<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-347226/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>GEMEENTEBLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de gemeente Groningen</subtitel></kop><gemeenteblad><kop><titel>Marktverordening Groningen 2026</titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al>DE RAAD VAN DE GEMEENTE GRONINGEN;</al><al /><al>Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 30 juni 2026.</al><al /><al>Gelet op de artikelen 147, eerste lid, evenals artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al /><al>Gehoord de Marktcommissie;</al><al /><al>Overwegende: </al><al /><al>dat het wenselijk is regels te stellen voor een ordelijk verloop van de markt(en);</al><al /><al>Besluit vast te stellen de volgende verordening:</al><al /><al><nadruk type="vet">Marktverordening Groningen 2026</nadruk></al><al /><al>Het college besluit:</al><al /><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>de raad voor te stellen:</al><lijst><li><li.nr>I.</li.nr><al>de Marktverordening Groningen 2026 vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de Marktverordening Groningen 2021 en in werking te laten treden op de dag na bekendmaking;</al></li></lijst></li></lijst></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Toepassingsgebied</titel></kop><al>Deze verordening is van toepassing op door het college ingestelde reguliere warenmarkten. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Definities</titel></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende nadere regels wordt verstaan onder:</al><al /><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>Branche-indeling: de indeling in artikelgroepen en het maximaal aantal vergunninghouders per artikelgroep;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>Dagplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld, omdat deze niet als tijdelijke standplaats is toegewezen dan wel ingenomen;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>Markt: de warenmarkt die plaatsvindt op de, bij of krachtens artikel 2 van het Markreglement Groningen 2026 vastgestelde dagen, tijden en plaatsen;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>Marktmeester: de toezichthouder die als zodanig is aangewezen door het college.</al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>Marktterrein: de openbare ruimte, die bij of krachtens artikel 2 van het Marktreglement Groningen 2026 is aangewezen voor het houden van een warenmarkt;</al></li><li><li.nr>f.</li.nr><al>Marktvergunning: toestemming van het college waarmee een marktondernemer het recht krijgt om een tijdelijke standplaats, dagplaats, standwerkplaats of tijdelijke seizoensplaats in te nemen op een warenmarkt;</al></li><li><li.nr>g.</li.nr><al>Standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;</al></li><li><li.nr>h.</li.nr><al>Standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek om zich heen verzamelt en dat publiek door een aansprekende uiteenzetting probeert over te halen tot de aankoop van een artikel;</al></li><li><li.nr>i.</li.nr><al>Standwerkplaats: de standplaats die voor een bepaalde termijn aan een vergunninghouder voor een of meer seizoenen ter beschikking wordt gesteld;</al></li><li><li.nr>j.</li.nr><al>Tijdelijke seizoensplaats: de standplaats die voor een periode van maximaal 20 jaar aan de vergunninghouder voor een of meer seizoenen ter beschikking wordt gesteld;</al></li><li><li.nr>k.</li.nr><al>Tijdelijke standplaats: de standplaats die voor een periode van maximaal 20 jaar aan de vergunninghouder ter beschikking is gesteld;</al></li><li><li.nr>l.</li.nr><al>Vaste vervanger: degene aan wie door of namens het college is toegestaan om de vergunninghouder bij voortduring bij te staan of te vervangen;</al></li><li><li.nr>m.</li.nr><al>Vergunninghouder: degene aan wie door of namens het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats of een standwerkersplaats;</al></li><li><li.nr>n.</li.nr><al>Zondagsmarkt: een markt waarvoor door of namens het college vrijstelling respectievelijk ontheffing is verleend op grond van artikel 2 respectievelijk artikel 5 van de Verordening Winkeltijden Groningen;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Inrichtingsplan</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt een inrichtingsplan voor elke markt vast, met daarin in ieder geval:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>de dagen en uren waarop de markt wordt gehouden;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>een kaart van de markt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op de kaart van de markt zijn aangegeven:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>de grenzen van de markt, zoals deze worden vastgesteld in het Omgevingsplan;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>de tijdelijke standplaatsen;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>de standwerkplaatsen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>om een bijzondere reden er geen markt wordt gehouden;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>een markt incidenteel gehele of gedeeltelijk op een andere locatie wordt gehouden.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college is bevoegd nadere regels te stellen betreffende het bepaalde in deze verordening, in bijzonder met betrekking tot de volgende onderwerpen:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>branchering en brancheverdeling;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>vergunningverlening en overschrijving van vergunningen;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>toewijzen en bezetten van standplaatsen;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>afwezigheid bij ziekte, vakantie en ingeval van bijzondere omstandigheden;</al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>gebruik van eigen materiaal en huurmateriaal;</al></li><li><li.nr>f.</li.nr><al>gebruik van standplaatsen;</al></li><li><li.nr>g.</li.nr><al>veiligheidsnormen en normen ter voorkoming van hinder en overlast.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan deze bevoegdheid mandateren aan de directeur van de directie Veiligheid.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Vergunningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Vergunningplicht</titel></kop><al>Het is verboden op een markt een standplaats in te nemen zonder marktvergunning van het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Intrekking tijdelijke standplaatsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college trekt een tijdelijke standplaatsvergunning in:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij met inachtneming van het bepaalde in artikel 9 van het Marktreglement Groningen 2026 de vaste vergunning wordt overgeschreven.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien degene op wie een vergunning ingevolge het vorige lid sub b wordt overgeschreven, al een vergunning heeft voor een andere tijdelijke standplaats op dezelfde markt, wordt laatstgenoemde vergunning ingetrokken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan een tijdelijke standplaatsvergunning intrekken:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>als ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>als de vergunninghouder, degene die hem vervangt of een persoon die hem bijstaat zich op de markt schuldig heeft gemaakt aan wangedrag of bedrog of een bij of krachtens deze verordening gestelde bepaling heeft overtreden;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>als van de vergunning gedurende ten minste twee maanden geen gebruik is gemaakt;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>als de vergunninghouder niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet; of</al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>als de vergunninghouder, degene die hem vervangt of een persoon die hem bijstaat de marktmeester belemmert in het uitoefenen van zijn functie of de door of namens het college gegeven aanwijzingen niet opvolgt. </al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Straf-, overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten hoogste drie maanden en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Uitsluiting vergunninghouder dagplaats of standwerkplaats</titel></kop><al>Het college kan een vergunninghouder van een dagplaats of een standwerkplaats van de toewijzing van een dagplaats of een standwerkplaats voor maximaal drie maanden uitsluiten, indien:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>de marktmeester belemmert in het uitoefenen van zijn functie danwel de door of namens het college aangegeven aanwijzingen niet opvolgt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Onmiddellijke verwijdering</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 125 van de Gemeentewet kan het college een vergunninghouder gelasten zich onmiddellijk van de markt te verwijderen indien hij:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>zich op de markt schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>de marktmeester belemmert in het uitoefenen van zijn functie danwel de door of namens het college gegeven aanwijzingen niet opvolgt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Toezichthouders</titel></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de door het college aangewezen marktmeesters en de overige door hen aangewezen toezichthouders. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><al>Besluiten – hoe ook genaamd – die genomen zijn bij of krachtens de verordeningen, zoals bedoeld in artikel 10, eerste lid, die golden op het moment van inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Marktverordening Groningen 2026. </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--><functie>Gedaan te Groningen in de openbare raadsvergadering van 30 juni 2026.</functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>J. Spier</functie><functie>De griffier</functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>R. Kamminga</functie><functie>De voorzitter</functie></ondertekening><ondertekening><functie /></ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label /><nr /><titel>Toelichting</titel></kop><al><nadruk type="vet">Algemene toelichting op de Marktverordening</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">Schaarse vergunningen</nadruk></al><al><nadruk type="cur">Toelichting keuze vergunningsduur van 20 jaar</nadruk></al><al>De gemeente Groningen kiest ervoor om de duur van de tijdelijke marktstandplaatsvergunningen te verlengen van 15 naar 20 jaar. Deze keuze past binnen de kaders van het Europese recht inzake schaarse vergunningen, nu de vergunningsduur proportioneel is in verhouding tot de aard van de activiteit, de investeringen die van vergunninghouders worden verlangd en het gebruik van de openbare ruimte.</al><al /><al>Bij het bepalen van de vergunningsduur heeft de gemeente een belangenafweging gemaakt tussen enerzijds het zorgvuldig en transparant verdelen van schaarse standplaatsen en anderzijds het bieden van voldoende rechtszekerheid aan bestaande marktondernemers. </al><al /><al>De gemeente constateert dat marktondernemers te maken hebben met toenemende onzekerheid over de continuïteit van hun bedrijf. Deze onzekerheid raakt onder meer de mogelijkheid tot bedrijfsopvolging binnen de familie en de noodzaak om te investeren in aanpassingen die voortvloeien uit ontwikkelingen zoals de transitie naar een zero-emissie binnenstad. Dergelijke investeringen kennen een lange terugverdientijd en vergen een stabiel en voorspelbaar vergunningen regime.</al><al /><al>Met de verlenging van de vergunningsduur wordt ondernemers meer rechtszekerheid geboden, zonder dat afbreuk wordt gedaan aan bestaande voorwaarden, brancheringseisen of handhavingsmogelijkheden. De maatregel draagt daarmee bij aan een toekomstbestendige, economisch vitale en duurzame warenmarkt, in balans met het publieke belang. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikelsgewijze toelichting</nadruk></al><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 1 Toepassingsgebied</nadruk></al><al>Op grond van artikel 160, eerste lid, onder g, van de Gemeentewet kan het college jaarmarkten of gewone marktdagen instellen (en veranderen of afschaffen). Deze Marktverordening is van toepassing op dergelijke van gemeentewege ingestelde markten, voor zover het warenmarkten zijn en deze met enige regelmaat (regulier) plaatsvinden</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 2 Definities</nadruk></al><al>Er zijn vier soorten marktvergunningen, dat wil zeggen vergunningen om op de markt handel te drijven. Dat zijn de tijdelijke standplaatsvergunning, de dagplaatsvergunning, de standwerkvergunning en de seizoensvergunning. Dee vergunningen onderscheiden zich van elkaar door hun looptijd en door de vergunde activiteit. De marktvergunning vermeldt voor welke standplaats hij geldt. In het inrichtingsplan is in ieder geval opgenomen welke standplaatsen beschikbaar zijn voor houders van een tijdelijke standplaatsvergunning. Ook de standwerkplaatsen zijn opgenomen in het door het college vastgestelde inrichtingsplan. </al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 3 Inrichtingsplan</nadruk></al><al>De in dit artikel opgenomen bevoegdheden zijn niet uitwerkt, maar als aandachtspunten voor het college opgenomen. Op grond van het eerste lid, onder a, stelt het college het aantal standplaatsen op de markt vast met onder meer als doel het aantrekkelijk maken van de markt voor de consumenten.</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 4 Nadere regels</nadruk></al><al>Het college is op grond van dit artikel bevoegd nadere regels te stellen. Dit zijn algemene regels die te karakteriseren zijn als algemeen verbindende voorschriften.</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 5 Vergunningplicht</nadruk></al><al>Het is verboden om zonder marktvergunning een standplaats in te nemen. De bevoegdheid om deze vergunning te verlenen wordt toegekend aan het college. </al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 6 Intrekking tijdelijke standplaatsvergunning</nadruk></al><al>Tegen overtredingen van de in deze verordening opgenomen bepalingen, evenals tegen handelingen die de orde op de markt op enigerlei wijze kunnen verstoren, heeft een administratieve afhandeling de voorkeur. Maar er kunnen zich situaties voordoen die daarnaast om een strafrechtelijke afdoening vragen. </al><al>In het artikel worden de gronden genoemd waarop een vergunning voor een tijdelijke standplaats kan worden ingetrokken of geschorst. Het artikel heeft een facultatief karakter. Het hangt van de omstandigheden af of tot intrekking of schorsing wordt overgegaan.</al><al>Onder wan</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 7 Strafbepaling</nadruk></al><al>Ten aanzien van de in artikel 6 opgenomen strafbepaling geldt dat van overtreding strafrechtelijk gezien alleen sprake kan zijn indien de verordening een ge- of verbodsnorm (een verplichtende norm) inhoudt. </al><al>Tegen overtredingen van de in deze verordening opgenomen bepalingen, evenals tegen handelingen die de orde op de markt op enigerlei wijze kunne verstoren, verdient een bestuursrechtelijke afhandeling de voorkeur.</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 8 Uitsluiting vergunninghouder dagplaats of standwerker</nadruk></al><al>In artikel 7 is de intrekking of schorsing van een vergunning voor een dagplaats of standwerkersplaats geregeld.</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 9 Onmiddellijke verwijdering</nadruk></al><al>Artikel 125 van de Gemeentewet bevat voor het college de bevoegdheidsgrondslag om bestuursdwang toe te passen bij overtreding van de Marktverordening en de daarop gebaseerde voorschriften. In de artikelen 5:21 tot en met 5:39 van de Awb worden regels over de besluitvorming omtrent de toepassing van bestuursdwang (en dwangsom) gegeven. De in artikel 9 geregelde onmiddellijke verwijdering is een vorm van bestuursdwang waarbij de spoedeisendheid als bedoeld in artikel 5:31, tweede lid, van de Awb wordt verondersteld. Achteraf dient dan het besluit tot het toepassen van bestuursdwang op schrift te worden gesteld. Van deze bevoegdheid dient uiteraard alleen in zeer spoedeisende gevallen gebruik te worden gemaakt.</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel10 Toezichthouders</nadruk></al><al>In artikel 5:11 van de Awb wordt aangegeven dat onder toezichthouder wordt verstaan: een natuurlijke persoon , die bij of krachtens een wettelijk voorschrift is belast met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift. Een persoon die aangewezen is als toezichthouder beschikt in beginsel over alle in afdeling 5.2 van de Awb opgenomen bevoegdheden. Het ligt voor de hand de marktmeester als toezichthouder aan te wijzen.</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Artikel 11 Overgangsbepalingen</nadruk></al><al>Een overgangsregeling als hier opgenomen is noodzakelijk om de oude bestaande rechten van de vergunninghouders te eerbiedigen. Onder de ruime formulering ‘besluiten’ van het eerste lid vallen vergunningen, ontheffingen, voorschriften en beperkingen. </al></nota-toelichting></regeling></gemeenteblad></officiele-publicatie>