Gemeenteblad van IJsselstein

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
IJsselsteinGemeenteblad 2015, 123720Verordeningen

Verordening op de heffing en de invordering Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten 2016

De raad van de gemeente IJsselstein;

 

Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 november 2015, zaaknummer 203301

 

Gelet op artikel 229 eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de gemeentewet en artikel 15.33 van de Wet milieubeheer,

 

BESLUIT:

 

vast te stellen de:

 

Verordening op de heffing en de invordering Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten 2016.

(verordening Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten 2016)

 

Hoofdstuk I Algemene bepalingen

Artikel 1 Inleidende bepaling

Krachtens deze verordening worden geheven:

  • a.

    een afvalstoffenheffing;

  • b.

    reinigingsrechten.

Artikel 2 Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder grof afval: afvalstoffen, met uitzondering van autowrakken, welke door aard, omvang of hoeveelheid niet periodiek worden ingezameld.

Hoofdstuk II Afvalstoffenheffing

Artikel 3 Aard van de belasting en belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam ‘afvalstoffenheffing’ wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer.

  • 2.

    De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het feitelijk gebruik van een perceel ten aanzien waarvan krachtens artikel 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.

Artikel 4 Belastingplicht

De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikel 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.

Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief

De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in hoofdstuk 1 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.

Artikel 6 Belastingjaar

Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 7 Wijze van heffing

De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag.

Artikel 8 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde afvalstoffenheffing

  • 1.

    De belasting bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

  • 2.

    Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, is de belasting, bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

  • 3.

    Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat, voor de belasting als bedoeld in hoofdstuk 1.1 van de tarieventabel, aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 5,-.

  • 4.

    Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in feitelijk gebruik neemt.

  • 5.

    Belastingbedragen van minder dan € 5,- worden niet geheven.

  • 6.

    Het bepaalde in het vijfde lid vindt geen toepassing indien het totaal van de op één biljet verenigde aanslagen meer bedraagt dan € 5,-.

Artikel 9 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid geldt dat betaling via automatische incasso in acht termijnen mogelijk is, mits wordt voldaan aan de daaraan verbonden en in het Incasso Reglement van Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR) opgenomen voorwaarden.

  • 3.

    De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Hoofdstuk III Reinigingsrechten

Artikel 10 Belastbaar feit

Onder de naam ‘reinigingsrechten’ worden rechten geheven zowel voor het genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten als voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn.

Artikel 11 Belastingplicht

De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.

Artikel 12 Maatstaf van heffing en belastingtarief

  • 1.

    De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in hoofdstuk 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 13 Belastingjaar

Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 14 Wijze van heffing

De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

Artikel 15 Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten

De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.

Hoofdstuk IV Aanvullende bepalingen

Artikel 16 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de reinigingsheffingen.

Artikel 17 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De ‘verordening Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten 2015 van 18 december 2014 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na de bekendmaking.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.

  • 4.

    Deze verordening wordt aangehaald als ‘verordening Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten 2016.

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente IJsselstein, gehouden op 17 december 2015.

J.O. van Kooij

de griffier

mr. P.J.M. van Domburg

de voorzitter

Tarieventabel behorende bij de ‘verordening Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten 2016

Algemeen

De bedragen genoemd in deze tabel zijn inclusief omzetbelasting indien deze verschuldigd is.

 

Hoofdstuk 1 Maatstaven en tarieven afvalstoffenheffing

 

 

 

Hoofdstuk 1.1 Maatstaven en jaarlijkse tarieven afvalstoffenheffing

 

1.1

De belasting bedraagt per perceel per 1 januari van het belastingjaar, of indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht,

 

 

per maand

11,08

 

per belastingjaar

132,96

1.2

indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door twee of meer personen wordt het overeenkomstig 1.1 berekende bedrag vermeerderd met

 

 

per maand

€ 10,24

 

per jaar met:

€122,88

1.3

De in lid 1.1. en 1.2 vermelde tarieven worden verhoogd met een bedrag voor iedere extra per perceel beschikbaar gestelde afvalcontainer van:

 

 

per belastingjaar

90,00

 

Hoofdstuk 1.2  Maatstaven en overige tarieven afvalstoffenheffing

 

1.1

Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1.1 bedraagt de belasting voor het op aanvraag inzamelen van grove huishoudelijke afvalstoffen buiten het regulier bekend gemaakte inzamelschema voor grove huishoudelijke afvalstoffen om, per aanvraag

€26,70

 

Hoofdstuk 2 Maatstaven en tarieven overige reinigingsrechten

 

2.1

Het recht bedraagt voor:

 

2.1.1

het ledigen van beer- of zinkputten, septictanks, en het verwijderen van de daarin verzamelde afvalstoffen:

 

2.1.1.1

voor de eerste rit van de tankwagen

€69,60

2.1.1.2

voor de tweede en volgende rit

€46,20

2.1.2

het achterlaten van afvalstoffen op een daartoe van gemeentewege ter beschikking gestelde plaats, indien het betreft:

 

2.1.2.1

puin, bouw- en sloopafval, per m3 (maximaal 100 kg)

€69,60

2.1.2.2

grof afval, per m3 (maximaal 100 kg)

€28,45

 

2.1.2.3

brandbaar afval, per m3

€28,45

 

2.1.2.4

snoeihout, per m3 (maximaal 100 kg)

€28,45

2.1.2.5

asbest, per kg

€ 0,00

2.1.2.6

een accu, per kg

€ 0,75

2.1.2.7

grond per m3

€ 6,40

2.1.2.8

autobanden:

 

 

- van een personenauto, per stuk

€ 2,55

 

- van een vrachtauto, per stuk

€40,75

 

- van een trekker, per stuk

€ 53,75

2.1.3

het achterlaten van dode honden en katten op een daartoe van gemeentewege ingevolge de destructieverordening aangewezen verzamelplaats,

 

2.1.3.1

per kat

€ 4,40

2.1.3.2

per hond tot een schofthoogte van 35 centimeter

€ 6,00

2.1.3.3

per hond boven een schofthoogte van 35 centimeter

€ 13,40

2.1.4

het beschikbaar stellen, het gebruik en het ledigen van rolcontainers danwel het verwijderen van de daarin verzamelde afvalstoffen, uitgezonderd de aan maatschappelijke instellingen door de gemeente beschikbaar gestelde containers voor het inzamelen van oud papier, per container per keer

€ 28,30