<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-166627/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>GEMEENTEBLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de gemeente Ede</subtitel></kop><gemeenteblad><kop><titel>Subsidieregeling Voorlichting en ondersteuning in de energietransitie 2027-2030</titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede; </al><al>gelezen het voorstel van 31 maart 2026, zaaknummer 514179;</al><al>gelet op de artikelen 3, 5, 6, 7, 8 en 15 van de Algemene subsidieverordening Ede 2017;</al><al>besluit vast te stellen de: Subsidieregeling Voorlichting en ondersteuning in de energietransitie 2027-2030. </al><al /></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Begrips- en algemene bepalingen</titel></kop></paragraaf><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li><li.nr>a)</li.nr><al><nadruk type="cur">ASV:</nadruk> De vigerende Algemene subsidieverordening van de gemeente Ede;</al></li><li><li.nr>b)</li.nr><al><nadruk type="cur">buurtuitvoeringsplan:</nadruk> een plan van aanpak waarin staat beschreven hoe een buurt of dorp in de toekomst aardgasvrij wordt gemaakt;</al></li><li><li.nr>c)</li.nr><al><nadruk type="cur">DAEB:</nadruk> diensten van algemeen economisch belang zijn economische activiteiten die een publiek belang dienen;</al></li><li><li.nr>d)</li.nr><al><nadruk type="cur">energieloket:</nadruk> gemeentelijk loket waar woningeigenaren, huurders, bedrijven en organisaties gratis en onafhankelijk advies en ondersteuning op het gebied van energietransitie kunnen ontvangen;</al></li><li><li.nr>e)</li.nr><al><nadruk type="cur">energieopbouwwerk:</nadruk> opzetten en uitvoeren van participatietrajecten in het kader van het buurtuitvoeringsplan aardgasvrij;</al></li><li><li.nr>f)</li.nr><al><nadruk type="cur">fixbrigade:</nadruk> lokaal team van klussers die kleine energiebesparende maatregelen treft bij huishoudens met (een risico op) energiearmoede;</al></li><li><li.nr>g)</li.nr><al><nadruk type="cur">organisaties met vrijwillige inzet:</nadruk> organisaties die activiteiten en ondersteuning aanbieden, uitgevoerd door vrijwilligers, evt. met ondersteuning van betaalde coördinatie. Het kan hier gaan om allerlei samenwerkingsverbanden, inclusief rechtspersonen zonder winstoogmerk.</al></li><li><li.nr>h)</li.nr><al><nadruk type="cur">perceel:</nadruk> afgebakend onderdeel van de subsidieregeling;</al></li><li><li.nr>i)</li.nr><al><nadruk type="cur">PvE:</nadruk> Programma van Eisen. Voor jaarlijkse subsidies hoger dan €50.000 stellen burgemeester en wethouders programma’s van eisen vast, die als uitgangspunt dienen voor de subsidieaanvraag, zoals beschreven in de ASV 2017.</al></li><li><li.nr>j)</li.nr><al><nadruk type="cur">sociaal werk;</nadruk> Sociaal werkers zijn generalist en expert in het (methodisch) begeleiden en activeren van individuen, groepen en netwerken. Ze bieden aandacht en vertrouwen, en weten hoe ze gewenste acties en gedragsveranderingen kunnen aanmoedigen. Ze brengen burgers bij elkaar, koppelen vrijwilligers en cliënten, en begeleiden hen. Ze werken in de buurt, op straat, in buurt- en dorpshuizen. Ze signaleren en zijn herkenbaar in de wijk. Ze faciliteren wat nodig is om burgerinitiatieven duurzaam succesvol te maken;</al></li><li><li.nr>k)</li.nr><al><nadruk type="cur">vrijwilliger(swerk):</nadruk> inzet gebaseerd op intrinsieke motivatie die in enig georganiseerd verband, onverplicht en in beginsel onbetaald wordt verricht ten behoeve van anderen of de samenleving waarbij een (maatschappelijk) belang wordt gediend.</al></li><li><li.nr>l)</li.nr><al><nadruk type="cur">warmtetransitie:</nadruk> de noodzakelijke overstap van verwarmen met aardgas naar duurzame, fossielvrije bronnen zoals warmtepompen, warmtenetten of groen gas om de CO2-uitstoot te verminderen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Subsidiabele kosten </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie wordt verleend op basis van daadwerkelijk gemaakte kosten voor activiteiten benoemd in het programma van eisen in bijlage 2. Redelijke winst op basis van het aanwijzingsbesluit DAEB in bijlage 3 is toegestaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Kosten dienen, naar het oordeel van het college, in verhouding te staan tot de te realiseren activiteiten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Niet subsidiabel zijn:</al><lijst><li><li.nr>a)</li.nr><al>extra kosten voor uitbreiding of verplaatsing van de huisvesting; tenzij aangetoond kan worden dat uitbreiding of verplaatsing noodzakelijk is voor de uitvoering van de activiteit waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;</al></li><li><li.nr>b)</li.nr><al>aanschaf van gebruiksgoederen, tenzij aangetoond kan worden dat deze noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de activiteit waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;</al></li><li><li.nr>c)</li.nr><al>overige materiële investeringen, tenzij aangetoond kan worden dat deze noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de activiteit waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, dit ter beoordeling van het college.</al></li><li><li.nr>d)</li.nr><al>kosten bestemd voor uitbreiding van de activiteiten van de subsidieontvanger voor zover, naar het oordeel van het college, niet of onvoldoende is aangetoond dat uitbreiding noodzakelijk is.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Subsidieontvanger</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders verlenen alleen subsidie als de aanvrager;</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>een rechtspersoon is zonder winstoogmerk; of</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>een rechtspersoon is en eventuele winsten die deze rechtspersoon maakt uitsluitend ten goede komen aan een algemeen nut beoogde instelling wiens statutaire doel verband houdt met de energietransitie of aan het uitvoeren van nieuwe projecten gericht op opwek van hernieuwbare energie waarvan alle winsten ten goede komen aan energiecoöperaties die bestaan uit lokale ondernemers en/of inwoners. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Aanvragen subsidie en selectiecriteria</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In aanvulling op hetgeen is bepaald in artikel 6 van de ASV dient bij de aanvraag te worden aangetoond dat wordt voldaan aan de voorwaarden zoals benoemd in de paragraaf op grond waarvan subsidie wordt aangevraagd;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>conform artikel 3 van de ASV dient voor (meer)jaarlijkse subsidies hoger dan €50.000 het programma van eisen als basis voor de subsidieaanvraag. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>de aanvraag moet tenminste de selectiecriteria, zoals beschreven in de tender in bijlage 1, bevatten:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>plan van aanpak voor de uit te voeren activiteiten om de voorgestelde doelen te behalen;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>CV’s van in te zetten personeel en referenties;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>globale begroting met personele kosten, overhead en materialen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Subsidieaanvragen worden beoordeeld aan de hand van de selectiecriteria benoemd in de tender, in bijlage 1. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>In aanvulling op hetgeen is bepaald in artikel 9 van de ASV wordt een subsidie op grond van deze regeling geweigerd indien:</al><lijst><li><li.nr>a)</li.nr><al>de aanvrager in de drie jaar voorafgaand aan het indienen van de aanvraag valse verklaringen heeft verstrekt in het kader van een aanvraag voor een subsidie of deelname aan een aanbestedingsprocedure;</al></li><li><li.nr>b)</li.nr><al>de aanvrager waarvan in de vijf jaar voorafgaand aan het indienen van de aanvraag in een procedure beschreven in artikel 2.86 van de Aanbestedingswet 2012 is vastgesteld dat zij zich hebben schuldig gemaakt aan één van de daarin beschreven strafbare feiten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Verantwoording subsidie</titel></kop><al>In aanvulling op hetgeen dat in artikel 15 van de ASV is bepaald dient de subsidieontvanger ter verantwoording aan te leveren:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>voortgangsrapportage per kwartaal inclusief kwalitatieve terugkoppeling;</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>jaarlijkse rapportage waaruit blijkt of de resultaten zijn gerealiseerd, de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en hebben bijgedragen aan de resultaten, en of aan de verplichtingen is voldaan;</al></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>een financiële verantwoording, van de baten en lasten zoals opgenomen in de subsidieaanvraag</al></li><li><li.nr>4.</li.nr><al>een controleverklaring bij de financiële verantwoording, door een onafhankelijk accountant. De controle moet worden verricht op basis van een voldoende betrouwbaar controleprotocol. U kunt hiervoor gebruik maken van het Verantwoordings- en accountantsprotocol Gemeente Ede 2018. (Vanaf 250.000 verplicht en tussen 125.000 en 250.000 eens per 4 jaar);</al></li><li><li.nr>5.</li.nr><al>bij de verantwoording van de subsidie dient hetzelfde format te worden gebruikt als het format waarmee de begroting is opgesteld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Aanvraagperiode</titel></kop><al>Subsidies op grond van deze regeling worden aangevraagd vanaf 15 april 2026 tot en met 26 mei 2026. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vestigen DAEB</titel></kop><al>Het uitvoeren van activiteiten als bedoeld in deze regeling wordt aangewezen als een dienst van algemeen economisch belang in de zin van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie, conform het model dat is opgenomen in bijlage 3.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Tussentijdse wijzigingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd artikel 11 van de ASV is de subsidieontvanger verplicht direct de volgende wijzigingen te melden:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>als de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet volledig zullen worden uitgevoerd;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>als de begroting in totaal meer dan 20% wijzigt;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>als de uitvoering niet of niet volledig lukt voor het einde van het boekjaar;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>als niet meer aan de aan de subsidie verbonden voorwaarden en verplichtingen kan worden voldaan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Wijzigingen in de begroting tot 20% van de totale begroting meldt de subsidieontvanger bij het indienen van de kwartaalrapportage;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>burgemeester en wethouders kunnen toestemming verlenen voor de volgende tussentijdse wijzigingen:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>een wijziging van de opgestelde begroting, onder de voorwaarde dat het uit te voeren project en daarmee te bereiken resultaten niet wezenlijk worden gewijzigd;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>een uitbreiding van de activiteiten of het vervangen van een activiteit door een gelijksoortige activiteit die bijdraagt aan hetzelfde resultaat en doel; en;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>een wijziging van de taakverdeling en/of de verdeling van de subsidie binnen een samenwerkingsverband dat gezamenlijk een project uitvoert;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>wijzigingen die naar oordeel van burgemeester en wethouders nodig zijn om te voldoen aan de Europese staatssteunregels en waarbij het beoogde doel en resultaat niet wijzigt.</al></li></lijst></lid><al /></artikel><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Energieloket en opbouwwerk</titel></kop></paragraaf><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>subsidiabele activiteiten</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verlenen voor de volgende activiteiten:</al><lijst><li><li.nr>a)</li.nr><al>Uitvoering van het gemeentelijk Energieloket, bestaande uit de volgende activiteiten:</al><lijst><li><li.nr>i.</li.nr><al>geeft voorlichting over te nemen verduurzamingsmaatregelen zoals isolatie en duurzame verwarmingstechnieken, de kosten hiervan en de besparingen die dat oplevert; </al></li><li><li.nr>ii.</li.nr><al>geeft advies over leningen en subsidies om de maatregelen te betalen en helpt bij het aanvragen hiervan; </al></li><li><li.nr>iii.</li.nr><al>verwijst het loket door naar vertrouwde (lokale en regionale) aanbieders van verduurzamende maatregelen; </al></li><li><li.nr>iv.</li.nr><al>doet voorstellen voor campagnes gericht op verduurzaming en werkt mee aan de uitvoering van deze campagnes;</al></li><li><li.nr>v.</li.nr><al>informeert bewonersgroepen over de stappen die nodig zijn om een eigen energiecoörperatie, warmteschap of energiegemeenschap op te richten. </al></li></lijst></li><li><li.nr>b)</li.nr><al>Energieopbouwwerk, bestaande uit de volgende activiteiten:</al><lijst><li><li.nr>i.</li.nr><al>opzetten van participatietrajecten in het kader van buurtuitvoeringsplannen aardgasvrij, onder projectleiding van de gemeente;</al></li><li><li.nr>ii.</li.nr><al>ondersteuning van initiatieven aardgasvrij in de dorpen;</al></li><li><li.nr>iii.</li.nr><al>ondersteuning bij uitvoering van vastgestelde buurtuitvoeringsplannen aardgasvrij.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>subsidievoorwaarden en verplichtingen subsidieontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidieontvanger voldoet aan de handreiking kwaliteit energieloketten van de VNG;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>subsidieontvanger is telefonisch, digitaal en fysiek bereikbaar voor inwoners; </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>subsidieontvanger voert activiteiten deskundig, onafhankelijk, toegankelijk en inclusief uit;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>subsidieontvanger werkt actief samen met andere (lokale) stakeholders in de energietransitie;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>de subsidieontvanger draagt zorg voor relevante (na)scholing van medewerkers.</al><al /></lid></artikel><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>sociaal werk in de energietransitie</titel></kop></paragraaf><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>subsidiabele activiteiten</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verlenen voor sociaal werk in de energietransitie bestaande uit de volgende activiteiten:</al><lijst><li><li.nr>a)</li.nr><al>zorgdragen voor de participatie en representatie van kwetsbare groepen in het opstellen van buurtuitvoeringsplannen in het kader van de buurtgerichte aanpak warmtetransitie;</al></li><li><li.nr>b)</li.nr><al>benaderen en ondersteunen van woningeigenaren met een inkomen tot 150% van het sociaal minimum ondersteunen bij het treffen van isolatiemaatregelen in het kader van de lokale aanpak isolatie;</al></li><li><li.nr>c)</li.nr><al>uitvoering van de Energiebank Ede; het werven en coördineren van vrijwillige energiecoaches en hen koppelen aan kwetsbare huishoudens om via gedragsverandering en kleine maatregelen energiebesparing te realiseren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>subsidievoorwaarden en verplichtingen subsidieontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger voert de activiteiten inclusief uit en is laagdrempelig bereikbaar voor inwoners;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>subsidieontvanger voert activiteiten deskundig, onafhankelijk, toegankelijk en inclusief uit;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>subsidieontvanger werkt actief samen met andere (lokale) stakeholders in de energietransitie;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>subsidieontvanger verwijst actief door naar andere (hulp-)organisaties in het kader van vroeg-signalering;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>de subsidieontvanger draagt zorg voor relevante (na)scholing van medewerkers;</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>de organisatie en de betreffende medewerkers werken aantoonbaar volgens de van toepassing zijnde beroepscode.</al><al /></lid></artikel><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>Fixbrigade </titel></kop></paragraaf><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>subsidiabele activiteiten</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verlenen voor uitvoering van de Fixbrigade Ede; installeren van kleine energiebesparende maatregelen bij huishoudens met (een risico op) energiearmoede.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>subsidievoorwaarden en verplichtingen subsidieontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger voert de activiteiten inclusief uit en is laagdrempelig bereikbaar voor inwoners;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>subsidieontvanger voert activiteiten deskundig, onafhankelijk, toegankelijk en inclusief uit;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>subsidieontvanger werkt actief samen met andere (lokale) stakeholders in de energietransitie;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>subsidieontvanger verwijst actief door naar andere (hulp-)organisaties in het kader van vroeg-signalering;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>de fixbrigade wordt deels uitgevoerd door vrijwilligers en re-integranten, onder leiding van betaalde medewerkers;</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>de subsidieontvanger draagt zorg voor relevante (na)scholing van medewerkers.</al></lid><al /></artikel><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5</nr><titel>Slotbepalingen </titel></kop></paragraaf><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Subsidieplafond en wijze van verdeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders hebben een jaarlijks subsidieplafond vastgesteld en deze bedraagt:</al><lijst><li><li.nr>a)</li.nr><al>€600.000,- voor de activiteiten uit paragraaf 2;</al></li><li><li.nr>b)</li.nr><al>€250.000,- voor de activiteiten uit paragraaf 3;</al></li><li><li.nr>c)</li.nr><al>€250.000,- voor de activiteiten uit paragraaf 4.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verlenen voor de periode van 1 januari 2027 tot en met 31 december 2030 subsidie aan niet meer dan één subsidieontvanger per perceel. Subsidie wordt jaarlijks verleend;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>burgemeester en wethouders kunnen het subsidieplafond met maximaal 10% indexeren waarbij het oorspronkelijke subsidieplafond als basis geldt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Voorlichting en ondersteuning in de energietransitie 2027-2030. </al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--><functie>Vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders d.d. 31 maart 2026 zaaknummer 514179.</functie><functie /></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>Het college voornoemd,</functie><functie /></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>drs. M. Schlebusch </functie><functie>de secretaris, </functie><functie /></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>mr. L.J. Verhulst</functie><functie>de burgemeester, </functie></ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr>1:</nr><titel>Uitnodiging indienen financieringsaanvraag subsidietender ‘voorlichting &amp; ondersteuning energietransitie gemeente Ede’</titel></kop><al /><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede is voornemens diensten met betrekking tot voorlichting over de energietransitie (energieloket diensten), ondersteunende diensten voor wijkgerichte aanpakken in het kader van de warmtetransitie (energie opbouwwerk) en diensten met gericht op het bestrijden van energiearmoede uit te laten voeren door lokaal verankerde organisaties. Het gaat om diensten van algemeen belang die bijdragen aan duurzaamheid, armoedebestrijding en arbeidsparticipatie. Het doel is om de energietransitie zo democratisch, eerlijk en snel mogelijk te maken, door de inzet van representatieve en lokaal verankerde organisaties. Daartoe verstrekt de gemeente een subsidie voor de duur van maximaal vier jaar. De voorlichting en ondersteuning in de energietransitie valt uiteen in een aantal onderdelen (percelen). Hieronder is per onderdeel kort uitleg gegeven. Deze tender is als bijlage bij de subsidieregeling ‘voorlichting &amp; ondersteuning energietransitie gemeente Ede’ en het bijhorende programma van eisen opgenomen op basis waarvan u de inschrijving(en) kunt doen. De subsidie zal ook per perceel (A, B, of C) worden toegekend. </al><al /><al>In de energietransitie moeten bewoners en bedrijven individueel stappen zetten en ook gezamenlijk besluiten hoe van het aardgas af te gaan. Om goed aan te sluiten bij lokale behoeften is kennis van formele en informele netwerken belangrijk. Lokale verankering of representatie kan een positief effect hebben op de betrokkenheid en inclusiviteit in de uitvoering van de energietransitie. Invulling van de gevraagde diensten waarmee gelijktijdig een bijdrage wordt geleverd aan andere gemeentelijke doelen wordt als positief beoordeeld. Gedacht kan worden creëren van maatschappelijke betrokkenheid, vroeg-signalering en het begeleiden van re-integranten.</al><al /><al><nadruk type="vet">A. Energieloket en energieopbouwwerk</nadruk></al><al>Om inwoners wegwijs te maken in de energietransitie heeft de gemeente Ede sinds 2016 het Energieloket. Het Energieloket is het gratis en onafhankelijke startpunt voor alle inwoners/ gebouweigenaren die aan de slag willen met gebouwverduurzaming. Het Energieloket:</al><lijst><li><li.nr>vi.</li.nr><al>geeft voorlichting over te nemen verduurzamingsmaatregelen zoals isolatie en duurzame verwarmingstechnieken, de kosten hiervan en de besparingen die dat oplevert; </al></li><li><li.nr>vii.</li.nr><al>geeft advies over leningen en subsidies om de maatregelen te betalen en helpt bij het aanvragen hiervan; </al></li><li><li.nr>viii.</li.nr><al>verwijst het loket door naar vertrouwde (lokale en regionale) aanbieders van verduurzamende maatregelen; </al></li><li><li.nr>ix.</li.nr><al>doet voorstellen voor campagnes gericht op verduurzaming en werkt mee aan de uitvoering van deze campagnes;</al></li><li><li.nr>x.</li.nr><al>informeert bewonersgroepen over de stappen die nodig zijn om een eigen energiecoörperatie, warmteschap of energiegemeenschap op te richten. </al></li></lijst><al>Sinds 2023 beschikt het Energieloket over een fysieke locatie in Ede stad zodat inwoners laagdrempelig om advies kunnen vragen. Het aantal ondersteuningsvragen groeit nog steeds gestaag. Inschrijvers dienen rekening te houden met 2.600 contactmomenten per jaar. Dit is globaal onderverdeeld in jaarlijks circa 1.000 telefonische verzoeken,1.000 per email en 600 door fysiek bezoek op locatie. </al><al /><al>Daarnaast ondersteunt gemeente Ede sinds 2018 actief (bewoners) initiatieven op het gebied van de energietransitie. In 2020 is gestart met wijkgerichte aanpakken in het kader van de warmtetransitie (aardgasvrij wonen) waarbij onder projectleiding van de gemeente lokale energieopbouwwerkers worden ingezet om de betrokkenheid van bewoners te vergroten. </al><al /><al>Opbouwwerkers zijn verantwoordelijk voor het opzetten van het participatietraject met gemeente en inwoners om te komen tot concrete buurtgerichte plannen voor de warmtetransitie. Het doel van de participatietrajecten is om te komen tot een gedragen en breed geaccepteerd buurtuitvoeringsplan op basis waarvan inwoners hun woningen kunnen gaan verduurzamen. Voorbeelden daarvan zijn hier te vinden (<extref doc="https://www.ede-natuurlijk.nl/wonen-zonder-aardgas/rietkampen"><nadruk type="ondlijn">https://www.ede-natuurlijk.nl/wonen-zonder-aardgas/rietkampen</nadruk></extref>). Op jaarbasis wordt ongeveer 2.400 uur energieopbouwwerk verwacht. De werkzaamheden zijn verdeeld over:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>circa 4 buurt/ wijkgerichte aanpakken waar gewerkt wordt aan het <nadruk type="ondlijn">opstellen</nadruk> van buurtuitvoeringsplannen (intensief 2.000 uur);</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>ondersteuning van initiatieven in de dorpen (op verzoek initiatiefnemers circa 200 uur per jaar);</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>in een toenemend aantal buurt/ wijkgerichte aanpakken waarvoor buurtuitvoeringsplannen <nadruk type="ondlijn">zijn vastgesteld</nadruk> (weinig intensief, ca. 3 contactmomenten per buurt per jaar, 100 uur per buurt per jaar). Nu is voor 2 buurten een buurtuitvoeringsplan vastgesteld. Per jaar komen er 2 buurt/ wijkgerichte aanpakken bij waar vastgestelde buurtuitvoeringsplannen voor zijn. </al></li></lijst><al><nadruk type="vet">B. Sociaal werk in de energietransitie</nadruk></al><al>Het betrekken en ondersteunen van kwetsbare groepen (bv. minima) vergt een andere aanpak en is een apart onderdeel. De nadruk ligt niet zozeer direct op de energietransitie maar eerst op het in contact komen met de doelgroep en vandaaruit te bekijken of energietransitie te combineren is met sociale winst. Daarbij kan gedacht worden aan het verhogen van het (zelf)vertrouwen, verhogen van de bestaanszekerheid en het mee kunnen doen aan de energietransitie en samenleving. Het doel van deze subsidie is om alle inwoners mee te nemen in de energietransitie. De sociaal werker(s) voor kwetsbare groepen wordt hierbij gezien als (vaste) intermediair tussen de overige deelnemers en werkzaamheden uit deze subsidietender. Dit valt uiteen in de volgende onderdelen:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Sociaal werk wijkaanpak warmtetransitie (ca 650 uur/ jr)</al><al><nadruk type="cur">Participatie van kwetsbare groepen in het opstellen van het buurtuitvoeringsplan aardgasvrij. In samenwerking met de energieopbouwwerkers van perceel B.</nadruk></al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Benaderen en ondersteunen uitzonderingsgroep lokale aanpak isolatie (ca 850 uur/ jr.)</al><al><nadruk type="cur">Woningeigenaren met een inkomen tot 150% van het sociaal minimum ondersteunen bij het treffen van isolatiemaatregelen in het kader van de lokale aanpak isolatie. Deze bewoner krijgen de mogelijkheid tot €6000,- uit te geven aan isolatie van hun woning. De bewoner bepaald zelf welke ondersteuning gewenst is. Per inwoner wordt er maatwerk geleverd. Bewoners worden actief benaderd (bv. gespikkeld bezit) en worden via de online subsidiechecker aangemeld.</nadruk></al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Uitvoering Energiebank (ca 1250 uur/ jr.)</al><al><nadruk type="cur">Het werven en coördineren van vrijwillige energiecoaches en hen koppelen aan kwetsbare huishoudens om via gedragsverandering en kleine maatregelen energiebesparing te realiseren.</nadruk></al></li></lijst><al><nadruk type="vet">C. FIXbrigade </nadruk></al><al>Sinds 2020 zijn er verschillende gemeentelijke faciliteiten ingericht ter bestrijding van energiearmoede. De komende jaren blijft ingezet worden op het installeren van kleine energiebesparende maatregelen bij huishoudens met (een risico op) energiearmoede. Denk aan aanschaf en installatie van radiatorfolie- en ventilatoren, tochtstrips en energiezuinige verlichting. Deze faciliteit wordt zowel aan woningeigenaren als aan huurders (in afstemming met de woningcorporatie) aangeboden. Verwacht wordt dat ca. 250 adressen per jaar gebruik maken van de faciliteit voor kleine energiebesparende maatregelen. Per adres kan tot maximaal €250,- aan energiebesparende maatregelen geïnstalleerd worden (excl. BTW en installatiekosten). </al><al>Het gaat hierbij om bewoners die mogelijk kwetsbaar zijn. Verbinding, herkenbaarheid en betrouwbaarheid met en bij de doelgroep is van groot belang. Inzet van vrijwilligers en re-integranten draagt hieraan bij; Edenaren helpen Edenaren. </al><al /><al><nadruk type="vet">Omvang subsidie</nadruk></al><al>De subsidie wordt jaarlijks verleend en bedraagt voor perceel A maximaal € 600.000,- per jaar, voor perceel B maximaal € 250.000,- per jaar en voor perceel C maximaal € 250.000,- per jaar. Elk jaar dienen de ontvangers opnieuw een aanvraag in met een geactualiseerde begroting. Bij de jaarlijkse vaststelling van de subsidie wordt op basis van de daadwerkelijk gerealiseerde inkomsten en uitgaven het definitieve subsidiebedrag bepaald. </al><al /><al><nadruk type="vet">Selectiecriteria</nadruk></al><al>De aanvragen zullen worden beoordeeld op:</al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Kwaliteit van het plan van aanpak </al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Invulling aan de eisen en wensen uit de regeling en PvE</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Lokale verankering</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Mate van inclusiviteit</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Samenwerkingskracht</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>De wijze van monitoring en evaluatie</al></li></lijst></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Ervaring en deskundigheid</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>CV’s van in te zetten personeel</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Referentieprojecten</al></li></lijst></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Prijs-kwaliteitverhouding</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Globale begroting met personele kosten, overhead en materialen</al></li></lijst></li></lijst><al>De beoordeling en selectie geschiedt op basis van de bovenstaande selectiecriteria per perceel. Als meerdere aanvragen voor een perceel voldoen aan de in de subsidieregeling genoemde voorwaarden en minimum indieningseisen, vindt selectie van de winnende aanvraag plaats op basis van de onderstaande beoordeling. Voor het beoordelen en toekennen van de genoemde punten per criterium werken we met de volgende schaal:</al><al /><table frame="all"><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*" /><colspec colname="col2" colwidth="19*" /><tbody><row><entry colname="col1"><al>Onvoldoende </al></entry><entry colname="col2"><al>0% van de punten </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Matig</al></entry><entry colname="col2"><al>20% van de punten</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Voldoende </al></entry><entry colname="col2"><al>50% van de punten </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Goed</al></entry><entry colname="col2"><al>75% van de punten </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Uitstekend </al></entry><entry colname="col2"><al>100% van de punten</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al /><al>1. Het plan van aanpak voor het uitvoeren van de gesubsidieerde werkzaamheden. (maximaal 60 punten)</al><al /><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="colA" /><tbody><row><entry><al><nadruk type="cur">De toegevoegde waarde wordt beoordeeld op basis van de volgende factoren:</nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al><nadruk type="cur">hoe invulling gegeven wordt aan vraagstelling, eisen en wensen uit de subsidieregeling, het programma van eisen en de selectiecriteria uit deze tender van het betreffende perceel waarop wordt ingeschreven.</nadruk></al></li></lijst></entry></row></tbody></tgroup></table><al /><al>2. Aantoonbare ervaring en deskundigheid. (maximaal 20 punten)</al><al /><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="colA" /><tbody><row><entry><al><nadruk type="cur">Bij deze beoordeling is in ieder geval van belang:</nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al><nadruk type="cur">dat doormiddel van CV’s van het in te zetten personeel de ervaring en deskundigheid voor de gesubsidieerde werkzaamheden wordt aangetoond.</nadruk></al></li></lijst></entry></row></tbody></tgroup></table><al /><al>3. Een jaar- begroting voor de gesubsidieerde werkzaamheden. (maximaal 20 punten) </al><al /><table frame="all"><tgroup cols="1"><colspec colname="colA" /><tbody><row><entry><al><nadruk type="cur">Bij deze beoordeling is in ieder geval van belang:</nadruk></al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al><nadruk type="cur">globaal inzicht wordt gegeven in de personele kosten van het in te zetten personeel, overhead kosten (ICT, gebouwhuur etc.) en indien van toepassing (zoals bij perceel 4.) kosten van aan te schaffen materialen. </nadruk></al></li></lijst></entry></row></tbody></tgroup></table><al /><al><nadruk type="vet">Selectiecommissie </nadruk></al><al>De beoordelingscommissie/selectiecommissie bestaat uit twee beleidsadviseurs vanuit de gemeente Ede. De beleidsadviseurs beoordelen afzonderlijk de aanvragen op onderdelen 1 tot en met 3 zoals hierboven beschreven en een gemiddelde wordt bepaald. Het gemiddelde bepaalt de puntverdeling voor de onderdelen 1 tot en met 3 waaraan de punten uit selectiecriteria 5 worden toegevoegd. De winnaar is de aanvraag met de meest behaalde punten. Indien twee partijen met gelijkwaardig aantal punten wordt beoordeeld zal door middel van loting gerangschikt worden.</al><al /><al><nadruk type="vet">Aanvraagtijdvak </nadruk></al><al>Aanvragen worden uitsluitend in behandeling genomen als zij zijn ingediend vóór 26 mei 2026.</al><al /><table frame="all"><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="55*" /><colspec colname="col2" colwidth="35*" /><tbody><row><entry colname="col1"><al><nadruk type="vet">Activiteit</nadruk></al></entry><entry colname="col2"><al><nadruk type="vet">Data</nadruk></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Publicatie subsidietender (Gemeenteblad)</al></entry><entry colname="col2"><al>Woensdag 15 april 2026</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Sluitingsdatum en –tijdstip indienen aanvraag</al></entry><entry colname="col2"><al>Dinsdag 26 mei 2026</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Uitslag beoordeling aanvragen; subsidieverlening en -afwijzing</al></entry><entry colname="col2"><al>Woensdag 1 juli 2026</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Start subsidie- en dienstverlening</al></entry><entry colname="col2"><al>1 januari 2027</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al /><al><nadruk type="vet">Indienen van de aanvraag </nadruk></al><al>Aanvragen kunnen digitaal worden ingediend via https://www.ede.nl/aanvragen-en-regelen/subsidie. Aanvragen mogen daarnaast per brief worden ingediend: Postbus 9022, 6710 HK Ede.</al><al /><al><nadruk type="vet">Onderzoek geselecteerde aanvrager </nadruk></al><al>Burgemeester en wethouders kunnen van de geselecteerde aanvrager verlangen dat deze meewerkt aan een BIBOB-onderzoek en een verklaring omtrent gedrag voor rechtspersonen (VOG RP) overlegt.</al></bijlage><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr>2:</nr><titel>Programma van eisen Voorlichting en ondersteuning in de energietransitie 2027-2030</titel></kop><al /><al><nadruk type="vet">Inleiding </nadruk></al><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede is voornemens diensten met betrekking tot voorlichting over de energietransitie (energieloket diensten), ondersteunende diensten voor wijkgerichte aanpakken in het kader van de warmtetransitie (energie opbouwwerk), sociaal werk in de energietransitie en een Fixbrigade uit te laten voeren door lokaal verankerde organisaties. Het gaat om diensten van algemeen belang die bijdragen aan duurzaamheid, armoedebestrijding en arbeidsparticipatie. Daartoe verstrekt de gemeente een subsidie voor de duur van maximaal vier jaar. De voorlichting en ondersteuning in de energietransitie valt uiteen in een aantal onderdelen (percelen). Per onderdeel (perceel) is een programma van eisen opgesteld. De subsidie zal ook per perceel (A, B, of C) worden toegekend. Dit programma van eisen is vastgesteld ter uitvoering van de Algemene Subsidieverordening Ede en de subsidieregeling Voorlichting en ondersteuning in de energietransitie 2027-2030.</al><al /><al>In het eerste gedeelte, ‘Visie van het Gemeentebestuur’, staan de doelen en uitgangspunten benoemd, zoals door de Gemeenteraad vastgesteld. Dit zijn de doelen en uitgangspunten uit de gemeentebegroting en uit inhoudelijke beleidskaders. We willen dat de activiteiten/diensten waarvoor we subsidie verlenen, aansluiten bij de gemeentelijke beleidsdoelen. </al><al /><al>Het tweede gedeelte bevat de programma’s van eisen per perceel voor de organisaties: voor welk probleem of voor welke vraag een organisatie een subsidieaanvraag kan indienen. Uit de subsidieaanvraag moet o.a. blijken hoe en welke activiteit en/of de dienstverlening bijdraagt aan de te behalen resultaten, en op welke indicatoren wordt gemonitord. In onderdeel 2 van dit PvE is verder uitgewerkt wat in de aanvraag terug moet komen.</al><al /><al><nadruk type="vet">Visie van het gemeentebestuur</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">Energietransitie energiebesparing en warmtetransitie</nadruk></al><al>De Gemeente Ede zet in de Routekaart Klimaatneutraal 2050 in op een volledig duurzaam en lokaal energiesysteem, met duidelijke tussendoelen richting 2030 en 2050. Zo wordt gestuurd op een CO₂-reductie van circa 55% in 2030 en 100% in 2050, gecombineerd met een afname van de energievraag met ongeveer 30–50% door energiebesparing. Deze besparing richt zich vooral op de gebouwde omgeving, waar isolatie van woningen, efficiëntere installaties en bewust energiegebruik centraal staan. Slecht geïsoleerde woningen worden stapsgewijs verbeterd, met als doel een structureel lager energieverbruik en meer wooncomfort.</al><al /><al>De warmtetransitie vormt een tweede belangrijke pijler. Ede werkt toe naar een volledig aardgasvrije gebouwde omgeving in 2050, met tussenstappen per wijk. Afhankelijk van de lokale situatie wordt gekozen voor individuele oplossingen, zoals warmtepompen, of collectieve systemen zoals warmtenetten. Voor moeilijk te verduurzamen gebouwen kan in beperkte mate gebruik worden gemaakt van alternatieven zoals groen gas. Deze wijkgerichte aanpak zorgt voor een gefaseerde en haalbare overgang.</al><al>Voorlichting en de rol van inwoners zijn essentieel in deze transitie. De gemeente ziet bewoners en gebouweigenaren als actieve partners en zet in op bewustwording, begeleiding en ondersteuning. Dit gebeurt onder andere via informatiecampagnes, energieadvies en (financiële) stimuleringsregelingen. Inwoners worden gestimuleerd om zelf maatregelen te nemen, zoals isoleren of overstappen op duurzame warmte, maar ook om samen te werken in lokale initiatieven. De energietransitie wordt daarmee niet alleen een technische opgave, maar ook een maatschappelijke verandering waarin participatie en draagvlak cruciaal zijn. </al><al>Het doel is om de energietransitie zo democratisch, eerlijk en snel mogelijk te maken, door de inzet van representatieve en lokaal verankerde organisaties via deze subsidies.</al><al /><al><nadruk type="vet">Energietransitie en sociaal</nadruk></al><al>De “Visie sociaal Ede 2040, Voorkomen is beter dan genezen” van de gemeente Ede legt sterk de nadruk op preventie, samenwerking en het versterken van de sociale basis. Dit sluit direct aan bij sociaal werk binnen de energietransitie en de inzet van een fixbrigade. De gemeente wil problemen voorkomen door in te zetten op onderliggende oorzaken zoals armoede, eenzaamheid en beperkte zelfredzaamheid. Voor de energietransitie betekent dit dat energiearmoede vroeg gesignaleerd en aangepakt wordt, bijvoorbeeld via huisbezoeken en praktische hulp. Door sociaal werk in de energietransitie wordt de doelgroep benaderd en betrokken. De Fixbrigade wordt ingezet voor kleine energiebesparende maatregelen. Gezondheid wordt breed gezien, inclusief meedoen, kwaliteit van leven en bestaanszekerheid. Energiearmoede heeft hier direct invloed op (stress, financiële druk, minder comfort in huis). Activiteiten zoals die van een fixbrigade dragen bij aan welzijn en dagelijks functioneren. De gemeente kiest voor ongelijk investeren voor gelijke kansen, met focus op kwetsbare inwoners en wijken. Dit ondersteunt een gerichte aanpak van het benaderen van de doelgroep met sociaal werkers en de inzet van de fixbrigade bij huishoudens met lage inkomens of verhoogd risico op energiearmoede. Er wordt ingezet op samenwerking tussen inwoners, vrijwilligers en organisaties. De sociaal werkers benaderen en betrekken inwoners, de fixbrigade past hierin als collectieve, laagdrempelige voorziening waarin vrijwilligers, professionals en bewoners samenwerken en elkaar versterken. De gemeente stimuleert collectieve voorzieningen die efficiënt zijn en sociale verbinding versterken. Er is nadruk op toegankelijkheid, ontmoeting en het bereiken van diverse doelgroepen. Voor de energietransitie betekent dit dat ook moeilijk bereikbare of kwetsbare groepen worden betrokken en ondersteund.</al><al /><al><nadruk type="vet">Vragen aan de inschrijvers</nadruk></al><al>In 2. zijn de visies en beleidsdoelen van het gemeentebestuur op het gebied van energietransitie en het sociaal domein in relatie tot energietransitie geschetst. In uw aanvraag(en) op de percelen beschrijft u hoe uw aanvraag in algemene zin aansluit bij de beweging die de gemeente wil maken.</al><al>In de paragrafen hieronder worden per perceel (A, B en C) de specifieke wensen en eisen voor de betreffende subsidiabele werkzaamheden beschreven. In uw aanvraag geeft u specifiek aan hoe u invulling geeft aan deze wensen en eisen. </al><al /><al><nadruk type="vet">Perceel A energieloket en energieopbouwwerk</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">1. Doel en context</nadruk></al><al>De gemeente Ede stelt subsidie beschikbaar voor een organisatie die uitvoering geeft aan:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>energieloketdiensten (informatie, advies en begeleiding);</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>energieopbouwwerk in de buurtgerichte aanpak warmtetransitie (activering en ondersteuning van bewoners);</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>het stimuleren van energiebesparing en duurzame warmteoplossingen;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>het vergroten van bewonersbetrokkenheid en eigenaarschap in de energietransitie;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>het ondersteunen van een inclusieve en rechtvaardige energietransitie.</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">2. Scope van de werkzaamheden </nadruk></al><al>De subsidieaanvrager levert integrale dienstverlening bestaande uit:</al><al /><al><nadruk type="vet">2.1 Energieloketdiensten</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Onafhankelijke en laagdrempelige informatievoorziening:</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Voorlichting over te nemen verduurzamingsmaatregelen zoals isolatie en duurzame verwarmingstechnieken, de kosten hiervan en de besparingen die dat oplevert; </al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Advies over leningen en subsidies om de maatregelen te betalen en helpt bij het aanvragen hiervan; </al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Verwijzing naar vertrouwde (lokale en regionale) aanbieders van verduurzamende maatregelen; </al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Doet voorstellen voor campagnes gericht op verduurzaming en werkt mee aan de uitvoering van deze campagnes;</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Informeert bewonersgroepen over de stappen die nodig zijn om een eigen energiecoörperatie, warmteschap of energiegemeenschap op te richten. </al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Persoonlijk advies:</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>online, telefonisch en fysiek;</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>online via een website en emailadres;</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>telefonische bereikbaarheid 5 dagen per week, ten minste 4 uur op zaterdag;</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>fysieke bereikbaarheid . </al></li></lijst></li></lijst><al><nadruk type="vet">2.2 Energieopbouwwerk</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Activeren, betrekken en ondersteunen van bewoners(groepen) in focuswijken warmtetransitie (TVW en warmteprogramma) en het adviseren van de gemeente hierover;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>opzetten en begeleiden van bewonersinitiatieven (ook in niet focuswijken);</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>organiseren van bijeenkomsten en buurt/ wijkacties;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>specifieke aandacht voor moeilijk bereikbare doelgroepen;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>samenwerking met lokale netwerken en sleutelpersonen.</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">3. Doelgroepen</nadruk></al><al>De dienstverlening richt zich op:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>eigenaar-bewoners;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>huurders;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>verenigingen van Eigenaren (VvE’s);</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>kwetsbare huishoudens (energiearmoede);</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>lokale initiatieven en bewonerscollectieven.</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">4. Inspanning en resultaten</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager levert aantoonbare resultaten, rekening dient gehouden te worden met:</al><al /><al><nadruk type="vet">4.1 Energieloket </nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>2.600 contactmomenten per jaar:</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>1.000 telefonische verzoeken</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>1.000 per email </al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>600 door fysiek bezoek op locatie </al></li></lijst></li></lijst><al><nadruk type="vet">4.2 Energieopbouwwerk</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Op jaarbasis wordt ongeveer 2.400 uur energieopbouwwerk verwacht verdeeld over:</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>4 buurt/ wijkgerichte aanpakken waar gewerkt wordt aan het opstellen van buurtuitvoeringsplannen (intensief 2.000 uur);</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Ondersteuning van initiatieven in de dorpen (op verzoek initiatiefnemers circa 200 uur per jaar);</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>In een toenemend aantal buurt/ wijkgerichte aanpakken waarvoor buurtuitvoeringsplannen zijn vastgesteld (weinig intensief, ca. 3 contactmomenten per buurt per jaar, 100 uur per buurt per jaar). Nu is voor 2 buurten een buurtuitvoeringsplan vastgesteld. Per jaar komen er 2 buurt/ wijkgerichte aanpakken bij waar vastgestelde buurtuitvoeringsplannen voor zijn</al></li></lijst></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">5. Kwaliteitseisen</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">5.1 Deskundigheid</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Aantoonbare kennis van energietransitie en verduurzaming;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>voldoet aan de kwaliteitsrichtlijn voor energieloketten;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>de subsidieontvanger draagt zorg voor relevante (na)scholing van medewerkers;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>ervaring met bewonersparticipatie en opbouwwerk;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>bekendheid met lokale context.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">5.2 Onafhankelijkheid</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Advies is objectief en niet commercieel gestuurd</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">5.3 Toegankelijkheid</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Laagdrempelig (taalniveau, bereikbaarheid, inclusiviteit)</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Fysieke aanwezigheid in wijken</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">5.4 Inclusiviteit</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Aansluiting bij diverse doelgroepen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Inzet van passende communicatiemiddelen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Bekendheid met lokale context en waarbij lokale verankering is geborgd</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">6. Samenwerking</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager werkt actief samen met:</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Gemeente Ede</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Woningcorporaties</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Lokale initiatieven en energiecoöperaties</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Welzijns- en maatschappelijke organisaties</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Regionale en landelijke programma’s</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">7. Monitoring en rapportage </nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Inzicht in KPI’s en voortgang energieloket:</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Bemensing vaste locatie Energieloket (5 dagen per week, 7 uur per dag)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Contactmomenten en ondersteuning klantreizen verduurzaming, van eenvoudige vraag tot en met complete reis, voor alle doelgroepen (2500 per jaar)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Aantal georganiseerde of deelname aan acties, in brede zin (12 per jaar)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Aantal huisbezoeken (minimaal 200 per jaar)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Aantal benaderde of ondersteunde VvE’s (minimaal 20 per jaar)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Klachtafhandeling en klanttevredenheid (tevredenheid minimaal een 7)</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Inzicht in KPI’s en voortgang energieopbouwwerk:</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Ondersteuning bij het uitvoeren van vastgestelde buurtuitvoeringsplannen warmtetransitie (BUP’s) (nu 2 buurt + elk jaar +2)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Ondersteuning bij het opstellen van buurtuitvoeringsplannen warmtetransitie (BUP’s) (2 per jaar)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Ondersteuning opkomende initiatieven, dorpen, dorps- en wijkraden. Doel is om elke groep met onze ondersteuning minimaal 1 activiteit op het vlak van energiebesparing/warmtetransitie te laten organiseren (ten minste 3 initiatieven per jaar)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Kwartiermaken: van opwarm naar warmtewijk (1 per jaar)</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Gebruik van gemeentelijke monitoringstools (indien van toepassing)</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Voortgangsrapportage per kwartaal inclusief kwalitatieve terugkoppeling </al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Jaarlijkse rapportage waaruit blijkt of de resultaten zijn gerealiseerd, de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en hebben bijgedragen aan de resultaten, en of aan de verplichtingen is voldaan</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Een financiële verantwoording, van de baten en lasten zoals opgenomen in de subsidieaanvraag</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Een controleverklaring bij de financiële verantwoording, door een onafhankelijk accountant. De controle moet worden verricht op basis van een voldoende betrouwbaar controleprotocol. U kunt hiervoor gebruik maken van het Verantwoordings- en accountantsprotocol Gemeente Ede 2018. (Vanaf 250.000 verplicht en tussen 125.000 en 250.000 eens per 4 jaar)</al></li></lijst></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">8. Innovatie en ontwikkeling</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Draagt bij aan doorontwikkeling van de aanpak en komt hiervoor met voorstellen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Test en implementeert innovatieve werkvormen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Deelt kennis en best practices</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">9. Looptijd en budget</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Looptijd: tot en met 2030</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Subsidieplafond: € 600.000, - per jaar</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Jaarlijkse aanvraag en subsidieverlening op basis van verrichtte werkzaamheden</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Perceel B Sociaal werk in de energietransitie</nadruk></al><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">1. Doel en context</nadruk></al><al>De gemeente Ede stelt subsidie beschikbaar aan een organisatie uitvoering geeft aan:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Betrekken en ondersteunen van mogelijk kwetsbare inwoners in de energietransitie</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Sociaal werk in de buurtgerichte aanpak warmtetransitie (participatie van kwetsbare groepen)</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Het verminderen van energiearmoede</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Het vergroten van energiebewustzijn en handelingsperspectief</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">2. Scope van de werkzaamheden</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager voert de volgende samenhangende taken uit:</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">2.1 Sociaal werk in de buurtgerichte aanpak warmtetransitie</nadruk></al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Analyse van formele en informele structuren in de buurt resulterend in een advies voor participatie aan de gemeente</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Deelname aan en actieve samenwerking met de projectgroep per buurt</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Actieve benadering van mogelijk kwetsbare inwoners (outreachend werken) </al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Signaleren van energiearmoede en ondersteuningsbehoeften</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Verbinden met bestaande hulpstructuren (schuldhulpverlening, welzijnswerk, woningcorporaties)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Mede organiseren van bewonersbijeenkomsten en voorlichting</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">2.2 Benaderen en ondersteunen uitzonderingsgroep lokale aanpak isolatie</nadruk></al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Woningeigenaren met een inkomen tot 150% van het sociaal minimum actief benaderen en ondersteunen bij het treffen isolatiemaatregelen in het kader van de lokale aanpak isolatie</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Actieve deelname aan de projectgroep lokale aanpak isolatie</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Bieden van coaching en advies op maat</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Verbinden met bestaande hulpstructuren (schuldhulpverlening, welzijnswerk, woningcorporaties)</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">2.3 Uitvoering Energiebank</nadruk></al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Werven en coördineren van vrijwillige energiecoaches</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Samenwerken met Energiebank Nederland voor de opleiding van de vrijwillige energiecoaches</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Werven bewoners met (een risico op) energiearmoede en hen koppelen aan de energiecoach</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Verbinden met bestaande hulpstructuren (schuldhulpverlening, welzijnswerk, woningcorporaties)</al></li></lijst></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">3. Doelgroepen</nadruk></al><al>De inzet richt zich primair op:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Huishoudens met (een risico op) energiearmoede, zowel huur als koop</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Inwoners met een laag inkomen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Mensen met beperkte zelfredzaamheid</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Moeilijk bereikbare doelgroepen</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">4. Inspanning en resultaten</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager levert aantoonbare resultaten, rekening dient gehouden te worden met:</al><al /><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">4.1 Sociaal werk in de buurtgericht aanpak warmtetransitie</nadruk></al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>inzet van circa 650 uur per jaar</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>deelname in 4 buurtgerichte aanpakken warmtetransitie</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">4.2 Benaderen en ondersteunen uitzonderingsgroep lokale aanpak isolatie</nadruk></al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Inzet van circa 850 uur per jaar</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Benaderen en ondersteunen van circa 150 huishoudens</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al><nadruk type="vet">4.3 Uitvoering Energiebank</nadruk></al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Werven en coördineren van circa 20 tot 30 vrijwilligers</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Werven en ondersteunen van circa 100 tot 150 huishoudens</al></li></lijst></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">5. Kwaliteitseisen</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">5.1 Deskundigheid</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Aantoonbare kennis van de energietransitie en verduurzaming</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Bekendheid met lokale context</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>De subsidieontvanger draagt zorg voor relevante (na)scholing van medewerkers</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>De organisatie en de betreffende medewerkers werken aantoonbaar volgens de van toepassing zijnde beroepscode</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Ervaring met het aansturen van vrijwilligers</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">5.2 Onafhankelijkheid</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Advies en ondersteuning is objectief en niet commercieel gestuurd</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">5.3 Toegankelijkheid</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Laagdrempelig (taalniveau, bereikbaarheid, inclusiviteit)</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Fysieke aanwezigheid in wijken</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">5.4 Inclusiviteit</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Aansluiting bij diverse doelgroepen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Bekendheid met lokale context en waarbij lokale verankering is geborgd</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Inzet van passende communicatiemiddelen</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">6. Samenwerking</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager werkt actief samen met:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Gemeente Ede</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Woningcorporaties</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Lokale initiatieven en energiecoöperaties</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>De Fixbrigade</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Welzijns- en maatschappelijke organisaties</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Regionale en landelijke programma’s</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">7. Monitoring en rapportage</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Houdt een registratie bij van de volgende KPI’s:</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>uitgevoerde bezoeken en uitkomst (Energiebank en lokale aanpak isolatie)</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>urenregistratie</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>aantal betrokken kwetsbare huishoudens per buurt bij opstellen en uitvoeren buurtgerichte aanpak warmtetransitie</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Gebruik van (gemeentelijke) monitoringstools (indien van toepassing)</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Voortgangsrapportage per kwartaal, inclusief kwalitatieve terugkoppeling per project</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Jaarlijkse rapportage waaruit blijkt of de resultaten zijn gerealiseerd, de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en hebben bijgedragen aan de resultaten, en of aan de verplichtingen is voldaan</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Een financiële verantwoording, van de baten en lasten zoals opgenomen in de subsidieaanvraag</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>een controleverklaring bij de financiële verantwoording, door een onafhankelijk accountant. De controle moet worden verricht op basis van een voldoende betrouwbaar controleprotocol. U kunt hiervoor gebruik maken van het Verantwoordings- en accountantsprotocol Gemeente Ede 2018. (Vanaf 250.000 verplicht en tussen 125.000 en 250.000 eens per 4 jaar)</al></li></lijst></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">8. Innovatie en ontwikkeling</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Draagt bij aan doorontwikkeling van de aanpak en komt hiervoor met voorstellen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Test en implementeert innovatieve werkvormen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Deelt kennis en best practices</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">9. Looptijd en budget </nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Looptijd: tot en met 2030</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Subsidieplafond: € 250.000, - per jaar</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Jaarlijkse aanvraag en uitkering op basis van verrichtte werkzaamheden</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Perceel C Fixbrigade</nadruk></al><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">1. Doel en context</nadruk></al><al>De gemeente Ede stelt subsidie beschikbaar aan een organisatie uitvoering geeft aan:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Bereiken en ondersteunen van mogelijk kwetsbare inwoners in de energietransitie (bv. minima)</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Het verminderen van energiearmoede</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Het uitvoeren van praktische energiebesparende maatregelen via een fixbrigade</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Het naar werk begeleiden van re-integranten</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">2. Scope van de werkzaamheden</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager voert de volgende taken uit:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Inrichten en coördineren van een fixbrigade</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Uitvoeren van kleine energiebesparende maatregelen, zoals:</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Aanbrengen van tochtstrips</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Plaatsen van radiatorfolie</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Installeren van waterbesparende douchekoppen</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Vervangen van verlichting door LED</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Streven naar inzet van vrijwilligers en/of re-integratietrajecten</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">3. Doelgroepen</nadruk></al><al>De inzet richt zich primair op:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Huishoudens met (een risico op) energiearmoede, zowel huur als koop</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Inwoners met een laag inkomen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Mensen met beperkte zelfredzaamheid</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Moeilijk bereikbare doelgroepen</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">4. Inspanning en resultaten</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager levert aantoonbare resultaten, rekening dient gehouden te worden met:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>250 tot 300 bereikte en ‘gefixte’ huishoudens;</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Aantoonbare energiebesparing per huishouden (indicatief)</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">5. Kwaliteitseisen</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">5.1 Deskundigheid</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Aantoonbare kennis van de energietransitie en verduurzaming</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Ervaring met het installeren van kleine energiebesparende maatregelen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Ervaring met het aansturen van vrijwilligers</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Ervaring met het begeleiden van re-integranten</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>De subsidieontvanger draagt zorg voor relevante (na)scholing van medewerkers</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Bekendheid met de lokale context</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">5.2 Onafhankelijkheid</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Ondersteuning is objectief en niet commercieel gestuurd</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">5.3 Toegankelijkheid</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Laagdrempelig (taalniveau, bereikbaarheid, inclusiviteit)</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Fysieke aanwezigheid in wijken</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">5.4 Inclusiviteit</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Aansluiting bij diverse doelgroepen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Inzet van passende communicatiemiddelen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Bekendheid met lokale context en waarbij lokale verankering is geborgd</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">•</nadruk><nadruk type="vet">6. Samenwerking</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager werkt actief samen met:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Gemeente Ede</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Woningcorporaties</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Lokale initiatieven en energiecoöperaties</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>De Fixbrigade Nederland</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Welzijns- en maatschappelijke organisaties</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Regionale en landelijke programma’s</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">•</nadruk><nadruk type="vet">7. Monitoring en rapportage</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Voortgangsrapportage per kwartaal inclusief kwalitatieve terugkoppeling</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Jaarlijkse rapportage waaruit blijkt of de resultaten zijn gerealiseerd, de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en hebben bijgedragen aan de resultaten, en of aan de verplichtingen is voldaan</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Houdt een registratie bij van de volgende KPI’s:</al><lijst><li><li.nr>○</li.nr><al>Het aantal huurwoningen waar energiebesparende maatregelen zijn getroffen;</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Gemaakte kosten voor de huurwoningen (capaciteit en materiaal);</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Het aantal koopwoningen waar energiebesparende maatregelen zijn getroffen;</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Gemaakte kosten voor de koopwoningen (capaciteit en materiaal);</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Het aantal getroffen kleine gasbesparende maatregelen;</al></li><li><li.nr>○</li.nr><al>Het aantal getroffen kleine elektriciteitsbesparende maatregelen.</al></li></lijst></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Een financiële verantwoording, van de baten en lasten zoals opgenomen in de subsidieaanvraag</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Een controleverklaring bij de financiële verantwoording, door een onafhankelijk accountant. De controle moet worden verricht op basis van een voldoende betrouwbaar controleprotocol. U kunt hiervoor gebruik maken van het Verantwoordings- en accountantsprotocol Gemeente Ede 2018. (Vanaf 250.000 verplicht en tussen 125.000 en 250.000 eens per 4 jaar)</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">8. Innovatie en ontwikkeling</nadruk></al><al>De subsidieaanvrager:</al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Draagt bij aan doorontwikkeling van de aanpak en komt hiervoor met voorstellen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Test en implementeert innovatieve werkvormen</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Deelt kennis en best practices</al></li></lijst><al>________________________________________</al><al><nadruk type="vet">9. Looptijd en budget</nadruk></al><lijst><li><li.nr>•</li.nr><al>Looptijd: tot en met 2030</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Subsidieplafond: € 250.000, - per jaar</al></li><li><li.nr>•</li.nr><al>Jaarlijkse aanvraag en uitkering op basis van verrichtte werkzaamheden</al></li></lijst><al>________________________________________</al></bijlage><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr>3:</nr><titel>Model DAEB energietransitie</titel></kop><al /><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede;</al><al /><al>gelet op de artikelen 14 en 106 van het Verdrag inzake de werking van de Europese Unie (VWEU);</al><al /><al>gelet op het besluit van de Commissie van 16 december 2025, betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen, PbEU 2025/2630 (hierna: Vrijstellingsbesluit DAEB);</al><al /><al>gelet op artikel 160, eerste lid aanhef en onder a van de Gemeentewet;</al><al /><al>overwegende dat Diensten van Algemeen Economisch Belang (hierna: DAEB) hun bestaansrecht ontlenen aan de artikelen 14 en 106, tweede lid van het VWEU. Om gebruik te kunnen maken van de bijzondere positie die een DAEB inneemt binnen de Europese staatssteunregelgeving, moet daarvoor een onderneming specifiek met het beheer van een DAEB worden belast;</al><al>besluit:</al><al /><al><nadruk type="vet">I Aanwijzing als DAEB, de volgende diensten</nadruk></al><al>Op grond van artikel 2, eerste lid, onder a van het Vrijstellingsbesluit DAEB (2012/21/EU) worden de toegewezen diensten van [naam onderneming] als volgt beschreven:</al><al /><al><nadruk type="vet">Perceel A Energieloket en energieopbouwwerk</nadruk></al><al>De volgende activiteiten worden aangewezen als dienst van algemeen economisch belang:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>geeft voorlichting over te nemen verduurzamingsmaatregelen zoals isolatie en duurzame verwarmingstechnieken, de kosten hiervan en de besparingen die dat oplevert; </al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>geeft advies over leningen en subsidies om de maatregelen te betalen en helpt bij het aanvragen hiervan; </al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>verwijst het loket door naar vertrouwde (lokale en regionale) aanbieders van verduurzamende maatregelen; </al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>doet voorstellen voor campagnes gericht op verduurzaming en werkt mee aan de uitvoering van deze campagnes;</al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>informeert bewonersgroepen over de stappen die nodig zijn om een eigen energiecoörperatie, warmteschap of energiegemeenschap op te richten.</al></li><li><li.nr>f.</li.nr><al>opzetten van participatietrajecten in het kader van buurtuitvoeringsplannen aardgasvrij, onder projectleiding van de gemeente;</al></li><li><li.nr>g.</li.nr><al>ondersteuning van initiatieven aardgasvrij in de dorpen;</al></li><li><li.nr>h.</li.nr><al>ondersteuning bij uitvoering van vastgestelde buurtuitvoeringsplannen aardgasvrij.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Perceel B Sociaal werk in de energietransitie</nadruk></al><al>De volgende activiteiten worden aangewezen als dienst van algemeen economisch belang:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>zorgdragen voor de participatie en representatie van kwetsbare groepen in het opstellen van buurtuitvoeringsplannen in het kader van de buurtgerichte aanpak warmtetransitie;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>benaderen en ondersteunen van woningeigenaren met een inkomen tot 150% van het sociaal minimum ondersteunen bij het treffen van isolatiemaatregelen in het kader van de lokale aanpak isolatie;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>uitvoering van de Energiebank Ede; het werven en coördineren van vrijwillige energiecoaches en hen koppelen aan kwetsbare huishoudens om via gedragsverandering en kleine maatregelen energiebesparing te realiseren.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Perceel C Fixbrigade</nadruk></al><al>De volgende activiteiten worden aangewezen als dienst van algemeen economisch belang:</al><al>Het installeren van installeren van kleine energiebesparende maatregelen bij huishoudens met (een risico op) energiearmoede.</al><al /><al><nadruk type="vet">II Aard en duur van de openbare dienstverplichtingen</nadruk></al><al>[Aard van de activiteiten nader te bepalen op basis van de ingediende initiatieven. Het zal in ieder geval moeten gaan om concepten die voldoen aan de voorwaarden en verplichtingen uit de subsidieregeling].</al><al /><al>De duur van de activiteiten is van 1 januari 2027 tot en met 31 december 2030. </al><al /><al><nadruk type="vet">III Betrokken ondernemingen en betrokken grondgebied</nadruk></al><al>[Naam onderneming, beschrijving aard van de onderneming].</al><al /><al>De activiteiten vinden plaats binnen de gemeente Ede. </al><al /><al><nadruk type="vet">IV Aard van de uitsluitende of bijzondere rechten die de onderneming zijn toegekend</nadruk></al><al>De gemeente Ede heeft geen uitsluitende of bijzondere rechten toegekend aan [naam onderneming].</al><al /><al><nadruk type="vet">V Parameters voor berekening, controle en herziening van de compensatie</nadruk></al><al>De vergoeding die [naam onderneming] ontvangt is gebaseerd op de methode van kostentoerekening. Voor vergoeding in aanmerking komt het verschil tussen de in aanmerking te nemen inkomsten en uitgaven, inclusief redelijke winst. Dit kan worden uitgedrukt in de volgende formule:</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Compensatie DAEB</nadruk> = kosten DAEB + redelijke winst - inkomsten DAEB</al><al /><al><nadruk type="cur">Kostenparameters en berekening compensatie</nadruk></al><al /><al>De maximale compensatie voor de DAEB-activiteiten bestaat uit:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>de totale kosten die specifiek aan de DAEB-activiteiten zijn toe te rekenen, en</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>een passende bijdrage aan de niet-specifiek aan de DAEB-activiteiten toe te rekenen kosten (overhead).</al></li></lijst><al><nadruk type="cur">Inkomsten DAEB</nadruk></al><al>De in aanmerking te nemen inkomsten omvatten alle met de DAEB behaalde inkomsten, als bedoeld in artikel 5, vierde lid, van het Vrijstellingsbesluit DAEB.</al><al /><al><nadruk type="cur">Uitgaven DAEB</nadruk></al><al>De in aanmerking te nemen kosten omvatten alle kosten die voor het beheer van de DAEB worden gemaakt, als bedoeld in artikel 5, derde lid, van het Vrijstellingsbesluit DAEB. Deze worden aan de hand van de algemeen aanvaarde beginselen van kostprijsadministratie berekend. De daadwerkelijk gemaakte kosten kunnen achteraf volledig worden gecompenseerd. </al><al /><al>De compensatie bestaat daarnaast uit een passende bijdrage in de gemeenschappelijke vaste kosten (overheadkosten). De gemeenschappelijke vaste kosten kunnen gedeeltelijk aan de DAEB worden toegerekend, volgens de volgende formule:</al><al /><al>De passende bijdrage wordt als volgt berekend:</al><al /><al>Ureninzet DAEB-activiteiten</al><al>_______________________ x niet-specifieke kosten (overhead)</al><al>Ureninzet totale activiteiten</al><al /><al>De ureninzet wordt vooraf geraamd, aan de hand van de door [naam onderneming] opgestelde jaarbegroting en de prognose van de activiteiten. Hierbij wordt rekening gehouden met de resultaten in het voorgaande jaar, vanaf het tweede jaar dat de activiteiten worden uitgevoerd. De gehanteerde afrekeneenheid DAEB bestaat uit een prognose van alle directe kosten voor uitvoering van de DAEB en een passende bijdrage in de gemeenschappelijke kosten. </al><al /><al>Om controle achteraf mogelijk te maken zal [naam onderneming]:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>een gescheiden boekhouding hanteren (inkomsten en uitgaven gescheiden administreren: DAEB-activiteiten - overige activiteiten);</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>de ureninzet in een urenregistratiesysteem opnemen.</al></li></lijst><al><nadruk type="ondlijn">Redelijke winst</nadruk></al><al>Voor de berekening van de redelijke winst wordt toepassing gegeven aan de safe-harbour regeling die is opgenomen in artikel 5, zevende lid, van het Vrijstellingsbesluit DAEB. Dat wil zeggen dat een rendement op kapitaal dat niet hoger ligt dan de relevante swaprente, met een opslag van 100 basispunten, als redelijke winst wordt beschouwd.</al><al /><al><nadruk type="ondlijn">Controle en herziening van de compensatie</nadruk></al><al>Gedurende de looptijd wordt periodiek gecontroleerd of de inkomsten en uitgaven overeenkomen met de vooraf opgestelde begroting. Indien sprake is van hogere inkomsten of lagere uitgaven dan begroot, dan wordt dan wordt zo nodig overgegaan tot herziening van de toegekende compensatie om overcompensatie te voorkomen.</al><al /><al><nadruk type="vet">VI Regelingen om overcompensatie te vermijden en terug te betalen</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>[naam onderneming] overlegt jaarlijks en aan het einde van de duur van de openbare dienstverplichting een verslag waaruit blijkt wat de daadwerkelijk gederfde winst c.q. eventuele extra kosten voor de DAEB zijn geweest. Het verslag wordt voor het eerst overlegd vóór 1 juli van het jaar na het jaar waarop de verantwoording betrekking heeft.</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Burgemeester en wethouders controleren of sprake is van overcompensatie. Als in enig jaar sprake is van overcompensatie die maximaal 5% van de gemiddelde vergoeding bedraagt, dan wordt deze verrekend met de vergoeding die wordt toegekend in het volgende jaar. Als sprake is van een overschot van meer dan 5% of als de DAEB aanwijzing in dat jaar wordt beëindigd, dan moet het overschot op het eerste verzoek van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede worden terugbetaald door [naam onderneming].</al></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>[Naam onderneming] doet onverwijld mededeling aan burgemeester en wethouders van Ede indien voor het project aanvullende financiering wordt verstrekt of de door het project behaalde inkomsten hoger uitvallen dan begroot.</al></li><li><li.nr>4.</li.nr><al>[Naam onderneming] voert een boekhoudkundige scheiding van kosten en inkomsten verbonden aan de als DAEB aangewezen taken, zoals de onderhavige, en andere kosten en inkomsten.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">VII Inwerkingtreding</nadruk></al><al>Dit besluit treedt in werking op […..].</al><al>Dit besluit wordt aangehaald als: […..].</al><al /><al><nadruk type="vet">Bezwaarclausule</nadruk></al><al>Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kunnen belanghebbenden gedurende zes weken na de datum van bekendmaking van dit besluit schriftelijk bezwaar indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Ede, postbus 9022, 6710 HK Ede.</al><al /><al>Vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders d.d. 31 maart 2026, zaaknummer 514179.</al><al /><al>Het college voornoemd,</al><al /><al>drs. M. Schlebusch </al><al>de secretaris,</al><al /><al>mr. L.J. Verhulst</al><al>de burgemeester.</al><al /></bijlage><nota-toelichting><kop><label>Toelichting</label><nr /><titel /></kop><al><nadruk type="vet">Algemeen</nadruk></al><al>Het doel van de regeling is om diensten met betrekking tot voorlichting over de energietransitie (energieloket diensten) en ondersteunende diensten voor wijkgerichte aanpakken in het kader van de warmtetransitie (energie opbouwwerk) uit te laten voeren door lokaal verankerde organisaties. Het gaat om diensten van algemeen belang die bijdragen aan duurzaamheid, armoedebestrijding en arbeidsparticipatie. Het doel is om de energietransitie zo democratisch, eerlijk en snel mogelijk te maken, door de inzet van representatieve en lokaal verankerde organisaties. Lokale verankering wordt mee bedoeld, kennis van formele en informele netwerken, in buurten en dorpen. Het doel is immers om zoveel mogelijk bewoners te bereiken (ook zij die mogelijk kwetsbaar zijn). Verbinding, herkenbaarheid en betrouwbaarheid met en bij de doelgroep is daarbij van groot belang. Voor efficiënte en doelmatige uitvoering van deze diensten wordt lokale verankering als essentieel geacht, alle gevraagde diensten vragen om verbinding met inwoners. </al><al /><al><nadruk type="cur">Keuze voor lokale verankerde organisaties</nadruk></al><al /><al>Er zijn een aantal redenen om te kiezen voor lokaal verankerde organisaties voor het uitvoeren van de energietransitie:</al><lijst><li><li.nr>-</li.nr><al>Democratischer: We stellen lokaal verankerde (liefst bewoners- en maatschappelijke) organisaties in staat om op te treden als co-creëerder, mede-eigenaren en -besluitvormers. Lokaal verankerde (bewoners- en maatschappelijke) organisaties werken mee en beslissen (bijvoorbeeld in een coöperatie of andere vorm) mee over keuzes. Dit komt transparantie en zeggenschap ten goede, verhoogt de acceptatie en het draagvlak voor de transitie. Lokaal verankerde (bewoners- en maatschappelijke) organisaties kunnen zijn bij uitstek geschikt om platforms te organiseren waar woningeigenaren ervaringen kunnen delen en elkaar kunnen ondersteunen bij verduurzamingsinitiatieven.</al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>Lokaal gewortelde inzet: draagt bij aan lokale waarde creatie. Inzet en opbrengsten komen ten goede of vloeien terug naar de lokale gemeenschap in plaats van naar externe commerciële of zelfs buitenlandse partijen. We streven naar de inzet van organisaties die niet werken niet vanuit een winstoogmerk, kostendekkend zijn is over het algemeen voldoende. We streven naar inzet van lokaal verankerde organisaties die veelal vanuit een intrinsieke motivatie werken om hun eigen omgeving te verbeteren. Inzet van lokaal draagt bij aan vertrouwd, betrokken en dichtbij. Commerciële partijen worden eerder gewantrouwd vanwege motivatie op winstgedrevenheid. Lokaal verankerde organisaties kunnen dat gevoel doorbreken doordat ze onafhankelijk kunnen opereren. </al></li><li><li.nr>-</li.nr><al>We zetten in op opbouw van lokale kennis en eigenaarschap. Lokaal verankerde organisaties kennen de buurten, de gebouwen en de bewoners en kan daardoor voorlichting en oplossingen op maat ontwikkelen en bieden. De kennis wordt lokaal opgebouwd en vloeit minder snel weg. Repetitie wordt daardoor eenvoudiger waardoor versnelling mogelijk is. Lokaal kan ook laagdrempeliger zijn, niet iedereen stapt zomaar naar de overheid, misschien wel naar een medebewoner. Bewoners en maatschappelijke organisaties worden gefaciliteerd om zelf initiatief te nemen. Dit kan gemeentelijke projecten aanvullen en scherp houden, dit kan tot versnelling leiden omdat nog meer wordt gewerkt vanuit het perspectief van de bewoner. Doordat het deels ‘hun’ plan is komt dat de acceptatie en het draagvlak ten goede.</al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Subsidieplafonds</nadruk></al><al>Voor deze regeling is per paragraaf een jaarlijks subsidieplafond vastgesteld. De subsidie wordt na kwalitatieve vergelijking jaarlijks verstrekt aan één partij per perceel.</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikelsgewijze toelichting </nadruk></al><al>Hieronder worden enkele artikelen nader toegelicht.</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 3 Subsidiecriteria </nadruk></al><al>De subsidieontvanger mag in principe geen winstoogmerk hebben. Het betreft activiteiten in het kader van de energietransitie die maatschappelijk waardevol zijn die de gemeente wil stimuleren. Deze werkzaamheden zijn gericht op de fase van voorlichting en voorbereiding en niet commercieel van aard. Voor inwoners is het belangrijk dat de taken in deze fase onafhankelijk, en vanuit de juist intrinsieke motivatie wordt gedaan, daarna de komt ‘de markt’ in beeld voor uitvoering. Door het ontbreken van een winstoogmerk wordt onafhankelijkheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid geborgd en ligt de nadruk op kwaliteit boven kwantiteit. </al><al>Rechtspersonen met een winstoogmerk komen alleen in aanmerking voor subsidie als de winsten die zij maken ten goede komen aan een algemeen nut beoogde instelling (bijvoorbeeld een ANBI-instelling) die gericht is op de energietransitie of als het gaat naar nieuwe projecten voor opwek van hernieuwbare energie van lokale energiecoöperaties. Bij dit type organisaties staat het algemeen/collectief belang van de gemeenschap voorop en niet een zuiver commercieel belang. Hierdoor kunnen zij effectiever bijdragen aan de energietransitie. Zie ook de algemene toelichting op deze regeling. </al><al /><al><nadruk type="vet">Paragraaf 2 Energieloket en opbouwwerk</nadruk></al><al>Om inwoners wegwijs te maken in de energietransitie heeft gemeente Ede sinds 2016 het Energieloket. Het Energieloket is het gratis en onafhankelijk startpunt voor alle inwoners en gebouweigenaren die aan de slag willen met verduurzaming. Daarnaast ondersteunt gemeente Ede actief bewonersinitiatieven op het gebied van energietransitie. In 2020 is gestart met wijkgerichte aanpakken in het kader van de warmtetransitie (aardgasvrij wonen) waarbij onder projectleiding van de gemeente lokale energieopbouwwerkers worden ingezet om de betrokkenheid van bewoners te vergroten. Opbouwwerkers zijn verantwoordelijk voor het opzetten van het participatietraject met gemeente en inwoners om te komen tot concrete buurtgerichte plannen voor de warmtetransitie. Het doel van de participatietrajecten is om te komen tot een gedragen en breed geaccepteerd buurtuitvoeringsplan op basis waarvan inwoners hun woningen kunnen gaan verduurzamen.</al><al /><al><nadruk type="vet">Paragraaf 3 Sociaal werk in de energietransitie</nadruk></al><al>Het betrekken en ondersteunen van kwetsbare groepen (bv. minima) vergt een andere aanpak en is een apart onderdeel. De nadruk ligt niet zozeer direct op de energietransitie maar eerst op het in contact komen met de doelgroep en vandaaruit te bekijken of energietransitie te combineren is met sociale winst. Daarbij kan gedacht worden aan het verhogen van het (zelf)vertrouwen, verhogen van de bestaanszekerheid en het mee kunnen doen aan de energietransitie en samenleving. Het doel van deze subsidie is om alle inwoners mee te nemen in de energietransitie. De diensten vallen uiteen in participatie in de warmtetransitie, ondersteunen van mogelijk kwetsbare huishoudens in de lokale aanpak isolatie en uitvoeren van de Energiebank. </al><al /><al><nadruk type="vet">Paragraaf 4 Fixbrigade</nadruk></al><al>Sinds 2020 zijn er verschillende gemeentelijke faciliteiten ingericht ter bestrijding van energiearmoede. De komende jaren blijft ingezet worden op het installeren van kleine energiebesparende maatregelen bij huishoudens met (een risico op) energiearmoede. Denk aan aanschaf en installatie van radiatorfolie- en ventilatoren, tochtstrips en energiezuinige verlichting. Deze faciliteit wordt zowel aan woningeigenaren als aan huurders (in afstemming met de woningcorporatie) aangeboden. Het gaat hierbij om bewoners die mogelijk kwetsbaar zijn. Verbinding, herkenbaarheid en betrouwbaarheid met en bij de doelgroep is van groot belang. Inzet van vrijwilligers en re-integranten draagt hieraan bij; Edenaren helpen Edenaren.</al></nota-toelichting></regeling></gemeenteblad></officiele-publicatie>