<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3"><metadata><meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2018-195092/metadata.xml" scheme="" /></metadata><kop><titel>GEMEENTEBLAD</titel><subtitel>Officiële uitgave van de gemeente Urk</subtitel></kop><gemeenteblad><kop><titel>DIENSTVERLENINGSHANDVEST behorende bij centrumregeling sociaal domein Flevoland</titel></kop><regeling><aanhef /><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label /><nr /><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>- begripsbepalingen</titel></kop><al>In dit dienstverleningshandvestwordt verstaan onder:</al><al>a. Aankoopcentrale: een aankoopcentrale zoals bedoeld in artikel 1 onder a van de</al><al>centrumregeling</al><al>b. Almere: de gemeente Almere in haar hoedanigheid van centrumgemeente;</al><al>c. centrumgemeente: de in de centrumregeling "Sociaal Domein Flevoland" aangewezen</al><al>gemeente, zijnde Almere;</al><al>d. college: college van burgemeester en wethouders;</al><al>e. deelnemer: een aan de centrumregeling Sociaal Domein Flevoland deelnemend college;</al><al>f. gemeenten: de gemeenten Almere, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder, Urk en Zeewolde;</al><al>g. centrumregeling: de centrumregeling Sociaal Domein Flevoland;</al><al>h. regiogemeenten: de gemeenten Dronten, Lelystad, Noordoostpolder, Urk en Zeewolde;</al><al>i. inkoop: inkoop of subsidiëring;</al><al>j. handvest: dit Dienstverleningshandvest inclusief bijlagen behorende bij de centrumregeling</al><al>Sociaal Domein Flevoland;</al><al>k. t+1: het jaar volgend op het begrotingsjaar dat loopt van 1 januari tot en met 31 december.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>- doel</titel></kop><al>Dit handvest werkt de afspraken in de centrumregeling nader uit.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>- duur en wijziging</titel></kop><al>Dit handvest wordt aangegaan voor onbepaalde tijd en eens in de twee jaar geëvalueerd en zo</al><al>nodig geactualiseerd. Wijziging van dit handvest geschiedt conform artikel 7 derde lid van de</al><al>centrumregeling. Dit handvest eindigt van rechtswege bij opheffing van de centrumregeling.</al><al /></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label /><nr /><titel>2. Inhoud dienstverlening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4-taken</nr><titel /></kop><al>1. Almere voert taken uit voor de deelnemers op basis van artikel 4 van de centrumregeling;</al><al>2. Onder de taken bedoeld in het eerste lid vallen tenminste de taken zoals bedoeld in</al><al>artikel 4, derde lid van de centrumregeling, waaronder in ieder geval de inkoop van:</al><al>a. Jeugd residentieel;</al><al>b. Jeugdzorg Plus;</al><al>c. Pleegzorg;</al><al>d. Jeugdbescherming/Jeugdreclassering;</al><al>e. Veilig Thuis;</al><al>f. Jeugd-GGZ essentieel/top-specialistisch.</al><al>3. Onder de taken bedoeld in het eerste lid valt eveneens de uitvoering namens de</al><al>regiogemeenten van de centrumgemeentetaken in het kader van de Wet maatschappelijke</al><al>ondersteuning 2015, te weten:</al><al>a. Beschermd wonen;</al><al>b. Maatschappelijke opvang;</al><al>c. Openbare geestelijke gezondheidszorg (OGGZ);</al><al>d. Ondersteuning aan zwerfjongeren;</al><al>e. Vrouwenopvang (aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling;</al><al>f. Nazorg ex-gedetineerden.</al><al>4. Andere taken dan bedoeld in dit artikel kunnen door een deelnemer of meerdere</al><al>deelnemers in een dienstverleningsovereenkomst in de zin van artikel 8 van de</al><al>centrumregeling worden opgedragen aan Almere.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>- Innovatie en beleid</titel></kop><al>Deelnemers stemmen hun bovenlokale beleid betreffende het doel en belang in de zin van</al><al>artikel 2 van de centrumregeling zo veel als nodig is op elkaar af door middel van een</al><al>Strategische Agenda.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>a - beleid ten aanzien van pleegzorg</titel></kop><al>1. Het woonplaatsbeginsel is ook van toepassing op:</al><al>a) extra benodigde ambulante hulp die in het pleeggezin plaatsvindt en die te maken</al><al>heeft met de opvoed- en begeleidingssituatie van het pleegkind;</al><al>b) de kosten van leerlingvervoer naar het onderwijs;</al><al>2 Conform de landelijke afspraken over het woonplaatsbeginsel is bij gezag door een</al><al>voogd het adres van de gezagsdrager bepalend.</al><al>3. Consequenties voor de schoolgang van pleegkinderen moet door de</al><al>pleegzorgaanbieder worden opgenomen in het gezinsplan/plan van aanpak en</al><al>maken onderdeel uit van het definitieve besluit om een kind in een pleeggezin te</al><al>plaatsen.</al><al>4. De gemeente van herkomst compenseert, indien aan de orde, de ontvangende</al><al>gemeente voor de volledige kosten van het leerlingvervoer.</al><al>5. Bij plaatsing na de teldatum van 1 oktober van enig jaar tot juni van het jaar</al><al>daaropvolgend stemt de gemeente van herkomst met de plaatselijke</al><al>onderwijsinstellingen af hoe de ontvangende onderwijsinstellingen voor</al><al>inkomstenderving worden gecompenseerd.</al><al>6. Dit artikel blijft geldig tot het moment van ingaan van de wijziging van het</al><al>woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet.</al><al><nadruk type="vet">Artikel 6 - mandaatregeling en volmacht</nadruk></al><al>Artikel 6 - mandaatregeling en volmacht</al><al>1. De bestuursorganen van de regiogemeenten dragen zorg voor het verlenen van mandaten en</al><al>toereikende volmachten overeenkomstig de bij dit Dienstverleningshandvest gevoegde bijlage</al><al>(Bijlage I-Mandaat) opdat de bestuursorganen van Almere respectievelijk Almere, hun taken op</al><al>grond van de centrumregeling en dit handvest adequaat kunnen uitvoeren;</al><al>2. De bestuursorganen van Almere respectievelijk Almere stemmen in met de ter uitvoering van</al><al>het eerste lid gegeven mandaten en volmachten.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label /><nr /><titel>3. Kwaliteit van de dienstverlening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>- kwaliteitsniveau</titel></kop><al>Almere draagt er in ieder geval zorg voor dat de dienstverlening op grond van de centrumregeling:</al><al>1. conform het door Almere vastgestelde inkoop- en subsidiebeleid plaatsvindt;</al><al>2. voldoet aan kwaliteitseisen die voortvloeien uit wet- en regelgeving;</al><al>3. voldoet aan overheidseisen betreffende financiering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>- inkoopplannen jeugd en Wmo</titel></kop><al>1. Almere doet elk jaar uiterlijk in juni een voorstel voor een inkoopplan jeugd en een voorstel</al><al>voor een inkoopplan Wmo, die beiden gelden voor het daaropvolgende jaar;</al><al>2. De regiogemeenten verstrekken met het oog op de voorbereiding van het inkoopplan jeugd</al><al>en het inkoopplan Wmo uiterlijk in mei de door Almere gevraagde gegevens;</al><al>3. De deelnemers bepalen gezamenlijk welke zorg wordt ingekocht of gesubsidieerd;</al><al>a. Hiertoe worden in ieder geval in het vast te stellen inkoopplan jeugd de volgende</al><al>onderwerpen opgenomen::</al><al>« geraamde inkoopvolumes per deelnemer;</al><al>» geraamde werkelijke uitvoeringskosten uitgaande van het gezamenlijk delen</al><al>van de kosten voor personele bezetting;</al><al>« de verdeling van de werkelijke uitvoeringskosten over de deelnemers, waarbij</al><al>wordt uitgegaan van een verdeling naar rato van het aandeel van elke</al><al>deelnemer in de aankoop van het totale regionale zorgvolume;</al><al>» inhoudelijke beleidsuitgangspunten zoals geformuleerd in het Regionaal</al><al>Beleidsplan en de vertaling ervan in beoogde inkoopafspraken;</al><al>» inkoopstrategie en tariefstrategie per zorgfunctie;</al><al>» geraamde financieel inkoopvolume per zorgfunctie per deelnemer;</al><al>» jaarplanning voor uitvoering van de inkoop.</al><al>b. Hiertoe worden in ieder geval in het vast te stellen inkoopplan Wmo de volgende</al><al>onderwerpen opgenomen:</al><al>» de volumes per voorziening die worden gefinancierd;</al><al>» de (verhouding tussen) inzet van regionale middelen en lokale middelen ten</al><al>behoeve van regionale voorzieningen;</al><al>» geraamde uitvoeringskosten;</al><al>» jaarplanning voor uitvoering van de inkoop.</al><al>4. Het inkoopplan jeugd is vastgesteld nadat elke deelnemer bestuurlijk heeft ingestemd met</al><al>de hierin opgenomen inkoopvolumes, voor zover deze betrekking hebben op de eigen</al><al>gemeente, en alle deelnemers hebben ingestemd met de overige onderdelen van dit plan.</al><al>5. Het inkoopplan Wmo is vastgesteld wanneer deelnemers hierover bestuurlijke</al><al>overeenstemming hebben bereikt, onder voorbehoud van besluitvorming door de</al><al>gemeenteraad van Almere.</al><al>6. Almere en de regiogemeenten kunnen na het vaststellen van de</al><al>inkoopplannen een wijzigingsvoorstel doen dat overeenkomstig lid 4 en lid 5</al><al>van dit artikel kan worden vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>- inrichting regionale samenwerking</titel></kop><al>Deelnemers beschrijven in een jaarlijks te actualiseren inrichtingsplan de wijze waarop de regionale</al><al>samenwerking wordt ingericht en ingevuld. Het inrichtingsplan beschrijft de inrichting van, de sturing</al><al>op en de lokale afstemming met betrekking tot:</al><al>a. de regionale uitvoering door de aankoopcentrale en de centrumgemeente;</al><al>b. de regionale ontwikkeling van beleid en strategie;</al><al>c. het regionale bestuurlijk en ambtelijk overleg.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>- niet-nakoming en aansprakelijkheid</titel></kop><al>1. Wanneer de in de centrumregeling of in dit handvest opgenomen verplichtingen geheel of</al><al>gedeeltelijk volgens de afgesproken omvang, tijdstippen of kwaliteit niet worden uitgevoerd of</al><al>kunnen worden uitgevoerd, dan treden deelnemers met elkaar in overleg in het</al><al>Directeurenoverleg Sociaal Domein. In dit overleg wordt in ieder geval de oorzaak van de</al><al>tekortkoming besproken.</al><al>2. Indien de oorzaak aan de zijde van Almere ligt, stelt de deelnemer c.q. stellen de deelnemers</al><al>in dit overleg Almere in staat om de geconstateerde onvolkomenheden in de uitvoering van</al><al>de dienstverlening binnen een redelijke termijn op te lossen.</al><al>3. Indien zulks, in verband met de aard en omvang van de geconstateerde onvolkomenheden</al><al>noodzakelijk is, draagt Almere binnen vier weken na het in lid 1 bedoelde overleg zorg voor</al><al>een verbeterplan, waarin in ieder geval de concrete verbeterpunten en het minimaal gewenste</al><al>resultaat staat beschreven.</al><al>4. Als nakoming door een deelnemer blijvend onmogelijk is en/of een deelnemer al dan niet</al><al>van rechtswege in verzuim is, dan is er sprake van een geschil als bedoeld in artikel 15 van</al><al>de centrumregeling, zodra dit door een deelnemer schriftelijk aan de overige deelnemers</al><al>kenbaar is gemaakt.</al><al>5. De deelnemer die toerekenbaar tekortschiet in de nakoming van op hem rustende</al><al>verplichtingen, is tegenover de andere deelnemer of deelnemers aansprakelijk voor de door</al><al>hen, als gevolg van de toerekenbare tekortkoming, geleden dan wel te lijden schade.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label /><nr /><titel>4. Financiën</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>- bevoorschotting inkoop- en subsidiëring</titel></kop><al>1. Het voorschot als bedoeld in artikel 6. lid 2 van de centrumregeling wordt op basis van</al><al>kwartaalfacturen door de deelnemers overgemaakt aan Almere.</al><al>2. Eventuele losse verrekeningen worden aan de regiogemeenten gefactureerd binnen 14 dagen</al><al>na levering van de producten of diensten. De betalingstermijn voor de factuur is 14 dagen.</al><al>3. In februari t+1 van ieder jaar stuurt Almere elke regiogemeente een concept eindafrekening</al><al>betreffende de daadwerkelijk geleverde inkoop- en subsidiëring ter controle. De</al><al>regiogemeenten laten binnen 14 dagen weten of zij het eens zijn met de concept</al><al>eindafrekening. Voor 31 maartt+1 van ieder jaar stuurt Almere de definitieve afrekening naar de</al><al>regiogemeenten inclusief voldoende specificaties voor de accountantscontrole van de</al><al>jaarrekening en de IV-3 matrix.</al><al>4. De betalingstermijn voor de eindafrekening is binnen 14 dagen vanaf de factuurdatum.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>- inzet rijksuitkeringen regionale Wmo-taken</titel></kop><al>1. De centrumgemeente ontvangt op grond van de Wmo 2015 rijksuitkeringen voor de regionale</al><al>Wmo-taken en zet deze uitkeringen voor de betreffende taken in.</al><al>2. Als bepaald in artikel 8 van dit handvest wordt jaarlijks een inkoopplan Wmo op- en vastgesteld,</al><al>waarin is aangegeven voor welke regionale voorzieningen de rijksuitkeringen worden ingezet. In</al><al>geval van overschotten of tekorten binnen de rijksuitkeringen worden door Almere</al><al>wijzigingsvoorstellen gedaan om gezamenlijk te bespreken, conform artikel 8 lid 6.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13-uitvoeringskosten</nr><titel>aankoopcentrale en overige uitvoeringskosten</titel></kop><al>1. De bijdrage per regiogemeente in de uitvoeringskosten van de aankoopcentrale, als bedoeld in</al><al>artikel 6, eerste lid van de centrumregeling, alsmede de overige uitvoeringskosten,</al><al>wordenberekend aan de hand van de verhouding van het in te kopen zorgaanbod tussen de</al><al>gemeenten;</al><al>2. De bijdrage wordt gelijk met de bevoorschotting van het ingekochte en gesubsidieerde</al><al>inkoopvolume overgemaakt aan Almere;</al><al>3. Almere rekent met de regiogemeenten af op basis van de werkelijk gemaakte</al><al>uitvoeringskosten. Geprognotiseerde afwijkingen van de uitvoeringskosten worden vooraf</al><al>gemeld. Uitvoeringskosten en andere regionale kosten worden separaat gemeld, begroot en</al><al>verantwoord.</al><al>4. In februari t+1 van ieder jaar stuurt Almere elke regiogemeente een eindafrekening</al><al>betreffende de daadwerkelijk gemaakte uitvoeringskosten, inclusief eventueel meerwerk</al><al>conform individuele dienstverleningsovereenkomsten;</al><al>5. De betalingstermijn voor de factuur is binnen 14 dagen vanaf de factuurdatum.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>- uitvoeringskosten centrumgemeente regionale Wmo-taken</titel></kop><al>Jaarlijks, bij het vaststellen van het inkoopplan Wmo, wordt door de deelnemers bepaald welke</al><al>uitvoeringskosten met de rijksuitkeringen worden gedekt. Hierbij wordt zo veel mogelijk gestreefd</al><al>naar meerjarige afspraken ten aanzien van de structurele taken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>- managementrapportages</titel></kop><al>1. Almere verstrekt de regiogemeente tenminste elk kwartaal geanalyseerde</al><al>managementrapportages over de voortgang en realisatie van respectievelijk het inkoopplan</al><al>jeugd en het inkoopplan Wmo..</al><al>2. Na het verschijnen van de managementrapportages vindt op initiatief van Almere een</al><al>ambtelijk overleg over deze rapportages plaats met alle deelnemers.</al><al>3. Almere en de regiogemeenten verstrekken elkaar per kwartaal de voor de</al><al>managementrapportages relevante gegevens.</al><al>4. De managementrapportages verschijnen ten minste twee keer per jaar in een</al><al>uitgebreide vorm waarin tenminste de volgende onderwerpen zijn opgenomen:</al><al>a. Realisatie van het inkoopplan m.b.t. inkoop- en tariefstrategie (alleen in</al><al>rapportage over 1e kwartaal);</al><al>b. Financiële realisatie van het gebruik per zorgfunctie gekoppeld aan het begrote</al><al>financiële inkoopvolume zoals vastgelegd in het inkoopplan (voor zover</al><al>beschikbaar);</al><al>c. Overzicht van substantiële afwijkingen en (financiële) aandachtspunten per</al><al>gemeente aan de hand van de financiële realisatie;</al><al>d. Overzicht van inhoudelijke risico's en aandachtspunten die volgen uit</al><al>contractmanagement van aanbieders (indien relevant).</al><al>5. De managementrapportages verschijnen maximaal twee keer per jaar in een lightversie</al><al>waarin tenminste de volgende onderwerpen zijn opgenomen:</al><al>a. Overzicht van substantiële afwijkingen en (financiële) aandachtspunten per</al><al>gemeente aan de hand van de financiële realisatie;</al><al>b. Financiële realisatie van het gebruik per zorgfunctie gekoppeld aan het begrote</al><al>financiële inkoopvolume zoals vastgelegd in het inkoopplan (voor zover</al><al>beschikbaar).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16-verantwoording</nr><titel /></kop><al>Almere is verantwoordelijk voor het aan de deelnemers verstrekken van alle uit hoofde van wet- en</al><al>regelgeving verplichte gegevens ter verantwoording van de op basis van de centrumregeling uit te</al><al>voeren taken en op zodanige wijze dat er per regiogemeente een controleverklaring door de</al><al>accountant van Almere afgegeven kan worden. Almere zal iedere partij waarmee ter uitvoering van</al><al>de in artikel 4 van dit handvest genoemde taken een inkoop- of subsidierelatie is aangegaan een</al><al>controle protocol verstrekken op basis van de materialiteit in afstemming met de materialiteitseisen</al><al>van de regiogemeenten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>- uittreden</titel></kop><al>1. Een deelnemer die uittreedt ontvangt conform artikel 11, lid 5 van de centrumregeling een</al><al>eindafrekening met een verrekening van de voorschotten en de daadwerkelijk gemaakte en te</al><al>maken kosten;</al><al>2. In de in het eerste lid bedoelde eindafrekening worden ook de kosten opgenomen die verband</al><al>houden met de uittreding;</al><al>3. Indien een deelnemer (de omvang van) het voor uitvoering van de jeugdzorgtaken gevraagde</al><al>opdrachtvolume structureel wil verlagen, is de deelnemer de daarmee verband houdende</al><al>frictiekosten verschuldigd aan Almere;</al><al>4. De in het tweede en derde lid bedoelde kosten worden vastgesteld door een door Almere</al><al>en de uittredende deelnemer gezamenlijk aan te wijzen deskundige.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18-vervallen</nr><titel>Dienstverleningshandvest</titel></kop><al>Dit Dienstverleningshandvest komt in de plaats van het in november/december 2014 getekende</al><al>Dienstverleningshandvest en treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op die</al><al>waarop de laatste gemeente dit Dienstverleningshandvest heeft getekend en heeft bekendgemaakt</al><al>in het gemeenteblad van elk van de afzonderlijke gemeenten. Almere zal de deelnemers schriftelijk</al><al>over deze dag in kennis stellen.</al><al /><al><nadruk type="vet">Dienstverleningshandvest - Bijlage I</nadruk></al><al /><al><nadruk type="vet">Onderwerp</nadruk></al><al>Mandaat Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland en Dienstverleningshandvest</al><al /><al>De colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van de gemeenten Dronten,</al><al>Lelystad, Noordoostpolder, Urk en Zeewolde, een ieder voor zover het hun gemeente en</al><al>bevoegdheid betreft,</al><al>gelet op artikel 171 Gemeentewet,</al><al>gelet op afdeling 10.1.1 van de Awb, artikel 5 van de Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland en</al><al>artikel 6 van het Dienstverleningshandvest,</al><al>overwegende dat dit mandaat enkel de bevoegdheden omvat zoals die zijn opgenomen in de</al><al>Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland en het bijbehorende Dienstverleningshandvest,</al><al>stellen ten behoeve van het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van</al><al>Almere de navolgende bevoegdheden vast:</al><al>1. Het verlenen van mandaat om, binnen de afspraken zoals die zijn vastgelegd in de</al><al>Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland met het bijbehorende</al><al>Dienstverleningshandvest, uitsluitend voor de daarin opgenomen taken en bevoegdheden,</al><al>alle besluiten te nemen die noodzakelijk zijn voor een goede uitvoering daarvan, met de</al><al>bevoegdheid tot ondermandaat. Dit besluit omvat -tevens doch niet uitsluitend- de taken en</al><al>bevoegdheden ten aanzien van de in het Dienstverleningshandvest opgenomen domeinen:</al><al>a. het nemen van besluiten in primo en op bezwaar;</al><al>b. het uitoefenen van de bevoegdheid tot het verzoeken om voorlopige voorziening of</al><al>het instellen van (hoger) beroep;</al><al>c. het aanwijzen van personen die daartoe door burgemeester en wethouders van</al><al>Almere zijn aangewezen als personen die belast zijn met het houden van toezicht</al><al>op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Wet maatschappelijke</al><al>ondersteuning 2015 voor zover dit ziet op besluiten ten aanzien van PGB ten</al><al>behoeve van beschermd wonen.</al><al>2. Het machtigen om, binnen de afspraken zoals die zijn vastgelegd in de Centrumregeling</al><al>Sociaal Domein Flevoland met het bijbehorende Dienstverleningshandvest, uitsluitend voor</al><al>de daarin opgenomen taken en bevoegdheden, alle vereiste en gewenste feitelijke</al><al>handelingen te verrichten. Dit besluit omvat -tevens doch niet uitsluitend- de handelingen</al><al>ten aanzien van de in het Dienstverleningshandvest opgenomen domeinen:</al><al>het voeren van verweer en het verrichten van proceshandelingen.</al><al>3. Het verlenen van volmacht om, binnen de afspraken zoals die zijn vastgelegd in de</al><al>Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland met het bijbehorende</al><al>Dienstverleningshandvest, uitsluitend voor de daarin opgenomen taken en bevoegdheden,</al><al>de vereiste en gewenste rechtshandelingen te verrichten. Met de bevoegdheid tot</al><al>ondervolmacht. Dit besluit omvat -tevens doch niet uitsluitend- de rechtshandelingen ten</al><al>aanzien van de in het Dienstverleningshandvest opgenomen domeinen:</al><al>het afsluiten van overeenkomsten voor de inkoop van diensten en producten.</al><al>Slotbepalingen</al><al>4. Mandaten, machtigingen en volmachten aan de gemeente Almere van voor de datum van</al><al>de vaststelling van dit besluit worden ingetrokken.</al><al>5. Mandaten, machtigingen en volmachten krachtens deze bijlage vervallen direct van</al><al>rechtswege, indien de Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland wordt beëindigd; of</al><al>vervallen voor een partij, indien deze partij geen onderdeel meer uitmaakt van de</al><al>Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland, tenzij anders overeengekomen.</al><al>6. Deze bijlage wordt genoemd; "Mandaat Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland en</al><al>Dienstverleningshandvest".</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><ondertekening><functie>Aldus besloten door</functie><functie>HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE URK</functie><functie>in de vergadering van 22 mei 2018</functie><functie>de secretaris, de burgemeester,</functie><functie>T.B. Juk P.C. van Maaren</functie><functie>Alsmede de BURGEMEESTER VAN DE GEMEENTE URK</functie><functie>P.C. van Maaren</functie><functie /></ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label /><nr /><titel /></kop></bijlage></regeling></gemeenteblad></officiele-publicatie>