﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE vraagdoc PUBLIC "-//SDU//DTD vragen xml 1.1//NL" "../../dtd/vragen-11.dtd"[]>
<vraagdoc kamer="2" publtype="vran">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20062007-1485/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer Der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 2006-2007</subtitel>
    <subtitel>Aanhangsel van de Handelingen</subtitel>
    <subtitel>Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de</subtitel>
    <subtitel>regering gegeven antwoorden</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="1.3" conv="2.9" markup="xa"></versie>
    <ordernr>KVR28058</ordernr>
    <vergjaar>2006-2007</vergjaar>
    <nummer>1485</nummer>
  </frontm>
  <body>
    <vragen>
      <vraagnummer>2060712280</vraagnummer>
      <omschr>Vragen van de leden <naam>De Vries</naam> en <naam>Van Heugten</naam>
(beiden CDA) aan de ministers van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en
Milieu en van Economische Zaken over <ondw>de bouw van een gascompressorstation
bij Wijngaarden.</ondw><datum>(Ingezonden 12 april 2007)</datum></omschr>
      <vraag>
        <nummer>1</nummer>
        <al>Heeft u kennisgenomen van het plan van de Gasunie om vlakbij het dorp
Wijngaarden in het nationaal landschap het Groene Hart een groot gascompressorstation
aan te leggen?<sup><nootref nr="1"></nootref></sup></al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>2</nummer>
        <al>Hoe groot zal het gascompressorstation uiteindelijk worden? Kan dit meer
worden dan de 9 hectare die nu wordt genoemd?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>3</nummer>
        <al>Hoe verhoudt de aanleg van dit station zich tot het feit dat volgens de
Nota Ruimte grootschalige ontwikkelingen in nationale landschappen in beginsel
niet zijn toegestaan?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>4</nummer>
        <al>Hoe beoordeelt u de informatievoorziening naar de plaatselijke bevolking,
die zich door de plannen van de Gasunie overvallen voelt?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>5</nummer>
        <al>Heeft over de voorgestelde locatie overleg plaatsgevonden met de provincie
Zuid-Holland en met de betrokken gemeenten? Zo ja, heeft de voorgestelde locatie
hun instemming?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>6</nummer>
        <al>Zijn er andere locaties waar een dergelijk station zou kunnen worden gerealiseerd,
bijvoorbeeld naast het bedrijf Dupont of in reststukken tussen de A15 en de
Betuwelijn? Zo ja, bent u bereid om op korte termijn met de Gasunie in overleg
te treden om met de betrokken medeoverheden een alternatieve locatie te zoeken
die het landschap zo weinig mogelijk aantast en een zo gering mogelijk risico
voor de bevolking oplevert?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>7</nummer>
        <al>Zal er tevens een nieuwe gaspijpleiding vanaf de Maasvlakte naar Wijngaarden
worden aangelegd?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>8</nummer>
        <al>Levert deze leiding een probleem op voor de gemeente Sliedrecht, omdat
deze leiding met een veiligheidszone dwars door de nieuwbouwwijk Baanhoek-West
zou komen te liggen, waarmee in de bouwplannen tot nu toe geen rekening is
gehouden?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>9</nummer>
        <al>Levert het voorgenomen tracé ook elders dergelijke problemen op?
Zo ja, bent u bereid om samen met de betrokken medeoverheden na te gaan of
door een alternatief tracé dergelijke problemen kunnen worden voorkomen?</al>
      </vraag>
      <noot nr="1">
        <al> AD De Dordtenaar van 31 maart 2007, weekblad «De Klaroen»
van 4 april 2007 en weekblad «Het Kontakt» van 5 april 2007.</al>
      </noot>
    </vragen>
    <reactie>
      <titel>Antwoord</titel>
      <omschr>Antwoord van minister <naam>Cramer</naam> (Volkshuisvesting, Ruimtelijke
Ordening en Milieubeheer), mede namens de minister van Economische Zaken. <datum>(Ontvangen 9 mei 2007)</datum></omschr>
      <antwoord>
        <nummer>1</nummer>
        <al>Ja.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>2</nummer>
        <al>De omvang van het gascompressorstation staat nog niet vast, maar heeft
volgens de Gasunie een maximale omvang van 9 hectare. Het is nog niet duidelijk
welke delen van het gascompressorstation boven de grond zichtbaar zullen zijn
en hoe deze landschappelijk ingepast kunnen worden.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>3</nummer>
        <al>Volgens de Nota Ruimte zijn nieuwe grootschalige infrastructurele projecten
niet toegestaan in Nationale Landschappen. Waar deze ingrepen redelijkerwijs,
vanwege een groot openbaar belang onvermijdelijk zijn, dienen mitigerende
en compenserende maatregelen – zoals inpassing en grote aandacht voor
ontwerpkwaliteit – te worden getroffen.</al>
        <al>De aanleg van een nieuwe aardgastransportleiding is van nationaal belang
in het kader van de leverings- en voorzieningszekerheid van levering van aardgas.
Bij eventuele bebouwing moeten de kernkwaliteiten van het Groene Hart worden
behouden of versterkt (ja, mits-regime). De eventuele bouw van een gascompressorstation
is afhankelijk van de uitkomsten van de m.e.r.-procedure. Hierbij komen onder
meer locatiekeuze, alternatieven, landschappelijke inpassing en externe veiligheidsaspecten
aan de orde.</al>
        <al>Bij het aspect landschappelijke inpassing van een eventueel station zal
ook bekeken worden hoeveel van het station ondergronds gerealiseerd kan worden
en hoe eventuele overige bebouwing landschappelijk ingepast kan worden.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>4</nummer>
        <al>De aardgastransportleiding (inclusief station) is onderwerp van een m.e.r.-procedure.
Tijdens de m.e.r.-procedure zijn voldoende momenten aanwezig voor belanghebbenden
om invloed uit te oefenen op het voornemen van de Gasunie. De m.e.r.-startnotitie
(d.d. 2 februari 2007) ligt ter inzage van 29 maart tot en met 9 mei 2007.
Voorafgaand aan deze inspraakronde heeft de Gasunie een informatiebijeenkomst
voor belangstellenden gehouden. De richtlijnen voor de m.e.r. worden door
de gemeenteraad vastgesteld. Deze worden getoetst door de Commissie m.e.r.
Hierbij wordt rekening gehouden met de inspraakresultaten.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>5</nummer>
        <al>De Gasunie heeft met de provincie Zuid-Holland ambtelijk overleg gehad
nadat de Gasunie de startnotitie formeel heeft ingediend. De provincie is
bevoegd gezag voor het verlenen van een milieuvergunning voor de bouw van
het gascompressorstation. De vergunningverlening is afhankelijk van de uitkomsten
van de m.e.r.-procedure. Op bestuurlijk niveau zal nog overleg plaatsvinden
tussen de provincie en de Gasunie.</al>
        <al>In februari heeft de Gasunie haar voorgenomen plannen gepresenteerd voor
de gemeenteraad van Graafstroom. De gemeenteraad heeft zich op 23 april 2007
negatief uitgelaten over de komst van een gascompressorstation nabij Wijngaarden
in verband met mogelijke aantasting van het Groene Hart. De besluitvorming
over de locatiekeuze is mede afhankelijk van de uitkomsten van de m.e.r. De
gemeente dient de richtlijnen vast te stellen voor de m.e.r. en heeft daarmee
een wettelijk instrument in handen om nadere eisen te stellen aan de m.e.r.
met betrekking tot locatiekeuze, alternatieven, landschappelijke inpassing
en externe veiligheidsaspecten.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>6</nummer>
        <al>De definitieve locatiekeuze is afhankelijk van de uitkomsten van de nog
uit te voeren m.e.r.-procedure. De Gasunie zal in de m.e.r. alternatieve locaties
presenteren met een toelichting op de voor- en nadelen.</al>
        <al>De Gasunie geeft de voorkeur aan de locatie Wijngaarden, omdat het station
dan aangesloten wordt op vier bestaande leidingen en een vijfde aan te leggen
gasleiding waarmee het een knooppunt vormt.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>7</nummer>
        <al>De startnotitie noemt de mogelijkheid om in de toekomst gas van de LNG
terminals op de Maasvlakte, via een nieuw aan te leggen leiding via Pernis
naar Wijngaarden, te transporteren. Besluitvorming hierover is nu niet aan
de orde.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>8</nummer>
        <al>De Gasunie heeft met de gemeente Sliedrecht overleg gevoerd over de tracering
van de gasleiding, waarbij de ontwikkelingen in Baanhoek-West als vaststaand
zijn genomen (geen leiding dwars door de woonwijk). Gasunie heeft aangegeven
te verwachten dat met het zorgvuldig kiezen van een tracé en een technisch
robuust ontwerp van de leiding, in lijn met de externe-veiligheidsuitgangspunten
voor nieuwe leidingen uit de brief over het buisleidingendossier van de staatssecretaris
van VROM van 9 februari jl. (Tweede Kamer, 2006–2007, 26018, nr. 5),
ook hier een tracé gerealiseerd kan worden. De mogelijkheden, effecten
en de voor- en nadelen zullen in de m.e.r. nadrukkelijk aan de orde komen.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>9</nummer>
        <al>Op dit moment is niets bekend over mogelijke problemen elders. Eventuele
problemen en mogelijkheden om deze weg te nemen via alternatieve tracés
zullen in de m.e.r.-procedure naar voren komen. Deze worden meegenomen in
de definitieve besluitvorming.</al>
      </antwoord>
    </reactie>
  </body>
</vraagdoc>