﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-38533/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>GEMEENTEBLAD</titel>
    <subtitel>Officiële uitgave van gemeente Harderwijk.</subtitel>
  </kop>
  <gemeenteblad>
    <kop>
      <titel>Verordening Gedragscode integriteit burgemeester en wethouders Harderwijk 2016</titel>
    </kop>
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad van de gemeente Harderwijk;</al>
          <al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 2 februari 2016 onder nummer h160002753</al>
          <al>gelet op de artikelen 41c, tweede lid, en 69, tweede lid, van de Gemeentewet;</al>
          <al>Besluit</al>
          <al>vast te stellen de Verordening Gedragscode integriteit burgemeester en wethouders Harderwijk 2016.</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Inleiding</label>
            <titel />
          </kop>
          <al>Deze inleiding maakt integraal onderdeel uit van deze gedragscode.</al>
          <al>Goed bestuur is integer bestuur. Daarmee is integriteit niet alleen een verantwoordelijkheid van de individuele politieke ambtsdragers, maar een gezamenlijk belang dat de hele organisatie en het hele bestuur in al zijn geledingen aangaat. De gedragscode richt zich daarom zowel tot de individuele politieke ambtsdragers als tot de bestuursorganen. Ons democratische systeem en de democratische processen kunnen niet zonder integer functionerende organen en functionarissen. Integriteit van politieke ambtsdragers verwijst naar de zorgvuldigheid die politieke ambtsdragers moeten betrachten bij het invullen van hun rol in de democratische rechtsstaat. Dat betekent de verantwoordelijkheid nemen die met de functie samenhangt en bereid zijn verantwoording af te leggen, aan collega-bestuurders en/of (leden van) de volksvertegenwoordiging en bovenal aan de burger. In de democratische rechtsstaat dient een ieder zich te houden aan de wetten en regels die op democratische wijze zijn vastgesteld. Dat geldt zeker voor de politieke ambtsdragers die (mede)verantwoordelijk zijn voor de totstandkoming van die wetten en regels. Zonder dat zal het vertrouwen in de democratische rechtsstaat worden ondermijnd en het draagvlak voor de naleving van de wetten en regels verdwijnen. Vertrekpunt voor de politieke ambtsdrager is dan ook de eed of gelofte die de politieke ambtsdrager bij de ambtsaanvaarding aflegt.</al>
          <al>Integriteit is niet alleen een kwestie van regels, maar ziet ook op de onderlinge omgangsvormen. Een respectvolle omgang met burgers en organisaties, tussen politieke ambtsdragers onderling en tussen politieke ambtsdragers en medewerkers, met behoud van eigen politieke inhoud en stijl, is van groot belang.</al>
          <al>De volksvertegenwoordiging stelt zowel voor de eigen leden als voor de dagelijkse bestuurders (voorzitter en overige leden van het dagelijks bestuur) een gedragscode vast. Dat is zo vastgelegd in de Gemeentewet  . De gedragscode is richtsnoer voor het handelen van individuele politieke ambtsdragers en heeft tot doel hen te ondersteunen bij de invulling van hun verantwoordelijkheid voor de integriteit van het openbaar bestuur. Voor de twee groepen van politieke ambtsdragers (volksvertegenwoordigers en dagelijkse bestuurders) is er een afzonderlijke gedragscode. Onderhavige gedragscode heeft betrekking op de dagelijkse bestuurders: de burgemeester en de wethouders. Veel bepalingen zijn voor dagelijkse bestuurders en volksvertegenwoordigers gelijk. Er zijn ook verschillen. Die hebben te maken met de staatsrechtelijke posities en met de voor hen geldende wettelijke (integriteits)regels. De gemeenteraad is een politiek orgaan. In de volksvertegenwoordigingen worden specifieke of (partij-)politieke belangen ingebracht voor het algemeen belang van de gemeente. Deze politieke ambtsdragers krijgen het mandaat van hun kiezers en de gedragscode dient de vervulling van het kiezersmandaat te ondersteunen.</al>
          <al>Het handelen van het dagelijks bestuur en van de bestuurders staat ten dienste van de gemeente . De ambtsdragers aan wie en de organen waaraan het dagelijks bestuur is opgedragen, zijn over hun bestuurlijke handelen en over hun functioneren verantwoording schuldig aan de volksvertegenwoordigende organen. Aan het dagelijks bestuur en de bestuurders worden ook in de gedragscode bijzondere eisen gesteld om optimale openheid en controleerbaarheid mogelijk te maken.</al>
          <al>Het rechtskarakter van de gedragscode is dat van een interne regeling, als nadere invulling en concretisering van de wettelijke regels. De gedragscode bevat in aanvulling op wettelijke regels gedragsnormen en regels over procedures die de transparantie van het handelen van politieke ambtsdragers evenals van de besluitvorming over en de naleving van de normen vergroten. Zij vormt een beoordelingskader en leidraad bij twijfel, vragen en discussies. Het niet naleven van de gedragscode heeft geen rechtsgevolgen. Sprake is van zelfbinding. De regels worden in gezamenlijk debat vastgesteld door de politieke ambtsdragers zelf. In dit licht moeten de regels in de code worden gezien. Dat maakt de gedragscode evenwel niet vrijblijvend. De bestuurders kunnen daarop worden aangesproken en zij dienen zich over de naleving ervan te verantwoorden. Het niet naleven van de gedragscode kan dus wel onderdeel worden van politiek debat en politieke gevolgen hebben.</al>
          <al>Integriteit is een thema dat betekenis krijgt in het handelen. Een integriteitsbeleid dat alleen op papier bestaat is slechts een dode letter. Daarom moet het handelen van politieke ambtsdragers regelmatig onderwerp van gesprek zijn, juist ook onderling, en ook daarbij geeft de gedragscode ondersteuning. De code en de voorgestelde registraties zijn instrumenten. Integriteit is uiteindelijk niet in regels te vangen. In de woorden van de schrijver C.S. Lewis gaat het om ‘doing the right thing, even when no one is watching’.</al>
          <al>Integer handelen kan alleen in een cultuur en organisatie waar ook de andere waarden van goed bestuur worden nagestreefd. De Nederlandse Code voor Goed Openbaar Bestuur benoemt een aantal kernwaarden van goed openbaar bestuur. Integriteit wordt hierin in één adem genoemd met openheid. ‘Openheid en integriteit’: “het bestuur is open en integer en maakt duidelijk wat het daaronder verstaat.” De wetgeving (en de gedragscode in aanvulling hierop) bevat diverse voorschriften inzake openheid met het oog op de integriteit.</al>
          <al>Die voorschriften hebben betrekking op openbaarmaking van nevenfuncties en/of neveninkomsten, van geschenken, buitenlandse reizen, excursies en evenementen. De registraties in de codes zijn bedoeld om de transparantie te bevorderen die belangenverstrengeling en onverantwoord en/of onjuist gebruik van publieke middelen door politieke ambtsdragers moeten tegengaan. De politieke ambtsdrager is primair zelf verantwoordelijk voor zijn integriteit en hij zal zich daar in alle openheid over moeten verantwoorden.</al>
          <al>De Nederlandse Code voor Goed Openbaar Bestuur verbindt openheid en integriteit met de kernwaarden participatie, behoorlijke contacten met burgers, doelgerichtheid en doelmatigheid, legitimiteit, lerend en zelfreinigend vermogen en verantwoording. Al deze kernwaarden klinken in verschillende mate door in deze gedragscode.</al>
        </artikel>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label> Paragraaf </label>
            <nr>1.  </nr>
            <titel>Algemene bepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Wettelijke grondslag</label>
              <nr />
              <titel />
            </kop>
            <al>De gemeenteraad stelt een gedragscode vast voor de burgemeester en de wethouders (artikelen 41c, tweede lid  , en 69, tweede lid, van de Gemeentewet  ).</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr> 1.1 </nr>
              <titel />
            </kop>
            <al>Deze gedragscode geldt voor de burgemeester en voor de wethouders, maar richt zich ook tot de bestuursorganen.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr> 1.2 </nr>
              <titel />
            </kop>
            <al>De gedragscode is openbaar en via internet beschikbaar.</al>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label> Paragraaf </label>
            <nr> 2. </nr>
            <titel>Voorkomen van belangenverstrengeling</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Wettelijk kader</label>
              <nr />
              <titel />
            </kop>
            <al>
              <nadruk type="cur">Afleggen eed of belofte (artikelen 41a  en 65 van de Gemeentewet  )</nadruk>
            </al>
            <al>Alvorens zijn functie te kunnen uitoefenen legt de bestuurder de volgende eed (verklaring en belofte) af: “Ik zweer (verklaar) dat ik om tot het ambt benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet  , dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten uit het ambt naar eer en geweten zal vervullen.”</al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Persoonlijke belangen</nadruk>
            </al>
            <al />
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>Een bestuurder neemt      niet deel aan de stemming over </al>
                <lijst>
                  <li>
                    <li.nr>-</li.nr>
                    <al> een       aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of       waarbij hij als vertegenwoordiger is betrokken;</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>-</li.nr>
                    <al> de       vaststelling of goedkeuring der rekening van een lichaam waaraan hij       rekenplichtig is of tot welks bestuur hij hoort (artikel 58  jo.       artikel 28 van de Gemeentewet  ).</al>
                  </li>
                </lijst>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al> Het      bestuursorgaan waakt ertegen dat tot het bestuursorgaan behorende of      daarvoor werkzame personen die een persoonlijk belang bij een besluit      hebben, de besluitvorming beïnvloeden (artikel 2:4, tweede lid, van de      Algemene wet bestuursrecht  ).</al>
                <al />
              </li>
            </lijst>
            <al>
              <nadruk type="cur">Incompatibiliteiten en nevenfuncties</nadruk>
            </al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al> Verboden      overeenkomsten/handelingen: bestuurders mogen in geschillen, waar de      gemeente(bestuur) partij is, niet als advocaat, adviseur of gemachtigde      werkzaam zijn. Zij mogen bepaalde overeenkomsten, waar de gemeente bij      betrokken is, niet rechtstreeks of middellijk aangaan. Van verboden      overeenkomsten kan ontheffing worden verleend (artikelen 41c, eerste lid,      en 69, eerste lid  , jo. artikel 15, eerste en tweede lid, van de      Gemeentewet  ).</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al> Onverenigbaarheid      van functies: het zijn van een bestuurder sluit het hebben van een aantal      andere functies uit (artikelen 36b  en 68 van de Gemeentewet  ).</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>Op      overtreding van de incompatibiliteitenregeling  staat uiteindelijk de      sanctie van ontslag (artikelen 46, tweede lid  , en 47 van de      Gemeentewet  ).</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al> Vervulling      nevenfuncties: voor bestuurders is bepaald dat zij geen nevenfuncties      hebben die ongewenst zijn met het oog op een goede vervulling van hun      ambt. Voor burgemeesters is daaraan toegevoegd dat zij evenmin      nevenfuncties hebben die ongewenst zijn met het oog op de handhaving van      hun onpartijdigheid en onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin.      Bestuurders melden het voornemen tot aanvaarding van de nevenfunctie aan      de volksvertegenwoordiging.</al>
              </li>
            </lijst>
            <al />
            <al>Voor de burgemeester geldt deze meldverplichting niet voor ambtshalve nevenfuncties (artikelen 41b  en 67 van de Gemeentewet  ).</al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al> Openbaarmaking      nevenfuncties: bestuurders maken openbaar welke nevenfuncties zij      vervullen.</al>
              </li>
            </lijst>
            <al>Voor burgemeesters zijn ambtshalve nevenfuncties daarvan uitgezonderd. De lijst met nevenfuncties ligt ter inzage op het gemeentehuis (artikelen 41b  en 67 van de Gemeentewet  )</al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>Openbaarmaking      inkomsten nevenfuncties: fulltime bestuurders maken hun inkomsten uit      nevenfuncties openbaar; de opgave van neveninkomsten wordt ter inzage      gelegd op het gemeentehuis uiterlijk 1 april na het jaar waarin de      inkomsten zijn genoten (artikelen 41b  en 67 van de Gemeentewet       ).</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al> Verrekening      inkomsten nevenfuncties: bestuurders mogen geen vergoedingen ontvangen      voor ambtshalve nevenfuncties; die worden in de gemeentekas gestort. Voor      fulltime bestuurders is geregeld dat de inkomsten uit andere nevenfuncties      voor een deel worden verrekend, volgens dezelfde verrekeningssystematiek      als voor leden van de Tweede Kamer (artikelen 44  en 66 van de      Gemeentewet  ).</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2.1.1  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> De      burgemeester levert de gemeentesecretaris de informatie aan over de      nevenfuncties die openbaar gemaakt moeten worden, bij aanvang van het      ambt. Als gaande het lidmaatschap een nieuwe nevenfunctie aanvaard wordt      of de omstandigheden met betrekking tot een bestaande nevenfunctie      wijzigen, wordt de informatie die hierop betrekking heeft binnen één week      aangeleverd bij de gemeentesecretaris.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> De informatie betreft in      ieder geval: </al>
                <lijst>
                  <li>
                    <li.nr>a.</li.nr>
                    <al> de       omschrijving van de nevenfunctie;</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>b.</li.nr>
                    <al> de       organisatie voor wie de nevenfunctie wordt verricht;</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>c.</li.nr>
                    <al> of het al       dan niet een nevenfunctie betreft uit hoofde van het ambt;</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>d.</li.nr>
                    <al> of de       nevenfunctie bezoldigd of onbezoldigd is; en</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>e.</li.nr>
                    <al> indien       bezoldigd wat de inkomsten daaruit zijn.</al>
                  </li>
                </lijst>
              </li>
              <li>
                <li.nr>3.</li.nr>
                <al> De      gemeentesecretaris legt hiervoor een register aan en beheert dit register.      Het register is openbaar en via internet beschikbaar.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2.1.2  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> De wethouder      levert de gemeentesecretaris de informatie aan over de nevenfuncties die      openbaar gemaakt moeten worden bij aanvang van het ambt. Als gaande de      uitoefening van het ambt een nieuwe nevenfunctie aanvaard wordt of de      omstandigheden met betrekking tot bestaande nevenfuncties wijzigen, wordt      de informatie die hierop betrekking heeft binnen één week aangeleverd bij      de gemeentesecretaris.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> De informatie betreft in      ieder geval: </al>
                <lijst>
                  <li>
                    <li.nr>a.</li.nr>
                    <al> de       omschrijving van de nevenfunctie;</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>b.</li.nr>
                    <al> de       organisatie voor wie de nevenfunctie wordt verricht;</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>c.</li.nr>
                    <al> of het al       dan niet een nevenfunctie betreft uit hoofde van het ambt;</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>d.</li.nr>
                    <al> of de       nevenfunctie bezoldigd of onbezoldigd is; en</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>e.</li.nr>
                    <al> indien       bezoldigd – voor zover deze openbaar gemaakt moeten worden - wat de       inkomsten daaruit zijn.</al>
                  </li>
                </lijst>
              </li>
              <li>
                <li.nr>3.</li.nr>
                <al> De      gemeentesecretaris legt hiervoor een register aan en beheert dit register.      Het register is openbaar en via internet beschikbaar.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2.2  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> De      burgemeester en de wethouders handelen in de uitoefening van hun ambt niet      zodanig dat zij vooruitlopen op een functie na aftreden.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> De wethouder      bespreekt het voornemen tot tussentijdse aanvaarding van een functie na      aftreden, met de burgemeester.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2.3  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al>Het college      sluit oud-burgemeester(s) en oud-wethouders gedurende een jaar na aftreden      uit van het tegen beloning verrichten van werkzaamheden ten behoeve van de      gemeente.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> De      uitsluiting geldt niet bij aanvaarding van een dienstbetrekking bij de      gemeente waar men burgemeester, onderscheidenlijk wethouder was. Voor      werving, selectie en indiensttreding bij de gemeente zijn de voor het      ambtelijk personeel geldende regels ter zake van overeenkomstige      toepassing.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr> 2.4 </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> Burgemeester      en wethouders dragen een burgemeester of een wethouder niet eerder dan een      jaar na aftreden voor als kandidaat voor benoeming tot commissaris dan wel      bestuurslid van een verbonden partij.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> Onder      verbonden partij wordt verstaan hetgeen hieronder wordt verstaan in      artikel 1.1 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en      gemeenten  .</al>
              </li>
            </lijst>
            <al />
            <al>
              <nadruk type="cur">Toelichting</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Artikelen 2.1.1 en 2.1.2</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Zoals uit het opgenomen wettelijk kader blijkt, zijn er enkele verschillen in de wetgeving t.a.v. de openbaarmaking van (inkomsten uit) nevenfuncties tussen de burgemeester enerzijds en wethouders anderzijds. De nadere invulling daarvan in 2.1.1 en 2.1.2 is in lijn hiermee dan ook niet exact gelijk.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Artikelen 2.3 en 2.4</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">In deze bepalingen is de zogenaamde ‘draaideurconstructie’ geregeld. In 2.3 gedurende 1 jaar na aftreden de uitsluiting van betaalde werkzaamheden ten behoeve van de gemeente en in 2.4 de uitsluiting van benoeming als commissaris of bestuurslid van een ‘verbonden partij’, ofwel, kort samengevat, van een organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft. Hiermee wordt mogelijke vriendjespolitiek voorkomen en het risico op verstrengeling van persoonlijke en functionele belangen vermeden.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Het begrip ‘verbonden partij’ is ontleend aan het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten  . Daarin staat dat een verbonden partij een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie is waarin de provincie of gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Een financieel belang wordt gedefinieerd als een aan de betrokken organisatie ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien die organisatie failliet gaat, onderscheidenlijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat, indien de organisatie haar verplichtingen niet nakomt.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">En onder bestuurlijk belang wordt verstaan: zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Aanvaarding van een dienstbetrekking bij de voormalige gemeente, is niet uitgesloten. Dat kan van belang zijn in het kader van de re-integratie van de voormalige bestuurder en ter voorkoming van uitkeringslasten voor de gemeente. Uiteraard dienen daarbij de regels van werving en selectie en aanstelling te gelden die er voor iedereen zijn die bij de gemeente gaat solliciteren. De draaideurconstructie geldt natuurlijk niet bij aanvaarding van het raadslidmaatschap.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Het bepaalde in artikel 2.2, eerste lid, (vooruitlopen op een nieuwe functie na aftreden) geldt uiteraard evenzeer voor een functie bij de voormalige gemeente .</nadruk>
            </al>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label> Paragraaf </label>
            <nr>3.  </nr>
            <titel>Informatie</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Wettelijk kader</label>
              <nr />
              <titel />
            </kop>
            <al>
              <nadruk type="cur">Informatieplicht</nadruk>
            </al>
            <al>Burgemeester en wethouders en elk van zijn leden zijn verplicht alle inlichtingen te geven die de volksvertegenwoordiging nodig heeft voor de uitoefening van zijn taak. Het betreft zowel een actieve als een passieve informatieplicht. Ook als individuele volksvertegenwoordigers informatie vragen zal die informatie aan de volksvertegenwoordiging moeten worden verstrekt. De informatie kan alleen worden geweigerd als die in strijd is met het openbaar belang (artikelen 169  en 180 van de Gemeentewet  ).</al>
            <al>Het Reglement van Orde voor de gemeenteraad kan bepalingen bevatten die betrekking hebben op informatieverstrekking en de omgang met informatie.</al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Geheimhouding</nadruk>
            </al>
            <al />
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>Een ieder      die is betrokken bij de uitvoering van de taak van een bestuursorgaan en      daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke      karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit      hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens      een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding van die      gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot      mededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak tot mededeling      voortvloeit (artikel 2:5 van de Algemene wet bestuursrecht  ).</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al> Burgemeester      en wethouders kunnen op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de      Wet openbaarheid van bestuur  , geheimhouding opleggen. Ook de      burgemeester heeft die bevoegdheid. De geheimhoudingsplicht moet worden      bevestigd door de volksvertegenwoordiging. Ook de gemeenteraad      onderscheidenlijk (de voorzitter van) een commissie kan geheimhouding      opleggen (artikelen 25  , 55  en 86 van de Gemeentewet  ).</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al> Het schenden      van de geheimhoudingsplicht is een misdrijf (artikel 272 van de Wetboek      van Strafrecht  ).</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3.1  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <al>De burgemeester [respectievelijk de wethouder] zorgt ervoor dat vertrouwelijke en geheime informatie waarover hij beschikt veilig wordt bewaard.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3.2  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <al>De burgemeester respectievelijk de wethouder maakt niet ten eigen bate of ten bate van derden gebruik van in de uitoefening van het ambt verkregen niet openbare informatie.</al>
            <al>
              <nadruk type="cur" />
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Toelichting</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Artikel 3.1</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Het is belangrijk de juiste maatregelen te treffen om te voorkomen dat onbevoegden vertrouwelijke en/of geheime gegevens kunnen bezitten, raadplegen of beschadigen. Daarbij moet in de digitale setting worden gedacht aan de beveiliging van de computer, smartphones e.d. met wachtwoorden en het niet onbeheerd achterlaten van USB-sticks met vertrouwelijke/geheime informatie.</nadruk>
            </al>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label> Paragraaf </label>
            <nr>4.  </nr>
            <titel>Omgang met geschenken en uitnodigingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Wettelijk kader</label>
              <nr />
              <titel />
            </kop>
            <al>
              <nadruk type="cur">Afleggen eed of belofte</nadruk>
            </al>
            <al>De eed of belofte die op grond van de artikelen 41a  en 65 van de Gemeentewet  moet worden afgelegd heeft onder meer betrekking op het geven, aannemen of beloven van giften, gunsten of geschenken. Zie voor de wetstekst inzake de eed of belofte het wettelijk kader onder 2 voor de bepalingen ter voorkoming van belangen verstrengeling.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4.1  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> De      burgemeester respectievelijk de wethouder accepteert geen geschenken,      faciliteiten en diensten als zijn onafhankelijke positie hierdoor kan      worden beïnvloed.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> Onverminderd      het eerste lid kan de burgemeester respectievelijk de wethouder      incidentele geschenken die een geschatte waarde van ten hoogste € 100,-      vertegenwoordigen behouden.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>3.</li.nr>
                <al> Geschenken      die de burgemeester respectievelijk de wethouder uit hoofde van zijn ambt      ontvangt en die een geschatte waarde van meer dan € 100,-      vertegenwoordigen worden, als zij niet worden teruggestuurd, eigendom van      de gemeente.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>4.</li.nr>
                <al> De      gemeentesecretaris legt een register aan van de geschenken met een      geschatte waarde van meer dan € 100,-. In het register is aangegeven      welke bestemming de gemeente hieraan heeft gegeven. Het register is      openbaar en via internet beschikbaar.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>5.</li.nr>
                <al> Geschenken      worden niet op het huisadres ontvangen.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr> 4.2 </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> De      burgemeester respectievelijk de wethouder accepteert geen lunches, diners,      recepties en andere uitnodigingen die door anderen betaald of      georganiseerd worden, tenzij dat behoort tot de uitoefening van de functie      en de aanwezigheid beschouwd kan worden als functioneel.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> Bij twijfel      legt de burgemeester respectievelijk de wethouder de uitnodiging ter      bespreking voor aan de burgemeester.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr> 4.3 </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> Invitaties      voor excursies, evenementen en buitenlandse reizen voor rekening van      anderen dan de gemeente legt de burgemeester respectievelijk de wethouder      vooraf ter bespreking voor aan het college.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> De      burgemeester, onderscheidenlijk de wethouder maakt de excursies en evenementen      die hij heeft aanvaard openbaar binnen één week nadat de excursie,      onderscheidenlijk het evenement heeft plaatsgevonden. Daarbij wordt ook      openbaar gemaakt wie deze kosten voor zijn rekening heeft genomen.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>3.</li.nr>
                <al> De      informatie is via internet beschikbaar.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>4.</li.nr>
                <al> De      informatie over buitenlandse reizen voor rekening van derden wordt binnen      één week na terugkeer in Nederland opgenomen in het register, bedoeld in      artikel 5.3, tweede lid.</al>
              </li>
            </lijst>
            <al />
            <al>
              <nadruk type="cur">Toelichting</nadruk>
            </al>
            <al />
            <al>
              <nadruk type="cur">Artikel 4.1</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">In de gedragscode is uitgangspunt dat geschenken, faciliteiten en diensten niet worden geaccepteerd als hiermee de onafhankelijke positie van de bestuurder kan worden beïnvloed. Dat is in ieder geval aan de orde in onderhandelingssituaties. Is daarvan geen sprake dan kunnen om praktische redenen incidentele kleine geschenken (met een geschatte waarde van € 100,- of minder) door de bestuurder worden aanvaard, echter nooit op het huisadres. Duurdere geschenken worden niet aanvaard. Zij worden teruggestuurd of eigendom van de gemeente die zorgt voor een goede bestemming van het geschenk. In een openbaar register worden opgenomen welke geschenken van meer dan € 100,- de gemeente heeft aanvaard en welke bestemming daaraan is gegeven.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur" />
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Artikel 4.2</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Dit geldt ook als het gaat om werkbezoeken.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur" />
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Artikel 4.3</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Het gaat hier om excursies en evenementen die betrokkene als burgemeester onderscheidenlijk als wethouder aanvaardt. Excursies en evenementen in de hoedanigheid van lid van een politieke partij vallen hier dus niet onder.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Bij de artikelen 4.2 en 4.3. dienen eveneens als afwegingskader de motieven van de uitnodigende partij beoordeeld te worden. Het kan en mag er niet om gaan de onafhankelijke positie van de bestuurders te beïnvloeden.</nadruk>
            </al>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label> Paragraaf </label>
            <nr> 5. </nr>
            <titel>Gebruik van voorzieningen van de gemeente</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Wettelijk kader</label>
              <nr />
              <titel />
            </kop>
            <al>
              <nadruk type="cur">Geen andere inkomsten</nadruk>
            </al>
            <al>Een bestuurder geniet geen andere vergoedingen ten laste van de gemeente dan die bij of krachtens wet toegestaan zijn (artikelen 44  en 66 van de Gemeentewet  ).</al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Procedure van declaratie (modelverordening VNG)</nadruk>
            </al>
            <al>Er zijn voor wethouders voorschriften opgenomen in de gemeentelijke verordening over de wijze van declaratie (inclusief het overleggen van bewijsstukken) van vooruit betaalde (zakelijke) kosten en over rechtstreekse facturering van (zakelijke) kosten bij de gemeente. Ook zijn in de gemeentelijke verordening voor wethouders voorschriften opgenomen over het (zakelijk) gebruik van een gemeentelijke creditcard.</al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Buitenlandse dienstreis voor wethouders (modelverordening VNG)</nadruk>
            </al>
            <al>Als de wethouder in het gemeentelijk belang een reis buiten Nederland maakt, worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reis- en verblijfkosten vergoed. Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland, niet zijnde een reis naar een Europese instelling, is vooraf toestemming van het college vereist.</al>
            <al>De gemeenteraad kan aan deze toestemming voorwaarden verbinden.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5.1  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> Het      bestuursorgaan richt de financiële en administratieve organisatie zodanig      in dat er een getrouw beeld mogelijk is van de juistheid en rechtmatigheid      van de uitgaven en hanteren heldere procedures over de wijze waarop      functionele uitgaven rechtstreeks in rekening worden gebracht of kunnen      worden gedeclareerd bij de gemeente.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> De      burgemeester en de wethouder verantwoordt zich over zijn gebruik van de      voorzieningen volgens de in het kader van het eerste lid vastgestelde      regels en procedures.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5.2  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> De      burgemeester respectievelijk de wethouder meldt het voornemen tot een      buitenlandse dienstreis of een uitnodiging daartoe aan het college. Hij      verschaft daarbij informatie over het doel en de duur van de reis, de      bijbehorende beleidsoverwegingen, de samenstelling van het gezelschap dat      meereist, de geraamde kosten en de wijze waarop van de reis verslag wordt      gedaan.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> De      burgemeester, onderscheidenlijk de wethouder meldt daarbij tevens als hij      voornemens is om de buitenlandse reis voor privédoeleinden te verlengen.      De extra kosten van de verlenging komen daarbij volledig voor eigen      rekening.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>3.</li.nr>
                <al> Het college      betrekt alle aspecten in de besluitvorming en informeert de gemeenteraad      zo spoedig mogelijk over het genomen besluit.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr> 5.3 </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>1.</li.nr>
                <al> De      burgemeester respectievelijk een wethouder legt verantwoording af over      afgelegde buitenlandse dienstreizen. Hij maakt in ieder geval openbaar wat      het doel, de bestemming en de duur van de buitenlandse dienstreis is      geweest en wat daarvan de kosten waren voor de gemeente.</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al> De      gemeentesecretaris legt hiervoor een register aan en beheert dit register.      Het register is openbaar en via internet beschikbaar.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5.4  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <al>Voor de toepassing van de artikelen 5.2 en 5.3 wordt onder buitenlandse dienstreis niet verstaan een dienstreis naar een Europese instelling of een dienstreis naar een buurgemeente in het buitenland.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5.5  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <al>De burgemeester respectievelijk een wethouder declareert geen kosten die reeds op andere wijze worden vergoed.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr> 5.6 </nr>
              <titel />
            </kop>
            <al>Gebruik van voorzieningen en eigendommen van de gemeente ten eigen bate of ten bate van derden is niet toegestaan, tenzij hier andere afspraken over gemaakt zijn.</al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Toelichting</nadruk>
            </al>
            <al />
            <al>
              <nadruk type="cur">Artikel 5.1</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Aan bestuurders worden rechtspositionele voorzieningen, vergoedingen en andere verstrekkingen geboden die een goed functioneren van de bestuurders mogelijk maken.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Wat betreft de uitwerking van de principes van dit stelsel zou kunnen worden aangesloten bij de werkwijze in het Voorzieningenbesluit  dat geldt voor ministers en staatssecretarissen:</nadruk>
            </al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>a.</li.nr>
                <al>
                  <nadruk type="cur">in beginsel worden voorzieningen en      verstrekkingen in bruikleen ter beschikking gesteld;</nadruk>
                </al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>b.</li.nr>
                <al>indien een voorziening of verstrekking niet in bruikleen ter      beschikking kan worden gesteld, wordt de factuur direct ten laste van de      begroting van het bestuursorgaan betaald;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>c.</li.nr>
                <al>het vergoeden van voorzieningen en verstrekkingen achteraf      door het indienen van declaraties, wordt tot een minimum beperkt;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>d.</li.nr>
                <al>voorzieningen, verstrekkingen en declaraties worden      maandelijks openbaar gemaakt op internet.</al>
              </li>
            </lijst>
            <al>
              <nadruk type="cur">Uitgangspunt is hier dat zo weinig mogelijk uitgaven door de bestuurder zelf worden gedaan via zijn of haar privérekening. Geldstromen tussen de rekening van het bestuursorgaan en de persoonlijke rekening van de bestuurder maken een zwaardere controle op de uitgaven noodzakelijk.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">De bestuurder zal zich uiteraard nauwgezet moeten houden aan de regels en procedures die er met het oog hierop voor hem/haar gelden.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur" />
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Artikelen 5.2 en 5.3</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Uitgangspunten zijn hier eigen verantwoordelijkheid, transparantie en bereidheid om verantwoording af te leggen. De beoordeling van de noodzaak van de buitenlandse dienstreis ligt uiteindelijk bij het college.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Ingevolge artikel 5.4 gelden de bepalingen van de artikelen 5.2 en 5.3 niet voor de meer reguliere (buitenlandse) dienstreizen naar een Europese instelling of een dienstreis naar een buurgemeente in het buitenland. Voor dergelijke (buitenlandse) reizen vormen deze bepalingen wel een belangrijke richtsnoer.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Buitenlandse reizen die worden gemaakt ten behoeve van de politieke partij zijn geen ‘dienstreizen’ en vallen dus niet onder de artikelen 5.2 en 5.3 en komen niet ten laste van de gemeente.</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Artikel 5.6</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">Stelregel is dat privé gebruik van gemeentelijke voorzieningen niet is toegestaan. Wel hebben organisaties mogelijk een specifieke regeling die privégebruik van bedrijfsmiddelen reguleert, zoals privégebruik van een mobiele telefoon.</nadruk>
            </al>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <label> Paragraaf </label>
            <nr> 6. </nr>
            <titel>Uitvoering gedragscode</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6.1  </nr>
              <titel />
            </kop>
            <al>De gemeenteraad bevordert de eenduidige interpretatie van de gedragscode. Ingeval van leemtes en onduidelijkheden in de gedragscode voorzien zij daarin.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr> 6.2 </nr>
              <titel />
            </kop>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>•1.</li.nr>
                <al> Op voorstel van de      burgemeester maakt de gemeenteraad in ieder geval afspraken over: </al>
                <lijst>
                  <li>
                    <li.nr>a.</li.nr>
                    <al> de       periodieke bespreking van het onderwerp integriteit in het algemeen en       van de gedragscode in het bijzonder;</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>b.</li.nr>
                    <al> de       aanwijzing van contactpersonen of aanspreekpunten integriteit;</al>
                  </li>
                  <li>
                    <li.nr>c.</li.nr>
                    <al> de       processtappen die worden gevolgd ingeval van een vermoeden van een       integriteitschending van een politieke ambtsdrager van de gemeente.</al>
                  </li>
                </lijst>
              </li>
              <li>
                <li.nr>2.</li.nr>
                <al>De      afspraken, bedoeld in het eerste lid, maken deel uit van deze gedragscode.</al>
              </li>
            </lijst>
            <al />
            <al>
              <nadruk type="cur">Toelichting</nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">
                <nadruk type="cur">Artikel 6.1</nadruk>
              </nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">
                <nadruk type="cur">De gemeenteraad het hoogste bestuursorgaan en als zodanig verantwoordelijk voor de inhoud van de gedragscode, voor een eenduidige interpretatie daarvan en voor wijziging/aanvulling daarvan bij onduidelijkheden of leemtes.</nadruk>
              </nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">
                <nadruk type="cur">Artikel 6.2</nadruk>
              </nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">
                <nadruk type="cur">De Gemeentewet  verplicht de gemeenteraad om voor zichzelf en voor de bestuurders een gedragscode vast te stellen.</nadruk>
              </nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">
                <nadruk type="cur">Aanvullend op de wettelijke regels die gelden voor politieke ambtsdragers, bevat de gedragscode een aantal materiële normen waaraan de politieke ambtsdragers zich committeren.</nadruk>
              </nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">
                <nadruk type="cur">De burgemeester krijgt de wettelijke taak om de bestuurlijke integriteit van zijn of haar gemeente te bevorderen. Hiermee is de verantwoordelijkheid voor de portefeuille ‘integriteit’ duidelijk belegd. De wettelijke bepalingen bieden de ruimte om naar gelang de situatie handelend op te treden, waarbij niet alleen gedacht moet worden aan het optreden bij incidenten.</nadruk>
              </nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">
                <nadruk type="cur">Belangrijk onderdeel is ook de preventie: ervoor te zorgen dat integriteit en integriteitsbewustzijn in de bestuurlijke gremia een plek krijgen en daarbij afspraken te maken over een regelmatige bespreking van het thema integriteit, zowel met de volksvertegenwoordiging als binnen het bestuur. De burgemeester hoeft hier niet alleen voor te staan. Een daartoe aangewezen contactpersoon of vertrouwenspersoon (bijvoorbeeld de griffier) kan hier in relatie tot de gemeenteraad eveneens een belangrijke rol in spelen.</nadruk>
              </nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">
                <nadruk type="cur">Goed denkbaar is ook dat de gemeenteraad met de burgemeester nadere afspraken maakt over de werkwijze die wordt gevolgd ingeval zich een incident of een vermoeden van een integriteitsschending voordoet. Dat geeft houvast en rust op het moment dat er gehandeld dient te worden.</nadruk>
              </nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur">
                <nadruk type="cur">Al deze processuele en procedurele afspraken kunnen onderdeel uitmaken van de gedragscode. De onderwerpen, genoemd in artikel 6.2, eerste lid, zijn niet uitputtend.</nadruk>
              </nadruk>
            </al>
            <al>
              <nadruk type="cur" />
            </al>
          </artikel>
        </paragraaf>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting>
        <gegeven>
          <dagtekening>
            <datum isodatum="">Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Harderwijk in zijn openbare vergadering van 18 februari 2016, onder nummer B15.004117 </datum>
          </dagtekening>
        </gegeven>
        <ondertekening>
          <naam>
            <voornaam>De heer   </voornaam>
            <achternaam>H.J. van Schaik,</achternaam>
          </naam>
          <functie>Voorzitter</functie>
          <naam>
            <voornaam>De heer H.R.   </voornaam>
            <achternaam>Lanning</achternaam>
          </naam>
          <functie>Raadsgriffier  </functie>
        </ondertekening>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </gemeenteblad>
</officiele-publicatie>