Gemeenteblad van Utrecht (Utr)

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Utrecht (Utr)Gemeenteblad 2015, 4562Beleidsregels
GEMEENTE UTRECHT BELEIDSREGEL Verlaging van de bijstandsnorm voor belanghebbenden zonder woonkosten 2015
 
 
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht;
Gelet op: de invoering van de Participatiewet, artikel 27 van de Participatiewet
BESLUIT:
vast te stellen de:
BELEIDSREGEL Verlaging van de bijstandsnorm voor belanghebbenden zonder woonkosten.
ALGEMEEN
Artikel 1
Het college maakt gebruik van de wettelijke bevoegdheid genoemd in artikel 27 van de Participatiewet tot: het lager vaststellen van de norm bedoeld in de artikelen 20 en 21 van de Participatiewet.
VERLAGING VAN DE NORM
Artikel 2
Op grond van artikel 27 van de Participatiewet wordt de bijstandsnorm bedoeld in artikel 20 en artikel 21 met 15% van de norm genoemd in artikel 21 onder b lager vastgesteld voor zover de belanghebbende lagere algemene noodzakelijke kosten van het bestaan heeft dan waarin de norm voorziet als gevolg van zijn woonsituatie, waaronder begrepen het niet aanhouden van een woning.
OVERGANGSRECHT
Artikel 3
Ten aanzien van de persoon die op grond van de Wet werk en bijstand en de Verordening toeslagen en verlagingen Wet werk en bijstand op 31 december 2014 algemene bijstand ontvangt met een toeslag van 5% wegens het ontbreken van woonkosten is het overgangsrecht van artikel 78z van de Participatiewet van toepassing: het besluit waarbij hem de bijstand is toegekend geldt bij ongewijzigde omstandigheden als een besluit op grond van de Participatiewet met toepassing van deze beleidsregel.
INWERKINGTREDING
Artikel 4
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2015.
Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht op 13 januari 2015:
De Secretaris, De burgemeester,
Drs. M. Schurink Mr. J. van Zanen
Bekendmaking is geschied op: 13 januari 2015
Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na publicatie.
TOELICHTING
1.Algemeen
Door de invoering van de kostendelersnorm vervallen de bepalingen in de wet met betrekking tot het delen van woonkosten. Als er geen kostendelers zijn ontvangt de belanghebbende een uitkering die even hoog is als de norm en de huidige maximale toeslag. Door de wijziging van de normensystematiek en de invoering van de kostendelersnorm is de verplichting aan de raad om bij verordening de norm te verhogen of te verlagen uit de Participatiewet verdwenen.
Het college heeft wel de bevoegdheid om in beleidsregels de bijstandsnorm in twee gevallen te verlagen, namelijk voor personen die geen woonkosten hebben (dak- en thuislozen) en bij schoolverlaters, op grond van artikel 27 respectievelijk 28 van de Participatiewet.
In Utrecht is niet gekozen voor een verlaagde uitkering voor schoolverlaters. Schoolverlaters die thuis wonen worden al getroffen door de kostendelersnorm.
Voor personen zonder woonkosten kiest het college ervoor om hun financiële situatie ten opzichte van 2014 niet te wijzigen. Dat betekent dat op basis van de nieuwe systematiek van de Participatiewet de bijstandsnorm met 15% moet worden verlaagd om de hoogte van de uitkering onder de Participatiewet op gelijke voet te brengen met de uitkering waarop men tot en met 31 december 2014 aanspraak kon maken. Op deze wijze heeft de invoering van de Participatiewet voor daklozen in Utrecht geen financiële gevolgen; hun situatie blijft gelijk.
Artikel 3
Bij wet is bepaald dat belanghebbenden bij ongewijzigde omstandigheden tot 1 juli 2015 hun aanspraken op grond van het op 31 december 2014 geldende recht behouden. Dat betekent dat personen die op 31 december 2014 een daklozenuitkering ontvangen en van wie de omstandigheden sindsdien niet zijn gewijzigd geacht worden hun rechten te ontlenen aan de Participatie wet en deze beleidsregel. In materiële zin heeft dat voor de betrokken persoon geen gevolgen; hij blijft immers hetzelfde bedrag aan bijstand ontvangen.
Alleen als zich wijzigingen voordoen in de omstandigheden van de betrokkene, die leiden tot een wijziging van de norm of de hoogte van de uitkering, ontvangt de betrokkene hiervan een schriftelijk besluit waarin hem de gewijzigde norm en/of hoogte van de uitkering wordt meegedeeld.