﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<kamerwrk kamer="2" publtype="nota">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-21499-8/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 1994-1995</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="0.10" conv="prodrg__1.11" markup="c11xa"></versie>
    <ordernr>5K0188</ordernr>
    <vergjaar>1994-1995</vergjaar>
    <onderw>
      <nummer>21 499 </nummer>
      <gtxt>(</gtxt>
      <rijksnr>R 1388</rijksnr>
      <gtxt>)</gtxt>
      <naam>Goedkeuring van het verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht tussen
staten en internationale organisaties of tussen internationale organisaties,
met bijlage; Wenen, 21 maart 1986 (Trb. 1987, 136)</naam>
    </onderw>
  </frontm>
  <body>
    <stuk>
      <ltrlabel>Nr. </ltrlabel>
      <nummer>8</nummer>
      <titel>NOTA NAAR AANLEIDING VAN HET VERSLAG</titel>
      <datum>Ontvangen 31 januari 1995 </datum>
      <tuskop letat="vet">Inleiding</tuskop>
      <al>Met belangstelling is kennis genomen van de door de fracties gestelde
vragen. De beantwoording van deze vragen heeft geruime tijd op zich laten
wachten, omdat het destijds dienstig werd geoordeeld deze te doen samenvallen
met de beantwoording van de terzake van het verdrag inzake statenopvolging
met betrekking tot verdragen (<nadruk type="cur">Trb.</nadruk> 1989, 51; kamerstukken II 1989/90,
21 495 (R 1385)) gestelde vragen, om aldus deze beide aspecten van het
volkenrechtelijke verdragenrecht gezamenlijk parlementair te doen behandelen.
Met name op het terrein van de statenopvolging hebben de afgelopen jaren echter
diverse ontwikkelingen te zien gegeven; reden waarom op dat punt geen definitieve
antwoorden op de in het verslag van de Tweede Kamer met betrekking tot de
goedkeuring van dat verdrag gestelde vragen geformuleerd konden worden voordat
een en ander min of meer was uitgekristalliseerd.</al>
      <al>Onlangs is besloten af te zien van het partij worden bij dat verdrag,
zoals naar voren kwam bij de behandeling van de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking
verdragen. De stukken met betrekking daartoe zijn U toegegaan (kamerstukken
II 1994/95, 21 495 (R 1385), nr. 9). Rest ondergetekende voor de hierdoor
opgelopen vertraging begrip te vragen en de vragen met betrekking tot het
onderhavige verdrag alsnog te beantwoorden.</al>
      <al>Gelet op de door de verschillende fracties gestelde vragen met betrekking
tot nauw aan elkaar gerelateerde onderwerpen, zal de beantwoording van die
vragen op thematische wijze geschieden. </al>
      <tuskop letat="vet">Codificatie</tuskop>
      <al>Vanuit de fracties van het CDA en de SGP is gevraagd welke bepalingen
van het verdrag nieuwe volkenrechtelijke regels verwoorden en welke een codificatie
van bestaand recht zijn.</al>
      <al>In algemene zin – zo moge daarop worden geantwoord – kan men
ervan uitgaan dat daar, waar het verdrag bepalingen bevat die parallel lopen
met die van het verdragenrecht-verdrag van 1969, men met reeds bestaande regels
van internationaal recht van doen heeft, zoals reeds van de kant van de RPF-fractie
naar voren is gebracht. Het omgekeerde behoeft evenwel niet waar
te zijn. In zijn algemeenheid kan niet worden gezegd dat, wanneer een procedure
afwijkt van het bepaalde in het verdrag van 1969, er sprake is van een nieuwe
regel van volkenrecht. Het van staten te onderscheiden karakter van internationale
organisaties kan ertoe hebben geleid dat de modaliteiten van toepassing van
een bepaalde regel afwijken van die tussen staten. Daarmee behoeft niet gezegd
te zijn dat de achterliggende regel zelf nieuw is.</al>
      <al>In dit verband kan men vooral denken aan het geschillenbeslechtingsregime,
dat – hoe innovatief ook van opzet – geen nieuwe regels stelt.
Het regime is evenwel uniek van opzet en de opstellers van het verdrag –
waarbij de bijdragen van de Koninkrijksdelegatie niet onvermeld mogen blijven –
hebben grote inventiviteit aan de dag gelegd om, zonder nieuwe (en misschien
daarom voor sommige staten moeilijk aanvaardbare) regels neer te leggen, een
procedure op te zetten, waarvan gehoopt mag worden dat deze tot een grotere
participatie leidt dan de bestaande procedures voor geschillenbeslechting.
Als vernieuwend aspect in adviesprocedures voor het Internationale Gerechtshof,
zoals vervat in het onderhavige verdrag, kan men het contentieuze karakter
daarvan ingevolge artikel 66, tweede lid, onder e, zien. Aangezien deze speciale
toepassing van de advies-procedure geheel te rijmen valt met de in artikel
96, tweede lid, van het Handvest van de Verenigde Naties neergelegde regel
ten aanzien van het vragen van advies aan het Hof, en geen invloed heeft op
de traditionele rechtsprekende rol van het Hof onder de bepalingen van zijn
Statuut, kan men evenwel niet spreken van een nieuwe regel van volkenrecht.
Partijen bij het onderhavige verdrag (staten en internationale organisaties)
aanvaarden alleen op voorhand, wat zij in de praktijk reeds per gerezen rechtsvraag
aanvaarden: een advies van het Hof of de uitspraak van een arbitrage-tribunaal
wordt als bindende uitleg van het geldend recht aanvaard.</al>
      <al>Het feit dat sommige staten desalniettemin menen terzake een voorbehoud
te moeten maken, kan alleen maar worden betreurd. De regering vermag niet
hierover een inhoudelijk inzicht te verschaffen, al bestaat het vermoeden
dat een dergelijk voorbehoud zal zijn ingegeven door (één van)
twee overwegingen. In de eerste plaats heeft een aantal staten er moeite mee
om te aanvaarden, dat er in het volkenrecht dwingende normen van algemeen
volkenrecht zoals gedefinieerd in artikel 53 van het Verdrag (ius cogens,
met betrekking waartoe de advies-procedure op grond van artikel 66, tweede
lid, in het verdrag is opgenomen) bestaan. Ten tweede staat nog steeds een
aantal staten gereserveerd tegenover het op voorhand instemmen met een rechterlijke
of semi-rechterlijke geschillenbeslechting. Naar hun oordeel dienen partijen
bij een geschil per gelegenheid hun instemming voor een dergelijke procedure
te kunnen geven.</al>
      <al>Overigens hebben Hongarije en Bulgarije inmiddels het voorbehoud met betrekking
tot artikel 66, tweede lid, ingetrokken. </al>
      <tuskop letat="vet">Positie van internationale organisaties</tuskop>
      <al>Van een ondergeschikte positie van internationale organisaties ten opzichte
van staten met betrekking tot het aangaan en onderhouden van verdragsrelaties,
zoals gesuggereerd door de fracties van het CDA en de RPF, is in het verdrag
geen sprake. Het verdrag is er juist op gericht om – tezamen met het
verdrag van 1969 – één sluitend systeem van volkenrechtelijk
«verbintenissenrecht» tot stand te brengen, waarvan leden van
deze beide categorieën subjecten van volkenrecht op voet van gelijkwaardigheid
kunnen deelnemen. Dit wil overigens geenszins zeggen dat alle verdragspartners
in alle opzichten aan elkaar gelijk worden gesteld, zoals van de kant van
de SGP-fractie is gesuggereerd. Het verdrag is juist opgesteld met het doel
ongelijksoortige subjecten van volkenrecht toch met elkaar op
voet van gelijkwaardigheid een verdragsrelatie te kunnen laten aangaan en
onderhouden.</al>
      <al>Zoals reeds is aangegeven in de toelichtende nota, aan het begin van Hoofdstuk
2, is het wezenlijke verschil tussen staten en internationale organisaties
daarin gelegen, dat staten de oorspronkelijke subjecten van volkenrecht zijn,
terwijl internationale organisaties een (van de oprichtende staten) afgeleide
volkenrechtelijke rechtspersoonlijkheid bezitten, die evenwel geenszins minderwaardig,
maar wel beperkter is (zie elfde en twaalfde preambulaire bepaling van het
verdrag). Zij hebben een – meestal op intergouvernementele leest geschoeid –
hoogste orgaan en dit bezit slechts bevoegdheden om handelend op te treden
en (met derde staten of organisaties) verdragen te sluiten met betrekking
tot onderwerpen en in de mate voorzien in het oprichtingsverdrag en de overige
relevante regels van de organisatie. In dit verband moet worden opgemerkt
dat, waar staten in juridische zin alle gelijk zijn aan elkaar, internationale
organisaties dat niet zijn. Iedere organisatie ontvangt haar eigen karaktertrekken,
waaronder de regels van de organisatie in de zin van het verdrag, van haar
oprichters. Voorts dienen de interne regels van de organisatie steeds direct
of indirect gebaseerd te zijn op het tussen de oprichters gesloten oprichtingsverdrag.
Ten aanzien van andere uitingsvormen van de handelingsbekwaamheid van internationale
organisaties valt te denken aan het verrichten van publiekrechtelijke en privaatrechtelijke
rechtshandelingen, het voeren van een eigen personeelsbeleid, het hebben van
een statutaire zetel, het regelen van de eigen werkzaamheden en het beheren
van een eigen budget, etc. Ook hiervoor zal bij of krachtens verdrag een rechtsbasis
dienen te bestaan, wil een internationale organisatie op die punten van haar
rechtspersoonlijkheid gebruik mogen maken.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>De hierboven genoemde intergouvernementele samenstelling (van het hoogste
orgaan) van internationale organisaties, zoals de meeste thans zijn gestructureerd,
brengt onvermijdelijk met zich mee, dat de beleidsbeïnvloeding vanuit
de nationale parlementen, waaraan van de zijde van de RPF-fractie is gerefereerd,
is beperkt. De invloed van het nationale parlement is beperkt tot controle
op de eigen regering; de mate van invloed op de besluitvorming in intergouvernementeel
verband is beperkt door de collegiale besluitvorming onder de termen van de
statutaire bepalingen van die internationale organisatie: de eigen regering
kan in de organisatie overstemd of overreed worden. Overigens is dit niet
anders bij besluitvorming in de Europese Unie, al betreft het daar niet invloed
van nationale parlementen, maar van het Europese Parlement. In de mate waarin
de vertegenwoordiger van de eigen regering een doorslaggevende rol toekomt
in de besluitvormingsprocedure van de internationale organisatie (bijvoorbeeld
unanimiteit), is de beïnvloeding door het nationale parlement op de besluitvorming
van de internationale organisatie groter. In dit verband moge worden verwezen
naar de instemmingsprocedure met betrekking tot ontwerp-besluiten in het kader
van de uitvoeringsovereenkomst van Schengen en de derde pijler van het verdrag
van Maastricht.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Een aantal fracties heeft in dit verband nog gevraagd naar de reden voor
het opnemen van een specifiek verschillende regeling voor staten en voor internationale
organisaties, waarbij hen met name het bepaalde in artikel 45 van het onderhavige
verdrag opviel.</al>
      <al>In dit artikel is de regeling vervat ten aanzien van het verlies van recht
bij het inroepen van rechtsgevolgen van «wilsgebreken». De redenen
voor de verschillende positie van staten en internationale organisaties in
dit verband is te verklaren door het verschil in structuur tussen staten en
internationale organisaties. Een staat heeft een directe relatie met zijn
vertegenwoordigers; als een staatshoofd, een minister of een ambassadeur
door zijn handelen of berusten aangeeft de werking van een bepaald verdrag
te aanvaarden, zal dit gedrag altijd de staat zelf aan te rekenen zijn. Hetzelfde
kan niet gezegd worden van een internationale organisatie. Toch moet ook een
internationale organisatie op een redelijk eenvoudige manier afstand kunnen
doen van het recht om zich te beroepen op de ongeldigheid van een verdrag.
Daarom is de tekst van artikel 45, tweede lid, onder b, minder passief geformuleerd
dan artikel 45, eerste lid, onder b. Een internationale organisatie kan derhalve
niet berusten, maar alleen door actief handelen van het bevoegde orgaan aangeven
dat het zijn rechten opgeeft. Door de toevoeging dat het handelen moet geschieden
door het bevoegde orgaan is duidelijk dat een internationale organisatie nooit
van rechten af kan zien tegen zijn wil in of zelfs zonder de medewerking van
het bevoegde orgaan. Een voorbeeld kan dit verduidelijken. Een verdrag dat
financiële verplichtingen voor een internationale organisatie in het
leven roept, wordt gesloten door het hoofd van het secretariaat in plaats
van door de daartoe bevoegde raad. Als nu later de raad, zijnde het bevoegde
orgaan, maatregelen neemt ter uitvoering van het bewuste verdrag, kan gezegd
worden dat de internationale organisatie op grond van artikel 45, tweede lid,
onder b, het recht om de ongeldigheid van het bewuste verdrag in te roepen
heeft opgegeven. </al>
      <tuskop letat="vet">Verdragsluitende bevoegdheid</tuskop>
      <al>Een groot aantal vragen van de diverse fracties had betrekking op de volkenrechtelijke
rechtspersoonlijkheid en de daaruit voortvloeiende verdragsluitende bevoegdheid
van internationale organisisaties, waarbij verschillende aspecten hiervan
aan de orde werden gesteld. Daarop moge als volgt worden ingegaan.</al>
      <al>Zoals hierboven reeds is aangegeven, worden internationale organisaties
bij oprichtingsverdrag met (een zekere mate) van internationale handelingsbekwaamheid
begiftigd, welke staten ipso facto reeds volledig bezitten.</al>
      <al>De bevoegdheid om verdragsrelaties aan te gaan en te onderhouden is soms
bij het oprichtingsverdrag gegeven (men denke bijvoorbeeld aan de artikelen
110 e.v. van het EG-verdrag met betrekking tot het aangaan van handelsverdragen
met derde landen, en aan artikel 43 van het Handvest van de Verenigde Naties
inzake troepen-leveringsverdragen voor vredesacties van de VN-Veiligheidsraad),
maar dit is geen vereiste. In het internationale verkeer wordt er van uitgegaan,
dat internationale organisaties de bevoegdheid bezitten verdragen te sluiten,
noodzakelijk voor de verwezenlijking van hun doelstellingen. In de elfde preambulaire
bepaling wordt hieraan gerefereerd. Of de organisatie partij mag worden bij
een bepaald verdrag hangt derhalve – naast de vraag of dat verdrag inderdaad
open staat voor organisaties, of dat alleen (bepaalde) staten erbij partij
kunnen worden – af van de vraag of aansluiting bij dat verdragsregime
strookt met de doelstellingen van die organisatie. Dit laatste valt evenwel
buiten het kader van het onderhavige verdrag en zal door (de lidstaten van)
die organisatie dienen te worden beoordeeld aan de hand van de oprichtingsdocumenten
en de overige regels van die organisatie.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Aan de algemene bevoegdheid van internationale organisaties om verdragsrelaties
aan te gaan en te onderhouden is op een tweetal gronden grenzen gesteld: op
grond van het algemene volkenrecht, en ingevolge de eigen regels van de organisatie
(zoals zojuist verwoord).</al>
      <al>In de eerste plaats kent de verdragsluitende bevoegdheid van internationale
organisaties grenzen voor wat betreft het sluiten van verdragen die afwijken
(of tot afwijking nopen) van bestaande verplichtingen voortvloeiende uit het
algemene volkenrecht c.q. verdragenrecht. Dit volgt uit de artikelen
26 (pacta sunt servanda), en 53 en 64 (ius cogens) van de beide verdragenrecht-verdragen.
Door een organisatie gesloten verdragen met staten (of organisaties) mogen –
bijvoorbeeld – de lidstaten van die organisatie niet dwingen door henzelf
aangegane verdragsverplichtingen jegens die staten (of organisaties) niet
te honoreren. Dergelijke verplichtingen mogen alleen worden gewijzigd of beëindigd
in overeenstemming met de daarvoor gegeven regels. Indien een staat of een
internationale organisatie (binnen de grenzen van de regels van die organisatie)
een verdragsband aangaat, waarvan de bepalingen afwijken van bestaande verplichtingen
voortvloeiende uit voor die staat of internationale organisatie geldende verdragen,
dan zullen die nieuwe bepalingen alleen gaan gelden tussen de partijen bij
dat nieuwe verdrag. Staten en organisaties die gebonden waren aan de oude
regeling, inclusief de partijen bij het nieuwe verdrag, blijven in hun relatie
tot niet-partijen bij het nieuwe verdrag jegens de partijen bij het oude verdrag
ingevolge artikel 30 gebonden aan de oude bepalingen. De nieuwe regeling geldt
alleen tussen de partijen daarbij. Evenzo zijn verdragsrelaties in strijd
met dwingende regels van volkenrecht ontoelaatbaar, en deze mogen niet tot
stand worden gebracht c.q. in stand blijven.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Ten tweede is de bevoegdheid van een internationale organisatie om verdragen
te sluiten onderworpen aan de regels van die organisatie, zoals blijkt uit
het bepaalde in artikel 6. In het oprichtingsverdrag en de regels van de organisatie
kunnen niet meer bevoegdheden zijn opgenomen, dan waartoe de oprichters zelf –
individueel of collectief – gerechtigd zouden zijn (met inachtneming
van het zojuist gestelde ten aanzien van de verhouding tussen oude en nieuwe
verdragen). Ook dit is niet anders bij verdragen tussen louter staten. Onder
«regels van de organisatie», zoals gedefinieerd in artikel 2,
eerste lid, onder j, wordt ook de gevestigde praktijk van een internationale
organisatie verstaan. Dit betekent dat ook ongeschreven regels hiervan deel
uit kunnen maken en, tevens, dat de verdragsluitende praktijk van een internationale
organisatie niet statisch is, maar in de loop der tijd kan veranderen. Het
is daarom niet de bedoeling van het onderhavige Verdrag om de praktijk van
een internationale organisatie vast te leggen op het moment van toetreding
tot het Verdrag.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>Ten aanzien van de bevoegdheden van internationale organisaties kent het
volkenrecht ook nog het leerstuk van de zogenaamde «implied powers»,
zoals neergelegd in het advies van het Internationaal Gerechtshof in de zaak
«Reparations for Injuries Suffered in the Service of the United Nations»
(I. C. J. reports (1949), p. 174). Indien de doelstellingen of taken van een
internationale organisatie nopen tot – bijvoorbeeld – het aangaan
van een nadere regeling bij verdrag, dan kan met betrekking daartoe een verdragsluitende
bevoegdheid van die organisatie worden aangenomen, en gaat zij daarmee haar
bevoegdheden niet te buiten. Hiervoor is het niet noodzakelijk dat de regels
van de organisatie expliciet de bevoegdheid tot het aangaan van een dergelijk
verdrag verwoorden. Zo ligt het – bijvoorbeeld – alleszins in
de rede dat een internationale organisatie, wanneer zij statutair een zetel
dient te hebben, een zetelovereenkomst aangaat met het gastland. Zoalng de
bepalingen van die zetelovereenkomst voldoen aan de overige eisen die daaraan
gesteld dienen te worden, heeft de internationale organisatie, ter uitvoering
van de haar opgedragen taak, binnen haar bevoegdheden gehandeld.  </al>
      <tuskop letat="vet">Toepasselijkheid van het verdrag</tuskop>
      <al>Door een aantal fracties is de vraag gesteld naar de toepasselijkheid
van het verdrag op een aantal specifieke verdragsrelaties. In dat verband
moge het volgende worden opgemerkt.</al>
      <al>Voor de toepasbaarheid van het verdrag doet het niet ter zake of de bevoegdheden
van een internationale organisatie strikt intergouvernementeel van karakter
zijn, of dat zij door de oprichters is begiftigd met supranationale bevoegdheden
ten opzichte van haar leden. Een dergelijk karakter is alleen van belang voor
de verhouding binnen die organisatie, tussen de organisatie en haar leden
en/of tussen de leden onderling. Derden-werking gaat er van de bevoegdheidsverdeling
tussen de organisatie en haar leden evenwel niet uit. Partijen bij een verdrag
met die organisatie en/of haar leden behoeven geen gevolgen te ondervinden
van de interne verhouding binnen de organisatie, zoals duidelijk wordt uit
de artikelen 27 (met betrekking tot de verdragsrelatie zelf) en 34 (voor wat
betreft een nadere interne regeling met repercussies ten opzichte van verdragspartners
buiten de organisatie).</al>
      <al>Wie «derden» zijn in de zin van het onderhavige verdrag, wordt
gedefinieerd in het eerste lid, onder h, van artikel 2: een staat of organisatie
die niet partij is bij het verdrag in kwestie; dat wil zeggen, een internationale
organisatie die geen partij is bij het verdrag of een staat die geen partij
er bij is. Immers, op grond van artikel 34 schept een verdrag geen verplichtingen
voor derde staten of organisaties.</al>
      <al>Voor de doorwerking van een verdragsrelatie, tot stand gekomen tussen
een internationale organisatie en een lid-staat (of organisatie) op de leden
van de eerstgenoemde organisatie, dient men ervan uit te gaan dat, wanneer
de organisatie bevoegd was tot het aangaan van die verdragsband, zij als een
in dat opzicht zelfstandig subject van volkenrecht gehouden is tot de naleving
van al hetgeen uit die verdragsrelatie voortvloeit. Hiervoor dient zij met
haar eigen interne beleidsbevoegdheden in te staan, alsmede verdragsconform
gedrag van haar leden te verzekeren, aangezien de lid-staten hun beleidsbevoegdheid
ten aanzien van hetgeen bij verdrag met de staat of organisatie is geregeld
klaarblijkelijk hebben overgedragen aan de eerstgenoemde verdragsluitende
organisatie. Van de kant van de RPF-fractie is in dit verband terecht verwezen
naar artikel 228 van het EG-verdrag.</al>
      <al>Voor zover een verdrag tussen een internationale organisatie en een staat
(c.q. organisatie) onderwerpen bestrijkt, waarvoor de eerstgenoemde verdragsluitende
organisatie geen (uitsluitende) bevoegdheden heeft overgedragen gekregen,
behoeft het verdrag (mede-)committering van haar lid-staten, aangezien zij
(mede) dienen in te staan voor de naleving ervan. Deze kwestie is evenwel
een zaak van de organisatie en haar lid-staten; de wederpartij mag van de
verdragsluitende partij(en) verwachten dat het verdrag ten volle zal worden
nageleefd, ongeacht de wijze waarop een en ander in het kader van de verdragsluitende
organisatie en haar lid-staten wordt bewerkstelligd (artikel 27 van het onderhavige
verdrag). Mocht een lid-staat van een internationale organisatie zelfstandig
een verdrag willen aangaan met een staat of organisatie, dan dient te worden
bezien of en in welke mate die lid-staat de verdragsluitende- en beleidsbevoegdheid
terzake nog bezit, of dat deze geheel of gedeeltelijk zijn overgedragen aan
de internationale organisatie. Is dit laatste het geval, dan kan de lid-staat
niet zelfstandig het verdrag aangaan c.q. zelfstandig instaan voor de naleving
ervan, en dienen de daaruit voortvloeiende verplichtingen (mede) te worden
onderschreven door de organisatie.  </al>
      <tuskop letat="vet">Staatkundige eenheden</tuskop>
      <al>Van de kant van de VVD-fractie is geïnformeerd naar de eventuele
volkenrechtelijke rechtspersoonlijkheid van staatkundige eenheden binnen een
staat, met name in verband met hun mogelijke verdragsluitende bevoegdheid.</al>
      <al>In dit verband moge allereerst worden opgemerkt dat deze materie buiten
het bereik van het onderhavige verdrag valt, zoals ook blijkt uit artikel
3, onder (i) en (ii). Het volkenrecht gaat ervan uit, dat volkenrechtelijke
rechtspersoonlijkheid ipso facto toekomt aan staten (zie bijvoorbeeld voor
wat betreft de verdragsluitende bevoegdheid de artikelen 1, 6, 11 en 29 van
beide verdragenrecht-verdragen). Volkenrechtelijk staat niets eraan in de
weg, dat constitutioneel een deel van de souvereiniteit van de staat bij een
staatkundige eenheid binnen die staat wordt gelegd. In het statutaire bestel
van het Koninkrijk der Nederlanden is deze wijze van het aangaan van verdragsverhoudingen
de gebruikelijke: de verdragspartij is immer het Koninkrijk als zodanig, en
de eventuele beperking van de territoriale werkingssfeer tot één
of twee van de landen van het Koninkrijk wordt bij het tot uitdrukking brengen
van het «consent to be bound» geformuleerd, c.q. verklaard. Deze
wijze van doen heeft het voordeel dat bij eventuele latere uitbreiding van
de territoriale werkingssfeer van het verdrag de verdragsbinding niet behoeft
te worden geherformuleerd, maar door het simpelweg intrekken of wijzigen van
die verklaring kan worden bewerkstelligd; een handeling die over het algemeen
te allen tijde kan worden verricht.</al>
      <al>In onze buurlanden kennen (in België eerst recentelijk) regionale
staatkundige eenheden een grote mate van zelfstandigheid, ook op het gebied
van het aangaan en onderhouden van verdragsrelaties. Met de Bondsrepubliek
bestaat op dit punt reeds een jarenlange ervaring, zoals, bijvoorbeeld, moge
blijken uit de op 30 maart 1976 te Dusseldorp tot stand gekomen Overeenkomst
tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de
Deelstaat Noordrijnland-Westfalen betreffende samenwerking bij de stichting
en inrichting van een grenspark Maas-Swalm-Nette (Trb. 1976, 76). </al>
      <tuskop letat="vet">Geschillenbeslechtingsprocedure</tuskop>
      <al>Dan zijn er nog door verschillende fracties vragen gesteld omtrent de
geschillenbeslechtingsprocedure voorzien in het onderhavige verdrag en zijn
bijlage, met name met betrekking tot de positie van de Europese Unie/Gemeenschap
in een eventuele zaak voor het Internationaal Gerechtshof. Daartoe moge, in
aanvulling op hetgeen hieromtrent eerder in deze nota werd opgemerkt, het
volgende dienen.</al>
      <al>De Europese Unie als zodanig is onder het verdrag van Maastricht niet
gerechtigd verdragen aan te gaan met derde staten c.q. organisaties en kan
uit dien hoofde dan ook niet in rechte worden betrokken. Deze bevoegdheid
komt alleen de drie Gemeenschappen (EGKS, EG en EGA) op de aan hen toegemeten
beleidsterreinen toe.</al>
      <al>Bij geschillen over zaken het verdrag betreffende kunnen partijen bij
dat geschil, dus ook de Gemeenschappen, gebruik maken van de in de bijlage
voorziene arbitrageprocedure.</al>
      <al>Een Gemeenschap kan alleen een advies vragen aan het Internationaal Gerechtshof,
indien het de interpretatie c.q. toepassing van een ius cogens regel betreft
(artikel 66, tweede lid (d) juncto (b)).</al>
      <al>Voor het Hof staan staten en internationale organisaties op voet van gelijkwaardigheid,
zoals onder het verdrag de bedoeling is ten aanzien van de toepassing van
het verdragenrecht ten opzichte van staten of internationale organisaties.
Het Hof mag evenwel op grond van artikel 34 van zijn Statuut contentieuze
zaken alleen horen van staten; internationale organisaties kunnen het Hof
op grond van artikel 65 van het Statuut alleen om advies vragen,
mits zij daartoe gerechtigd zijn (artikel 96 van het Handvest van de Verenigde
Naties). Derhalve is in het verdrag gekozen voor het vragen van advies aan
het Hof, wanneer in een geschil ten aanzien van ius cogens een internationale
organisatie is betrokken. Het advies van het Hof zal ingevolge artikel 66
van het verdrag bindend zijn voor de partijen bij het geschil, waarmee het
verschil tussen een geschil tussen staten onderling en een geschil, waarbij
een internationale organisatie is betrokken, voor de toepassing van dit deel
van het verdrag is komen te vervallen.</al>
      <witreg></witreg>
      <al>In de bijlage bij deze nota is aangegeven, naar aanleiding van de vraag
vanuit de CDA-fractie, welke staten en internationale organisaties het verdrag
hebben ondertekend, en welke staten reeds partij zijn bij het verdrag.</al>
      <ondtek>
        <functie>De Minister van Buitenlandse Zaken,</functie>
        <naam>H. A. F. M. O. van Mierlo </naam>
      </ondtek>
      <bijlage>
        <titel>BIJLAGE</titel>
        <table orient="port" rowsep="0" colsep="0" frame="topbot" tabstyle="sdu1">
          <tgroup align="left" charoff="75" cols="3" tgroupstyle="sdu1">
            <colspec colname="c1" colnum="1" colwidth="75mm"></colspec>
            <colspec colname="c2" colnum="2" colwidth="18.75mm"></colspec>
            <colspec colname="c3" colnum="3" colwidth="18.75mm"></colspec>
            <thead valign="bottom">
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0" rowsep="1" valign="top"></entry>
                <entry align="left" morerows="0" rotate="0" rowsep="1" valign="top">onder- tekening</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0" rowsep="1" valign="top">bekrachtiging
of toetreding </entry>
              </row>
            </thead>
            <tbody valign="bottom">
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Argentinië</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Australië</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">België</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Benin</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Brazilië</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Bulgarije</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Burkina Faso</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Cyprus</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Denemarken</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Duitsland</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Egypte</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Estland</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">FAO</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Griekenland</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Hongarije</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Internationale Arbeidsorganisatie</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Internationale Maritieme
Organisatie</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Internationale Organisatie voor de Burgerluchtvaart</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Internationale
Telecommunicatie Unie</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Italië</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Ivoorkust</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Japan</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Kroatië</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Liechtenstein</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Malawi</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Marokko</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Mexico</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Moldavië</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Koninkrijk der Nederlanden</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Oostenrijk</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Raad van Europa</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Senegal</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Slowakije</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Spanje</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Sudan</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Tsjechië</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">UNESCO</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Verenigd Koninkrijk</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x </entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Verenigde
Naties</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Verenigde Staten</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Wereld Metereologische
Organisatie</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Wereldgezondheidsorganisatie</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Zaïre</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Zambia</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Zuid-Korea</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Zweden</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
              <row valign="top">
                <entry morerows="0" rotate="0">Zwitserland</entry>
                <entry morerows="0" rotate="0"></entry>
                <entry morerows="0" rotate="0">x</entry>
              </row>
            </tbody>
          </tgroup>
        </table>
        <al>Ondertekeningen 37 </al>
        <al>Bekrachtigingen of toetreding 23 </al>
      </bijlage>
    </stuk>
  </body>
</kamerwrk>