<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-354599/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>GEMEENTEBLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de gemeente Putten</subtitel></kop><gemeenteblad><kop><titel>Beleidsregels ten aanzien van de ontheffingsmogelijkheid ex art. 9.2.2.1a, vierde lid Wet milieubeheer </titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al /><al>Hierbij besluit ik, H.A. Lambooij, burgemeester van de gemeente Putten, de onderstaande beleidsregels " <nadruk type="cur">Beleidsregels ten aanzien van de ontheffingsmogelijkheid ex art. 9.2.2.1a, vierde lid Wet milieubeheer” </nadruk>vast te stellen. </al><al>Deze beleidsregels geven aan hoe ik met mijn bevoegdheid ten aanzien van de ontheffingsmogelijkheid als bedoeld in artikel 9.2.2.1a, vierde lid, van de Wet milieubeheer om ga.</al><al /><al>Deze beleidsregels treden 1 augustus 2026 in werking. </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label /><nr /><titel /></kop><al /><al /></artikel><artikel><kop><titel><nadruk type="ondlijn">Inleiding</nadruk></titel></kop><al>De bevoegdheid die met de inwerkingtreding van de Wet veilige jaarwisseling tot het verlenen van ontheffingen voor het afsteken van aangewezen F2-vuurwerk tijdens de jaarwisseling is gecreëerd, is neergelegd bij de burgemeester.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>In het art. 9.2.2.1a lid 4 Wet milieubeheer wordt aan de burgemeester een ontheffingsmogelijkheid geboden ten aanzien van het afsteken van consumentenvuurwerk (cat. F2). </al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Het verbod tot het afsteken van consumentenvuurwerk (cat. F2 en F3) is opgenomen in art. 9.2.2.1a lid 1 van de Wet milieubeheer.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>In het art. 2.3.2. Vuurwerkbesluit wordt bepaald dat ik deze bevoegdheid alleen kan verlenen als <nadruk type="cur">ten minste</nadruk> aan de daar gestelde <nadruk type="ondlijn">voorwaarden</nadruk> is voldaan.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Art. 2.3.2.a van het Vuurwerkbesluit geeft mij de verplichting om aan een evt. ontheffing <nadruk type="cur">in ieder geval</nadruk> de in dit artikel genoemde <nadruk type="ondlijn">voorschriften </nadruk>te verbinden.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>De ontheffingsmogelijkheid ziet ex art. 2.3.2a lid 3 onder a Vuurwerkbesluit op de navolgende tijdsspanne: <nadruk type="cur">het vuurwerk wordt uitsluitend tot ontbranding gebracht tussen 31 december 18.00 uur en 1 januari 02.00 uur van het daaropvolgende jaar.</nadruk></al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Los van de voorwaarden en voorschriften in het Vuurwerkbesluit heb ik de beleidsruimte om de ontheffing om andere redenen te weigeren of aan een te verlenen ontheffing meer voorwaarden en voorschriften te verbinden. </al></li></lijst><al /></artikel><artikel><kop><titel><nadruk type="ondlijn">Afweging</nadruk></titel></kop><al>Voor het al dan niet bieden van de mogelijkheid tot verlenen van een ontheffing, als bedoeld in art. 9.2.2.1a lid 4 Wet milieubeheer, heb ik een afweging moeten maken. </al><al /><al>In de nota van toelichting op het besluit veilige jaarwisseling is in relatie hiertoe het navolgende opgenomen:</al><al><nadruk type="cur">De burgemeester kan een ontheffing verlenen, maar hoeft dat niet te doen. Hij kan daartoe zelf beleid opstellen in een beleidsregel. De burgemeester kan beslissen in overleg met de lokale driehoek om geen, of een maximumaantal, ontheffingen te verlenen in zijn gemeente. (..) </nadruk></al><al><nadruk type="cur">Deze keuze is volgens de VNG onder meer afhankelijk van het draagvlak onder de inwoners (voorstanders en tegenstanders), de huidige problematiek tijdens de jaarwisseling (en wat de effecten daarop zijn bij wel of geen ontheffing), de mate waarin alternatieven mogelijk zijn (bijvoorbeeld vuurwerkshows), de handhaafbaarheid, de uitvoerbaarheid en de aansprakelijkheid.</nadruk></al><al /><al>De Afdeling advisering van de RvS (hierna: de Afdeling advisering) heeft op d.d. 2 juni 2026 advies uitgebracht over het ontwerpbesluit wet veilige jaarwisseling. Hierin merkt de Afdeling advisering o.a. het navolgende op:</al><al><nadruk type="cur">De Afdeling advisering merkt op dat op dit moment ongewis is hoe de gemeentelijke handhaving zal worden georganiseerd. Uiteraard hangt dit ook af van de mate waarin gemeenten überhaupt overgaan tot het verlenen van ontheffingen. Aan de andere kant is de vraag of er boa’s beschikbaar zijn om ontheffingen te handhaven juist van invloed op de meer principiële vraag of een gemeente het verantwoord acht om ontheffingen te verlenen.</nadruk></al><al /><al><nadruk type="cur">De politie ziet geen directe rol voor zichzelf bij de handhaving van de ontheffing. De politie is wel bevoegd in geval van verstoring van de openbare orde, geweld tegen hulpverleners of als er illegaal vuurwerk wordt afgestoken. De regering lijkt mee te gaan in de stelling van de politie dat zij geen rol hebben bij het toezien op de ontheffingen.</nadruk></al><al /><al><nadruk type="cur">De Afdeling advisering merkt op dat dit formeel zo kan zijn maar dat het in de rommelige en hectische praktijk op straat vaak anders zal verlopen. Daar zullen vaak meerdere zaken tegelijk spelen: van ordeverstoringen en vernielingen tot het afsteken van illegaal vuurwerk. Daarbij moet ook nog worden toegezien op de naleving van de ontheffingen. In dergelijke risicovolle situaties is niet altijd op voorhand vast te stellen of sprake is van het afsteken van illegaal vuurwerk of van vuurwerk met ontheffing en welke instantie dan bevoegd is. Daar komt bij dat niet duidelijk is of boa’s ook daadwerkelijk vuurwerk in beslag gaan nemen en (op veilige wijze) laten afvoeren. Inbeslagname en afvoer zouden anders alsnog door de politie moeten gebeuren. (zie noot 30)</nadruk></al><al /><al><nadruk type="cur">Bij de aangekondigde verkenning van de handhaving van de ontheffingen is het van belang dat deze complexe veiligheidssituatie nadrukkelijk betrokken wordt. Het ligt daarbij in de rede uit te gaan van de maatschappelijke realiteit dat een aanzienlijk deel van de mensen zich niet aan het verbod zal houden. Ook los van vuurwerk-gerelateerd gevaar komen veiligheidsrisico’s ook breder voor in de vorm van ordeverstoringen en geweld tegen hulpverleners en gezagsdragers. De (eventuele) inzet van boa’s moet dan ook mede tegen deze achtergrond worden bezien.</nadruk></al><al /><al><nadruk type="cur">In het driehoeksoverleg van 8 juni 2026 zijn afspraken gemaakt</nadruk></al><al>Mede aan de hand van de door de politie aangeleverde informatie hebben de burgemeester(s) en OvJ besloten, dat er van de politie geen capaciteit wordt gevraagd om op te treden rondom het met onfheffing tot ontbranding brengen van vuurwerk. Kortgezegd is de reden hiervan, dat de beschikbare capaciteit al niet voldoende is om op verantwoorde wijze op te treden tegen verstoringen en overtredingen van de openbare orde. Zoals de Afdeling advisering aangeeft is het juist aankomende jaarwisseling van belang dat de nieuwe regels (te weten een algeheel vuurwerkverbod cat F2 en F3) zo goed mogelijk worden gehandhaafd. </al><al /></artikel><artikel><kop><titel><nadruk type="ondlijn">Uitvoerbaarheid </nadruk></titel></kop><al /><al><nadruk type="cur">Activiteit zelf</nadruk></al><al>De ontheffingsmogelijkheid houdt onder meer in dat de gemeente toezicht dient te houden op de voorwaarden en voorschriften, die gelden voor de ontheffingshouder enerzijds. </al><al /><al><nadruk type="cur">Externe factoren</nadruk></al><al>Anderzijds bestaat er “<nadruk type="cur">de rommelige en hectische praktijk op straat</nadruk>” c.q. een “<nadruk type="cur">complexe veiligheidssituatie</nadruk>”, waarmee ik rekening moet houden. Dit betekent dat buiten de invloedsfeer van de ontheffingshouder mensen, van zowel binnen als buiten de Puttense gemeenschap, kunnen toestromen c.q. aansluiten bij het tot ontbranding brengen van het vuurwerk. </al><al>Mijn verwachting is, dat een dergelijke vuurwerkontbranding, een aanzuigende werking zal hebben. Normaalgesproken is het een overheidstaak om bij dit soort omstandigheden op te treden. De politie heeft onderbouwd oa in het driehoeksoverleg dat tijdens de jaarwisseling 2026/2027 dit in Putten niet op een verantwoorde manier te kunnen doen.</al><al /><al><nadruk type="cur">Nadere toelichting activiteit zelf</nadruk></al><al>Daar waar ik mij richt op het toezicht houden op de voorwaarden en voorschriften uit het Vuurwerkbesluit en een te verlenen ontheffing, verwacht ik van de organisator dat hij voldoende objectiveerbare waarborgen geeft dat hij zich aan de gestelde voorwaarden en voorschriften gaat houden. Dit betekent onder meer, dat zijn locatie voldoet en blijft voldoen aan alle voorwaarden en voorschriften ook zou hij er aan moeten voldoen dat de door hem aangewezen personen voldoen en blijven voldoen aan de voorwaarden en voorschriften.</al><al /><al>Hierbij moet rekening gehouden worden met het feit dat op verantwoorde wijze houden van toezicht door de gemeente zelf <nadruk type="cur">voor</nadruk> maar <nadruk type="cur">met name tijdens</nadruk> het ontbranden uitermate moeilijk, zo niet onmogelijk is. Van de toezichthouder wordt verwacht dat hij toezicht houdt op: het al dan niet onder invloed zijn van alcohol en / of andere verdovende of stimulerende middelen van de supervisor en de ontbranders, het type en de hoeveelheid vuurwerk, dat tijdens de ontbranding aanwezig is en dat dit niet wordt aangevuld (met al dan niet legaal of illegaal vuurwerk). Tevens zou de toezichthouder er ook op moeten toezien dat de ontbranding wordt gestaakt indien <nadruk type="cur">weers- of andere omstandigheden het veilig tot ontbranding brengen van vuurwerk bemoeilijken of belemmeren. </nadruk></al><al /></artikel><artikel><kop><titel><nadruk type="ondlijn">Concluderend: uitgangspunt geen ontheffingen verlenen</nadruk></titel></kop><al>Bovenstaande kan wellicht worden ondervangen door de aanvrager van de ontheffing. </al><al>Zo kan bijvoorbeeld worden gedacht aan de inzet van voldoende gecertificeerde beveiligers en een toereikende inrichting van het terrein, overeenkomsten tussen de organisator en de surpervisors en ontbranders en de daarbij behorende boetebedingen. </al><al>Dit geldt echter alleen wanneer binnen de gemeente voldoende capaciteit aan toezichthouders om voor en tijdens het ontbranden ter plekke toezicht te houden. Om dit op een verantwoorde wijze te doen is per locatie de inzet van minimaal twee toezichthouders noodzakelijk. </al><al>Gezien onze beschikbare capaciteit betekent dit, dat er <nadruk type="ondlijn">maximaal twee locaties</nadruk> zouden kunnen zijn. Hierbij is het wel noodzakelijk, dat de politie praktisch ook kan worden ingezet, ten behoeve van de veiligheid van de toezichthouders. </al><al>Nu de politie heeft aangegeven dat deze capaciteit niet beschikbaar is, acht ik het in principe niet verantwoord ontheffingen te verlenen.</al><al /><al><nadruk type="cur">Afwijken uitgangspunt enkel mogelijk indien: </nadruk></al><al>Om bij concrete aanvragen te kunnen beoordelen of ik van dit uitgangspunt wil afwijken heb ik op zijn minst van aanvrager de navolgende informatie nodig:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Overeenkomsten met supervisors en ontbranders; </al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Overeenkomsten met erkende gecertificeerde beveiligers; </al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Aansprakelijkheidsverzekering tbv de aanvrager;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Veiligheidsplan dat (naast hetgeen is opgenomen hierover in het Vuurwerkbesluit) voorzien is van o.a.</al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Duidelijk leesbare luchtfoto als ondergrond (bijv. PDOK / Google Maps) schaal 1:200</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>coördinaten (RD of GPS) van afsteekpunt</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Foto’s ter ondersteuning</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Exacte locatie afsteekplaats/terrein en veiligheidszone</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>aanrijroute hulpdiensten</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>de wijze waarop het onvoorzien niet door kunnen gaan of afbreken van het ontbranden ordentelijk verloopt</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Ontbrandingstijdslot, waarbij enkel eenmalig aaneengesloten mag worden ontbrand;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Het gevolgde participatietraject met omwonenden. Gericht op het lokale karakter van de ontbrandingsactiviteit. Ondersteund door minimaal 5 verklaringen van omwonenden uit verschillende huishoudens die binnen de buurt waar de ontbrandingsactiviteit plaatsvindt wonen.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Gegevens waaruit de lokale binding van de betreffende vereniging of stichting blijkt </al></li></lijst><al /><al>Mocht een aanvraag aan voornoemde aanvullingen (en de voorwaarden en voorschriften in het Vuurwerkbesluit) voldoen, dan zal de politie nogmaals worden gevraagd of hetgeen zij hebben aangegeven (t.a.v. het niet hebben van capaciteit) op dat moment ook nog aan de orde is ten behoeve is van aanstaande jaarwisseling. </al><al /><al /><al /></artikel><artikel><kop><titel><nadruk type="ondlijn">Indieningstermijn</nadruk></titel></kop><al>Om een goede beoordeling en voorbereiding mogelijk te maken is van belang dat voldoende tijd beschikbaar is. Daarnaast is het van belang dat tijdig duidelijk is of en hoeveel ontheffingen worden aangevraagd in verband met de “verdeling” van de beschikbare ontheffingen. Om die reden zal ik ontheffingen die niet voor 15 september zijn aangevraagd met een volledige aanvraag die aan alle vereisten voldoet en alle benodigde informatie bevat, in beginsel al om die reden niet verlenen. </al><al /></artikel><artikel><kop><titel><nadruk type="ondlijn">Verdeling ontheffingen</nadruk></titel></kop><al>Eerder werd al een maximum van twee locaties genoemd. Hierdoor is sprake van een beperkt beschikbaar aantal ontheffingen, terwijl evt. meerdere gegadigden daarvoor in aanmerking kunnen komen. Wanneer meerdere ontheffingen voor 15 september met volledige aanvragen worden aangevraagd en mogelijk voor verlening in aanmerking komen, worden de twee mogelijke ontheffingen bij voorkeur verleend aan de vereniging of stichting die de grootste bijdrage levert aan een veilige, verantwoordelijke en beheersbare vuurwerkactiviteit binnen de lokale gemeenschap. Dat een ontheffing mogelijk voor verlening in aanmerking komt, wil overigens niet zeggen dat deze ook daadwerkelijk verleend kan en zal worden. De meer gedetailleerde beoordeling en de inspraakmogelijkheden zullen daarna nog plaatsvinden.</al><al /><al>De tijdig aangevraagde en mogelijk te verlenen ontheffingen worden beoordeeld aan de hand van de navolgende beoordelingscriteria, waarbij 1 punt per criterium kan worden vergeven:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Het aantal lokale leden, deelnemers of vrijwilligers;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>de mate van lokale binding binnen de gemeente;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>de betrokkenheid bij het betreffende dorp, buurtschap of wijk;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>de zichtbare maatschappelijke rol binnen de gemeenschap;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>ervaring met het organiseren van activiteiten / evenementen;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>beschikbaarheid van voldoende vrijwilligers vanuit de Puttense gemeenschap;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>aanwezigheid van een aanspreekbare organisatie;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>mate van eerdere naleving van wetten, vergunningen, ontheffingen en dergelijke;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>aantoonbare inzet voor veiligheid en toezicht en de mate van professionaliteit hiervan;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>kwaliteit van het veiligheidsplan;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>geschiktheid van de locatie;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>maatregelen voor publieksveiligheid;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>bereikbaarheid voor hulpdiensten;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>maatregelen ter voorkoming van schade, letsel en overlast;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>overzichtelijkheid van de locatie;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>mogelijkheden voor toezicht al dan niet op afstand door toezichthouders;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>verwachte bezoekersaantallen;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>beperking van overlast voor de omgeving;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>betrokkenheid van omwonenden. </al></li></lijst><al /><al>De aanvragen worden gerangschikt op basis van het totaal behaalde aantal punten.</al><al>De beschikbare ontheffingen worden verleend aan de hoogst gerangschikte aanvragers die mogelijk voor verlening in aanmerking komen.</al><al>Indien twee of meer aanvragen gelijk eindigen en onvoldoende ontheffingen beschikbaar zijn, vindt loting plaats.</al><al /><al /></artikel><artikel><kop><titel><nadruk type="ondlijn">Citeertitel</nadruk></titel></kop><al>Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als <nadruk type="cur">“Beleidsregels ten aanzien van de ontheffingsmogelijkheid ex art. 9.2.2.1a, vierde lid Wet milieubeheer”</nadruk></al><al /><al /><al /><al /><al /></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--><functie>Putten, 17 juli 2026</functie><functie /><functie>Burgemeester gemeente Putten, </functie><functie>H.A. Lambooij</functie></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></gemeenteblad></officiele-publicatie>