<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-304145/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>GEMEENTEBLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de gemeente Lochem</subtitel></kop><gemeenteblad><kop><titel>Samenwerken aan Lochem</titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al>Van idee tot uitvoering: samen denken, samen doen</al><al /><al>Participatiebeleid gemeente Lochem 2026</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label /><nr /><titel>Inleiding</titel></kop><artikel><kop><label /><nr>1.1</nr><titel>Samenwerken aan Lochem</titel></kop><al>In de gemeente Lochem vinden we het belangrijk om samen te werken aan een leefomgeving waar het goed wonen, werken en leven is. Dat doen we niet alleen als overheid, maar samen met onze inwoners, ondernemers en organisaties. </al><al>Participatie hoort bij onze manier van werken. We willen dat iedereen die dat wil, mee kan doen en invloed kan hebben op wat er in de gemeente gebeurt. Dat vraagt van ons als gemeente dat we luisteren, ruimte geven en duidelijk zijn over de keuzes die we maken.</al><al /><al>De titel van dit nieuwe beleid “Samenwerken aan Lochem” geeft dat goed weer. We doen het samen, met respect voor ieders rol. En we richten ons op wat echt verschil maakt voor gemeente Lochem en haar kernen. Niet alles kan, maar wat kan, doen we goed.</al></artikel><artikel><kop><label>1.2 Waarom dit nieuwe beleid?</label></kop><al>Als gemeente vinden we participatie belangrijk. We willen dat inwoners, ondernemers en organisaties weten hoe ze kunnen meedenken en meedoen bij plannen en besluiten die de samenleving raken. Met dit participatiebeleid maken we onze visie en werkwijze duidelijk. Zo weet iedereen wat ze van ons kunnen verwachten – en wat we van elkaar mogen vragen.</al><al /><al>Dit beleid is een herziening van Participatie in Lochem – Meedenken, meepraten, meedoen (2023). De samenleving verandert, participatie ontwikkelt zich verder en ook inwoners verwachten meer duidelijkheid over hun rol, hun invloed en de manier waarop hun inbreng wordt meegewogen en teruggekoppeld.</al><al /><al>Met dit vernieuwde beleid leggen we vast hoe we participatie in onze gemeente verder versterken: wat we onder participatie verstaan, wat we willen bereiken, hoe we het aanpakken, wie welke rol heeft en hoe we dit borgen in onze organisatie.</al><al /><al>De regels van de overheid, zoals de Omgevingswet en de Wet versterking participatie, vormen de basis voor dit beleid. Deze wetten vragen gemeenten om duidelijk te laten zien hoe inwoners kunnen meedenken over beleid en besluiten. Ze vragen ook om te laten zien hoe zij helpen bij hun eigen initiatieven. De procedurele kaders over participatie uit dit beleid leggen we vast in een participatieverordening. </al><al /><al>Met dit beleid leggen we de basis voor duidelijke en actuele kaders voor de participatie die we als gemeente zelf organiseren.</al></artikel><artikel><kop><label>1.3 Hoe het beleid tot stand kwam</label></kop><al>Bij het opstellen van dit beleid hebben we gebruikgemaakt van input uit verschillende hoeken. De uitkomsten van het burgerpanel Lochem Spreekt geven inzicht in hoe onze inwoners over participatie denken. Binnen de organisatie is meegedacht door collega’s uit verschillende domeinen en het managementteam. Daarnaast voerden we gesprekken met het college van burgemeester en wethouders, de gemeenteraad, drie inwoners die eerder een burgerinitiatief over participatie indienden en een groep jongeren. Zo bouwen we voort op wat goed werkt in de gemeente Lochem en versterken we wat beter kan.</al></artikel><artikel><kop><label>1.4 Waar gaat dit beleid over?</label></kop><al>Dit participatiebeleid beschrijft het handelen van de gemeente bij:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>participeren over gemeentelijk beleid, plannen en projecten;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>faciliteren van inwonersinitiatieven.</al></li></lijst><al /><al>Het beleid geeft richting aan de visie op en omschrijft de werkwijze van de gemeente bij participatie. Het is opgesteld op grond van de Omgevingswet (voor gemeentelijke initiatieven) en de Wet versterking participatie op decentraal niveau (voor gefaciliteerde inwonersinitiatieven).</al><al>Het beleid is niet van toepassing op: </al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Bouwinitiatieven van derden</nadruk></al></li></lijst><al>Dit participatiebeleid is niet van toepassing op bouw- en ontwikkelplannen van initiatiefnemers (zoals projectontwikkelaars, bedrijven of particulieren). </al><al /><al>Participatie bij deze initiatieven maakt onderdeel uit van het aanvraagvereiste participatie bij vergunningverlening. De initiatiefnemer is daarbij zelf verantwoordelijk voor de wijze waarop de omgeving bij het plan wordt betrokken. Voor hen is participatie vormvrij. Dat volgt uit de Omgevingswet. Daarom is dit participatiebeleid niet hierop van toepassing.</al><al /><al>De gemeente beoordeelt de aangeleverde participatie aan de hand van beleidsregels aanvraagvereiste participatie. Ter ondersteuning van initiatiefnemers is de handreiking</al><al>“Samen buurt maken” opgesteld. Deze handreiking beschrijft hoe initiatiefnemers invulling kunnen geven aan participatie bij hun plannen.</al><al /><al>De beleidsregels en de handreiking vormen samen het kader voor participatie bij initiatieven van derden en maken geen onderdeel uit van dit participatiebeleid.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Participatie in de zin van de Participatiewet</nadruk></al></li></lijst><al>Dit beleid heeft geen betrekking op participatie gericht op werk, inkomen en re-integratie. Deze vorm van participatie valt onder de Participatiewet en kent een eigen wettelijk kader, doelen en doelgroep.</al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colwidth="15*" /><colspec colname="col2" colwidth="25*" /><colspec colname="col3" colwidth="26*" /><colspec colname="col4" colwidth="25*" /><tbody><row><entry colname="col1"><al /></entry><entry colname="col2"><al><nadruk type="vet">Gemeentelijke initiatieven</nadruk></al></entry><entry colname="col3"><al><nadruk type="vet">Inwonersinitiatieven (gefaciliteerd)</nadruk></al></entry><entry colname="col4"><al><nadruk type="vet">Bouwinitiatieven van derden</nadruk></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><nadruk type="vet">Omschrijving</nadruk></al></entry><entry colname="col2"><al>Beleid, plannen en projecten van de gemeente</al></entry><entry colname="col3"><al>Initiatieven van inwoners waarbij de gemeente faciliteert</al></entry><entry colname="col4"><al>Initiatieven van ontwikkelaars, bedrijven of burgers waarvoor een omgevingsvergunning nodig is.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><nadruk type="vet">Kaders voor de participatie</nadruk></al></entry><entry colname="col2"><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Participatiebeleid</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Participatieverordening (procedurele kaders)</al></li></lijst></entry><entry colname="col3"><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Participatiebeleid</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Participatieverordening</al></li></lijst></entry><entry colname="col4"><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Beleidsregels voor aanvraagvereiste</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Handreiking “Samen buurt maken”</al></li></lijst></entry></row><row><entry colname="col1"><al><nadruk type="vet">Wettelijke grondslag</nadruk></al></entry><entry colname="col2"><al>Omgevingswet en Wet versterking participatie op decentraal niveau</al></entry><entry colname="col3"><al>Wet versterking participatie op decentraal niveau</al></entry><entry colname="col4"><al>Aanvraagvereiste participatie uit de Omgevingswet</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><nadruk type="vet">Rol van de gemeente</nadruk></al></entry><entry colname="col2"><al>Ontwerpt en organiseert de participatie</al></entry><entry colname="col3"><al>Faciliteert het initiatief.</al></entry><entry colname="col4"><al>Beoordeelt participatie bij vergunningaanvraag</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><nadruk type="vet">Voorbeelden</nadruk></al></entry><entry colname="col2"><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Omgevingsplan centrum</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Woonzorgvisie</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Integraal huisvestingsplan</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Cultuurnota</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Herinrichting openbare ruimte</al></li></lijst></entry><entry colname="col3"><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Buurtmoestuin </al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Groenadoptie </al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Collectief duurzaamheidsinitiatief</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Buurtfestival</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Buurtontmoetingsplek of wijkkamer</al></li></lijst><al /></entry><entry colname="col4"><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Bouwen van een appartementengebouw</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Uitbreiding supermarkt</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Verbouwing woning</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Huisvesting arbeidsmigranten</al></li></lijst><al /></entry></row></tbody></tgroup></table><al><nadruk type="cur">Overzicht van participatie bij verschillende typen initiatieven</nadruk></al></artikel><artikel><kop><label>1.5 Hoe passen we dit beleid toe?</label></kop><al>Dit beleid beschrijft hoe we als gemeente participatie organiseren: met welke uitgangspunten, rollen en werkwijze we samenwerken met inwoners, ondernemers en organisaties. We maken daarbij gebruik van de Relevant Gesprek®-methodiek. Deze methodiek helpt ons om gesprekken duidelijk en respectvol te voeren. We luisteren goed, verkennen belangen en laten zien welke ruimte er is voor invloed. </al><al /><al>Binnen die vaste werkwijze is ruimte voor maatwerk. </al><al>Elk participatieproces is anders en vraagt om keuzes die passen bij het onderwerp, de betrokken partijen en de lokale situatie. Daarom wordt het ontwerp van het participatieproces (en de uitvoering daarvan) per vraagstuk uitgewerkt in een participatieaanpak. </al><al>Daarmee leggen we de kaders voor elk proces duidelijk vast en kunnen we vooraf verwachtingen managen.</al><al /><al>De invulling van het proces blijft altijd maatwerk: werkvormen, participatieniveau en manier van communiceren stemmen we af op de aard van de opgave, het doel van de participatie, de doelgroep en de lokale dynamiek.</al><al>We leggen dus geen vaste vormen of niveaus van participatie vooraf vast, maar werken met één herkenbare werkwijze die flexibel kan worden toegepast op elk vraagstuk.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>2. Wat we bedoelen met participatie</label></kop><artikel><kop><label>2.1</label><titel>Wat is participatie?</titel></kop><al>Voordat we een stappenplan en spelregels uitleggen is het belangrijk om te beschrijven wat we onder participatie verstaan. In dit beleid gebruiken we één brede definitie die past bij alle situaties waarin gemeente en samenleving samenwerken. </al><al /><al><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">“Participatie betekent dat inwoners, ondernemers, organisaties en de gemeente zo vroeg mogelijk en op een passende manier samenwerken aan de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van plannen, projecten of beleid van de gemeente.”</nadruk></nadruk></al><al>Dit kan gaan om meedenken, meepraten, meedoen, meebeslissen of ruimte maken voor initiatieven uit de samenleving.</al><al /><al>Inwoners, ondernemers en organisaties en andere belanghebbenden noemen we de betrokkenen in participatie. </al><al /><al>Betrokkenen willen steeds vaker samenwerken met de gemeente. Participatie is daarom wederkerig: het vraagt inzet van beide kanten. Het is meer dan alleen informeren. Betrokkenen kunnen pas meedoen als ze weten waar het over gaat, wat er speelt en wat hun invloed is. Daarom zorgen we altijd eerst voor duidelijke en begrijpelijke informatie. Dat is onderdeel van elk participatieproces.</al></artikel><artikel><kop><label>2.2 Inwonerparticipatie en overheidsparticipatie</label></kop><al>Participatie werkt twee kanten op: van gemeente naar samenleving (inwonerparticipatie) en van samenleving naar gemeente (overheidsparticipatie). Het verschil ligt vooral in wie participeert en waarom. </al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Inwonerparticipatie:</nadruk></al></li></lijst><al>De gemeente is initiatiefnemer. Inwoners, ondernemers en organisaties worden vroegtijdig betrokken bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid, plannen en projecten van de gemeente. Zij denken mee, adviseren, beslissen mee of zijn mede-uitvoerder over wat er in hun leefomgeving gebeurt.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Overheidsparticipatie:</nadruk></al></li></lijst><al>Het initiatief ligt bij de samenleving. Dat kan een inwoner, een groep inwoners, een ondernemer, een vereniging of een maatschappelijke organisatie zijn. Zij hebben een idee of plan voor hun dorp of buurt. (Bouwplannen vallen hier niet onder.) De gemeente denkt mee en faciliteert waar dat nodig is. Soms doen we mee als partner, maar het initiatief blijft bij de samenleving. We helpen door kaders te verduidelijken, partijen te verbinden en belemmeringen weg te nemen waar dat kan.</al><al>In beide gevallen geldt hetzelfde uitgangspunt: we doen het samen, met respect voor elkaars rol.</al></artikel><artikel><kop><label>2.3 Waarom is participatie belangrijk?</label></kop><al>Participatie is geen doel op zich, maar een middel om samen tot betere besluiten te komen voor beleid en projecten en initiatieven te versterken voor overheidsparticipatie. We willen dat inwoners zich gehoord en serieus genomen voelen, ook als niet alle wensen kunnen worden overgenomen.</al><al><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">2.3.1</nadruk></nadruk><nadruk type="vet"><nadruk type="cur" /></nadruk><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">Waarom inwonerparticipatie belangrijk is</nadruk></nadruk></al><al>Goede inwonerparticipatie versterkt de kwaliteit van ons beleid en onze besluiten. Door kennis en ervaring uit de samenleving te benutten, sluiten onze plannen beter aan bij de mensen om wie het gaat: onze inwoners, ondernemers en organisaties. We vinden het belangrijk dat mensen met verschillende achtergronden, mogelijkheden en perspectieven worden betrokken. </al><al /><al>Met goede inwonerparticipatie:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Benutten we de kennis en ervaring uit de samenleving:</nadruk></al></li></lijst><al>Inwoners kennen hun omgeving het beste. Zij weten wat er speelt in hun dorp, straat of netwerk. Daar hoort ook ervaringsdeskundigheid van mensen met een beperking bij. Hun kennis, ervaring en ideeën helpen ons om plannen te maken die voor iedereen bruikbaar en toegankelijk zijn.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Vergroten we het begrip voor verschillende belangen:</nadruk></al></li></lijst><al>Door met elkaar in gesprek te gaan, zien we beter hoe een vraagstuk vanuit verschillende kanten wordt beleefd. Dat helpt om keuzes goed uit te leggen.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Verbeteren we de kwaliteit van beleid en besluiten:</nadruk></al></li></lijst><al>Door ideeën, argumenten en ervaringen te delen, komen we tot plannen die beter aansluiten op de samenleving en die uitvoerbaar en beter onderbouwd zijn. Daarbij staat aandacht en zorg voor de eindgebruiker centraal: de mensen voor wie we het doen en die in de praktijk met de resultaten te maken krijgen.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Werken we aan het vertrouwen tussen inwoners en gemeente:</nadruk></al></li></lijst><al>Aandacht, duidelijke afspraken en heldere terugkoppeling laten zien dat inbreng ertoe doet. Dat vergroot het wederzijds begrip.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Bouwen we aan een sterke lokale democratie waarin iedereen kan meedoen:</nadruk></al></li></lijst><al>Samen werken aan de gemeente Lochem betekent dat inwoners invloed hebben, bestuurders luisteren en besluiten goed worden uitgelegd.</al><al /><al>Zo zorgen we ervoor dat participatie geen vinkje is, maar een vonkje: iets wat energie geeft, verbindt en bijdraagt aan een leefomgeving waarin het goed wonen, werken en samenleven is.</al><al><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">2.3.2</nadruk></nadruk><nadruk type="vet"><nadruk type="cur">Waarom overheidsparticipatie belangrijk is</nadruk></nadruk></al><al>Goede overheidsparticipatie vergroot het eigenaarschap, het naoberschap en de betrokkenheid in de samenleving. De gemeente faciliteert initiatieven van inwoners, organisatie en ondernemers die bijdragen aan een sterke en leefbare omgeving.</al><al /><al>Met goede overheidsparticipatie:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Versterken we eigenaarschap in de samenleving:</al></li></lijst><al>We versterken eigenaarschap in de samenleving door initiatieven van inwoners mogelijk te maken. De gemeente ondersteunt en faciliteert, maar de uitvoering ligt bij de initiatiefnemers zelf.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Vergroten we de maatschappelijke meerwaarde:</al></li></lijst><al>Initiatieven helpen om het beleid uit te voeren. Ze maken de buurt leefbaar en duurzaam en zorgen dat mensen zich verbonden voelen.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Stimuleren we samenwerking en naoberschap:</al></li></lijst><al>Door initiatieven te steunen die gericht zijn op de leefomgeving versterken we de onderlinge verbinding en dragen we bij aan een hechtere buurt. </al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Zetten we kennis en creativiteit van inwoners in:</al></li></lijst><al>Ideeën uit de samenleving kunnen leiden tot vernieuwende oplossingen en uitvoerbaar beleid.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Werken we als overheid faciliterend en uitnodigend:</al></li></lijst><al>We luisteren, denken mee en maken initiatieven mogelijk binnen de kaders die er zijn.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>3. Waar we voor staan</label></kop><artikel><kop><label>3.1</label><titel>Onze visie</titel></kop><al>We zien participatie als een manier om goed samen met betrokkenen te werken aan onze leefomgeving. Onze visie is dat inwoners, ondernemers en organisaties kunnen meepraten over onderwerpen die voor hen belangrijk zijn. We willen dat iedereen zich serieus genomen voelt en merkt dat hun bijdrage helpt om plannen beter te maken.</al><al /><al>Daarvoor is een manier van werken nodig die eerlijk, open en duidelijk is. We luisteren naar verschillende standpunten, leggen keuzes uit en laten zien hoe we tot besluiten komen. We gaan respectvol met elkaar om en gaan uit van vertrouwen.</al><al /><al>In onze visie hoort participatie bij goed bestuur: we betrekken mensen op een passende manier, maken rollen duidelijk en houden rekening met wat een vraagstuk nodig heeft. Zo zorgen we voor gesprekken die inhoudelijk sterk zijn en bijdragen aan oplossingen waar veel mensen zich in kunnen vinden.</al><al /><al>Dit is het vertrekpunt voor hoe we met participatie omgaan, zowel bij plannen van de gemeente als bij ideeën uit de samenleving.</al></artikel><artikel><kop><label>3.2 Onze waarden</label></kop><al>Bij de visie past een aantal belangrijke waarden die typerend zijn voor hoe we met participatie omgaan.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Serieus nemen. </nadruk></al></li></lijst><al>We luisteren goed naar inwoners, ondernemers en organisaties. Mensen moeten merken dat hun bijdrage ertoe doet, ook als we niet alles kunnen overnemen. We staan open voor nieuwe inzichten en leren van andere perspectieven.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Toegankelijk en inclusief.</nadruk></al></li></lijst><al>We willen dat participatie begrijpelijk, laagdrempelig en toegankelijk is voor iedereen. We betrekken zoveel mogelijk belanghebbenden en doen (indien dat relevant is voor de participatievraag) extra moeite voor mensen die niet vanzelf aansluiten. Zo horen we verschillende stemmen en benutten we de ervaring en kennis in de samenleving.</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Duidelijk en helder communiceren.</nadruk></al></li></lijst><al>We zijn helder over wat kan en wat niet kan. We leggen vooraf uit welke participatievraag we beantwoord willen hebben, welke keuzes al vaststaan en waar nog ruimte is voor invloed. We geven tijdens het hele proces terugkoppeling, zodat iedereen weet waar hij of zij aan toe is.</al></artikel><artikel><kop><label>3.3 Onze uitgangspunten</label></kop><al>We gebruiken een aantal uitgangspunten voor hoe we inwoners betrekken. Deze zijn afgeleid uit onze waarden en visie.</al><al><nadruk type="cur">3.3.1</nadruk><nadruk type="cur">Uitgangspunten bij inwonerparticipatie</nadruk></al><al /><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al><nadruk type="vet">Elk vraagstuk is maatwerk.</nadruk></al></li></lijst><al>Elk vraagstuk is anders, dus elk proces vraagt om maatwerk. Aan de hand van een vast stappenplan kijken we bij elk vraagstuk hoe we het gaan aanpakken. Een aanpak die past bij de impact van het onderwerp, de omgeving en de betrokken mensen. Dit doen we vooraf, zodat het voor iedereen duidelijk is. </al><al /><lijst><li><li.nr>2.</li.nr><al><nadruk type="vet">Elk proces is transparant, zorgvuldig en zo vroeg mogelijk.</nadruk></al></li></lijst><al>We betrekken inwoners zo vroeg mogelijk, zodat hun inbreng mee kan wegen in de voorbereiding van beleid, plannen en besluiten. We leggen uit hoe belangen zijn afgewogen, hoe besluiten tot stand komen en wat er met de inbreng is gedaan. De terugkoppeling doen we tijdens het proces en aan het eind bij de besluitvorming. </al><al /><lijst><li><li.nr>3.</li.nr><al><nadruk type="vet">We geven alleen invloed als er invloed is.</nadruk></al></li></lijst><al>Participatie hoeft niet bij elk vraagstuk. We bepalen per situatie of participatie passend is. Als er geen ruimte is voor invloed, zeggen we dat eerlijk en kiezen we voor informeren. Hiervoor gebruiken we een afwegingskader, zodat onze keuzes zorgvuldig en begrijpelijk zijn.</al><al /><lijst><li><li.nr>4.</li.nr><al><nadruk type="vet">Iedereen de kans geven om mee te doen.</nadruk></al></li></lijst><al>We zorgen dat participatie toegankelijk, inclusief en begrijpelijk is. Niet iedereen hoeft overal bij betrokken te zijn, maar iedereen moet de kans krijgen om mee te doen wanneer het relevant is. We bieden informatie op verschillende manieren aan en doen extra moeite om mensen te bereiken die niet vanzelf meedoen.</al><al /><lijst><li><li.nr>5.</li.nr><al><nadruk type="vet">We nemen verantwoordelijkheid voor onze rol.</nadruk></al></li></lijst><al>We bewaken dat we de verantwoordelijkheid daar laten waar het hoort. Gemeente, inwoners en initiatiefnemers hebben ieder hun eigen verantwoordelijkheid. We spreken die uit, maken afspraken hierover en komen die na.</al><al /><lijst><li><li.nr>6.</li.nr><al><nadruk type="vet">We leren van ervaring.</nadruk></al></li></lijst><al>We blijven nieuwsgierig en luisteren goed naar elkaar. Dat kan niet iedereen even goed. Daarom blijven we leren, gaan we oefenen met vaardigheden en leren hoe we inwoners betrekken. Na afloop van een participatieproces staan we stil bij wat goed ging en wat beter kan, waardoor we steeds beter worden en participatie verder versterken.</al><al><nadruk type="cur">3.3.2</nadruk><nadruk type="cur">Uitgangspunten bij overheidsparticipatie</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al><nadruk type="vet">We zijn goed vindbaar voor ideeën uit de samenleving.</nadruk></al></li></lijst><al>We willen dat inwoners, organisaties en ondernemers makkelijk hun weg naar de gemeente kunnen vinden met ideeën en initiatieven. Hiervoor hebben we de ideeënmakelaars: zij zijn het vaste aanspreekpunt, denken mee en helpen initiatiefnemers verder binnen de juiste kaders.</al><al /><lijst><li><li.nr>2.</li.nr><al><nadruk type="vet">We bieden maatwerk bij initiatieven uit de samenleving.</nadruk></al></li></lijst><al>We kijken per initiatief wat nodig en mogelijk is. Soms betekent dat dat we actief faciliteren of meedenken, maar soms ook dat we niets doen. We zijn daar altijd duidelijk over. Zo weten initiatiefnemers waar ze aan toe zijn en wat ze van de gemeente kunnen verwachten.</al><al /><lijst><li><li.nr>3.</li.nr><al><nadruk type="vet">We werken vanuit vertrouwen binnen duidelijke kaders.</nadruk></al></li></lijst><al>We waarderen maatschappelijke initiatieven en denken mee over wat mogelijk is. We gaan in gesprek over wat kan binnen de bestaande kaders. Zo bieden we ruimte aan initiatief en geven duidelijkheid over grenzen.</al><al /><lijst><li><li.nr>4.</li.nr><al><nadruk type="vet">Maatschappelijke meerwaarde staat centraal.</nadruk></al></li></lijst><al>We willen de gemeente mooier en beter maken voor iedereen en doen wat goed is voor de gemeenschap. Dat noemen we maatschappelijke meerwaarde. Initiatieven moeten daarom iets betekenen voor de samenleving en niet alleen voor één persoon. Soms gaat het om een kleinere groep, maar is de waarde toch groot omdat het bijdraagt aan gelijke kansen en toegankelijkheid. Initiatieven moeten helpen om de doelen van de gemeente te bereiken. Ook moeten ze goed zijn voor de leefbaarheid, duurzaamheid of het contact tussen mensen in de gemeente Lochem. Zo versterken we samen de kwaliteit van onze leefomgeving.</al><al /><lijst><li><li.nr>5.</li.nr><al><nadruk type="vet">We maken rollen en verwachtingen duidelijk.</nadruk></al></li></lijst><al>Het initiatief blijft eigendom van de initiatiefnemers. De gemeente neemt de regie niet over, maar faciliteert waar nodig. We zijn duidelijk over wat initiatiefnemers zelf doen en wat de gemeente wel of niet kan bieden bij het faciliteren van initiatieven. Dat helpt om wederzijdse verwachtingen goed af te stemmen.</al></artikel><artikel><kop><label>3.4 Onze ambitie voor de komende jaren</label></kop><al>We willen dat participatie een normaal onderdeel wordt van hoe we werken. Een gemeente waar inwoners zich gehoord voelen en waar ruimte is voor initiatieven uit de samenleving.</al><al /><al>De komende jaren werken we aan een sterke basis. Dat betekent dat participatie goed terugkomt in ons beleid, onze processen en onze projecten. Medewerkers, bestuur en raad krijgen de kennis en middelen die nodig zijn om hun rol bij participatie goed uit te voeren.</al><al /><al>Als deze basis staat groeien we verder naar een organisatie die leert, samenwerkt en werkt volgens de bedoeling: doen wat helpt om inwoners verder te brengen, in plaats van alleen de regels volgen.</al><al /><al>De komende jaren richten we ons op:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Een stevige basis in de organisatie: participatie is onderdeel van beleid, werkprocessen en projectaanpakken.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Duidelijke afspraken en hulpmiddelen: iedereen weet hoe we participatie aanpakken en welke keuzes we maken.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Kennis en vaardigheden: medewerkers, bestuur en raad krijgen trainingen en ondersteuning.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Samenhang: beleid, verordening en praktijk sluiten goed op elkaar aan met dezelfde taal en uitgangspunten.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Leren en verbeteren: we kijken terug op wat goed ging en wat beter kan. Zo leren we van onze ervaringen om steeds beter samen te werken met de samenleving.</al></li></lijst><al /><al>Als deze basis goed werkt, kunnen we verder groeien.</al><al /><al>Er ontstaat er meer ruimte voor samen bedenken, samen maken en soms ook samen beslissen. Initiatieven uit de samenleving krijgen ruimte. We durven nieuwe vormen van participatie te gebruiken en denken vanuit “ja, mits”. Zo bouwen we stap voor stap aan een duurzame participatiecultuur: stevig in de basis, en open en vernieuwend in de toekomst.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>4. Onze werkwijze voor inwonerparticipatie</label></kop><artikel><kop><label>4.1</label><titel>Stap 1: Afwegen wel of geen participatie?</titel></kop><al>Een goed participatieproces begint met de vraag óf participatie aan de orde is en wat het kan bijdragen aan het vraagstuk. Participatie vraagt inzet van zowel de gemeente als betrokken inwoners of organisaties. Daarom maken we vooraf een bewuste keuze: heeft participatie meerwaarde, en zo ja, waarover, met wie en op welke manier?</al><al /><al>We willen betrokkenen zo vroeg mogelijk betrekken. Vroegtijdige participatie zorgt ervoor dat inbreng kan worden meegewogen voordat keuzes zijn vastgelegd. Daarom maken we deze afweging aan het begin van elk project of beleidstraject.</al><al /><al>Niet ieder vraagstuk leent zich voor participatie. Soms is er geen ruimte voor invloed, bijvoorbeeld bij wettelijke besluiten of spoedeisende situaties. Toch is het belangrijk dat we kunnen uitleggen waarom we wél of niet participeren. Dat maakt onze werkwijze transparant en voorkomt onduidelijkheid achteraf. Participatie wordt bewust ingezet en afgewogen. Zo voorkomen we schijnparticipatie en zetten we participatie in waar het verschil maakt.</al><al /><al>De afweging wel of geen participatie gaat over:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Relevantie: is er echt iets te bespreken met de samenleving?</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Ruimte: is er ruimte om inbreng te laten meewegen?</al></li></lijst><al /><al>Het resultaat van deze stap is een gemotiveerde keuze die wordt afgestemd met de participatie-adviseur en/of vastgelegd in de projectopdracht of college- of raadsvoorstel. Daarin wordt kort toegelicht of participatie wordt toegepast, op welke onderdelen ruimte is voor invloed en hoe betrokkenen hierover worden geïnformeerd.</al><al /><al>Door participatie bewust af te wegen en te onderbouwen, werken we zorgvuldig, transparant en met realistische verwachtingen.</al><al><nadruk type="cur">In de <nadruk type="vet">Werkwijzer participatie Lochem in de praktijk</nadruk> is de checklist “Afwegen wel of geen participatie” beschikbaar als hulpmiddel om deze afweging vroegtijdig en zorgvuldig te maken.</nadruk></al></artikel><artikel><kop><label>4.2 Stap 2: ontwerpen van de participatieaanpak</label></kop><al>Na de keuze om participatie toe te passen, ontwerpen we een aanpak die past bij het vraagstuk, de fase van het project en de beschikbare ruimte voor invloed. Een goede aanpak helpt om verwachtingen helder te houden en zorgt dat het gesprek met de omgeving bijdraagt aan een beter besluit.</al><al>Bij het ontwerpen van de aanpak letten we op vier onderwerpen:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al><nadruk type="vet">Doel – waarom participatie?</nadruk></al></li></lijst><al>Wat is het vraagstuk of de opdracht? Waarom willen we belanghebbenden betrekken? Is dat omdat we ervaringen en kennis uit de omgeving willen gebruiken? Of omdat we keuzes willen onderbouwen zodat het bevoegd gezag een zorgvuldig afgewogen besluit kan nemen? Oftewel, wat willen we bereiken met de participatie en wat is de meerwaarde ervan? Gebruik eventueel de participatiedoelen in hoofdstuk 2.3 en de Lochemse participatieladder in de bijlage.</al><lijst><li><li.nr>2.</li.nr><al><nadruk type="vet">Onderwerp – waarover gaat de participatie?</nadruk></al></li></lijst><al>We maken duidelijk waar de participatie over gaat, welke keuzes nog openstaan en welke kaders (procesmatig en inhoudelijk) vastliggen. Oftewel: waarover mogen deelnemers participeren? Wat is de vraag of zijn de vragen die je aan het eind van het participatieproces beantwoord wilt hebben? </al><lijst><li><li.nr>3.</li.nr><al><nadruk type="vet">Publiek en afzender – met wie is de participatie?</nadruk></al></li></lijst><al>We brengen in beeld wie geraakt worden door het onderwerp (publieksgroepen: bewoners, ondernemers, belangengroepen, ketenpartners, bestuur en collega’s), wat hun belang en rol is en welke betrokkenheid ze hebben. </al><lijst><li><li.nr>4.</li.nr><al><nadruk type="vet">Participatievorm – hoe ziet de participatie eruit?</nadruk></al></li></lijst><al>We kiezen een passende werkvorm of participatiemiddel, afgestemd op het doel van de participatie, de deelnemers en het moment in het proces. De vorm die we kiezen is zo laagdrempelig en toegankelijk mogelijk. Dat kan fysiek zijn (in de wijk of buurt), maar ook online met behulp van digitale participatietools. </al><al /><al>Door uitgebreid stil te staan bij deze vier vragen ontstaat een aanpak die doelgericht, realistisch en transparant is en die recht doet aan de inbreng van betrokkenen. Zo zorgen we dat participatie zorgvuldig wordt uitgevoerd, dat verwachtingen helder zijn en dat iedereen dezelfde koers vaart.</al><al /><al>Op basis van de antwoorden in deze stap maken we een participatieaanpak. Daarin staat per projectfase:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Het doel van de participatie;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>De onderwerpen waarvoor ruimte voor invloed is (de participatievraag);</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Wie we gaan betrekken en welke rol/invloed er voor hen is;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Hoe de participatie georganiseerd wordt;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>De organisatie en communicatie (waaronder planning, kaders, manier van terugkoppeling van de opgehaalde resultaten).</al></li></lijst><al /><al>De uitkomst van deze stap is een participatieplan. Daarin staat beschreven waarom, met wie, wanneer en op welke manier participatie plaatsvindt. De aanpak is onderdeel van het projectplan of beleidsvoorstel en wordt besproken met en/of vastgesteld. Dat kan door het bestuur zijn, of de ambtelijk opdrachtgever of stuurgroep, afhankelijk van wie het besluit neemt.</al><al><nadruk type="cur">In de <nadruk type="vet">Werkwijzer participatie Lochem in de praktijk</nadruk> is een overzicht met praktische vragen opgenomen die helpen bij het ontwerpen van de participatieaanpak. </nadruk></al></artikel><artikel><kop><label>4.3 Stap 3: uitvoeren van de participatie</label></kop><al>Met het afronden van stap 2 zijn we klaar voor het ‘echte’ werk: de uitvoering van de participatie: het organiseren van de participatie met de samenleving. In deze stap halen we ideeën, zorgen en belangen op en werken we samen aan oplossingen of inzichten die bijdragen aan een beter besluit.</al><al /><al>Een goede uitvoering vraagt om aandacht, flexibiliteit en duidelijke communicatie. We houden vast aan de uitgangspunten uit hoofdstuk 3: serieus nemen, duidelijk zijn en iedereen voor wie het relevant is, kan meedoen. De uitvoering vraagt om een zorgvuldige voorbereiding en een goed ingerichte organisatie.</al><al>We onderscheiden vijf onderdelen:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al><nadruk type="vet">Voorbereiding en goedkeuring</nadruk></al></li></lijst><al>Na afstemming van de participatieaanpak met de participatie-adviseur, opdrachtgever en/of bestuur zorgen we voor een activiteitenoverzicht en planning met duidelijke taken, inzet en middelen.</al><lijst><li><li.nr>2.</li.nr><al><nadruk type="vet">Inrichten van organisatie en communicatie</nadruk></al></li></lijst><al>We richten voor het participatieproces een organisatie in met een projectleider/inhoudelijk verantwoordelijke, een communicatie- en participatieadviseur en zo nodig vakinhoudelijke adviseurs. Met de communicatiestrategie zorgen we ervoor dat duidelijk is wanneer en welke communicatiekanalen en -middelen worden ingezet. Zorg ook voor een overzicht van adressen voor mailings en benoem een aanspreekpunt voor de deelnemers.</al><lijst><li><li.nr>3.</li.nr><al><nadruk type="vet">Participatiegesprekken organiseren</nadruk></al></li></lijst><al>We bereiden de bijeenkomsten of gespreksrondes zorgvuldig voor. Dat omvat het ontwerpen van een programma van de bijeenkomsten (een draaiboek), het schrijven en versturen van uitnodigingen, het kiezen en uitwerken van de werkvormen en zorgen voor verslaglegging. Ook de interne voorbereiding met collega’s die meedoen aan de bijeenkomst is belangrijk. Wat kunnen zij verwachten, wat is hun rol? We zorgen voor goede begeleiding en een open, veilige sfeer.</al><lijst><li><li.nr>4.</li.nr><al><nadruk type="vet">Opbrengsten duiden en terugkoppelen</nadruk></al></li></lijst><al>We verzamelen en analyseren alle input uit de participatie en bespreken de resultaten met de intern betrokkenen. De opbrengsten uit de participatie worden vertaald naar het tussenproduct of het eindresultaat. We koppelen terug aan de deelnemers wat met hun inbreng is gedaan en welke vervolgstappen volgen. </al><lijst><li><li.nr>5.</li.nr><al><nadruk type="vet">Opleveren resultaat en opstellen participatieverslag</nadruk></al></li></lijst><al>We verwerken de uitkomsten van de participatie in het eindproduct en leveren dit op voor besluitvorming. De opbrengsten en het verloop van het proces leggen we vast in een participatieverslag. Hierin beschrijven we hoe participatie is uitgevoerd, wie heeft deelgenomen, wat de belangrijkste opbrengsten zijn en hoe deze zijn meegewogen in het uiteindelijke besluit of ontwerp. Het participatieverslag vormt de basis voor de bestuurlijke verantwoording en wordt toegevoegd aan het college- of raadsvoorstel.</al><al /><al>Het resultaat van deze stap is een zorgvuldig uitgevoerd en afgerond participatieproces, waarin inwoners en organisaties daadwerkelijk invloed hebben kunnen uitoefenen.</al><al /><al><nadruk type="cur">In de <nadruk type="vet">Werkwijzer participatie Lochem in de praktijk</nadruk> zijn vragen en aandachtspunten opgenomen voor het uitvoeren van participatie. Formats voor een draaiboek en een participatieverslag zijn beschikbaar via Intranet.</nadruk></al></artikel><artikel><kop><label>4.4 Stap 4: verantwoorden en evalueren</label></kop><al>Bij de afronding van het participatieproces verantwoorden we wat we hebben gedaan en wat het heeft opgeleverd. We laten zien hoe de inbreng van betrokkenen is meegewogen in de besluitvorming en welke leerpunten we meenemen naar volgende processen.</al><al>We onderscheiden drie onderdelen:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al><nadruk type="vet">Verantwoorden van het proces</nadruk></al></li></lijst><al>We gebruiken het participatieverslag als basis voor de bestuurlijke verantwoording. In dit verslag staat hoe het participatieproces is uitgevoerd, wie betrokken waren, wat de opbrengsten zijn en hoe deze zijn meegenomen in het besluit of ontwerp.</al><al>Het verslag wordt als bijlage toegevoegd aan het college- of raadsvoorstel, zodat bestuur en de samenleving kunnen zien hoe participatie heeft bijgedragen aan het eindresultaat.</al><lijst><li><li.nr>2.</li.nr><al><nadruk type="vet">Besluitvorming en communicatie</nadruk></al></li></lijst><al>We zorgen dat de besluitvormende organen beschikken over een volledig en zorgvuldig onderbouwd voorstel, inclusief het participatieverslag. Na besluitvorming informeren we de deelnemers over de uitkomst, de gemaakte keuzes en het vervolg van het proces. Zo sluiten we de participatie transparant af.</al><lijst><li><li.nr>3.</li.nr><al><nadruk type="vet">Evalueren en leren</nadruk></al></li></lijst><al>We evalueren het proces intern en, waar mogelijk, ook met de betrokkenen. We bespreken wat goed werkte, wat beter kan en hoe we de leerpunten benutten in toekomstige projecten of beleid. Daarmee versterken we onze werkwijze en bouwen we verder aan een organisatie waarin participatie vanzelfsprekend onderdeel is van het dagelijks werk.</al><al /><al>Het resultaat van deze stap is een transparante verantwoording van het participatieproces en een gedeelde evaluatie die bijdraagt aan leren binnen de organisatie. Zo sluiten we het proces zorgvuldig af en versterken we stap voor stap onze aanpak van participatie.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>5. Onze werkwijze voor overheidsparticipatie</label></kop><artikel><kop><label /><nr /><titel /></kop><al>Naast initiatieven van de overheid ontstaan in onze gemeente ook steeds vaker initiatieven van inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Deze initiatieven dragen bij aan de leefbaarheid, duurzaamheid en sociale samenhang in onze dorpen en buurten. Het gaat hier dus niet om bouwinitiatieven.</al><al /><al>We vinden het belangrijk om inwonersinitiatieven te stimuleren en te faciliteren binnen de ruimte die er is. Dat doen we op een manier die past bij onze rol: we denken mee, helpen waar nodig en zorgen voor heldere afspraken.</al></artikel><artikel><kop><label>5.1 Stap 1: indienen initiatief</label></kop><al>Initiatiefnemers kunnen op verschillende manieren contact opnemen met de gemeente, bijvoorbeeld via de ideeënmakelaars, de website of een vakafdeling. Zodra een initiatief binnenkomt, voert de ideeënmakelaar een oriënterend gesprek met de initiatiefnemer(s). In dit gesprek verkennen we het idee of initiatief, de bedoeling en de gewenste impact, en welke partijen betrokken kunnen zijn. Samen bepalen we wat een passende vervolgstap is.</al><al /><al>Elk initiatief krijgt één vast aanspreekpunt binnen de gemeente. Dit kan de ideeënmakelaar zijn, maar ook een vakspecialist of projectleider, afhankelijk van het onderwerp en de omvang. Het vaste aanspreekpunt begeleidt het vervolgproces, bewaakt de voortgang en zorgt voor duidelijke communicatie richting initiatiefnemers en interne afdelingen.</al><al /><al>Na deze eerste verkenning is helder wat het initiatief inhoudt, welke vervolgstappen passend zijn en wie binnen de gemeente het aanspreekpunt is dat het proces verder begeleidt.</al><al /><al><nadruk type="cur">Een omschrijving van de stappen voor het indienen van een initiatief is opgenomen in de <nadruk type="vet">Werkwijzer participatie Lochem in de praktijk</nadruk>.</nadruk></al><al /></artikel><artikel><kop><label>5.2 Stap 2: uitwerken initiatief</label></kop><al>Na het eerste gesprek werken initiatiefnemers hun idee verder uit tot een concreet initiatiefplan. Het eigenaarschap ligt bij de initiatiefnemers: zij bepalen het doel, de inhoud, de activiteiten en de uitvoering van hun plan. De gemeente faciliteert waar dat nodig is, bijvoorbeeld door mee te denken, te verbinden of door te verwijzen naar de juiste afdelingen of partners.</al><al /><al>In het initiatiefplan beschrijven initiatiefnemers wat ze willen realiseren, welke partijen betrokken zijn, hoe het initiatief wordt uitgevoerd, welke middelen nodig zijn en welke gevolgen het initiatief kan hebben voor de omgeving. Ook wordt aandacht besteed aan draagvlak, communicatie, planning, continuïteit en kosten. Dit vormt de basis om te bepalen wat er mogelijk is, wat er van de gemeente wordt verwacht en welke afspraken nodig zijn om tot de realisatie van het initiatief te komen.</al><al /><al>Het resultaat is een uitgewerkt initiatiefplan dat voldoende inzicht geeft in de inhoud, het doel (waar draagt het idee aan bij?), de uitvoering, betrokken partijen en consequenties. Dit plan vormt de basis voor verdere beoordeling en besluitvorming door het college (voor formele initiatieven: zie paragraaf 5.4).</al><al /><al><nadruk type="cur">In de <nadruk type="vet">Werkwijzer Lochem in de praktijk</nadruk> is een checklist opgenomen met daarin de onderwerpen voor het initiatiefplan die voor de beoordeling relevant zijn.</nadruk></al><al /></artikel><artikel><kop><label>5.3 Stap 3: beoordelen initiatief</label></kop><al>Na ontvangst van het initiatiefplan beoordeelt het college het plan op haalbaarheid en samenhang met beleid. Het vaste aanspreekpunt stemt dit af met de betrokken afdelingen, zoals ruimtelijke ordening, beheer, financiën, communicatie en andere relevante disciplines. Op deze manier ontstaat een integrale beoordeling van de inhoud, uitvoerbaarheid en de mogelijke rol van de gemeente.</al><al /><al>Bij de beoordeling kijken we onder andere naar de maatschappelijke meerwaarde van het initiatief, de praktische, juridische en financiële haalbaarheid, de gevolgen voor de omgeving en de aansluiting bij gemeentelijk beleid en lopende ontwikkelingen. Ook brengen we eventuele risico’s in beeld, zoals financiële, bestuurlijke of maatschappelijke risico’s. Daarnaast bepalen we welke bijdrage of facilitering vanuit de gemeente passend is: van informatie of advies tot procesmatige of praktische ondersteuning.</al><al /><al>Het resultaat van stap 3 is een integrale beoordeling van het initiatief, inclusief een advies over haalbaarheid, de mogelijke rol van de gemeente en de vervolgstappen richting besluitvorming.</al><al /><al><nadruk type="cur">De<nadruk type="vet"> Werkwijzer participatie Lochem in de praktijk</nadruk> bevat de beoordelingscriteria op basis waarvan het besluit kan worden voorbereid<nadruk type="vet">.</nadruk></nadruk></al><al /></artikel><artikel><kop><label>5.4 Stap 4: besluit over initiatief</label></kop><al>Na de beoordeling neemt het college een besluit over het initiatief. Dit besluit gaat over de vervolgstappen, wat de gemeente doet om het mogelijk te maken en welke afspraken nodig zijn. Het besluit wordt genomen door het college van burgemeester en wethouders of een ambtenaar die daar toestemming voor heeft. In deze stap maken we onderscheid tussen informele en formele initiatieven.</al><al /><al><nadruk type="vet">Informele initiatieven</nadruk></al><al>Informele initiatieven zijn activiteiten die inwoners zelf kunnen organiseren binnen de bestaande regels. Denk aan het beheren van een buurttuin, een buurtfeest, een actie in de straat of een kunstproject in de wijk. Voor deze initiatieven is geen formeel besluit nodig. De gemeente helpt waar dat kan, bijvoorbeeld met advies, een ruimte, materialen of praktische ondersteuning. Als initiatiefnemers dat willen, kunnen afspraken worden vastgelegd in een eenvoudige overeenkomst.</al><al /><al><nadruk type="vet">Formele initiatieven</nadruk></al><al>Formele initiatieven zijn plannen die invloed hebben op de openbare ruimte, grondgebruik of andere zaken waarvoor toestemming nodig is. Hiervoor is wél een formeel besluit nodig. Dit kan bijvoorbeeld een vergunning, een subsidie of een andere beschikking zijn. De gemeente neemt dit besluit volgens de regels van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Belanghebbenden kunnen daarbij een zienswijze indienen of bezwaar maken, afhankelijk van het soort besluit.</al><al /><al><nadruk type="cur">Let op: een initiatief kan altijd leiden tot een aanvraag omgevingsvergunning of BOPA. Bijvoorbeeld een vergunning voor een pumptrack of een pannakooi. In dat geval dient participatie door de initiatiefnemer (aanvrager van de vergunning) georganiseerd te worden. Hiervoor geldt niet dit participatiebeleid, maar de aparte handreiking Samen buurt maken voor participatie bij bouwinitiatieven.</nadruk></al><al /><al>Het resultaat van deze stap is een duidelijk en goed onderbouwd besluit over het initiatief. Hierin staat wat de gemeente bijdraagt, welke voorwaarden gelden en welke afspraken zijn gemaakt. Bij formele initiatieven gaat het om een officieel besluit volgens de wettelijke procedures.</al></artikel><artikel><kop><label>5.5 Stap 5: uitvoeren en begeleiden initiatief</label></kop><al>Wanneer het initiatief wordt goedgekeurd, maken de initiatiefnemers en de gemeente duidelijke afspraken. Deze afspraken gaan over wat er moet gebeuren, wie wat doet, hoeveel het kost, hoe lang het duurt en hoe we elkaar op de hoogte houden. Het doel van deze stap is dat het proces rustig, duidelijk en eerlijk verloopt. Ook letten we erop dat omwonenden en andere betrokkenen goed worden geïnformeerd.</al><al /><al>Tijdens de uitvoering blijft het vaste aanspreekpunt binnen de gemeente bereikbaar voor vragen. Dit aanspreekpunt helpt mee waar dat nodig is: door advies te geven, praktische hulp te bieden, partijen met elkaar te verbinden of problemen te signaleren. Bij grotere of formele initiatieven wordt regelmatig overleg gepland. Bij kleinere en informele initiatieven is vaak kort en praktisch contact voldoende.</al><al /><al>Gemeente en initiatiefnemers houden zich aan de gemaakte afspraken en bespreken problemen op tijd. Soms moeten afspraken worden aangepast. Ook zorgen beide partijen ervoor dat de omgeving goed weet wat er gebeurt, waarom dit gebeurt en wanneer er iets verandert. Als er geldafspraken zijn gemaakt, worden deze volgens afspraak uitgevoerd.</al><al /><al>Het resultaat is een gerealiseerd initiatief waarbij de samenwerking tussen initiatiefnemers en gemeente goed verlopen is. De betrokken omgeving is geïnformeerd. Het initiatief is afgerond en klaar voor evaluatie.</al><al /><al><nadruk type="cur">In de <nadruk type="vet">Werkwijzer participatie Lochem in de praktijk </nadruk>staan de stappen beschreven die de gemeente en de initiatiefnemers samen zetten om het initiatief uit te voeren.</nadruk></al><al /></artikel><artikel><kop><label>5.6 Stap 6: Afronden en evalueren</label></kop><al>Bij afronding van het initiatief vindt verantwoording plaats volgens gemaakte afspraken. Bij financiële ondersteuning wordt een inhoudelijke en financiële eindverantwoording overlegd.</al><al /><al>Gemeente en initiatiefnemers evalueren het proces en het resultaat:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Zijn de doelen bereikt?</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Hoe verliep de samenwerking?</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Wat kunnen we leren voor volgende initiatieven?</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Is voortzetting of opschaling wenselijk? Het is dan belangrijk om afspraken te maken hoe het initiatief toekomstbestendig blijft.</al></li></lijst><al /><al>De gemeente geeft waar mogelijk zichtbaarheid aan succesvolle initiatieven en spreekt waardering uit voor de inzet van inwoners en partners.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>6. Wie doet wat?</label></kop><artikel><kop><label /><nr /><titel /></kop><al>Participatie vraagt inzet van inwoners, initiatiefnemers, de gemeentelijke organisatie, het college en de gemeenteraad. Iedereen heeft daarbij een eigen rol en verantwoordelijkheid. Welke rol iemand heeft, hangt af van het type participatie: <nadruk type="vet">inwonerparticipatie</nadruk> (de gemeente organiseert het proces) of <nadruk type="vet">overheidsparticipatie</nadruk> (initiatieven uit de samenleving). In dit hoofdstuk beschrijven we wie wat doet in beide situaties.</al></artikel><artikel><kop><label>6.1 Inwonerparticipatie</label></kop><al>Bij inwonerparticipatie organiseert de gemeente het proces waarbij belanghebbenden worden betrokken. Voor de rolverdeling betekent dat het volgende:</al><al /><lijst><li><li.nr>6.1.1 . </li.nr><al><nadruk type="cur">Gemeenteraad</nadruk></al></li></lijst><al>De gemeenteraad stelt kaders, toetst het proces en weegt belangen en opbrengsten mee bij besluitvorming. De drie rollen:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Kaderstellend: de raad stelt het participatiebeleid en de participatieverordening vast. Als de raad later zelf een besluit neemt over een plan of project, bepaalt hij ook de kaders voor het participatieproces (bijvoorbeeld via een startnotitie met plan van aanpak).</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Controlerend: de raad kijkt of participatie zorgvuldig is uitgevoerd en volgens de afgesproken regels is verlopen. Afwijkingen van adviezen of procesafspraken worden gemotiveerd aan de raad toegelicht.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Volksvertegenwoordigend: raadsleden vertegenwoordigen de inwoners. Ze zijn zichtbaar en aanspreekbaar, brengen signalen vanuit de samenleving in en zorgen voor ruimte om in te spreken of ideeën te delen.</al></li></lijst><al /><lijst><li><li.nr>6.1.2 </li.nr><al><nadruk type="cur">College van burgemeester en wethouders</nadruk></al></li></lijst><al>Het college:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>besluit of en hoe inwoners worden betrokken (besluit over het participatieplan).</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>zorgt voor een toegankelijke en zichtbare bestuursstijl.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>legt verantwoording af over de participatie aan de raad.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>bewaakt de kwaliteit van participatie binnen de eigen portefeuille.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Is bestuurlijk verantwoordelijk voor de uitvoering en kwaliteit van participatie. </al></li></lijst><al>De burgermeester ziet toe op de kwaliteit van procedures op het vlak van burgerparticipatie (Gemeentewet artikel 170 lid c).</al><al /><lijst><li><li.nr>6.1.3</li.nr><al><nadruk type="cur">Gemeentelijke organisatie</nadruk></al></li></lijst><al>De organisatie: </al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>organiseert participatietrajecten</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>zorgt voor duidelijke en begrijpelijke informatie</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>begeleidt het proces</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>verwerkt input in beleid, besluitvorming en uitvoering </al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>presenteert de uitkomsten van participatie helder </al></li></lijst><al>Taken binnen de organisatie:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Vakinhoudelijk verantwoordelijke: maakt (samen met het projectteam) een plan van aanpak voor participatie, voert participatie uit en schrijft het eindverslag participatie.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Opdrachtgever: zorgt voor voldoende middelen (tijd, kennis, capaciteit) en ondersteunt het team richting het college.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Participatieadviseur: ondersteunt, adviseert en coacht collega’s en bestuur, voert het participatiebeleid uit en evalueert.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Communicatieadviseur: adviseert collega’s en bestuur over communicatiestrategie, kernboodschap, kanalen, middelen en toon.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Ideeënmakelaar: faciliteert inwoners met hun initiatief, verbindt mensen en denkt mee over financiering. De ideeënmakelaar is het eerste aanspreekpunt voor initiatiefnemers.</al></li></lijst><al /><lijst><li><li.nr>6.1.4</li.nr><al><nadruk type="cur">Belanghebbenden</nadruk></al></li></lijst><al>Er zijn diverse groepen belanghebbenden:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Inwoners en ondernemers</nadruk> (individueel of georganiseerd): delen hun kennis, ervaring en ideeën over de leefomgeving en kunnen meedenken, meebeslissen, meedoen of zelf uitvoeren.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">Ketenpartners en maatschappelijke organisaties</nadruk> (zoals waterschap, provincie, corporaties) en maatschappelijke organisaties (zoals dorpsraden, belangenverenigingen, sportverenigingen, zorg- of natuurorganisaties) brengen expertise in vanuit hun eigen taak, worden betrokken wanneer hun kennis nodig is en kunnen adviserend of samenwerkend meedoen, afhankelijk van het onderwerp.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>6.2 Overheidsparticipatie (initiatieven)</label></kop><al>Bij initiatieven uit de samenleving nemen inwoners, ondernemers of organisaties zelf het initiatief. De gemeente heeft vooral een faciliterende rol: we denken mee, maken ruimte waar dat kan en zorgen voor heldere besluiten over eventuele ondersteuning of vergunningen.</al></artikel><artikel><kop><label>6.2.1 Initiatiefnemers</label></kop><al>Initiatiefnemers:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>nemen het initiatief</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>gaan het gesprek aan met gemeente en belanghebbenden</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>leggen uit waarom iets nodig is en wat het oplevert</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>zijn verantwoordelijk voor de financiering</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>betrekken belanghebbenden bij hun plan</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>voeren activiteiten zelf uit</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>6.2.2 Gemeentelijke organisatie</label></kop><al>De organisatie:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>ondersteunt initiatiefnemers via de ideeënmakelaar bij het uitwerken van het plan</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>verbindt initiatiefnemers met de juiste contactpersonen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>helpt bij het aanvragen van middelen of vergunningen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>faciliteert met advies, kennis en praktische hulp</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>6.2.3 College van burgemeester en wethouders</label></kop><al>Het college neemt besluiten en heeft een bestuurlijke en verbindende rol bij initiatieven: </al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>besluit over formele initiatieven</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>geeft richting aan het initiatief met kaders en prioritering</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>zorgt voor een open en benaderbare bestuursstijl</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>is bestuurlijk aanspreekpunt voor bewoners</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>legt verantwoording af aan de gemeenteraad</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>6.2.4 Gemeenteraad</label></kop><al>De gemeenteraad beslist niet over de meeste initiatieven. Maar de raad heeft wél een rol op afstand. Die rol bestaat uit:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>vaststellen participatieverordening en participatiebeleid waarin kaders staan hoe de gemeente met initiatieven omgaat</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>let op of initiatieven volgens de regels zijn behandeld</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>haalt signalen op uit de samenleving</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>maakt ruimte voor initiatiefnemers om in te spreken of ervaringen te delen</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>7. Hoe we participatie borgen</label></kop><artikel><kop><label /><nr /><titel /></kop><al>Participatie vraagt om voortdurende aandacht en ontwikkeling.</al><al>We willen dat het een vanzelfsprekend onderdeel is van hoe we werken en besluiten nemen.</al><al /><al>Daarom gebruiken we het Borgingshuis van het Relevant Gesprek® als uitgangspunt. Dit helpt ons om participatie te verankeren op drie niveaus:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Organisatieniveau: werken aan een participatieve organisatie.</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Vraagstukniveau: participatie structureel onderdeel maken van projecten en beleidsopgaven.</al></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Gespreksniveau: betekenisvolle gesprekken voeren met inwoners en partners.</al></li></lijst><al>Per niveau werken we aan een beperkt aantal hoofdlijnen die de basis vormen voor het uitvoeringsprogramma.</al></artikel><artikel><kop><label>7.1 Organisatieniveau: werken aan een participatieve organisatie</label></kop><al>Doel: een organisatie die open, lerend en omgevingsgericht werkt.</al><al>Hier ligt de nadruk op structuur, cultuur en leiderschap.</al><al><nadruk type="vet">Acties op hoofdlijnen:</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Zorgen voor inbedding van participatie in beleid, werkprocessen en besluitvorming, waaronder een standaardparagraaf participatie in voorstellen.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Beschikbaar stellen van tijd, menskracht en middelen om participatie goed te organiseren en initiatieven goed te faciliteren. O.a. door planning anders in te richten (langcyclisch, realistisch, flexibel).</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Investeren in een lerende organisatiecultuur, waarin reflectie en verbetering vanzelfsprekend zijn en fouten maken mag.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Borgen van participatie in introductie-, opleidings- en HR-beleid (voor medewerkers, bestuur en raad).</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Jaarlijks evalueren en actualiseren van beleid en werkwijze.</al></li></lijst><al>Deze acties zorgen dat participatie onderdeel wordt van het DNA van de organisatie.</al></artikel><artikel><kop><label>7.2 Vraagstukniveau: werken aan succesvolle participatieprocessen</label></kop><al>Doel: participatie vanzelfsprekend onderdeel van de aanpak van beleid en projecten.</al><al>Hier ligt de focus op kwaliteit, maatwerk en samenwerking.</al><al><nadruk type="vet">Acties op hoofdlijnen:</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Ontwikkelen van een toolbox met instrumenten en middelen zoals formats voor het opstellen van participatieplannen en -verslagen, zodat er een eenduidige en heldere werkwijze is.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Zorgen dat participatie vanaf de start wordt meegenomen in de voorbereiding van beleid en projecten.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Managers en opdrachtgevers stimuleren en ondersteunen in hun rol bij participatie.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Zorgen voor voldoende ondersteuning, advisering en coaching voor teams die participatie uitvoeren.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Creëren van ruimte om ervaringen en leerpunten te delen tussen projecten en domeinen.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Herkennen en onder de aandacht brengen van goede voorbeelden en succesverhalen die inspireren binnen de organisatie.</al></li></lijst><al>Deze acties zorgen dat participatie niet per project wordt uitgevonden, maar onderdeel is van de standaard werkwijze.</al></artikel><artikel><kop><label>7.3 Gespreksniveau: werken aan betekenisvolle participatie</label></kop><al>Doel: gesprekken die bijdragen aan vertrouwen, begrip en beter beleid. Hier ligt de nadruk op houding, gedrag en communicatie.</al><al /><al><nadruk type="vet">Acties op hoofdlijnen:</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Werken volgens de waarden uit dit beleid, met aandacht voor inhoud, proces en relatie.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Bevorderen van open en respectvolle communicatie, waarin oprecht geluisterd worden en sprake is van duidelijke verwachtingen over de ruimte voor invloed.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Bestuurders en medewerkers trainen en begeleiden in gespreksvoering en participatieve werkvormen.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Voorbeelden en werkvormen verzamelen en delen die bijdragen aan een goede dialoog.</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Structureel terugkoppelen aan inwoners wat met hun inbreng is gedaan.</al></li></lijst><al>Deze acties versterken de kwaliteit van de ontmoeting tussen inwoners, bestuur en organisatie.</al></artikel><artikel><kop><label>7.4 Samen leren en blijven verbeteren</label></kop><al>Het borgingshuis is geen statisch model, maar een manier om te blijven leren en ontwikkelen. Door jaarlijks te reflecteren op de drie niveaus (organisatie, vraagstuk en gesprek) houden we zicht op wat goed werkt en waar verbetering nodig is.</al><al /><al>De uitwerking van deze hoofdlijnen wordt opgenomen in een uitvoeringsprogramma participatie.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--></ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage: de Lochemse participatieladder </label></kop><table><tgroup cols="6"><colspec colname="col1" colwidth="14*" /><colspec colname="col2" colwidth="14*" /><colspec colname="col3" colwidth="17*" /><colspec colname="col4" colwidth="17*" /><colspec colname="col5" colwidth="15*" /><colspec colname="col6" colwidth="14*" /><tbody><row><entry colname="col1"><al><nadruk type="vet">Niveau van invloed</nadruk></al></entry><entry colname="col2"><al><nadruk type="vet">Betekenis</nadruk></al></entry><entry colname="col3"><al><nadruk type="vet">Rol gemeente</nadruk></al></entry><entry colname="col4"><al><nadruk type="vet">Rol belanghebbenden</nadruk></al></entry><entry colname="col5"><al><nadruk type="vet">Mate van invloed</nadruk></al></entry><entry colname="col6"><al><nadruk type="vet">Wanneer toepassen?</nadruk></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Informeren</al></entry><entry colname="col2"><al>Raad en/of college informeert over besluiten en legt plannen uit.</al></entry><entry colname="col3"><al>Informeert open en duidelijk.</al></entry><entry colname="col4"><al>Worden goed op de hoogte gehouden en krijgen toelichting op besluit en keuzes.</al></entry><entry colname="col5"><al>Meer begrip en bewustwording.</al></entry><entry colname="col6"><al>Als er geen ruimte is voor invloed. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Raadplegen</al></entry><entry colname="col2"><al>We vragen om reacties en meningen.</al></entry><entry colname="col3"><al>Vraagt actief de mening van belanghebbenden en neemt het besluit.</al></entry><entry colname="col4"><al>Geven hun mening en luisteren ook naar de mening van anderen</al></entry><entry colname="col5"><al>Inzicht in standpunten voorkeuren. Wordt ter kennisname bij het besluit meegenomen.</al></entry><entry colname="col6"><al>Als beleid of plannen nog in ontwikkeling zijn, maar de richting grotendeels vastligt. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Adviseren</al></entry><entry colname="col2"><al>Samen mogelijkheden verkennen.</al></entry><entry colname="col3"><al>Vraagt om advies en organiseert een open gesprek met ruimte voor dialoog.</al></entry><entry colname="col4"><al>Denken mee, brengen ideeën en oplossingen in om plannen te verbeteren.</al></entry><entry colname="col5"><al>Advies dat wordt meegewogen. Het besluit motiveert waarom het advies wel of niet is overgenomen.</al></entry><entry colname="col6"><al>Als er nog ruimte is voor varianten, scenario’s of praktische oplossingen. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Coproduceren</al></entry><entry colname="col2"><al>Samen plannen of beleid ontwikkelen.</al></entry><entry colname="col3"><al>Werkt samen met belanghebbenden als partners.</al></entry><entry colname="col4"><al>Zijn gelijkwaardige medeontwerpers van beleid of plannen.</al></entry><entry colname="col5"><al>Gezamenlijk plan/voorstel dat inhoudelijk en/of financieel gedragen wordt.</al></entry><entry colname="col6"><al>Als de opgave complex is en samenwerking meerwaarde heeft. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Meebeslissen</al></entry><entry colname="col2"><al>De samenleving heeft directe invloed en beslist mee.</al></entry><entry colname="col3"><al>Voert uit wat gezamenlijk is besloten.</al></entry><entry colname="col4"><al>Beslissen mee binnen vooraf vastgestelde randvoorwaarden.</al></entry><entry colname="col5"><al>Besluit wordt gedeeld of overgenomen.</al></entry><entry colname="col6"><al>Als er sprake is van gedeeld eigenaarschap. </al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><nadruk type="cur">De Lochemse participatieladder</nadruk></al><al /></bijlage></regeling></gemeenteblad></officiele-publicatie>