﻿<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE vraagdoc PUBLIC "-//SDU//DTD vragen xml 1.1//NL" "../../dtd/vragen-11.dtd"[]>
<vraagdoc kamer="2" publtype="vran">
  <metadata>
    <meta name="OVERHEIDop.externMetadataRecord" scheme="" content="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20042005-502/metadata.xml" />
  </metadata>
  <kop>
    <titel>Tweede Kamer Der Staten-Generaal</titel>
    <subtitel>2</subtitel>
    <subtitel>Vergaderjaar 2004-2005</subtitel>
    <subtitel>Aanhangsel van de Handelingen</subtitel>
    <subtitel>Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de</subtitel>
    <subtitel>regering gegeven antwoorden</subtitel>
  </kop>
  <frontm>
    <versie dtd="1.3" conv="2.7" markup="xa"></versie>
    <ordernr>KVR21746</ordernr>
    <vergjaar>2004-2005</vergjaar>
    <nummer>502</nummer>
  </frontm>
  <body>
    <vragen>
      <vraagnummer>2040501930</vraagnummer>
      <omschr>Vragen van het lid <naam>Hamer</naam> (PvdA) aan de minister van Onderwijs,
Cultuur en Wetenschap over <ondw>het stopzetten van subsidies voor programma's
als Opstap.</ondw><datum>(Ingezonden 18 oktober 2004)</datum></omschr>
      <vraag>
        <nummer>1</nummer>
        <al>Bent u op de hoogte van de berichtgeving over het stopzetten van de subsidies
voor programma's als Opstap in diverse gemeenten?<sup><nootref nr="1"></nootref></sup></al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>2</nummer>
        <al>Wat vindt u ervan als deze projecten die zo succesvol voor de kinderen
uitpakken zouden verdwijnen?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>3</nummer>
        <al>Zouden deze programma's geen plek kunnen krijgen in het kader van de voorschoolse
activiteiten?</al>
      </vraag>
      <vraag>
        <nummer>4</nummer>
        <al>Zijn er andere mogelijkheden om deze programma's een vervolg te laten
krijgen, bijvoorbeeld in Operatie Jong?</al>
      </vraag>
      <noot nr="1">
        <al> Trouw, 14 oktober jl. «Succesvol opvoedprogramma Opstap wordt afgeschaft».</al>
      </noot>
    </vragen>
    <reactie>
      <titel>Antwoord</titel>
      <omschr>Antwoord van staatssecretaris <naam>Ross-van Dorp</naam> (Volksgezondheid,
Welzijn en Sport). <datum>(Ontvangen 1 december 2004)</datum></omschr>
      <antwoord>
        <nummer>1</nummer>
        <al>Ja. </al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>2</nummer>
        <al>Ik vind het belangrijk dat de informatie over succevolle programma's intensief
wordt verspreid. Daarmee kan worden bereikt dat gemeenten (en in opdracht
van gemeenten uitvoerende instellingen) een afgewogen keuze kunnen maken uit
programma's om achterstanden bij kinderen aan te pakken.</al>
        <al>Overigens is het niet zo dat het programma Opstap verdwijnt.</al>
        <al>Uit informatie van het NIZW blijkt wel dat het aantal locaties waar het
programma wordt uitgevoerd de afgelopen twee jaren is teruggelopen (2). De
positieve onderzoeksresultaten (3) die inmiddels bekend zijn geworden, kunnen
afnemers tot een andere afweging brengen.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>3</nummer>
        <al>De middelen voor voor- en vroegschoolse educatie (Landelijk beleidskader
Gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid 2002–2006) zijn bedoeld voor
de zogenaamde centre-based programma's. Dit zijn programma's die binnen een
voorschoolse voorziening en een basisschool door professionele krachten worden
uitgevoerd. Opstap is een zogenaamd home-based programma, gericht op de ontwikkeling
van het kind thuis. Opstap past daarmee niet binnen de eisen die in het kader
van het landelijk beleidskader Gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid 2002–2006
aan een VVE-programma worden gesteld. Gemeenten kunnen er uiteraard voor kiezen
VVE-programma's aan te vullen met gezinsgerichte programma's, als dit past
in hun lokale jeugdbeleid.</al>
      </antwoord>
      <antwoord>
        <nummer>4</nummer>
        <al>Eén van de thema's van de Operatie JONG richt zich op sluitende
voorzieningen voor kinderen van 0–12 jaar. Deze maand worden de plannen
van aanpak naar de Kamer gestuurd. Indien binnen deze aanpak inhoudelijke
programma's aan de orde komen, zullen de resultaten van de eerder gegenoemde
studie zeker betrokken worden.</al>
      </antwoord>
    </reactie>
  </body>
</vraagdoc>