy-cooperation_en" status="actief">https://energy.ec.europa.eu/topics/infrastructure/high-level-groups/north-seas-energy-cooperation_en</extref></noot.al></noot></al>
              <al>Het OceanEye kent geen strakke geografische reikwijdte en noemt het vullen van hiaten in het mondiale oceaanobservatiesysteem als doel. Hiermee sluit het OceanEye aan bij beleidsdoelen voor Caribisch Nederlands, zoals het versterken van monitoring van zeewaterkwaliteit in de Caribische Zee.<noot id="ID-1267301-d40e370" type="voet"><noot.nr>17</noot.nr><noot.al>Natuur- en milieubeleidsplan Caribisch Nederland <extref doc="https://www.rijksoverheid.nl/documenten/2020/04/24/natuur--en-milieubeleidsplan-caribisch-nederland-2020-2030" soort="URL" status="actief">https://www.rijksoverheid.nl/documenten/2020/04/24/natuur--en-milieubeleidsplan-caribisch-nederland-2020-2030</extref></noot.al></noot> Andere onderdelen, zoals de voorgestelde Europese organisatiestructuur sluiten niet aan bij het beleid van Caribisch Nederland.</al>
              <al>In de internationale wateren, buiten de rechtsmacht van landen, zet Nederland zich ook in voor een gezonde oceaan en duurzame economische ontwikkelingen, via verschillende verdragen<noot id="ID-1267301-d40e385" type="voet"><noot.nr>18</noot.nr><noot.al>Bijvoorbeeld: Het op 10 december 1982 te Montego Bay tot stand gekomen Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee (<extref doc="trb-1983-83" soort="document" status="actief">Trb. 1983, 83</extref>). Het op 5 juni 1992 te Rio de Janeiro tot stand gekomen Verdrag inzake biologische diversiteit (<extref doc="trb-1992-164" soort="document" status="actief">Trb. 1992, 164</extref> en <extref doc="trb-1992-1993" soort="document" status="actief">1993</extref>, 54). De op 12 december 2015 te Parijs tot stand gekomen Overeenkomst van Parijs (<extref doc="trb-2016-98" soort="document" status="actief">Trb. 2016, 98</extref> en <extref doc="trb-2016-162" soort="document" status="actief">Trb. 2016, 162</extref>). Het op 7 november 1996 te Londen tot stand gekomen Protocol bij het Verdrag inzake de voorkoming van verontreiniging van de zee ten gevolge van het storten van afval en andere stoffen (<extref doc="trb-1998-134" soort="document" status="actief">Trb. 1998, 134</extref> en <extref doc="trb-2000-27" soort="document" status="actief">Trb. 2000, 27</extref>). De op 17 januari overeengekomen Overeenkomst in het kader van het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee, inzake het behoud en het duurzame gebruik van de mariene biologische diversiteit van gebieden voorbij de grenzen van de nationale rechtsmacht.</noot.al></noot> en eigen beleid.<noot id="ID-1267301-d40e394" type="voet"><noot.nr>19</noot.nr><noot.al>Oceanennotitie. Kamerstuk <extref doc="kst-30196-543" soort="document" status="actief">30 196, nr. 543</extref></noot.al></noot> Nederland ambieert versterking van de internationale monitoringscapaciteit om dit te bereiken. Specifiek erkent het kabinet dat de oceaan een belangrijke rol speelt in de drievoudige planetaire crisis (de urgente, onderling verbonden dreiging van klimaatverandering, biodiversiteitsverlies en vervuiling) en dat meten en begrijpen van de oceaan dus een fundamentele stap is in het adresseren van deze crises.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop kopopmaak="cur">
                <titel>b) Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel</titel>
              </kop>
              <al>Het kabinet is over het algemeen positief over het OceanEye. Het kabinet onderstreept de genoemde belangen van de zeeën en de oceaan en erkent dat een goed functionerend oceaanobservatie- en monitoringsysteem fundamenteel is voor het beschermen en herstellen van het mariene milieu en de mariene natuur, duurzaam gebruik van de zee en oceaan, waterveiligheid, maritieme veiligheid en beveiliging op zee. Ook herkent het kabinet zich in de genoemde problemen waaronder bestuurlijke versnippering, financieringstekorten en geopolitieke afhankelijkheid. Het kabinet steunt in beginsel de doelen van het OceanEye, maar merkt op dat de beschikbare financiering die in de mededeling genoemd wordt, nog onvoldoende is om deze doelen te behalen. De beschreven plannen voor verdere financiering zijn tevens nog niet robuust genoeg om de benodigde financiering te organiseren.</al>
              <al>Het OceanEye stelt als doel om wereldleider wordt op het gebied van oceaanobservatie, door 35% van het oceaanobservatiesysteem en de markt erachter in handen te krijgen. Het kabinet begrijpt deze doelstelling in het licht van de huidige geopolitieke ontwikkelingen en mogelijke lacunes die dreigen te vallen op dit vlak. Het kabinet zal de Europese Commissie vragen hier een concretere en inhoudelijke uitgebreidere onderbouwing aan toe te voegen van waar het oceaanobservatiesysteem tekortschiet en hoe dat verbetert moet worden. Hiermee wordt deze doelstelling duurzamer als het geopolitieke landschap verandert en derde landen zich weer meer zouden inzetten op het gebied van oceaanobservatie.</al>
              <al>Ook is het kabinet positief over het doel om met internationale samenwerking de optimalisatie en harmonisatie op het gebied van oceaanobservatie te verbeteren. Voor het kabinet is het hierbij wel een voorwaarde dat het OceanEye goed aansluit bij bestaande beleidsprocessen, zoals de Mariene Strategie. Uitbreiding van de mariene monitoring en versterking van de nationale coördinatiestructuur past tevens bij de middelen die gereserveerd zijn in het coalitieakkoord voor de integrale Noordzee investeringsopgave voor onder meer veiligheid en natuur. Structurele investering in wetenschap en onderzoek is daarnaast passend bij de ambities uit het coalitieakkoord. Daarbij stelt het kabinet dat versterkte samenwerking moet leiden tot schaalvoordelen voor de individuele lidstaten en daarmee de administratieve last niet verhoogd wordt. Het kabinet kan echter het voorgestelde nieuwe Europese bestuurskader voor oceaanobservatie pas definitief beoordelen nadat het nader uitgewerkt is in het voorstel van de Commissie voor de oceaanwet, dat eind dit jaar verwacht wordt. Specifiek de verhouding met reeds bestaande Europese en regionale samenwerkingsverbanden zoals de regionale zeeconventies wordt onvoldoende benoemd in de mededeling. Ook heeft het kabinet in algemeenheid vragen over het oprichten van nieuwe formele samenwerkingsverbanden aangezien het bestuurlijke landschap van internationale samenwerking op het gebied van oceaanobservatie reeds versplinterd is, wat ook benoemd wordt in de mededeling. Het kabinet zal de Europese Commissie vragen dit te adresseren in de onderbouwing van het voorstel van de Oceaanwet.</al>
              <al>Verder is het kabinet positief over het voornemen van de Europese Commissie om de mondiale samenwerking te versterken binnen het reeds bestaande IOC-UNESCO en GOOS door middel van een politieke alliantie hiervoor op te richten, waaraan het kabinet zal deelnemen. Ook hiervoor geldt dat de samenwerking wel moet leiden tot schaalvoordelen voor de lidstaten en daarmee de administratieve last niet verhoogd wordt. Het kabinet kijkt uit naar een verdere concretisering van de activiteiten van deze alliantie.</al>
              <al>Verder is het kabinet positief over het voornemen de digitale infrastructuur rondom oceaanobservatie te versterken. Het kabinet ziet het belang hiervan en ziet graag concretere ambities op het gebied van de toepassing ervan, zoals strategische planning van bescherming en gebruik van de zee op zeebekkenniveau.</al>
              <al>Het kabinet spant zich er voor in dat deze digitale infrastructuur voortbouwt op Nederlandse inspanningen op dit gebied. Ook is het kabinet positief over de nauwe aansluiting van het OceanEye bij de mariene diensten van Copernicus. Het is echter wel van belang voor het kabinet dat bij de ontwikkeling van een oceaanobservatie- en monitoringsysteem de veiligheidsbelangen van Defensie worden gewaarborgd.</al>
              <al>Het kabinet steunt het initiatief tot versterking van de Europese innovatie en industriële basis en dit is in lijn met huidig beleid<noot id="ID-1267301-d40e427" type="voet"><noot.nr>20</noot.nr><noot.al>No guts, no Hollands Glorie! – sectoragenda maritieme maakindustrie (<extref doc="https://www.rijksoverheid.nl/documenten/2023/10/26/sectoragenda-mmi" soort="URL" status="actief">https://www.rijksoverheid.nl/documenten/2023/10/26/sectoragenda-mmi</extref>)</noot.al></noot>. Ook tegenover het versterken van de maatschappelijke betrokkenheid bij de oceaan en de verbinding tussen mensen en de zee staat het kabinet positief. Het kabinet hoopt dat onder het OceanEye kaders komen voor de integratie van burgerwetenschapen bijvoorbeeld waarnemingen van vissers, inclusief kwaliteitsnormen en validatiemethoden. Voor vissers kan het «vissen naar data» bijvoorbeeld onderdeel worden van het bedrijfsmodel wat bijdraagt aan een economisch duurzamere visserijsector. Het kabinet gaat ervanuit dat aspecten rondom privacy, intellectueel eigendom, verificatie en datadeling hierin meegenomen worden. Het kabinet is positief op het voornemen om oceaanobservatie in te zetten als middel in o.a. het onderwijs om het culturele en maatschappelijk draagvlak ten opzichte van de zee en oceanen te vergroten.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop kopopmaak="cur">
                <titel>c) Eerste inschatting van krachtenveld</titel>
              </kop>
              <al>Het kabinet schat in dat de meerderheid van de lidstaten positief tegenover het OceanEye zal staan. Daar waar de mededeling lidstaten oproept investeringen te doen in lijn met het OceanEye, is nog niet duidelijk in hoeverre lidstaten hier gehoor aan zullen geven. Daarnaast vragen meerdere lidstaten duidelijkheid over de organisatie en het mandaat van het voorgestelde bestuurskader voor oceaanobservatie. Dit zal opvolging krijgen in de Oceaanwet, die later dit jaar verwacht wordt. De positie van het Europees Parlement over het OceanEye is vooralsnog niet bekend. Tot slot trekken enkele lidstaten de doelmatigheid van de voorgestelde internationale alliantie voor GOOS in twijfel.</al>
            </divisie>
          </divisie>
          <divisie opmaak="default">
            <kop kopopmaak="vet">
              <nr status="officieel">4.</nr>
              <titel>Grondhouding ten aanzien van bevoegdheid, subsidiariteit, proportionaliteit, financiële gevolgen en gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten</titel>
            </kop>
            <divisie opmaak="default">
              <kop kopopmaak="cur">
                <titel>a) Bevoegdheid</titel>
              </kop>
              <al>De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft betrekking op milieu en onderzoek en technologische ontwikkeling. Op het beleidsterrein van milieu is sprake van een gedeelde bevoegdheid tussen de EU en de lidstaten (artikel 4, lid 2, sub e; VWEU). Ook op het gebied van onderzoek en technologische ontwikkeling is sprake van een gedeelde bevoegdheid (artikel 4, lid 3, VWEU).</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop kopopmaak="cur">
                <titel>b) Subsidiariteit</titel>
              </kop>
              <al>De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft tot doel het Europese oceaanobservatiesysteem en de<nadruk type="cur">governance</nadruk> hieromheen te versterken en wereldleider op het gebied van oceaanobservatie te worden. Gezien de omvang en internationale aard van oceaanobservatie kan dit onvoldoende door de lidstaten op centraal, regionaal of lokaal niveau worden verwezenlijkt, daarom is een EU-aanpak die ook het mondiale speelveld tracht te versterken het meest geschikt. Vanwege het belang van strategische autonomie op het gebied van oceaanobservatie is volledig inzetten op het mondiale niet geschikt. Door harmonisatie en optimalisatie binnen uitvoering en innovatie van oceaanobservatieprogramma’s in verschillende lidstaten, in combinatie met aanvullende investeringen, kan een efficiënter en uitgebreider oceaanobservatiesysteem ontwikkeld worden. Om die redenen is optreden op het niveau van de EU gerechtvaardigd.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop kopopmaak="cur">
                <titel>c) Proportionaliteit</titel>
              </kop>
              <al>De grondhouding van het kabinet is positief met aandachtspunten. De mededeling heeft tot doel het Europese oceaanobservatiesysteem en de <nadruk type="cur">governance</nadruk> hieromheen te versterken en wereldleider op het gebied van oceaanobservatie te worden. Het voorgestelde optreden is grotendeels geschikt om deze doelstelling te bereiken, omdat het voorstel investeringen in oceaanobservaties aankondigt, de<nadruk type="cur">governance</nadruk> eromheen versterkt via verbeterde internationale samenwerking en de industriële basis en innovatie versterkt. Het kabinet heeft echter wel twee aandachtspunten. Ten eerste zijn de investeringen die nodig zijn om alle doelen uit de mededing te verwezenlijken, nog niet gevonden. De voorgestelde plannen van de Commissie om deze te vinden zijn nog niet concreet genoeg, omdat ze afhankelijk zijn van het volgende MFK. Ten tweede zijn de voorgestelde nieuwe organisatiestructuren nog onvoldoende uitgewerkt. Over het algemeen vindt het kabinet dat het voorgestelde optreden niet verder gaat dan noodzakelijk, voor verbeterde informatievoorziening voor huidige en toekomstige opgaves op de zee en oceaan.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop kopopmaak="cur">
                <titel>d) Financiële gevolgen</titel>
              </kop>
              <al>De Commissie stelt in het voorstel dat grote investeringen gedaan moeten worden om alle beschreven doelen te behalen en de Commissie schat dat hiervoor ongeveer drie tot vier keer het huidige investeringsniveau binnen de gehele EU nodig is. Het kabinet kan deze schatting niet beoordelen noch kwantificeren omdat deze niet per lidstaat is opgesteld. Voor een impuls aan de uitvoering van het OceanEye stelt de Commissie voor in totaal € 80 miljoen beschikbaar te stellen uit Horizon Europe, waarvan € 50 miljoen voor het versterken van het wereldwijde systeem voor oceaanobservatie en € 30 miljoen voor een thematische uitdaging van de Europese Innovatieraad op het gebied van oceaanobservatietechnologieën. Samen met de reeds bestaande financiering van € 12 miljoen uit Horizon Europe<noot id="ID-1267301-d40e492" type="voet"><noot.nr>21</noot.nr><noot.al><extref doc="https://ec.europa.eu/info/funding-tenders/opportunities/docs/2021-2027/horizon/wp-call/2026-2027/wp-9-food-bioeconomy-natural-resources-agriculture-and-environment_horizon-2026-2027_en.pdf" soort="URL" status="actief">https://ec.europa.eu/info/funding-tenders/opportunities/docs/2021-2027/horizon/wp-call/2026-2027/wp-9-food-bioeconomy-natural-resources-agriculture-and-environment_horizon-2026-2027_en.pdf</extref></noot.al></noot> voor het veiligstellen en onderhouden van belangrijke internationale in-situ datastromen op maritiem gebied, zou dit resulteren in € 92 miljoen Europese financiering voor het OceanEye. Daarna zou het volgende meerjarig financieel kader volgens de Commissie kunnen bijdragen aan de realisatie van de gestelde doelen, door verschillende financiële instrumenten van de EU in samenhang in te zetten. Ook roept de Commissie de lidstaten op om nationale programma’s uit te breiden en de nationale begrotingen af te stemmen op de prioriteiten van de EU. Deze oproep is niet verplichtend van aard en heeft dus geen verplichte financiële gevolgen voor de nationale begroting. Voor de Europese budgetten t/m 2027 is Nederland van mening dat de benodigde EU-middelen gevonden dienen te worden binnen de in de Raad afgesproken financiële kaders van de EU-begroting 2021–2027 en dat deze moeten passen bij een prudente ontwikkeling van de jaarbegroting. Het kabinet wil verder niet vooruit lopen op de integrale afweging van middelen na 2027. Eventuele nationale budgettaire gevolgen, als gevolg van een beleidsmatige wens om aan te sluiten bij deze Europese strategie, worden ingepast op de begroting van de beleidsverantwoordelijke departementen, conform de regels van de budgetdiscipline.</al>
            </divisie>
            <divisie opmaak="default">
              <kop kopopmaak="cur">
                <titel>e) Gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten</titel>
              </kop>
              <al>Het voorstel heeft geen gevolgen op het gebied van regeldruk voor burgers en het bedrijfsleven.</al>
              <al>Het voorstel heeft tevens geen directe bindende gevolgen voor het Rijk of medeoverheden waaruit regeldruk voortvloeit. Echter het voornemen een Europees bestuurskader voor oceaanobservatie in te stellen vereist mogelijk inzet van de overheid. Dit wordt verder opgevolgd in de Oceaanwet, die later dit jaar wordt verwacht. De voorgenomen internationale alliantie voor GOOS, indien Nederland besluit deel te nemen, zal leiden tot extra personele inzet van de overheid, maar zal beperkt zijn. Verder bevat de mededeling de oproep aan lidstaten om het nationale, Europese en mondiale oceaanobservatiesysteem te versterken. Indien Nederland daartoe besluit, kan dit leiden tot meer inzet van betrokken ministeries en Rijkswaterstaat. Dit is echter niet direct het gevolg van deze Commissiemededeling maar kan afgewogen worden in de reguliere Nederlandse overheidsprocessen rondom zee en oceaanbeleid. De Commissie wijst op lacunes in de beschikbaarheid van data <nadruk type="cur">(data gaps)</nadruk>. Het kabinet onderschrijft dat goede data randvoorwaardelijk zijn om effectief beleid te voeren. Daarbij acht het kabinet het wel van belang dat eventuele nieuwe dataverzameling zoveel mogelijk aansluit bij bestaande nationale monitorings- en rapportagekaders, om extra uitvoeringskosten en administratieve lasten te voorkomen.</al>
              <al>Het voorstel roept op tot het uitbreiden van het Europese oceaanobservatiesysteem en het versterken van de Europese markt op het gebied van oceaanobservatietechnologie. Hiervoor stelt de Commissie ook geld beschikbaar. Het kabinet schat in dat dit zal leiden tot vergroting van de concurrentiekracht, omdat het zowel de vraag als het aanbod versterkt.</al>
              <al>Het voorstel omvat expliciete geopolitieke aspecten door als doel te stellen dat de EU wereldleider wordt op het gebied van oceaanobservatie. Met dit doel beoogt de EU continuïteit en strategische autonomie ten tijde van dreiging van afnemende inzet van derde landen op het gebied van oceaanobservatie. Tegelijkertijd waarborgt de EU met deze strategie niet alleen eigen publieke belangen zoals veiligheid, voedselsoevereiniteit, natuur, milieu en kennis, maar ook diezelfde belangen van derde landen, wat overwegend goed is voor internationale verhoudingen.</al>
              <al>Daar waar de EU de eigen markt versterkt ten koste van de markt van derde landen kan dit mogelijk enige negatieve invloed op de verhoudingen hebben.</al>
            </divisie>
          </divisie>
        </vrije-tekst>
      </algemeen>
    </stuk>
  </kamerstuk>
</officiele-publicatie>