<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-103710/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>GEMEENTEBLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de gemeente 's-Hertogenbosch</subtitel></kop><gemeenteblad><kop><titel>Wijzigingsbesluit Leidraad invordering gemeentelijke belastingen</titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al> Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ‘s-Hertogenbosch tot wijziging van de Leidraad invordering gemeentelijke belastingen</al><al /><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ‘s-Hertogenbosch;</al><al>gelezen het voorstel van de gemeenteambtenaar belast met de invordering van gemeentelijke belastingen van 3 maart 2026, regnr: 18987647;</al><al>besluit:</al><al /></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label> Artikel I </label></kop><al>De Leidraad invordering gemeentelijke belastingen, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 30 september 2025, registratienummer 18435448, wordt als volgt gewijzigd: </al><al /><al><nadruk type="vet">A</nadruk></al><al>Artikel 1.1.5 wordt als volgt gewijzigd:</al><al /><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>In de eerste zin vervalt ‘en het Besluit Fiscaal bestuursrecht’. </al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>In artikel 1.1.5 vervalt de tekst vanaf de tweede zin van de vijfde alinea, beginnend met ‘Dit betekent onder meer’ en eindigend met ‘beoordeling ook zou hebben afgewezen.’.</al></li></lijst><al /><al><nadruk type="vet">B</nadruk></al><al>Na artikel 1.1.5a wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende:</al><al><nadruk type="vet">Artikel 1.1.5b Marginale toetsing </nadruk></al><al>Als de belastingschuldige in zijn verzoek aan de gemeente aannemelijk maakt dat er gegronde twijfels bestaan over de verschuldigdheid van een onherroepelijk geworden belastingaanslag, toetst de ontvanger de belastingaanslag marginaal. Onder een onherroepelijk vaststaande belastingaanslag wordt in dit verband verstaan een belastingaanslag waartegen geen bezwaar of beroep meer openstaat en waarbij evenmin een ambtshalve beoordeling mogelijk is in verband met termijnoverschrijding. Als bij de marginale toetsing blijkt dat een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk in materiële zin niet verschuldigd kan worden geacht, neemt de ontvanger in zoverre geen invorderingsmaatregelen. Onder invorderingsmaatregelen worden niet alleen dwangmaatregelen begrepen zoals de tenuitvoerlegging van een dwangbevel, maar ook de verrekening van een belastingaanslag met belastingteruggaven. </al><al /><al>Als de ontvanger invorderingsmaatregelen heeft genomen na indiening van het verzoek tot marginale toetsing, corrigeert hij de afboekingen op de belastingaanslag voor zover deze belastingaanslag niet materieel verschuldigd kan worden geacht. Wanneer het afboekingen betreffen die zien op de periode van vóór de ontvangst van het verzoek dan wel betalingen betreffen die de belastingschuldige uit eigen beweging heeft gedaan, corrigeert de ontvanger dit voor zover dat in redelijkheid nog mogelijk is. </al><al /><al>De ontvanger wijst het verzoek van belastingschuldige af als de inspecteur een tijdig verzoek voor ambtshalve beoordeling ook zou hebben afgewezen. </al><al /><al><nadruk type="vet">C</nadruk></al><al>Na artikel 1.1.5b (nieuw) wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende:</al><al><nadruk type="vet">Artikel 1.1.5c Verzoekschriften aan andere instellingen </nadruk></al><al>De ontvanger houdt de invordering aan als er een verzoekschrift is ingediend bij de raad, het college of de (gemeentelijke) ombudsman tot op dat verzoekschrift is beslist. Als naar het oordeel van de ontvanger aanwijzingen bestaan dat door het niet direct aanvangen of vervolgen van de invordering de belangen van de gemeente worden geschaad, kan de ontvanger [na voorafgaande toestemming van het college] toch invorderingsmaatregelen treffen.</al><al /><al><nadruk type="vet">D</nadruk></al><al>In artikel 1.2 vervalt ‘en het Besluit Fiscaal bestuursrecht’.</al><al /><al><nadruk type="vet">E</nadruk></al><al>Artikel 25.1.15 vervalt.</al><al /><al><nadruk type="vet">F</nadruk></al><al>Artikel 26.1.11 vervalt.</al><al /><al><nadruk type="vet">G</nadruk></al><al>In artikel 26.2.7, tweede alinea wordt ‘de overblijvende partner/erfgenaam’ vervangen door ‘de langstlevende echtgenoot’.</al><al /><al><nadruk type="vet">H</nadruk></al><al>In artikel 26.2.12 wordt ‘€ 77’ vervangen door ‘€ 80’ en wordt ‘€ 68’ vervangen door ‘€ 70’. </al><al /><al><nadruk type="vet">I</nadruk></al><al>In artikel 26.2.19 wordt ‘€ 45’ vervangen door ‘€ 47’ en wordt ‘€ 101’ vervangen door ‘€ 106’.</al><al /><al><nadruk type="vet">J</nadruk></al><al>In artikel 67 wordt na het eerste gedachtestreepje een gedachtestreepje ingevoegd, luidende: </al><al /><al>– bekendmaking aan derden in het belang van de invordering</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel II</nadruk></al><al>Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2026.</al><al /><al /><al>’s-Hertogenbosch 3 maart 2026</al><al /><al>Het college van burgemeester en wethouders,</al><al /><al>de secretaris, </al><al>drs. B. van der Ploeg </al><al>de burgemeester,</al><al>drs. J.M.L.N. Mikkers </al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></gemeenteblad></officiele-publicatie>