﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<officiele-publicatie xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="http://technische-documentatie.oep.overheid.nl/schema/op-xsd-2012-3">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-115899/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>GEMEENTEBLAD</titel>
    <subtitel>Officiële uitgave van gemeente Strijen.</subtitel>
  </kop>
  <gemeenteblad>
    <kop>
      <titel>Financiële verordening 2015</titel>
    </kop>
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad van de gemeente Strijen; </al>
          <al>gelezen het voorstel ADV-14-01097 van het college van burgemeester en wethouders van </al>
          <al>9 maart 2015;</al>
          <al>gelet op artikel 212 van de Gemeentewet;</al>
          <al>besluit vast te stellen de Financiële verordening gemeente Strijen 2015</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>1.</nr>
            <titel>Algemene bepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1.</nr>
              <titel>Begripsbepaling</titel>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>afdeling: iedere organisatorische eenheid binnen de gemeentelijke organisatie met een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid aan het college;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstreken van informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Strijen en ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden afgelegd;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>financieel beheer: het uitoefenen van bestuur over en toezicht op het beheer van middelen en het uitoefenen van rechten van de gemeente Strijen;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>rechtmatigheid: het in overeenstemming zijn met geldende wet- en regelgeving, waaronder gemeentelijke verordeningen, raadsbesluiten en collegebesluiten;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>inkomsten: totaal van de baten voor onttrekking reserves; </al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>netto schuld: bruto schuld minus de omvang van de geldelijke bezittingen die niet zijn ingezet voor de publieke taak. Onder bruto schuld wordt verstaan het totaal van langlopende leningen, kortlopende schulden, crediteuren en overlopende passiva. Onder geldelijke bezittingen die niet zijn ingezet voor de publieke taak wordt verstaan het totaal van langlopende uitzettingen, vorderingen, liquide middelen en overlopende activa;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>deelprogramma: onderdeel van een programma bestaande uit een samenstel van een aantal samenhangende producten of een enkel product van de productenraming en productenrealisatie;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>•</li.nr>
                <al>Prioriteit: onderdeel van een programma waar politieke aandacht voor is.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>2.</nr>
            <titel>Begroting en verantwoording</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2.</nr>
              <titel>Programma-indeling</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1. </lidnr>
              <al>De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode een programma-indeling voor die raadsperiode vast.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2. </lidnr>
              <al>De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode op basis van de door het college aan de programma’s toegewezen producten de onderverdeling van de programma’s in deelprogramma’s vast<nadruk type="cur">.</nadruk></al>
            </lid>
            <al>Daarnaast stelt de raad per programma vast:</al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>beoogde maatschappelijke effecten (wat willen we bereiken, outcome)</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>wat gaan we leveren aan goederen en diensten (output))</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>wat mag het kosten (baten en lasten, input)</al>
              </li>
            </lijst>
            <lid>
              <lidnr>3. </lidnr>
              <al>De raad kan op voorstel van het college per programma relevante indicatoren vaststellen voor het meten van en het afleggen van verantwoording over de gemeentelijke productie van goederen en diensten en de maatschappelijke effecten van het gemeentelijke beleid.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4. </lidnr>
              <al>De raad kan bij aanvang van iedere raadsperiode vaststellen over welke onderwerpen hij in extra paragrafen naast de verplichte paragrafen in de begroting en rekening kaders wil stellen en wil worden geïnformeerd.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3.</nr>
              <titel>Inrichting begroting en jaarstukken</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>a Bij de begroting worden onder elk van de programma’s de lasten en baten per deelprogramma weergegeven en bij de jaarstukken worden onder elk van de programma’s de gerealiseerde lasten en baten per deelprogramma weergegeven.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>b De baten en lasten voor bestaand beleid worden onder elk van de programma’s in totaal per deelprogramma weergegeven, waarbij posten &gt; € 25.000 apart worden toegelicht.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het krediet in het lopende boekjaar weergegeven.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Bij de uiteenzetting van de financiële positie in begroting wordt in aanvulling op het bepaalde in artikel 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming en de investeringen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>In de jaarrekening wordt van de investeringen en meerjarige projecten de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten weergegeven.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4.</nr>
              <titel>Kaders begroting</titel>
            </kop>
            <al>Het college stelt uiterlijk in juni van het jaar de uitgangspunten en richtlijnen vast voor de personele en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5.</nr>
              <titel>Autorisatie begroting en investeringskredieten</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per deelprogramma.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke nieuwe investeringen hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil ontvangen. De overige nieuwe investeringen worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Bij de behandeling van de tussenrapportages in de raad doet het college voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde budgetten en de investeringskredieten en het bijstellen van het beleid.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Bij afzonderlijke investeringen groter dan € 500.000,- informeert het college de raad in het voorstel over het effect van de investering op de schuldpositie van de gemeente.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6.</nr>
              <titel>Tussentijdse rapportage</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college informeert de raad door middel van tussentijdse rapportages over de realisatie van de begroting van de gemeente over de eerste vier maanden en de eerste acht maanden van het lopende boekjaar.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De tussenrapportages bevatten een uiteenzetting over de uitvoering en de bijstelling van het beleid en een overzicht met de bijgestelde raming van:</al>
              <lijst>
                <li>
                  <li.nr>a.</li.nr>
                  <al>de baten en de lasten per programma;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>b.</li.nr>
                  <al>het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>c.</li.nr>
                  <al>het totale saldo van de baten en de lasten volgend uit de onderdelen a en b;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>d.</li.nr>
                  <al>de (beoogde) toevoegingen en onttrekkingen aan reserves per programma; en</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>e.</li.nr>
                  <al>het resultaat, volgend uit de onderdelen c en d,</al>
                </li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>In de tussenrapportages worden in ieder geval de afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en de lasten en investeringskredieten in de begroting groter dan € 2.500,- toegelicht.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>De tussenrapportages worden aan de raad aangeboden op de volgende tijdstippen:</al>
              <lijst>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>de viermaands rapportage in juni van het lopende begrotingsjaar; </al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>de achtmaands rapportage in oktobervan het lopende begrotingsjaar; </al>
                </li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7.</nr>
              <titel>Informatieplicht</titel>
            </kop>
            <al>Het college besluit niet over:</al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>a.</li.nr>
                <al>de aan- en verkoop van goederen, werken en diensten die de raad niet eerder heeft geautoriseerd groter dan € 50.000;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>b.</li.nr>
                <al>het verstrekken van leningen, waarborgen en garanties groter dan € 50.000</al>
              </li>
            </lijst>
            <al>dan nadat de raad is geïnformeerd over het voornemen en hiertoe in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen. </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8.</nr>
              <titel>EMU-saldo</titel>
            </kop>
            <al>Wanneer het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel van gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeert het college de raad of een aanpassing van de begroting nodig is. Als het college een aanpassing nodig acht, doet het college een voorstel voor het wijzigen van de begroting. </al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>3.</nr>
            <titel>Financieel beleid</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9.Waardering</nr>
              <titel>en afschrijving vaste activa</titel>
            </kop>
            <al>Voor de waardering en afschrijving van de vaste activa worden de methodieken en termijnen gehanteerd zoals vermeld in de nota waardering &amp; afschrijving. </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10.</nr>
              <titel>Voorziening voor oninbare vorderingen</titel>
            </kop>
            <al>Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11.</nr>
              <titel>Reserves en voorzieningen</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college geeft jaarlijks bij de begroting en bij de jaarstukken inzicht in de actuele stand van de reserves en voorzieningen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Voor de vorming en besteding van reserves en voorzieningen worden de methodieken gehanteerd zoals vermeld in de nota reserves &amp; voorzieningen.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12.Kostprijsberekening</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van goederen, werken en diensten van de gemeente<nadruk type="cur">,</nadruk> die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een systeem van kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten de indirecte kosten betrokken, die rechtstreeks samenhangen met de door de gemeente verleende diensten.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Bij de kosten kunnen worden betrokken de bijdragen aan en onttrekkingen van voorzieningen voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa, de kapitaallasten van de in gebruik zijnde activa, kostprijsverhogende belastingen en de kosten van het kwijtscheldingsbeleid.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Voor de inzet van materiele activa worden naast directe kosten, indirecte kosten en afschrijvingskosten, de rente voor de financiering van het actief toegerekend. Deze rente is een vergoeding voor de inzet van vreemd vermogen en van eigen vermogen. De rentepercentages voor deze vergoeding worden bij de behandeling van de begroting vastgesteld.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13.</nr>
              <titel>Prijzen economische activiteiten</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Voor de levering van goederen, diensten of werken aan overheidsbedrijven en derden en met welke bijbehorende activiteiten de gemeente in concurrentie met marktpartijen treedt, wordt tenminste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht. Bij afwijking doet het college vooraf voor elk van deze activiteiten afzonderlijk een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de activiteit wordt gemotiveerd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Bij het verstrekken van leningen of garanties aan overheidsbedrijven en derden brengt de gemeente de geraamde integrale kosten in rekening. Bij afwijking doet het college vooraf een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de lening of garantie wordt gemotiveerd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Bij het verstrekken van kapitaal door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden gaat het college uit van een vergoeding van tenminste de geraamde integrale kosten van de verstrekte middelen. Bij afwijking doet het college vooraf een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de kapitaalverstrekking wordt gemotiveerd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Raadbesluiten met de motivering van het publiekbelang als bedoeld in de vorige leden zijn niet nodig als sprake is van:</al>
              <lijst>
                <li>
                  <li.nr>a.</li.nr>
                  <al>leveringen van goederen, diensten of werken en het verstrekken van leningen, garanties en kapitaal aan andere overheden voor zover deze leveringen en verstrekkingen zijn bedoeld voor de uitoefening van de publieke taak door die andere overheid;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>b.</li.nr>
                  <al>een bevoordeling van activiteiten in het kader van een bij wet opgedragen publiekrechtelijke taak;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>c.</li.nr>
                  <al>een bevoordeling van activiteiten in het kader van een toegekend bijzonder of uitsluitend recht waarvoor prijsvoorschriften gelden;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>d.</li.nr>
                  <al>een bevoordeling van sociale werkplaatsen;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>e.</li.nr>
                  <al>een bevoordeling van onderwijsinstellingen;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>f.</li.nr>
                  <al>een bevoordeling van publieke media-instellingen; en</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>g.</li.nr>
                  <al>een bevoordeling die valt onder de reikwijdte van de staatssteunregels van het Werkingsverdrag van de Europese Unie en daarmee verenigbaar is.</al>
                </li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>14.</nr>
              <titel>Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college doet de raad jaarlijks bij de begroting een voorstel voor de hoogte van de gemeentelijke tarieven voor de belastingen, de rioolheffingen, de leges, de begrafenisrechten en de marktgelden.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Jaarlijkse wijziging van huren en erfpachten (indexering) is een bevoegdheid van het college.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>15.</nr>
              <titel>Financieringsfunctie</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college stelt regels inzake algemene doelstellingen en de te hanteren richtlijnen en limieten van de financieringsfunctie, alsmede inzake de administratieve organisatie van de financieringsfunctie en legt deze vast in een treasurystatuut, die ter vaststelling aan de raad wordt aangeboden.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De regels ter uitvoering van de taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening worden in het treasurystatuut vastgelegd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Bij het uitoefenen van de financieringsfunctie handelt het college conform het treasurystatuut.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>4.</nr>
            <titel>Paragrafen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>16.</nr>
              <titel>Lokale heffingen</titel>
            </kop>
            <al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf lokale heffingen verslag van:</al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>gemeentelijke beleidsuitgangspunten</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de aanduiding van de lokale belastingdruk</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>het kwijtscheldingsbeleid en het tarievenbeleid</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de opbrengst per lokale heffing</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>17.</nr>
              <titel>Financiering</titel>
            </kop>
            <al>In de paragraaf treasury bij de begroting en de jaarstukken doet het college in ieder geval verslag van:</al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de interne en externe ontwikkelingen</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de liquiditeitspositie en financieringsbehoefte;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de rentevisie;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>het kredietrisico / valutarisico / debiteurenrisico;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de kasgeldlimiet;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de renterisiconorm;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de netto vlottende schulden (looptijd korter dan een jaar);</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de schulden met een looptijd langer dan een jaar en het verschuldigde rentepercentage;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de uitzettingen met een looptijd langer dan een jaar en het gehanteerde rentepercentage;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de mutaties in de vaste schuld.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>18.</nr>
              <titel>Weerstandsvermogen &amp; risicobeheersing</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1. </lidnr>
              <al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf weerstandsvermogen verslag van:</al>
            </lid>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de risico’s van materieel belang en een inschatting van de kans dat deze risico’s zich voordoen;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>-</li.nr>
                <al>de weerstandscapaciteit en in hoeverre schade en verliezen als gevolg van de risico’s van materieel belang met de weerstandscapaciteit kunnen worden opgevangen.</al>
              </li>
            </lijst>
            <lid>
              <lidnr> 2. </lidnr>
              <al>Daarnaast worden ten minste de volgende kengetallen vermeld:</al>
              <lijst>
                <li>
                  <li.nr>a.</li.nr>
                  <al>de solvabiliteitsratio;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>b.</li.nr>
                  <al>de ontwikkeling van de netto schuld per inwoner;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>c.</li.nr>
                  <al>de ontwikkeling van de netto schuld als percentage van de gemeentelijke inkomsten;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>e.</li.nr>
                  <al>de  ontwikkeling van de som van de leningen aan derden en de leningen aan  verbonden partijen als percentage van de gemeentelijke inkomsten.</al>
                </li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr> 3. </lidnr>
              <al>Voor het in beeld brengen van de weerstandscapaciteit van de gemeente wordt beoordeeld of de gemeente bij een risicoscenario de schuldverplichtingen in de toekomst kan blijven nakomen zonder dat de uitgaven aan en de investeringen in noodzakelijke publieke voorzieningen in de knel komen.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>19.</nr>
              <titel>Onderhoud kapitaalgoederen</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen verslag over:</al>
              <lijst>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>de voortgang van het geplande onderhoud;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>de omvang van het eventuele achterstallig onderhoud.</al>
                </li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college biedt de raad tenminste eens in de vijf jaar een onderhoudsplan wegen / straten / pleinen, een rioleringsplan en een plan openbare verlichting aan. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud. De raad stelt het plan vast. Ten aanzien van deze plannen worden door de raad uitgangspunten ten aanzien van de kwaliteit vastgelegd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Het college biedt de raad tenminste eens in de tien jaar een onderhoudsplan groenvoorziening en een waterplan aan. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud. De raad stelt het plan vast.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Het college biedt de raad tenminste eens in de vijf jaar een meerjaren onderhouds plan (MOP) gebouwen en een onderhoudsplan bruggen &amp; kunstwerken aan. Het plan bevat voorstellen voor het te plegen onderhoud en de bijbehorende kosten aan de gemeentelijke gebouwen. De raad stelt het plan vast. De bijbehorende onderhoudsvoorzieningen wordt in overeenstemming gebracht met het MOP.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>20.</nr>
              <titel>Bedrijfsvoering</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>In de paragraaf bedrijfsvoering bij de begroting wordt ingegaan op de tijdelijke en actuele onderwerpen die aandacht behoeven. In de paragraaf bedrijfsvoering bij de jaarstukken wordt gerapporteerd over de bij de begroting bepaalde onderwerpen aangaande de bedrijfsvoering alsmede over nieuwe ontwikkelingen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>In de paragraaf bedrijfsvoering wordt in ieder geval melding gemaakt van de volgende onderdelen:</al>
              <lijst>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>personeel en organisatie</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>planning en controle</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>automatisering en informatisering</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>In- en externe communicatie</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>juridische kwaliteitszorg</al>
                </li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>21.</nr>
              <titel>Verbonden partijen</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college biedt jaarlijks een overzicht van de verbonden partijen. Van elk van de verbonden partijen wordt weergegeven:</al>
              <lijst>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>het doel van de verbonden partij</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>het bestuurlijk belang en de zeggenschap van de gemeente</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>het financieel belang</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>het eigen vermogen</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>het financieel resultaat</al>
                </li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>In de begroting en de jaarstukken wordt in de paragraaf verbonden partijen in elk geval ingegaan op nieuwe verbonden partijen, het beëindigen van bestaande verbonden partijen, het wijzigen van bestaande verbonden partijen en eventuele problemen bij bestaande verbonden partijen.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>22.</nr>
              <titel>Grondbeleid</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>In de paragraaf grondbeleid bij de begroting en de jaarstukken wordt in ieder geval ingegaan op:</al>
              <lijst>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>visie op het grondbeleid;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>een onderbouwing van de geraamde winstneming;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>de beleidsuitgangspunten omtrent de reserves voor grondzaken in relatie tot de risico’s van de grondzaken;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>het verloop van de grondvoorraad; </al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>-</li.nr>
                  <al>de te ontwikkelen en in ontwikkeling genomen projecten.</al>
                </li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college biedt de raad ten minste eens in de tien jaar een nota grondbeleid aan. De raad stelt de nota vast. In de nota wordt aandacht besteed aan:</al>
              <lijst>
                <li>
                  <li.nr>a.</li.nr>
                  <al>de strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>b.</li.nr>
                  <al>te ontwikkelen en in ontwikkeling genomen projecten;</al>
                </li>
                <li>
                  <li.nr>c.</li.nr>
                  <al>de uitgangspunten voor de verkoopprijzen van gronden.</al>
                </li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>5.</nr>
            <titel>Financiele organisatie en financieel beheer</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>23.</nr>
              <titel>Administratie</titel>
            </kop>
            <al>De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor:</al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>a.</li.nr>
                <al>het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeente als geheel en in de afdelingen;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>b.</li.nr>
                <al>het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van de vaste activa, voorraden, vorderingen, schulden, contracten e.d.;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>c.</li.nr>
                <al>het verschaffen van informatie over uitputting van de toegekende budgetten en investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>d.</li.nr>
                <al>het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking tot de gemeentelijke productie van goederen en diensten en de maatschappelijke effecten van het gemeentelijke beleid;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>e.</li.nr>
                <al>het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving; en</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>f.</li.nr>
                <al>de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving.</al>
              </li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>24.</nr>
              <titel>Financiële organisatie</titel>
            </kop>
            <al>Het college draagt zorgt voor:</al>
            <lijst>
              <li>
                <li.nr>a.</li.nr>
                <al>een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidig toewijzing van de gemeentelijke taken aan de afdelingen;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>b.</li.nr>
                <al>een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>c.</li.nr>
                <al>de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>d.</li.nr>
                <al>de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>e.</li.nr>
                <al>de te maken afspraken met de afdelingen over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van middelen;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>f.</li.nr>
                <al>de kostenverdeelsleutels voor het eenduidig toewijzen van de lasten en baten aan de producten van de productenraming en de productenrealisatie;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>g.</li.nr>
                <al>het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten;</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>h.</li.nr>
                <al>het beleid en de interne regels voor de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen; en</al>
              </li>
              <li>
                <li.nr>i.</li.nr>
                <al>het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen,</al>
              </li>
            </lijst>
            <al>opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan. </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>25.</nr>
              <titel>Interne controle</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder a van de Gemeentewet, en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder b van de Gemeentewet, voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het college maatregelen tot herstel.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college zorgt voor de jaarlijkse interne controle op volledigheid en tijdigheid van de bestuurlijke informatievoorziening, rechtmatigheid van beheershandelingen en op misbruik en oneigenlijk gebruik van de gemeentelijke regelingen. In een door het college vastgesteld intern controleplan worden nadere regels voor deze toetsing gegeven en wordt aangegeven welke taakvelden of onderdelen van taakvelden getoetst worden.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>26.</nr>
              <titel>Misbruik en oneigenlijk gebruik</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het college zorgt voor en legt vast de regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Het college biedt de raad ten minste elke vijf jaar een nota aan met de uitgangspunten voor het beleid voor de bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik van de gemeentelijke regelingen en eigendommen.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>6.</nr>
            <titel>Slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>27.Intrekken</nr>
              <titel>oude verordening en overgangsrecht</titel>
            </kop>
            <al>De Financiele verordening ex art. 212 zoals vastgesteld in de raadsvergadering van 23 november 2010 wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de jaarrekening en het jaarverslag en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar waarin deze verordening in werking treedt en op de begroting, jaarrekening en jaarverslag en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar dat samenvalt met het jaar waarin deze verordening in werking treedt.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>28.Inwerkingtreding</nr>
              <titel>en citeertitel</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr> 1. </lidnr>
              <al>Deze verordening treedt in werking op 1 maart 2015.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2. </lidnr>
              <al>Deze verordening wordt aangehaald als: “Financiële verordening gemeente Strijen 2015”</al>
            </lid>
            <al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Strijen, </al>
            <al>gehouden op 31 maart 2015.</al>
            <al>De griffier, De voorzitter, </al>
            <al>M.A. Bourdrez A.J. Moerkerke</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </gemeenteblad>
</officiele-publicatie>