<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-102363/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>GEMEENTEBLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de gemeente Rotterdam</subtitel></kop><gemeenteblad><kop><titel>Verordening gemeentelijke ombudsman Rotterdam</titel></kop><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Rotterdam,</al><al /><al>gelezen het voorstel van het presidium van 12 februari 2026 (voorstel nr. 26bb001376);</al><al /><al>gelet op de artikelen 81q en 149 van de Gemeentewet en titel 9.2 van de Algemene wet bestuursrecht;</al><al /><al>overwegende dat:</al><al>het gewenst is de Verordening gemeentelijke ombudsman Rotterdam te actualiseren, door middel van het vaststellen van een nieuwe verordening;</al><al /><al><nadruk type="vet">besluit:</nadruk></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Gemeentelijke ombudsman, plaatsvervangend ombudsman en kinderombudsman Rotterdam </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een gemeentelijke ombudsman. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Er is een plaatsvervangend ombudsman die tevens optreedt als kinderombudsman.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Taak kinderombudsman</titel></kop><al>De kinderombudsman heeft namens de ombudsman tot taak te bevorderen dat de rechten van jeugdigen worden geëerbiedigd door bestuursorganen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Benoeming en herbenoeming ombudsman en plaatsvervangend ombudsman </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Benoeming vindt slechts plaats nadat ten aanzien van de kandidaat-ombudsman of kandidaat plaatsvervangend ombudsman een verklaring omtrent het gedrag is afgegeven als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raad besluit ten minste zes maanden voor afloop van de benoemingsperiode over het al dan niet herbenoemen van de ombudsman en de plaatsvervangend ombudsman. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad kan de ombudsman en de plaatsvervangend ombudsman maximaal één keer voor een periode van zes jaar herbenoemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Voortgangsgesprek werkgeverscommissie</titel></kop><al>Jaarlijks vindt een voortgangsgesprek plaats tussen de werkgeverscommissie, bedoeld in de Verordening werkgeverscommissie en de ombudsman.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Rechtspositie </titel></kop><al>De raad stelt de rechtspositie van de ombudsman en de plaatsvervangend ombudsman bij verordening vast. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Nevenfuncties </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ombudsman of plaatsvervangend ombudsman is niet werkzaam ten behoeve van een publiekrechtelijk samenwerkingsverband waaraan de gemeente Rotterdam deelneemt. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ombudsman of plaatsvervangend ombudsman kunnen tevens worden benoemd als gemeentelijke ombudsman, respectievelijk plaatsvervangend gemeentelijke ombudsman van gemeenten die zijn aangesloten bij de ombudsman Rotterdam, zoals genoemd in bijlage 1.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Budget van de ombudsman </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ombudsman is bevoegd binnen een aan hem bij de begroting beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen en verplichtingen aan te gaan ten behoeve van de uitvoering van zijn taken. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ombudsman doet jaarlijks een voorstel aan de raad voor de nodige middelen voor een goede uitoefening van de taken. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Bureau van de Ombudsman</titel></kop><al>De ombudsman kan een of meer van zijn bevoegdheden aan een of meer van zijn medewerkers van zijn bureau mandateren dan wel een volmacht verlenen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Mondelinge klachten </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ombudsman kan ook mondelinge klachten in behandeling nemen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de ombudsman dit nodig acht, kan hij klagers behulpzaam zijn bij het op schrift stellen van een klacht. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Bemiddeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ombudsman kan gedurende een onderzoek de verzoeker en het bestuursorgaan voorstellen doen teneinde onderling tot een oplossing van de klacht te komen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ombudsman brengt ook na een geslaagde bemiddeling een verslag uit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Ambtshalve onderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ombudsman kan ambtshalve een onderzoek instellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ombudsman licht na het afsluiten van het ambtshalve onderzoek de raad in over zijn bevindingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overige bevoegdheden </titel></kop><al>De ombudsman kan een bestuursorgaan verzoeken om de uitvoering van een besluit of regeling voor bepaalde tijd op te schorten. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Rapportage en terugkoppeling gemeenteraad</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ombudsman stelt elk jaar vóór 1 april een verslag op van diens werkzaamheden over het voorgaande jaar, en de baten en lasten van het vorige begrotingsjaar. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Binnen drie maanden nadat de raad het jaarverslag heeft ontvangen, behandelt de raad het jaarverslag in zijn vergadering. De raad kan bepalen dat het jaarverslag vóór de raadsbehandeling in een raadscommissie wordt behandeld. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De ombudsman kan door een raadscommissie worden uitgenodigd de behandeling van het jaarverslag in een of meer raadscommissies bij te wonen, om daar het verslag toe te lichten en eventuele vragen te beantwoorden. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Intrekking oude regeling en inwerkingtreding </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Verordening gemeentelijke ombudsman Rotterdam (Gemeenteblad 2021, 100160) wordt ingetrokken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Citeertitel </titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening gemeentelijke ombudsman Rotterdam. </al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><!--al naar functie elementen vertaald (inhoudelijk gedeeltelijk onjuist)--><functie>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 26 februari 2026.</functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>De griffier,</functie><functie>I.C.M. Broeders </functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>De voorzitter,</functie><functie>C.J. Schouten</functie></ondertekening><ondertekening><functie /><functie>Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl</functie></ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><nr>1</nr><titel>als bedoeld in artikel 6, tweede lid van de Verordening Gemeentelijke Ombudsman Rotterdam</titel></kop><al /><al><nadruk type="vet">De aangesloten gemeenten bij de Ombudsman Rotterdam zijn:</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>Albrandswaard</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>Capelle aan den IJssel</al></li><li><li.nr>3.</li.nr><al>Krimpen aan den IJssel</al></li><li><li.nr>4.</li.nr><al>Nissewaard</al></li><li><li.nr>5.</li.nr><al>Voorne aan Zee</al></li></lijst></bijlage><nota-toelichting><kop><label>TOELICHTING</label><titel> bij Verordening gemeentelijke ombudsman Rotterdam</titel></kop><al>Deze Verordening is een aanvulling op hetgeen in titel 9.2 van de Algemene wet bestuursrecht en in hoofdstuk IVc van de Gemeentewet is opgenomen over de gemeentelijke ombudsman. </al><al /><al><nadruk type="cur">Artikelsgewijze toelichting</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 1 Gemeentelijke ombudsman, plaatsvervangend ombudsman en kinderombudsman Rotterdam </nadruk></al><al>In afstemming met de ombudsman heeft de raad ervoor gekozen om de kinderombudsman-taken te beleggen bij de plaatsvervangend ombudsman. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 2 Taak kinderombudsman</nadruk></al><al>Formeel vallen de kinderombudsman-taken onder de ombudsman. In deze bepaling wordt geregeld dat taken worden uitgeoefend door de plaatsvervangend ombudsman. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 3 Benoeming</nadruk></al><al>De raad benoemt de ombudsman en de plaatsvervangend ombudsman op voordracht van het presidium. De werkgeverscommissie is verantwoordelijk voor de werving en selectie van de ombudsman en de voorbereiding van de benoeming. </al><al>De plaatsvervangend ombudsman is in dienst van de gemeente Rotterdam. De ombudsman draagt een kandidaat voor aan het presidium, nadat de werkgeverscommissie haar advies heeft uitgebracht. Het presidium doet een voordracht aan de raad. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 4 Voortgangsgesprek werkgeverscommissie</nadruk></al><al>In ieder geval één keer per jaar vindt een voortgangsgesprek plaats tussen de werkgeverscommissie en de ombudsman over onder meer hoe de ombudsman invulling geeft aan haar opdracht, de bedrijfsvoering en het personeelsbeleid.</al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 5 Rechtspositie</nadruk></al><al>In de Verordening rechtpositie gemeentelijke ombudsman en directeur rekenkamer Rotterdam is de rechtpositie van de ombudsman en de plaatsvervangend ombudsman, die tevens optreedt als kinderombudsman, verder uitgewerkt. </al><al /><al><nadruk type="vet">Artikel 6 Nevenfuncties</nadruk></al><lijst><li><li.nr>1.</li.nr><al>In aanvulling op artikel 81r van de Gemeentewet geldt deze specifieke beperking ten aanzien van de nevenwerkzaamheden van de ombudsman. Bij een publiekrechtelijk samenwerkingsverband kan gedacht worden aan gemeenschappelijke regelingen waaraan een bestuursorgaan van de gemeente Rotterdam deelneemt. De ombudsman kan wel fungeren als ombudsman voor een gemeenschappelijke regeling waaraan de gemeente Rotterdam of een aangesloten gemeente deelneemt.</al></li><li><li.nr>2.</li.nr><al>De ombudsman is ook werkzaam voor diverse gemeenschappelijke regelingen. Bij het aangaan van een gemeenschappelijke regeling besluiten de deelnemers bij welke ombudsman (van één van de deelnemende gemeenten) de gemeenschappelijke regeling zich aansluit, de ombudsman wordt dus niet benoemd door een gemeenschappelijke regeling. </al></li></lijst><al><nadruk type="vet">Artikel 9 Mondelinge klachten</nadruk></al><al>In aanvulling op artikel 9:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht kan de ombudsman ook mondeling worden verzocht om een onderzoek in te stellen naar een klacht over een bestuursorgaan.</al></nota-toelichting></regeling></gemeenteblad></officiele-publicatie>