Kamervragen (Aanhangsel)

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2006-20072109

Aanhangsel van de Handelingen

Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden

2109

Vragen van de leden Van Velzen en De Wit (beiden SP) en Teeven (VVD) aan de ministers van Justitie en van Defensie over een topambtenaar van het ministerie van Justitie en de schijn van beïnvloeding van een oriënterend onderzoek. (Ingezonden 15 juni 2007)

1

Geeft het artikel over belastende informatie tegen topambtenaren1 u aanleiding om het oriënterend onderzoek van het Openbaar Ministerie (OM), waarover u sprak in uw antwoorden van 30 mei 2007 op Kamervragen2, uit te breiden tot de betrokken topambtenaar of naar andere genoemde ambtenaren onder wie een hoofdofficier van justitie?

2

Kunt u bevestigen dat er een onderzoek is uitgevoerd door de rijksrecherche naar pedoseksuele activiteiten? Zo ja, van wanneer tot wanneer liep dit onderzoek en welke resultaten heeft dit opgeleverd? Is dit een ander onderzoek dan het Rolodex onderzoek? Zo ja, hoeveel onderzoeken hebben er plaatsgevonden naar pedoseksuele activiteiten waarbij vertegenwoordigers van het overheidsapparaat betrokken zijn? Wat zijn de resultaten van deze onderzoeken? Hoeveel aanklachten zijn er bij al deze onderzoeken ingediend en tot hoeveel veroordelingen heeft dat geleid?

3

Is de – als topman aangeduide – persoon in het genoemde artikel dezelfde persoon als de betrokken topambtenaar van het ministerie van Justitie?

4

Herinnert u zich uw antwoord op Kamervragen inhoudende dat de betrokken aangever H.B. twee uur eerder dan gebruikelijk op cel is geplaatst om orde en veiligheid zeker te stellen?3 Klopt het dat de ambtelijke delegatie op bezoek was bij de directie van de inrichting in Alphen aan den Rijn en dat die kantoren volstrekt gescheiden zijn van de plaats waar H.B. zich in detentie bevindt? Zo ja, hoe kan het dan mogelijk zijn dat H.B. en de delegatie ooit elkaar konden ontmoeten? Was er een andere reden om H.B. in isolatie te plaatsen? Zijn er ook andere gedetineerden in isolatie geplaatst? Zo ja, hoeveel en om welke reden?

5

Is de betrokken advocaat-generaal bij de zaak H.B. op 12 april 2007 in de inrichting te Alphen aan de Rijn geweest? Kunt u uitsluiten dat de ambtelijke delegatie en de advocaat-generaal zich in elkaars gezelschap hebben bevonden?

6

Herinnert u zich uw antwoorden op Kamervragen inhoudende dat er in 2003 een (valse) aangifte is gedaan tegen de betrokken topambtenaar?2 Zijn er door inlichtingen- of veiligheidsdiensten in eerdere jaren ooit onderzoeken ingesteld tegen de betrokken topambtenaar? Zo ja, werd hierbij ook onderzoek gedaan naar andere justitiefunctionarissen?

7

Klopt het dat gedetineerden in de inrichting in Alphen aan den Rijn een (onderling) spreekverbod hebben gekregen over dit onderwerp?

8

Klopt het dat de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) gerapporteerd heeft over omstreden seksuele activiteiten van deze topambtenaar? Wanneer is dit gebeurd? Waarom heeft de MIVD gerapporteerd over deze topambtenaar? Klopt het dat op basis van deze rapportage de betrokken ambtenaar werd afgewezen voor de functie van secretaris-generaal van het ministerie van Defensie?

9

Waarom kiest u er niet voor de betrokken topambtenaar lopende het oriënterend onderzoek van het OM op non-actief te zetten? Kunt u garanderen dat de betrokken ambtenaar zich van elke bemoeienis met het oriënterend onderzoek onthoudt, zoals u in antwoord op eerdere kamervragen stelt?3

Antwoord

Antwoord van minister Hirsch Ballin (Justitie), mede namens de ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Defensie. (Ontvangen 5 juli 2007)

1 t/m 3

In het artikel waarnaar vragenstellers verwijzen, wordt met name gedoeld op het zogenaamde Rolodex-onderzoek. Dit onderzoek van de rijksrecherche vond eind jaren negentig plaats. Aanleiding voor het onderzoek was een verklaring over betrokkenheid van twee toenmalige hoofdofficieren van justitie bij strafbare feiten. De rijksrecherche heeft uitgebreid onderzocht of er sprake was van strafbare feiten waarbij die hoofdofficieren betrokken waren. Daarvan is niet gebleken. Het onderzoek heeft niet geleid tot het aanmerken van de hoofdofficieren als verdachte van enig strafbaar feit. De topambtenaar van Justitie, op wie naar ik aanneem in het artikel wordt gedoeld, is in het Rolodex-onderzoek in het geheel niet genoemd.

Met het onderzoek uit 1994 dat in het krantenartikel zijdelings wordt genoemd en waarin volgens de krant een Haagse topambtenaar naar voren kwam, wordt vermoedelijk gedoeld op een onderzoek van de regiopolitie Rotterdam-Rijnmond naar een verdachte van zedendelicten. De topambtenaar van Justitie, op wie naar ik aanneem in het artikel wordt gedoeld, kwam in dat onderzoek niet voor.

Gelet op het voorgaande ziet het openbaar ministerie geen aanleiding het bedoelde oriënterende onderzoek uit te breiden naar aanleiding van het genoemde krantenartikel. Ik ben het daarmee eens.

4

Ja. De ambtelijke delegatie bracht een bezoek aan de in aanbouw zijnde nieuwe en de bestaande inrichting. In het programma was ook een rondleiding door de bestaande inrichting opgenomen. Het was daarmee niet uitgesloten dat B. en de delegatie elkaar zouden tegenkomen. Er was geen andere reden om B. in zijn cel te plaatsen. Een andere gedetineerde is om een vergelijkbare reden eerder in zijn cel geplaatst.

5

Zoals ik al meedeelde in mijn antwoord op de vragen van de leden Teeven en Van Velzen (Aanhangsel Handelingen nr. 1698, vergaderjaar 2006–2007) bevond de betrokken advocaat-generaal zich niet in het gezelschap van de ambtelijke delegatie. Daarvoor was gelet op de aard van het bezoek en ook overigens geen aanleiding. Dit gegeven is uiteraard geverifieerd bij betrokkenen. Dat de advocaat-generaal zich op 12 april 2007 niet in de betrokken inrichting bevond, blijkt bovendien uit het register van personen die de inrichting betreden.

6

Ja. Het betreft een regulier veiligheidsonderzoek dat de AIVD in 2002 instelde zoals gebruikelijk bij de aanstelling in een vertrouwensfunctie, voorafgaand aan de aanstelling van de bedoelde ambtenaar in zijn huidige functie. Het veiligheidsonderzoek leidde tot de afgifte van een verklaring van geen bezwaar. Naar aanleiding van publicaties in tijdschriften in 2003 heeft de AIVD een herhaalveiligheidsonderzoek gedaan. Het herhaalonderzoek leidde niet tot een ander inzicht. In een veiligheidsonderzoek naar een persoon met het oog op zijn benoeming in een vertrouwensfunctie kan niet tevens onderzoek worden gedaan naar andere functionarissen.

7

Neen.

8

Neen. De MIVD heeft een dergelijke rapportage niet gemaakt.

9

Voor het treffen van een dergelijke maatregel zie ik geen enkele reden.

Ik wijs erop dat de aangifte tegen de betrokken Justitieambtenaar niet heeft geleid tot een strafrechtelijk onderzoek tegen hem als verdachte. Het openbaar ministerie heeft een oriënterend onderzoek ingesteld. In dit verband vermeld ik dat de president van de rechtbank Den Haag in zijn vonnis van 25 juni 2007 uitsprak dat in het kort geding niet aannemelijk is geworden dat bedoelde ambtenaar zich aan de hem verweten misdrijven heeft schuldig gemaakt.

Publicaties als opgenomen in De Telegraaf van 13 juni 2007 bevatten al evenmin aanknopingspunten voor een maatregel als bedoeld in deze vraag. Ik stel aan de hand van de hierboven vermelde feiten vast dat er geen begin van juistheid is gebleken omtrent oude of nieuwe beschuldigingen aan het adres van bedoelde ambtenaar.

Het treffen van bedoelde maatregel tegen deze ambtenaar zou dan ook elke grond ontberen en dus onzorgvuldig zijn jegens hem.

Zorgvuldigheid brengt overigens ook met zich dat hij geen enkele bemoeienis heeft met het oriënterende onderzoek naar aanleiding van de aangifte. De vraag daarover is eerder beantwoord naar aanleiding van vragen van het lid De Roon (Aanhangsel Handelingen, nr. 1699, vergaderjaar 2006–2007). Ik heb daaraan niets toe te voegen.


XNoot
1

 De Telegraaf, 13 juni 2007, «Belastende informatie tegen topambtenaren, Seksdossiers in doofpot beland».

XNoot
2

 Aanhangsel Handelingen nr. 1698, vergaderjaar 2006–2007.

XNoot
3

 Aanhangsel Handelingen nrs. 1457, 1698 en 1699, vergaderjaar 2006–2007.