<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-143210/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>GEMEENTEBLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de gemeente 's-Gravenhage</subtitel></kop><gemeenteblad><kop><titel>Wijziging Huisvestingsverordening Den Haag 2023</titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al /><al>de raad van de gemeente Den Haag,</al><al /><al>gezien het voorstel van het college van 11 november 2025,</al><al /><al>gelet op de artikelen 4, 5, 21 en 22 van de Huisvestingswet 2014 en artikel 149 van de Gemeentewet,</al><al /><al>besluit vast te stellen de Verordening tot wijziging van de Huisvestingsverordening Den Haag 2023:</al><al /></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr /><titel>I</titel></kop><al>De Huisvestingsverordening Den Haag 2023 wordt gewijzigd als volgt:</al><al /><al>A Artikel 1:1 wordt als volgt gewijzigd: </al><al /><al>1 In alfabetische volgorde worden de volgende begripsomschrijvingen ingevoegd:</al><al /><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA" /><colspec colname="colB" /><tbody><row><entry><al>- gebruiksoppervlakte: </al><al>- pand: </al></entry><entry><al>gebruiksoppervlakte, bedoeld in artikel 1.1. van het Besluit bouwwerken leefomgeving; </al><al>het pand, bedoeld in artikel 1, onder k, van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen, uitgedrukt in een uniek pand-ID;</al></entry></row><row><entry><al>- woning:</al></entry><entry><al>een zelfstandige woonruimte, of een geheel aan onzelfstandige woonruimten die onderdeel uitmaken van hetzelfde adres;</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al /><al>2 De volgende begripsomschrijvingen worden vervangen door:</al><al /><al>- kamer: een verblijfsruimte, bedoeld in artikel 1.1. van het Besluit bouwwerken leefomgeving;</al><al /><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA" /><colspec colname="colB" /><tbody><row><entry><al>- woonruimte: </al><al>- zelfstandige woonruimte</al></entry><entry><al>woonruimte, bedoeld in artikel 1 van de Huisvestingswet 2014;</al><al>woonruimte die een eigen toegang heeft en welke door één huishouden kan worden bewoond zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten de woonruimte;</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al /><al>B Voor artikel 5:1 wordt een paragraafaanduiding ingevoegd, die luidt als volgt: </al><al /><al><nadruk type="vet">Paragraaf 1 Onttrekking, omzetting of woningvorming</nadruk></al><al /><al>C Na artikel 5:2 wordt een nieuw artikel ingevoegd, dat luidt als volgt: </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 5:2a Vrijstelling vergunningplicht omzetting ten behoeve van hospitaverhuur</nadruk></al><lid><lidnr> 1. </lidnr><al>Voor het omzetten van een zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimten is geen omzettingsvergunning als bedoeld in artikel 5:2, onder b, noodzakelijk mits en zolang er sprake is van hospitaverhuur en dit is gemeld bij burgemeester en wethouders. Van hospitaverhuur is sprake als:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>een bestaand huishouden inwoning verleent aan maximaal één ander huishouden of maximaal twee eenpersoonshuishoudens;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>het totaal aantal bewoners van de gehele woning, zijnde de bewoners van het bestaande huishouden en het inwonende huishouden of de twee inwonende eenpersoonshuishoudens tezamen, niet meer dan acht personen betreft;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>ieder huishouden een eigen separate slaapruimte heeft;</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>op voorhand niet de wens bestaat om het adres met het inwonende huishouden of de twee inwonende eenpersoonshuishoudens te delen, blijkende uit het feit dat het bestaande huishouden in dezelfde samenstelling de woonruimte minimaal één jaar zonder inwonende huishouden(s) heeft bewoond; </al></li><li><li.nr>e.</li.nr><al>het bestaande huishouden zelf de eigenaar is van de woning of deze huurt van een woningcorporatie en toestemming van de woningcorporatie heeft voor hospitaverhuur, en</al></li><li><li.nr>f.</li.nr><al>elke bewoner minimaal 12 m2 gebruiksoppervlakte tot zijn of haar beschikking heeft.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr> 2. </lidnr><al>Het vorige lid, onder c, is niet van toepassing in het geval van mantelzorg of inwoning van eerste- of tweedegraads familieleden.</al></lid><lid><lidnr> 3. </lidnr><al>Een melding als bedoeld in het eerste lid, wordt gedaan door degene die de woonruimte in gebruik geeft voor hospitaverhuur, middels een door burgemeester en wethouders vastgesteld elektronisch formulier.</al></lid><al /><al>D Aan artikel 5:3 worden twee leden toegevoegd, luidende: </al><al /><lid><lidnr> 3. </lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen het overleggen van andere bescheiden verlangen, die zij voor de beoordeling van de aanvraag nodig achten.</al></lid><lid><lidnr> 4. </lidnr><al>Aanvragen worden beoordeeld op grond van deze verordening zoals deze geldt op het moment van indiening van de aanvraag.</al><al /></lid><al>E Artikel 5:4 komt te luiden: </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 5:4 Voorwaarden en voorschriften onttrekking, omzetting of woningvorming</nadruk></al><al>Burgemeester en wethouders kunnen aan een vergunning een beperkte geldigheidsduur verbinden, als de vergunning voorziet in een tijdelijke behoefte. </al><al /><al>F Na artikel 5:4 worden twee artikelen toegevoegd, luidende: </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 5:4a Aanvullende voorwaarden en voorschriften omzetting</nadruk></al><lid><lidnr> a. </lidnr><al>In aanvulling op artikel 5:4 gelden voor een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder b, de volgende voorwaarden en voorschriften: na omzetting heeft de zelfstandige woonruimte, die onzelfstandig gebruikt wordt, een gebruiksoppervlakte van minimaal 18 m² per bewoner;</al></lid><lid><lidnr> b. </lidnr><al>de geluidsoverdracht tussen de woonruimte en de omliggende woonruimten heeft een volgens NEN 5077 bepaalde karakteristieke lucht-geluidniveauverschil niet kleiner dan 47 dB en een volgens NEN 5077 bepaalde gewogen contact-geluidniveau niet groter dan 59 dB, bij onzelfstandig gebruik van de woonruimte door vijf of meer personen.</al></lid><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 5:4b Aanvullende voorwaarden en voorschriften woningvorming</nadruk></al><al>In aanvulling op artikel 5:4 gelden voor een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder c, de volgende voorwaarden:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>een woonruimte die is ontstaan uit woningvormen beschikt over een minimale woonoppervlakte van 35 m²;</al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>de geluidsoverdracht tussen de woonruimte en de omliggende woonruimten heeft een volgens NEN 5077 bepaalde karakteristieke lucht-geluidniveauverschil niet kleiner dan 47 dB en een volgens NEN 5077 bepaalde gewogen contact-geluidniveau niet groter dan 59 dB.</al></li></lijst><al /><al>G In artikel 5:5 worden, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel d door een puntkomma, twee onderdelen toegevoegd, luidende: </al><lid><lidnr> e. </lidnr><al>niet wordt voldaan aan de vergunning gestelde voorwaarden of voorschriften; of</al></lid><lid><lidnr> f. </lidnr><al>het gaat om een aanvraag tot legalisatie van een bestaande situatie waar een onaanvaardbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte is opgetreden. Er is sprake van een onaanvaardbare inbreuk als bedoeld in de eerste volzin indien:</al><lijst><li><li.nr>1°</li.nr><al>er sprake is van aantoonbare structurele overlast op grond van objectieve feiten en omstandigheden; en</al></li><li><li.nr>2°</li.nr><al>de overlastveroorzaker en eigenaar vooraf door de klagers en door burgemeester en wethouders op de structurele overlast is gewezen en dit niet tot beëindiging van de overlast heeft geleid.</al></li></lijst></lid><al /><al>H Artikel 5:6 komt te luiden: </al><al><nadruk type="vet">Artikel 5:6 Aanvullende weigeringsgronden omzetting </nadruk></al><lid><lidnr> 1. </lidnr><al>Een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder b, wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op een woonruimte die is gelegen in een gebied dat in de twee meest recente metingen van de Leefbaarometer niet goed tot uitstekend scoort.</al></lid><lid><lidnr> 2. </lidnr><al>Een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder b, wordt geweigerd indien door toekenning meer dan 33,3 procent van het aantal woningen, in een pand, of in een rij aaneengesloten eengezinswoningen, zal bestaan uit omgezette woonruimten, waarbij geldt dat:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>bij minimaal drie woningen per verdieping een maximum van 33,3 procent van het totaal aantal woningen per verdieping een omzettingsvergunning kan hebben; </al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>bij minder dan drie woningen per verdieping een maximum van 33,3 procent van het totaal aantal woningen per pand een omzettingsvergunning kan hebben; en</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>bij minder dan drie woningen per pand er maximaal sprake kan zijn van één omzettingsvergunning.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr> 3. </lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen, in afwijking van het tweede lid, een individuele afweging maken in situaties waar sprake is van een afwijkende indeling, ontsluitingssystematiek, interne indeling of plattegrond.</al></lid><lid><lidnr> 4. </lidnr><al>Een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder b, wordt geweigerd indien er in de wijk, waarin de woning zich bevindt, meer dan 10% van de woonruimten al wordt gebruikt voor onzelfstandige bewoning door drie of meer personen. </al></lid><lid><lidnr> 5. </lidnr><al>Voor de berekening van het percentage woonruimten genoemd in het vierde lid worden nieuwbouwwoningen die in wijken liggen die (deels) onderdeel uitmaken van de structuurvisie CID (Central Innovation District) en opgeleverd worden binnen het CID na 1 juli 2023 niet meegeteld.</al></lid><lid><lidnr> 6. </lidnr><al>In afwijking van het vierde lid kan een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder b, worden toegekend, indien de aanvraag ziet op:</al><lijst><li><li.nr>a.</li.nr><al>een woonruimte van een woningcorporatie, die met campuscontract verhuurd zal worden; </al></li><li><li.nr>b.</li.nr><al>een woonruimte niet gelegen in de in het eerste lid bedoelde gebieden;</al></li><li><li.nr>c.</li.nr><al>het omzetten van een zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimten voor minder dan negen personen; en</al></li><li><li.nr>d.</li.nr><al>het realiseren van de doelstellingen die met burgemeester en wethouders tot stand zijn gekomen in afspraken op grond van artikel 44 van de Woningwet.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr> 7. </lidnr><al>Een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder b, wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op het omzetten van een zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimten voor meer dan acht personen.</al></lid><lid><lidnr> 8. </lidnr><al>In afwijking van het zevende lid kunnen burgemeester en wethouders een vergunning verlenen voor meer dan acht personen indien er sprake is van een uitzonderingssituatie waarin een dergelijke omzetting geen onaanvaardbaar negatief effect heeft op de leefbaarheid van de woonomgeving.</al></lid><lid><lidnr> 9. </lidnr><al>Een vergunning als bedoeld in artikel 5:2, onder b, wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op een woonruimte als bedoeld in artikel 5:27, tenzij er op grond van artikel 5:31 een ontheffing op het verbod van artikel 41 van de Huisvestingswet 2014 is verleend.</al></lid><al /><al>I Na artikel 5:6 wordt een artikel ingevoegd, luidende: </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 5:6a Aanvullende weigeringsgronden woningvorming </nadruk></al><lid><lidnr> 1. </lidnr><al>Een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder c, wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op woonruimten gelegen in een gebied dat in de twee meest recente metingen van de Leefbaarometer niet goed tot uitstekend scoort.</al></lid><lid><lidnr> 2. </lidnr><al>Een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder c, wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op woonruimten gelegen in een wijk waar de parkeerdruk hoger is dan 90% zoals bekend gemaakt in de meeste recente cijfers op ‘Den Haag in Cijfers’. </al></lid><lid><lidnr> 3. </lidnr><al>Een vergunning, als bedoeld in artikel 5:2, onder c, wordt geweigerd indien de uit woningvorming beoogde woonruimten niet beschikken over een woonoppervlakte van minimaal 35 m².</al></lid><al /><al>J In artikel 5:7 worden, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel d door een puntkomma, twee onderdelen toegevoegd, luidende: </al><al /><lid><lidnr> e. </lidnr><al>er ten aanzien van de woonruimte waarvoor de vergunning is verleend op grond van artikel 5:2, onder b, sprake is van een onaanvaardbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de betreffende woonruimte. Er is sprake van een onaanvaardbare inbreuk als bedoeld in de eerste volzin indien:</al><lijst><li><li.nr>1°</li.nr><al>er sprake is van aantoonbare structurele overlast op grond van objectieve feiten en omstandigheden; en</al></li><li><li.nr>2°</li.nr><al>de overlastveroorzaker en eigenaar vooraf door de klagers en door burgemeester en wethouders op de structurele overlast is gewezen en dit niet tot beëindiging van de </al><al> overlast heeft geleid;</al></li></lijst></lid><al /><lid><lidnr> f. </lidnr><al>er sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.</al></lid><al /><al>K Voor artikel 5:8 wordt een paragraafaanduiding ingevoegd, luidende: </al><al /><al><nadruk type="vet">Paragraaf 2 Ontheffing pied-à-terre</nadruk></al><al /><al>L Voor artikel 5:12 wordt een paragraafaanduiding ingevoegd, luidende: </al><al /><al><nadruk type="vet">Paragraaf 3 Splitsen</nadruk></al><al /><al>M In artikel 5:27, eerste lid, onder b, wordt “geldend voor het jaar waarin de datum van inschrijving van het openbare register van de akte van levering van die woonruimte aan nieuwe eigenaar valt.” vervangen door: waarbij wordt uitgegaan van de waarde zoals vastgesteld in de laatst afgegeven WOZ-beschikking die, ten tijde van de inschrijving in het openbare register van de akte van levering van die woonruimte, beschikbaar is. </al><al /><al>N In artikel 8:2, tweede lid, wordt “Artikel 5:6, zevende tot en met tiende lid,” vervangen door: Artikel 5:6a</al><al /><al>O Na artikel 8:2 wordt een artikel ingevoegd, luidende: </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 8:2a </nadruk></al><al>in afwijking van artikel 5:27, eerste lid, onder b, geldt voor woonruimten ten aanzien waarvan de datum van inschrijving in het openbare register van de akte van levering voor 2026 ligt, dat artikel 41 van de Huisvestingswet 2014 van toepassing is wanneer de WOZ-waarde lager of gelijk is aan de NHG-kostengrens, geldend voor het jaar waarin de datum valt van de inschrijving van het openbare register van de akte van levering van die woonruimte aan de nieuwe eigenaar.</al><al /><al>P Bijlage III vervalt. </al><al /></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr /><titel>II</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 april 2026. </al><al /></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--><functie>Aldus geamendeerd besloten in de openbare raadsvergadering van 26 februari 2026.</functie><functie>De griffier, Lilianne Blankwaard-Rombouts en de voorzitter, Jan van Zanen.</functie></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></gemeenteblad></officiele-publicatie>