Start van deze pagina
Skip navigatie, ga direct naar de Inhoud

Overheid.nl - de wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden.

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Tekstgrootte
+


Vergaderjaar 2011-2012
Kamerstuk 29544 nr. 373

Gepubliceerd op 29 februari 2012

Gerelateerde informatie


Toon alle stukken in dossier



29 544 Arbeidsmarktbeleid

Nr. 373 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 27 februari 2012

Op 2 februari 2012 heeft uw commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid twee brieven gestuurd over arbeidsconstructies in de land- en tuinbouw. In de eerste brief (kenmerk: 2012Z01580/2012D04149) vraagt u om een reactie op een artikel in De Pers over arbeidsconstructies in de champignonteelt en het opzetten van een fair trade keurmerk. In de tweede brief (kenmerk: 2012Z01716/2012D04154) vraagt u te reageren op het artikel in het Financieele Dagblad van 30 januari 2012 over de stijging van het aantal detacheringsconstructies voor dienstverlenende Bulgaren en Roemenen. Bovendien wordt verzocht om het aantal detacheringen in de land- en tuinbouw, uitgesplitst naar Bulgaren en Roemenen. Omdat beide onderwerpen nauw met elkaar samenhangen beantwoord ik door middel van deze brief beide verzoeken.

Voor zover sprake is van schijnconstructies en onderbetaling ben ik van mening dat dit krachtig moet worden bestreden. Bonafide bedrijven mogen niet door oneerlijke concurrentie van de markt worden gedrukt. Ik zal daarom de al bestaande handhavingsactiviteiten prioriteit blijven geven, en nieuw beleid ontwikkelen.

Dit geldt ook voor de champignonsector. Ik ondersteun de initiatieven van de sector om de komen tot een keurmerk voor bedrijven die zich houden aan «faire» arbeidsomstandigheden. De Inspectie SZW zal bovendien de komende tijd gericht optreden tegen bedrijven in de champignonsector met een verhoogd frauderisico.

Arbeidsconstructies in de land- en tuinbouwsector

Wat betreft de arbeidsconstructies spelen er twee potentiële problemen: het ontduiken van het vereiste om een tewerkstellingsvergunning aan te vragen voor werknemers van buiten de EU, Bulgarije of Roemenië, en onderbetaling doordat niet aan de normen van de Wet minimumloon en de minimumvakantiebijslag wordt voldaan.

Ontduiken van de tewerkstellingsvergunningplicht

Voor werknemers van buiten de EU of uit Bulgarije en Roemenië is een tewerkstellingsvergunning nodig om in Nederland te mogen werken. Op grond van het vrij verkeer van diensten in de EU heeft een dienstverlener die in een andere EU-lidstaat is gevestigd, geen tewerkstellingsvergunning nodig als hij zijn werknemers tijdelijk diensten in Nederland laat verrichten. Dit geldt zowel voor zijn werknemers met de nationaliteit van een land buiten de EU, als voor zijn werknemers met de nationaliteit van een EU-lidstaat waarmee het vrije verkeer van werknemers nog niet van kracht is (Bulgarije en Roemenië). Er moet dan wel sprake zijn van daadwerkelijke dienstverlening (zuivere dienstverlening). Als de dienst namelijk uitsluitend bestaat uit het leveren van arbeidskrachten (uitzendarbeid), is voor hen wel een tewerkstellingsvergunning vereist.

In plaats van de verplichting om een tewerkstellingsvergunning aan te vragen, geldt bij zuivere dienstverlening een notificatieplicht bij het UWV, zonder toetsing vooraf of van zuivere dienstverlening sprake is. Onderstaande tabel laat zien dat het aantal notificaties in de land- en tuinbouw toeneemt.

Notificaties in de land- en tuinbouw
 

2010

2011

Verschil

Vreemdelingen totaal

1 021

1 110

89

Waarvan Bulgaren en Roemenen

944

1 070

126

Waarvan Roemenen

456

659

203

Waarvan Bulgaren

488

411

– 77

Tewerkstellingsvergunningen in de land- en tuinbouw
 

2010

2011

Verschil

Vreemdelingen totaal

2 666

923

– 1 743

Deze cijfers laten zien dat er geen sprake lijkt te zijn van communicerende vaten: De toename van het aantal notificaties in de land- en tuinbouw (+ 89) staat in geen verhouding tot de vermindering van het aantal afgegeven tewerkstellingsvergunningen (– 1 743).

Het totaal aantal notificaties voor alle sectoren is eveneens toegenomen, zoals blijkt uit onderstaande tabel.

Notificaties in alle sectoren
 

2010

2011

Verschil

Vreemdelingen totaal

9 756

13 364

3 608

Waarvan Bulgaren en Roemenen

6 525

8 809

2 284

Waarvan Bulgaren

1 114

1 695

781

Waarvan Roemenen

5 411

7 114

1 703

Tewerkstellingsvergunningen in alle sectoren
 

2010

2011

Verschil

Vreemdelingen totaal

6 274

4 098

– 2 176

De toename van het totaal aantal notificaties is grotendeels toe te schrijven aan de bouw- en metaalsector. Op het eerste gezicht lijkt ook deze stijging niet het gevolg van een verscherpte toets op het prioriteitgenietend aanbod. Tegenover de daling van het aantal (arbeidsmarkt getoetste) tewerkstellingsvergunningen (– 2 176) staat weliswaar een stijging van het totale aantal notificaties (+ 3 608), maar deze daling komt voornamelijk voor rekening van de land- en tuinbouwsector (– 1 743). De stijging van het aantal notificaties in de bouw- en metaalsector wordt niet veroorzaakt doordat de werkgevers die vroeger een tewerkstellingsvergunning aanvroegen, nu notificeren. De oorzaak van deze stijging zal ik nader onderzoeken.

Onderbetaling

Een tweede potentieel probleem is onderbetaling. Als er sprake is van zuivere dienstverlening (waarvoor de notificatieregeling geldt), betekent dat niet dat de Nederlandse arbeidsvoorwaarden niet zouden gelden, zoals in de door uw commissie aangehaalde artikelen wordt gesuggereerd. Tijdelijk in Nederland gedetacheerde werknemers die in dienst zijn van een dienstverlener uit een andere lidstaat, hebben recht op de wettelijke minimumbepalingen en op de «harde kern» van arbeidsvoorwaarden volgens de algemeen verbindend verklaarde cao in de betreffende sector: het gaat dan om cao-loon, vakantiedagen, rusttijden, maximale werktijden, regels en voorwaarden voor uitzendwerk, veiligheidsmaatregelen en gelijke behandeling. Daarmee gelden voor buitenlandse en Nederlandse werknemers dezelfde loonafspraken. Dit is vastgelegd in de «detacheringsrichtlijn» van de EU.

Maatregelen

Op dit moment controleert de Inspectie SZW al intensief op de naleving van de Wet arbeid vreemdelingen en de Wet minimumloon in de land- en tuinbouwsector.

Ook de komende tijd heeft de handhaving in de land- en tuinbouwsector prioriteit. Daarnaast geeft de toename van het aantal notificaties in met name de bouwsector mij aanleiding om de controle op misbruik van de notificatieregeling onverminderd voort te zetten.

Maar daarbovenop wil ik ook nieuwe maatregelen nemen. In de eerste plaats om schijnconstructies tegen te gaan. Ik denk daarbij aan een aanscherping van de uitvoeringspraktijk, waarbij het UWV en de Inspectie SZW hun gegevens nog gerichter kunnen uitwisselen. Ook wil ik de termijn aanpassen waarbinnen genotificeerd moet worden (dat kan nu ook als de werkzaamheden al zijn begonnen) en de termijn begrenzen waarvoor de notificatie geldt. Op die manier wil ik misbruik van de notificatieregeling verder terugdringen.

Bovendien wil ik de Wet arbeid vreemdelingen aanvullen met de verplichting dat de werkgever bij controle schriftelijke bewijsstukken over moet kunnen leggen waaruit de aard van de arbeidsverhouding blijkt.

De champignonsector

De Inspectie SZW is al sinds 2007 actief in de champignonsector, waarbij in Interventieteams wordt samengewerkt met de Belastingdienst, UWV, Politie en RCF Kenniscentra. Bij een kwart van de bedrijven die over de periode 2007–2009 werden gecontroleerd, bleek sprake te zijn van illegale tewerkstelling, onderbetaling of fiscale fraude.

Deze misstand in de champignonsector wil ik op twee manieren aanpakken, enerzijds door aanmoediging van bedrijven die zich aan de wet houden, anderzijds door bedrijven die zich niet aan de wet houden hard aan te pakken.

Wat betreft de aanmoediging: ik ondersteun het initiatief van de stichting «Fair Produce» om een keurmerk in te stellen. Fair Produce is een stichting waarin de hele sector is vertegenwoordigd, niet alleen de producenten, maar ook de handelaren en afnemers. Ook werkgevers- en werknemersorganisaties zijn betrokken. Doel is om normen vast te stellen met betrekking tot fiscale en arbeidsgerelateerde wet- en regelgeving. Hiermee wil Fair Produce oneerlijke concurrentie tegengaan en faire prijzen hanteren. Dergelijke initiatieven tot zelfregulering juich ik toe. Ter ondersteuning van het keurmerk ben ik dan ook bereid gesprekken aan te gaan met alle deelnemers in de keten – van producent tot consument –, als dat nodig is om het keurmerk een succes te laten worden.

In de tweede plaats wil ik champignontelers die oneerlijk concurreren op arbeidsvoorwaarden hard aanpakken. Ik heb de Inspectie SZW gevraagd om extra capaciteit vrij te maken om bedrijven die een verhoogd risicoprofiel hebben, streng te controleren. Ik wil aan de champignonsector het signaal geven dat het niet loont om zich aan de Nederlandse arbeidsvoorwaarden te onttrekken.

Tot slot

Ik zet de komende tijd dus op verschillende fronten in: beleid om schijnconstructies in de land- en tuinbouwsector moeilijker te maken, extra inspecties gericht op de champignonsector, en ondersteuning van private initiatieven tot zelfregulering. Ik ben ervan overtuigd dat deze drieslag een effectieve strategie is om misstanden aan te pakken.

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, H. G. J. Kamp


SnelzoekenInfo

Snelzoeken
U kunt dit veld gebruiken om te zoeken op
–een vrije zoekterm voor het zoeken op tekst (bijvoorbeeld "milieu")
–een betekenisvolle zoekterm voor het zoeken naar specifieke publicaties (bijvoorbeeld dossiernummer '32123' of 'trb 2009 16').
U kunt termen combineren door EN te zetten tussen de termen (blg 32123 EN milieu).
U kunt zoeken op letterlijke tekst door '' om de term te zetten. ('appellabele toezeggingen').

Voor meer mogelijkheden en uitleg verwijzen wij u naar de help-pagina's van Officiële bekendmakingen op overheid.nl