Gemeenteblad van Zwijndrecht

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
ZwijndrechtGemeenteblad 2017, 96155Verordeningen



Financiële verordening gemeente Zwijndrecht

 

De raad van de gemeente Zwijndrecht;

Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 8 februari 2016;

Gelet op artikelen 147 en 212 lid 1 Gemeentewet

B e s l u i t

vast te stellen de volgende verordening:

1.Inleidende bepalingen

Artikel 1. Definities

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    afdeling: organisatorische eenheid binnen de gemeentelijke organisatie.

  • b.

    administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Zwijndrecht en ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden afgelegd.

    • 2.

      Plannen, sturen en verantwoorden

Artikel 2. Programmabegroting

  • 1.

    De raad stelt bij aanvang van een nieuwe raadsperiode een programma-indeling voor de komende raadsperiode vast.

  • 2.

    De begroting wordt in overeenstemming met het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en voorschriften uit overige wet en regelgeving ingedeeld naar programma's en paragrafen.

  • 3.

    Bij de begroting wordt inzicht gegeven in de stand van het weerstandsvermogen en wordt gerapporteerd over het risicomanagement.

Artikel 3. Autorisatie begroting en investeringen

  • 1.

    De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting:

    • a.

      de totale lasten en de totale baten per programma;

    • b.

      het overzicht algemene dekkingsmiddelen;

    • c.

      het bruto investeringsvolume per programma;

    • d.

      Voor investeringen die zijn opgenomen in het investeringsprogramma maar hoger zijn dan € 200.000 (bruto), legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een apart kredietvoorstel aan de raad voor. Investeringen gebaseerd op maatschappelijk en/of politieke wensen worden altijd via een apart kredietvoorstel aan de raad voorgelegd.

  • 2.

    Het college stelt voor aan de raad incidentele overschrijdingen van de geautoriseerde lasten te dekken uit de post voor onvoorziene uitgaven.

Artikel 4. Uitvoering begroting

  • 1.

    Indien sprake is van nieuwe activiteiten stelt het college de raad via een apart raadsvoorstel voor de begroting bij te stellen.

  • 2.

    Indien het college voorziet dat een geautoriseerd budget per programma of het investeringsvolume per programma (substantieel dreigt te) worden overschreden (en dit kan niet worden opgelost door te beschikken over de post voor onvoorziene uitgaven), meldt het college dit in de eerstvolgende bestuursrapportage aan de raad. Vooruitlopend op de melding in de eerstvolgende bestuursrapportage, meldt het college een (dreigende) substantiële overschrijding van de lasten of onderschrijding van de baten van het geautoriseerde budget per programma aan de raad.

  • 3.

    Budgettair neutrale begrotingswijzingen binnen bestaande activiteiten (binnen een programma) worden met ambtelijke wijziging verwerkt in de bestuursrapportage.

Artikel 5. Bestuursrapportage

  • 1.

    Het college informeert de raad via bestuursrapportages over de realisatie van de begroting van de gemeente. Idealiter biedt het college twee bestuursrapportages aan.

  • 2.

    De bestuursrapportage is een afwijkingenrapportage die leidt tot bijstelling van de begroting en het verwachte resultaat.

  • 3.

    Naast een overzicht van bijgestelde ramingen geeft de bestuursrapportage inzicht in:

    • a.

      de stand van de post voor onvoorziene uitgaven;

    • b.

      de ontwikkeling van de risicopositie.

    • c.

      De stand van zaken met betrekking tot het investeringsprogramma

  • 4.

    In de bestuursrapportage worden per programma afwijkingen op de actuele ramingen van de baten en lasten in de begroting groter dan € 50.000, alsmede afwijkingen die om politieke redenen van belang zijn toegelicht. Daarnaast wordt een toelichting gegeven op kleinere afwijkingen binnen een programma die samen de grens van € 50.000 overschrijden.

Artikel 6. Jaarstukken

  • 1.

    De jaarstukken worden in overeenstemming met het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) ingedeeld naar programma's en paragrafen.

  • 2.

    In de jaarrekening wordt per programma inzicht gegeven in het totaal geautoriseerde investeringsvolume, de totale uitgaven en het naar het volgende boekjaar over te brengen restantkrediet.

  • 3.

    Bij de jaarrekening wordt inzicht gegeven in de stand van het weerstandsvermogen en wordt gerapporteerd over het risicomanagement.

  • 4.

    In de jaarrekening worden per programma afwijkingen op de actuele ramingen van de baten en lasten groter dan € 50.000, alsmede afwijkingen die om politieke redenen van belang zijn, toegelicht. Daarnaast wordt een toelichting gegeven op kleinere afwijkingen binnen een programma die samen de grens van € 50.000 overschrijden.

  • 3.

    Financiële positie

Artikel 7. Waardering & afschrijving vaste activa

Het college biedt de raad een nota waardering en afschrijving aan. De raad stelt de nota vast. De nota behandelt:

  • a.

    de waardering van vaste activa;

  • a.

    afschrijvingen (onder meer afschrijvingstermijnen, afschrijvingsmethoden en het al dan niet toestaan van extra afschrijvingen).

Het college beziet tenminste iedere vier jaar of er aanleiding is deze nota te actualiseren.

Artikel 8. Vaststelling hoogte gemeentelijke heffingen

Het college doet de raad jaarlijks een voorstel voor de hoogte van de tarieven van de gemeentelijke belastingen, leges en retributies.

Artikel 9. Financieringsfunctie

Het college biedt de raad een Treasurystatuut ter vaststelling aan en beziet tenminste iedere vier jaar of er aanleiding is het statuut te actualiseren. In dit statuut worden de kaders voor het uitoefenen van de financieringsfunctie vastgelegd.

Het statuut bevat:

    • a.

      waarborgen voor de financiële continuïteit van de gemeente op korte en lange termijn;

    • a.

      bepalingen omtrent de inrichting van het treasuryproces die zorgen voor duidelijkheid en transparantie op de elementen sturing, uitvoering, verantwoording en toezicht houden.

  • 4.

    Financieel beheer en interne controle

Artikel 10. Administratie

De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij dienstbaar is voor:

  • a.

    het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeente als geheel en in de afdelingen;

  • a.

    het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van activa met economisch nut, activa met maatschappelijk nut, voorraden, vorderingen, schulden, contracten, enzovoort;

  • b.

    het verschaffen van informatie over realisatie van de toegekende budgetten en investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties;

  • c.

    het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving;

  • d.

    de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving.

Artikel 11. Interne controle

  • 1.

    Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking, en de rechtmatigheid van de beheershandelingen onder andere op basis van het interne controleplan. Bij afwijkingen neemt het college maatregelen tot herstel.

  • 2.

    Het college zorgt voor de systematische controle van de registratie en de ontwikkeling van bezittingen en het vermogen van de gemeenten met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden, de vorderingen van crediteuren en registergoederen en bedrijfsmiddelen periodiek worden gecontroleerd. Bij afwijkingen in de registratie neemt het college maatregelen voor herstel van de tekortkomingen.

Artikel 12. Misbruik en oneigenlijk gebruik

Het college zorgt voor en legt vast de regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.

5.Financiële organisatie

Artikel 13. Financiële organisatie

Het college zorgt voor en legt vast:

    • a.

      een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidige toewijzing van de gemeentelijke taken aan de afdelingen;

    • a.

      een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden, zodat aan de eisen van interne controle wordt voldaan en de betrouwbaarheid van de verstrekte informatie aan beleids- en beheersorganen is gewaarborgd;

    • b.

      de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten;

    • c.

      de regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie.

  • 6.

    Verbonden partijen

Artikel 14. Verbonden partijen

Het college biedt de raad een Kadernota Verbonden partijen ter vaststelling aan.

Het college beziet tenminste iedere vier jaar of er aanleiding is deze nota's te actualiseren.

7.Slotbepalingen

Artikel 15. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van het begrotingsjaar 2016.

  • 2.

    Deze verordening treedt in de plaats van de ‘Financiële verordening gemeente Zwijndrecht’ vastgesteld door de raad op 18 december 2007.

  • 3.

    Deze verordening kan worden aangehaald als “Financiële verordening gemeente Zwijndrecht”.

Vastgesteld in de openbare vergadering van

De griffier, De voorzitter,