Gemeente Brummen - Verordening op de heffing en invordering van leges 2017 en de daarbij behorende Tarieventabel 2017

 

 

Kenmerk: RB16.0065

De raad van de gemeente Brummen,

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 18 oktober 2016 met kenmerk RV16.0074;

gehoord het behandeladvies van het forum Samenleving/Bestuur/Financiën van 10 november 2016;

 

heeft besloten:

1.1. om de Tarieventabel 2017, INT16.2907 vast te stellen;

1.2. om de volgende verordening vast te stellen:

a. Verordening op de heffing en invordering van leges 2017

 

 

VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN LEGES 2017

(Legesverordening 2017 en Tarieventabel).

 

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    ‘dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    ‘week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    ‘maand’: het tijdvak dat loopt van de eerste dag in een kalendermaand tot en met de laatste dag van die kalendermaand;

  • d.

    ‘jaar’: het tijdvak dat loopt van de eerste dag in een kalenderjaar tot en met de laatste van dat kalenderjaar;

  • e.

    ‘kalenderjaar’: de periode van 1 januari tot en met 31 december.

     

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:

  • a.

    het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

  • b.

    verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

 

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

 

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor:

  • 1.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • 2.

    diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

  • 3.

    het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het een activiteit betreft bedoeld in artikel 2.2a van het Besluit omgevingsrecht(omgevingsvergunning beperkte milieutoets);

     

Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het overigens in dit artikel bepaalde.

  • 2.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet.

  • 3.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

     

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

 

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 14 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

     

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

 

Artikel 9 Vermindering of teruggaaf

  • 1.

    Gehele of gedeeltelijke teruggaaf van leges voor een in de tarieventabel omschreven dienst wordt verleend op een aanvraag als bedoeld in artikel 242 van de Gemeentewet en overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in de bij deze verordening behorende tarieventabel opgenomen bepaling.

  • 2.

    Indien de heffing van leges geschiedt bij wijze van abonnement wordt tussentijdse beeindiging van een abonnement, indien deze plaatsvindt voordat een halfjaar van de geldigheidsduur daarvan is verstreken en het abonnement, ten hoogste voor de helft van het aantal inlichtingen, waarop het recht heeft is verbruikt, op schriftelijk verzoek van de houder ontheffing van de belasting van deze leges verleend tot een bedrag gelijkstaande met de helft van het verschuldigde.

     

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening indien de wijzigingen:

  • 1.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • 2.

    een tariefsverlaging betreffen;

een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

  • 1.

    hoofdstuk 1 (akten burgerlijke stand)

  • 2.

    hoofdstuk 2 (reisdocumenten)

  • 3.

    hoofdstuk 3 (rijbewijzen)

  • 4.

    hoofdstuk 4 (verstrekkingen uit de Basisregistratie Personen)

  • 5.

    hoofdstuk 6 (verstrekkingen op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens)

  • 6.

    hoofdstuk 9 (verklaring omtrent het gedrag)

  • 7.

    hoofdstuk 15 (kansspelen)

een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

 

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeesters en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.

 

Artikel 12 Overgangsrecht
  • 1.

    De ‘Verordening op de heffing en de invordering van leges 2005’ van 16-12-2004, laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit van 29-10-2015, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 13, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt.

     

Artikel 13 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.

  • 3.

    Deze verordening kan worden aangehaald als “Legesverordening 2017”.

 

 

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 24 november 2016

de griffier, mr. A.P. Leenstra

de voorzitter, A.J. van Hedel

 

 

 

BIJLAGE 1 - TARIEVENTABEL 2017, DEEL UITMAKENDE VAN DE “LEGESVERORDENING 2017” (INT16.02907)

Titel 1 Algemene dienstverlening

 

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

1.1.1

Het tarief bedraagt voor het voltrekken van een huwelijk of partnerschapsregistratie en voor het omzetten van een partnerregistratie in een huwelijk, met ceremonie in het huis der gemeente of het gemeentehuis:

 

1.1.1.1

Op maandag tot en met vrijdag tussen 08.30 en 17.00 uur

€ 359,25

1.1.1.2

Op zaterdag tussen 10.00 en 18.00 uur

€ 576,85

1.1.1.3

Op zondag tussen 10.00 en 18.00 uur

€ 789,35

1.1.1.4

In afwijking van het vorenstaande worden (binnen de gestelde beleidsregels) geen leges geheven op maandag bij voltrekking in het gemeentehuis tussen 9.00 en 10.00 uur, een en ander op grond van artikel 4 van de Legeswet 1879, Stb. 72.

 

1.1.1.5

De op basis van lid 1.1.1.1 t/m 1.1.1.4 berekende bedragen worden verhoogd indien de huwelijksvoltrekking of partnerregistratie plaatsvindt buiten de onder lid 1.1.1.1 t/m 1.1.1.4 genoemde uren en op algemeen erkende feestdagen.

€ 404,80

1.1.2

Het overeenkomstig paragraaf 1.1.1 berekende legesbedrag wordt verhoogd

 

1.1.2.1

met

€ 164,40

 

indien sprake is van een eenmalig aangewezen huwelijkslocatie indien de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap en voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk plaatsvind in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek.

 

1.1.2.2

met

€ 237,80

 

indien een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag wordt benoemd, met verplichte beëdiging, om een specifiek huwelijk te voltrekken.

 

1.1.2.3

met

€ 131,55

 

indien een reeds beëdigde buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag wordt benoemd, om een specifiek huwelijk te voltrekken.

 

1.1.3

Het tarief bedraagt voor het annuleren van een huwelijksdatum.

€ 164,45

 

 

 

1.1.5

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van:

 

1.1.5.1

een trouwboekje of partnerschapboekje

€ 28,85

1.1.5.2

een duplicaat

€ 28,85

1.1.8

Voor het verstrekken van inlichtingen uit de registers van de burgerlijke stand per inlichting op een persoon betrekking hebbende bedraagt het tarief

€ 8,60

 

voor het doen van naspeuringen in de registers van de burgerlijke stand, wordt het bovenstaande tarief verhoogd voor ieder daaraan besteed kwartier met

€ 18,70

1.1.9

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 

 

 

 

De tarieven opgenomen in hoofdstuk 2 en 3 volgen de landelijk maximaal vastgestelde tarieven.

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

 

1.2

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

 

1.2.1a

van een nationaal paspoort:

 

1.2.1b

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in subonderdeel 1.2.1a (zakenpaspoort):

 

1.2.1c

van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

 

1.2.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 64,70

1.2.1.2

1.2.2

1.2.3

1.2.3.1 1.2.3.2

1.2.4

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen

van een Nederlandse identiteitskaart:

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.3 genoemde documenten, de in die onderdelen genoemde leges vermeerderd met een bedrag van

€ 51,45

€51,45

€50,65 € 28,60

€ 47,50

 

 

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

 

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs

€ 38,95

1.3.2

Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met

€ 34,10

 

 

 

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

 

1.4.1

Voor de toepassing van dit hoofdstuk, met uitzondering van de onderdelen 1.4.3 en 1.4.4, wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens over één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd.

 

1.4.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.4.2.1

tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking

€ 8,05

 

Dit bedrag wordt verhoogd, indien een specifieke selectie van het bestand moet worden gemaakt. Deze verhoging bedraagt per specifieke selectie

€ 94,45

1.4.3

In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het schriftelijk verstrekken van gegevens bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen

€ 7,50

1.4.4

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de gemeentelijke basisadministratie, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 18,70

 

 

 

Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister

 

1.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een inlichting betreffende de registratie van de aanvrager als kiezer bedoeld in artikel D4 van de Kieswet

€ 8,05

 

 

 

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens

1.6.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een bericht als bedoeld in artikel 35 van de Wet bescherming persoonsgegevens:

 

1.6.1.1

bij verstrekking op papier, indien het afschrift bestaat uit:

 

1.6.1.1.1

ten hoogste 100 pagina’s, per pagina

€ 0,20

 

met een maximum per bericht van

€ 5,00

1.6.1.1.2

meer dan 100 pagina’s

€ 23,10

1.6.1.2

bij verstrekking anders dan op papier

€ 5,00

1.6.1.3

dat bestaat uit een afschrift van een, vanwege de aard van de verwerking, moeilijk toegankelijke gegevensverwerking

€ 23,10

1.6.2

Indien voor hetzelfde bericht op grond van de subonderdelen 1.6.1.1, 1.6.1.2 en 1.6.1.3 meerdere vergoedingen kunnen worden gevraagd, wordt slechts de hoogste gevraagd.

 

1.6.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een verzet als bedoeld in artikel 40 van de Wet bescherming persoonsgegevens

€ 4,95

 

 

 

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

 

1.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.7.1.1

een afschrift van de gemeentebegroting, inclusief de bijlagen.

€ 18,70

1.7.1.2

een afschrift van de gemeenterekening met de verantwoording van burgemeesters en wethouders.

€ 18,70

1.7.1.3

Burgers en/of organisaties die door de raad worden uitgenodigd voor een raadsvergadering krijgen de beschikking over de door het college te bepalen relevante stukken, zonder dat de onder 1.7.1 genoemde leges in rekening gebracht worden.

 

1.7.2.2

tot het afsluiten van een abonnement voor een kalenderjaar:

 

1.7.2.2.2

op de stukken behorende bij de raadsvergaderingen, per post

€ 61,70

1.7.2.2.3

op de stukken behorende bij de raadsvergaderingen per e-mail

€ 0,00

 

 

 

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

 

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.8.1.1

een fotokopie van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in subonderdeel 1.8.2.2, structuurplan of stadsvernieuwingsplan:

 

1.8.1.1.1

in formaat A4, per bladzijde

€ 0,30

1.8.1.1.2

ander formaat A4, per bladzijde

€ 0,50

1.8.1.1.3

in kleur (maximaal A3 formaat)

€ 3,00

1.8.1.2

een lichtdruk van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in subonderdeel 1.8.2.2, structuurplan of stadsvernieuwingsplan, per dm² lichtdruk

€ 18,70

1.8.1.3

schriftelijke informatie (over de onderdelen: historische bodeminformatie, publiekrechtelijke beperkingen of bestemmingsplaninformatie) aan derden inzake taxatie- / verkoopactiviteiten onroerend goed: Voor één onderdeel

€ 17,65

1.8.1.4

schriftelijke informatie (over de onderdelen: historische bodeminformatie, publiekrechtelijke beperkingen of bestemmingsplaninformatie) aan derden inzake taxatie- / verkoopactiviteiten onroerend goed: Voor meerdere onderdelen

€ 35,70

 

 

 

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

 

1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.9.1

tot het verstrekken van een verklaring omtrent het gedrag

€ 41,55

1.9.2

tot het verstrekken van een bewijs van in leven zijn (attestatie de vita)

€ 8,60

1.9.3

tot het verstrekken van een bewijs van Nederlanderschap

€ 8,60

1.9.4

tot het legaliseren van een handtekening

€ 8,60

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

 

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 18,70

1.10.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.10.2.1

een afschrift of fotokopie van een in het gemeentearchief berustend stuk, per pagina

€ 0,30

 

 

 

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

 

1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.12.1.1

tot het verlenen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet

€ 86,00

1.12.1.2

tot het verlengen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van de Leegstandwet

€ 45,50

1.12.2

Indien aanvragen als bedoeld in de subonderdelen 1.12.1.1 en 1.12.1.2 gelijktijdig worden ingediend en woonruimten in hetzelfde gebouw, zoals een flat, een school of een kantoor betreffen, worden de in die subonderdelen bedoelde leges slechts eenmaal geheven.

 

 

[Dit geldt ook als het gaat om een geheel van huurwoningen bestemd voor sloop of renovatie waarvoor gelijktijdig aanvragen worden ingediend.]

 

 

 

 

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie

 

NVT 

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 14 Standplaatsvergunnngen

 

1.14.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag op grond Verordening Marktgelden 2016

 

1.14.1.1

tot het verlenen van een vaste-standplaatsvergunning, geldig voor langer dan zes maanden (artikel 3, eerste lid):

€ 266,30

1.14.1.2

tot het verlenen van een dagplaatsvergunning (artikel 3, eerste lid), die leidt tot vergunningverlening:

€ 36,65

 

 

 

Hoofdstuk 15 Kansspelen

 

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:

 

1.16.1.1

voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat

€ 56,75

1.16.1.2

voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat

€ 56,75

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 34,15

1.16.2

De subonderdelen 1.16.1.1 en 1.16.1.2 zijn van overeenkomstige toepassing, indien de vergunning geldt voor een tijdvak, korter dan twaalf maanden of langer dan twaalf maanden maar ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de daar genoemde bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd onderscheidenlijk verhoogd worden.

 

 

 

 

Hoofdstuk 16 Verkeer en vervoer

 

1.18

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.18.1

tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990

€ 36,75

1.18.3

tot het verstrekken van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

€ 45,35

1.18.4

De in 1.18.3 genoemde leges worden verhoogd met de externe kosten van een medische keuring met een maximum van € 92,00

 

1.18.5

Het verstrekken van een duplicaat van een gehandicaptenparkeerkaart in geval van vermissing

€ 28,30

1.18.6

Het tarief bedraagt ter zake van het overbrengen van een voertuig naar de bewaarplaats:

 

1.18.6.1

voor een personenauto tot 3500 kg, m.u.v. MPV’s, terreinwagens en busjes op “geel” kenteken

€ 185,15

1.18.6.2

voor een bestelwagen tot 3500 kg, MPV’s, terreinwagens en busjes op “geel” kenteken

€ 229,65

1.18.7.1

Voor het eerste etmaal of een gedeelte daarvan, de dag van het wegslepen, worden geen kosten voor het bewaren van een voertuig in rekening gebracht.

 

1.18.7.2

Voor elk volgend etmaal (kalenderdag) of een gedeelte daarvan voor het bewaren van een voertuig

€ 12,50

1.18.7.3

De voorrijkosten, als bedoeld in artikel 2.3.3. van de interne werkinstructie weg-sleepregeling gemeente Brummen, of de kosten voor een loze rit

€ 93,05

 

 

 

Hoofdstuk 17 Diversen

 

1.19.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.19.1.1

voor het afgeven van een beschikking op aanvragen van een vergunning of een ontheffing, dan wel van elk ander stuk in het persoonlijk belang van de aanvrager opgemaakt.

€ 36,90

1.19.1.2

het tarief genoemd in 1.19.1.1 geldt niet voor stukken afzonderlijk en met name in deze tarieventabel of in een andere belastingverordening, dan wel in andere rechtsregels genoemd.

 

1.19.1.3

onder "afgeven" genoemd in 1.19.1.1 wordt mede begrepen het uitreiken van beschikkingen van organen van rijk of provincie.

 

1.19.1.4

voor nasporingen in registers of kadastrale stukken, ongeacht het resultaat hiervan, bedraagt per kwartier of een gedeelte daarvan

€ 18,70

1.19.1.5

het in 1.19.1.4 genoemde tarief geldt niet voor diensten met name, onder andere nummers van deze tarieventabel of in een andere belastingverordening dan wel in andere rechtsregels, genoemd.

 

1.19.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.19.2.1

gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina

€ 11,55

1.19.2.2

afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

 

1.19.2.2.1

op papier van A4-formaat, enkelzijdig

€ 0,30

1.19.2.2.2

op papier van A4-formaat, dubbelzijdig

€ 0,60

1.19.2.2.3

per pagina in kleur (maximaal A3-formaat)

€ 3,00

1.19.2.3

kaarten, tekeningen en lichtdrukken, al dan niet behorend bij de in subonderdelen 1.19.2.1 tot en met 1.19.2.3 genoemde stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per kaart, tekening of lichtdruk

€ 18,70

1.19.2.4

de zgn. WOZ-waarde en/of het bedrag aan OZB zakelijk gerechtigde deel aan een notariskantoor over enig jaar per verstrekking en per object

€ 15,90

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

2.1.1.1

aanlegkosten:

 

 

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 2012 (UAV2012), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft;

 

2.1.1.2

bouwkosten:

 

 

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 2012 (UAV2012), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2699, uitgave 2013, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft. De leges worden berekend over de bouwkosten inclusief BTW.

 

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 

 

 

 

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

2.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om vooroverleg in verband met het verkrijgen van een indicatie in hoeverre een voorgenomen project in het kader van de Wabo vergunbaar is of in het kader van de Wro planologische medewerking wordt verleend, in geval van een:

 

2.2.1

Principe-uitspraak over planologisch strijdig gebruik:

 

2.2.1.1

Toepassing artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1o van de Wabo (binnenplanse afwijking):                          

€ 65,00

2.2.2.2

Toepassing artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2o van de Wabo (buitenplanse ‘kleine’ afwijking):               

€ 130,00

2.2.2.3

Toepassing artikel 2.12, tweede lid van de Wabo (tijdelijke afwijking):                                              

€ 130,00

2.2.2.4

Toepassing artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3o van de Wabo (buitenplanse ‘grote’ afwijking):  

€ 645,20

 

 

 

2.2.2

Principe-uitspraak over medewerking aan een herziening of wijziging van een bestemmingsplan (hoofdstuk 7):          

€ 645,20

2.2.3

Principe-uitspraak over een conceptaanvraag omgevingsvergunning, voor zover niet eerder in dit artikel genoemd:   

€ 65,00

 

 

 

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

 

 

 

 

2.3.1

Bouwactiviteiten

 

2.3.1.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief het volgende percentage van de bouwkosten (inclusief BTW),

indien de bouwkosten minder dan €1.000.000 bedragen met een minimum van

3,0% € 117,80

2.3.1.2

indien de bouwkosten € 1.000.000 of meer bedragen

van de bouwkosten tot € 1.000.000, vermeerderd met

voor de bouwkosten vanaf € 1.000.000

3,0%

1,80%

 

 

 

 

Welstandstoets

 

2.3.1.3

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, voor de welstandstoets:

het percentage dat door het Gelders Genootschap in rekening wordt gebracht.

 

 

 

2.3.1.4

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien zich tijdens de beoordeling van de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wijzigingen voordoen in het bouwplan en daarvoor een nieuwe welstandstoets noodzakelijk is:

het percentage dat door het Gelders Genootschap in rekening wordt gebracht

2.3.1.5

Constructieve veiligheid

 

 

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief voor het ingewonnen advies omtrent de bij de bouwaanvraag te overleggen tekeningen en berekeningen van constructies.

de werkelijk in rekening gebrachte externe advieskosten.

 

 

 

 

Verplicht advies agrarische commissie, of daarmee gelijk te stellen advies

 

2.3.1.6

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie, of daarmee gelijk te stellen advies, nodig is en wordt beoordeeld:

de werkelijk in rekening gebrachte advieskosten

 

 

 

2.3.2

Aanlegactiviteiten

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 222,60

 

 

 

2.3.3

Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, al dan niet in combinatie met een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1:

 

2.3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 65,00

 

 

 

2.3.3.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

€ 130,45

 

 

 

2.3.3.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse grote afwijking, voorheen projectbesluit):

Zie onder deze titel hfst 7

 

 

 

2.3.3.4

indien artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke afwijking):

€ 130,45

2.3.4

vervallen

 

 

 

 

2.3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.5.1

                Voor een bouwwerk met een gebruiksoppervlakte van 1-100 m2

€ 470,60

2.3.5.2

                Voor een bouwwerk met een gebruiksoppervlakte van 101-250 m2

€ 1.209,35

2.3.5.3

                Voor een bouwwerk met een gebruiksoppervlakte van 251-1.000 m2

€ 1.816,50

2.3.5.4

                Voor een bouwwerk met een gebruiksoppervlakte van meer dan 1.000 m2

€ 2.757,70

2.3.5.5

                Voor het in behandeling nemen van een aanvraag die een geringe wijziging van een reeds eerder verleende vergunning tot gevolg heeft en waarbij niet het gehele bouwwerk opnieuw hoeft te worden beoordeeld:

€ 87,50

 

 

2.3.6

Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten

 

2.3.6.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo, of op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een krachtens provinciale verordening of de Erfgoedverordening 2010 Gemeente Brummen aangewezen monument, waarvoor op grond van die provinciale verordening of artikel 10, tweede lid, van die gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

 

2.3.6.1.1

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument:

€ 36,90

2.3.6.1.2

voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 36,90

 

 

 

2.3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 106,20

 

 

 

2.3.8

Aanleggen of veranderen weg

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 36,90

 

 

 

 

 

 

2.3.10

Kappen

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4.12 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief voor:

 

 

-het kappen van bomen:

 

2.3.10.1

-per boom:

€ 36,90

 

met een maximum van

€ 129,55

2.3.10.2

-het kappen van hakhout:

 

 

-tot en met 25 m2 oppervlakte

€ 44,50

 

-voor elke m2 boven 25 m2

€ 6,68

 

met een maximum van

€ 145,20

2.3.10.3

Indien de omgevingsvergunning voor het vellen of te doen vellen van houtopstand tevens betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, wordt alleen het tarief voor het kappen in rekening gebracht.

 

 

 

 

2.3.11

Opslag van roerende zaken

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de gemeente, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

 

2.3.11.1

indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo:

€ 36,90

2.3.11.2

indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de Wabo:

€ 36,90

 

 

 

2.3.12

Projecten of handelingen in het kader van de Wet Natuurbescherming (bescherming van een Natura 2000 gebied)

 

2.3.12.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op handelingen in een beschermd natuurgebied die schadelijk kunnen zijn voor het natuurschoon, de natuurwetenschappelijke betekenis of voor de dieren of planten, als bedoeld in artikel 16, eerste lid, van de Natuurbeschermingswet 1998 bedraagt het tarief:

het bedrag dat door Provinciale Staten in rekening wordt gebracht

2.3.12.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het realiseren van projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitats en soorten in een door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aangewezen gebied als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, van de Natuurbeschermingswet 1998

het bedrag dat door Provinciale Staten in rekening wordt gebracht

 

 

 

2.3.13

Handelingen in het kader van de Wet Natuurbescherming (bescherming van soorten)

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een handeling waarvoor op grond van artikel 75, derde lid, van de Flora- en Faunawet ontheffing(Toestemmingsbesluit) nodig is, bedraagt het tarief

het bedrag dat door Provinciale Staten in rekening wordt gebracht

 

 

 

2.3.14

Andere activiteiten

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

 

2.3.14.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in art 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 36,90

2.3.14.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.14.2.1

als het een gemeentelijke verordening betreft

€ 36,90

2.3.14.2.2

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft:

€ 36,90

 

 

 

2.3.15

Omgevingsvergunning in twee fasen

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.15.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

 

2.3.15.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

 

 

 

2.3.16

Beoordeling bodemrapport

 

 

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld:

 

2.3.16.1

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport

€ 161,80

2.3.16.2

voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport

€ 161,80

 

 

 

2.3.17

Advies en/of onderzoek

 

2.3.17.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

de werkelijk in rekening gebrachte kosten voor het externe advies- of onderzoeks kosten, met een maximum van € 28.570,--

 

Indien een begroting als bedoeld in subonderdeel 2.3.17.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

2.3.18

Verklaring van geen bedenkingen

 

 

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven

de werkelijk daarvoor in rekening gebrachte kosten.

 

 

 

Hoofdstuk 4 Vermindering/vermeerdering

2.4.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg of beoordeling van een conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg of de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk 3, met uitzondering van de leges voor een principebesluit, zoals bedoeld in de onderdelen 2.2.1, 2.7.1 en 2.7.2.

 

2.4.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op meer dan vijf activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen of verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdelen 2.3.17 en 2.3.18. De vermindering bedraagt:

 

2.4.2.1

bij 5 of meer activiteiten: van de voor die activiteiten verschuldigde leges.

5%

 

 

 

2.4.3.2

Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 3 bedraagt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit (het zgn. ‘legaliseren’)

van de op de grond van dat onderdeel in hoofdstuk 3 verschuldigde leges.

35%

 

 

 

Hoofdstuk 5 Teruggaaf

2.5.2

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

 

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2 en 2.3.6, intrekt of gedeeltelijk intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen drie jaren na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt:

25%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

 

 

 

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

2.5.3.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2 of 2.3.6 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

25%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.3.2

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een bij rechterlijke uitspraak vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend.

 

 

 

 

2.5.4

Minimumbedrag voor teruggaaf

 

 

Een bedrag minder dan € 117,00 wordt niet teruggegeven.

 

 

 

 

2.5.5

Geen teruggaaf legesdeel advies of verklaring van geen bedenkingen

 

 

Van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 2.3.17 en 2.3.18 wordt geen teruggaaf verleend.

 

 

 

 

Hoofdstuk 6 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

2.6

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project, wordt als volgt berekend: de leges als bedoeld in onderdeel 2.3.1.1 worden verrekend met de leges die voor de gewijzigde omgevingsvergunning verschuldigd zijn, met dien verstande dat zij niet minder dan € 117,00 bedragen.

 

 

 

 

Hoofdstuk 7 Bestemmingsplannen

2.7.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het herzien (artikel 3.1, eerste lid van de Wro) of wijzigen (artikel 3.6, eerste lid van de Wro) van een bestemmingsplan of een aanvraag om een omgevingsvergunning met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3o van de Wabo (buitenplanse ‘grote’ afwijking) wordt bepaald op basis van de Regeling Plankosten Exploitatieplan (ontwerp januari 2010).

 

 

      Dit artikel is niet van toepassing ingeval reeds toepassing is gegeven aan afdeling 6.4 van de Wro.

 

 

 

 

2.7.2

Advies en/of onderzoek

 

 

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning, dan wel dat er onderzoek moet worden verricht.

de werkelijk in rekening gebrachte kosten voor het externe advies- of onderzoeks kosten, met een maximum van € 28.570.--

 

 

 

Hoofdstuk 8 Diversen

2.8.1

Publicatiekosten

 

 

het ingevolge het bepaalde in de onderdelen 2.3.3, 2.3.4, 2.7.1 en verschuldigde tarief wordt verhoogd met de terzake verschuldigde publicatiekosten met een maximum van

€ 3.159,70

2.8.2

Ondergrondse kabels en leidingen

 

2.8.2.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag als

 

 

bedoeld in artikel 2.2 van de Algemene Verordening Ondergrondse

 

 

Infrastructuur 2017 gemeente Brummen bedraagt:

€ 436,15

2.8.2.2

Indien het werkzaamheden in tegel-, klinker- en sierbestratingen,

 

 

alsmede gesloten verhardingen, betreft, voor zover de werkzaamheden

 

 

plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, wordt het in onderdeel

 

 

2.8.2.1 genoemde tarief per strekkende meter sleuf verhoogd met

€ 2,36

2.8.2.3

Indien het werkzaamheden in bermen, groenstroken en dergelijke

 

 

betreft, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare

 

 

gemeentegrond, wordt het tarief van onderdeel 2.8.2.1 per strekkende

 

 

meter sleuf verhoogd met

€ 0,50

2.8.2.4

Indien met betrekking tot een aanvraag overleg moet plaatsvinden

 

 

tussen gemeente, andere beheerders van openbare grond en de

 

 

netbeheerder, worden de tarieven als genoemd in onderdelen 2.8.2.1,

 

 

2.8.2.2 en 2.8.2.3 verhoogd met

€ 436,15

 

 

 

Hoofdstuk 9 In deze titel niet benoemde beschikking

2.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 36,90

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn en niet vallend onder titel 2

 

Hoofdstuk 1 Horeca

 

 

3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

 

 

3.1.1

een aanvraag tot het verlenen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet

€ 638,15

 

3.1.5

een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet

€ 56,25

 

3.1.7

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet

€ 25,10

 

3.1.8

Voor geringe wijzigingen waarvoor geen nader onderzoek nodig is, zoals beschrijving van een terras, zijn geen leges verschuldigd.

 

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

 

 

3.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning), :

€ 36,90

 

 

 

 

 

3.2.2

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 3.2.1 bedraagt het tarief van

 

 

3.2.2.1

het treffen van verkeersmaatregelen (o.a. afsluiten openbare weg)          

€ 39,45

 

3.2.2.2

het in behandeling nemen van een aanvraag om een tijdelijke gebruiksvergunning (o.a. brandveiligheid tent)     

€ 82,45

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven

 

 

3.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

 

3.3.1

tot het verlenen van een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3:4, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening, anders dan een wijziging bedoeld in onderdeel 3.3.2:

 

 

3.3.1.1

voor een seksinrichting

€ 755,95

 

3.3.1.2

voor een escortbedrijf

€ 755,95

 

3.3.2

tot het wijzigen van een exploitatievergunning in verband met uitsluitend een wijziging van het beheer in een seksinrichting of escortbedrijf, als bedoeld in <artikel 3.15, tweede lid, van de Algemene plaatselijke verordening>:

 

 

3.3.2.1

voor een seksinrichting

€ 755,95

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte

 

 

nvt

 

 

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 5 Brandbeveiligingsverordening

 

 

3.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning met betrekking tot het brandveilig gebruik van een inrichting, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Brandbeveiligingsverordening Gemeente Brummen 2013 voor:

 

 

3.5.1

voor een kleine categorie

€ 500,95

 

3.5.2

voor een middel categorie

€ 1.254,95

 

3.5.3

voor een grote categorie

€ 1.877,35

 

3.5.4

voor een middelgrote categorie

€ 4.680,60

 

3.5.5

voor een zeer grote categorie

€ 6.264,45

 

3.5.6

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag die een geringe wijziging van een reeds eerder verleende vergunning tot gevolg heeft en waarbij niet het gehele bouwwerk opnieuw hoeft te worden beoordeeld

€ 91,05

 

3.5.7

Indien een hercontrole noodzakelijk wordt geacht, zal een afrekening plaatsvinden op basis van het werkelijk aantal uren tegen een uurtarief van

€ 70,85

 

 

met een maximum van

€ 2.994,60

 

 

Voordat deze hercontrole plaatsvindt wordt aan de vergunningplichtige de hoogte van de genoemde kosten meegedeeld.

 

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 6 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

3.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een andere, in deze titel niet benoemde vergunning of ontheffing of tot het nemen van een andere beschikking

€ 36,90

 

Naar boven