Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en SportStaatscourant 2011, 21736Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 24 november 2011, nr. Z/F-3089931, houdende wijziging van de Regeling zorgverzekering in verband met aanpassing voor het jaar 2012 van bedragen en percentages met betrekking tot de inkomensafhankelijke bijdrage

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Financiën en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

Gelet op de artikelen 43, tweede en derde lid, 44, eerste lid, en 45, tweede lid, van de Zorgverzekeringswet;

Besluit:

ARTIKEL I

De Regeling zorgverzekering wordt gewijzigd als volgt:

A

In artikel 5.1 wordt ‘€ 33 427’ vervangen door: € 50 064.

B

Artikel 5.2 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het eerste en derde lid wordt ‘7,75’ telkens vervangen door: 7,1.

2. In het tweede lid, onderdeel b, en het derde lid, wordt ‘5,65’ telkens vervangen door: 5,0.

3. In het tweede lid vervalt onder vervanging van de puntkomma aan het slot van onderdeel c door een punt, onderdeel d.

C

De eerste drie leden van artikel 5.10 komen te luiden:

  • 1. Het bedrag, bedoeld in artikel 43, derde lid, van de Zorgverzekeringswet, dat voor de heffing van de inkomensafhankelijke bijdrage per loontijdvak ten hoogste in aanmerking wordt genomen, wordt voor het jaar 2012 vastgesteld op:

    Loontijdvak

    Maximum bijdrage-inkomen

    Dag

    € 192,55

    Week

    € 962,76

    Vier weken

    € 3851,07

    Maand

    € 4172,00

    Kwartaal

    € 12516,00

    Jaar

    € 50064,00

  • 2. In afwijking van het eerste lid wordt het bedrag, bedoeld in artikel 43, derde lid, van de Zorgverzekeringswet, dat voor de heffing van de inkomensafhankelijke bijdrage per loontijdvak ten hoogste in aanmerking wordt genomen, voor werknemers als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, onderdeel a, van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 vastgesteld op:

    Loontijdvak

    Maximum bijdrage-inkomen

    Dag

    € 218,62

    Week

    € 1093,10

    Vier weken

    € 4372,40

    Maand

    € 4736,87

    Kwartaal

    € 14210,61

  • 3. In afwijking van het eerste lid wordt het bedrag, bedoeld in artikel 43, derde lid, van de Zorgverzekeringswet, dat voor de heffing van de inkomensafhankelijke bijdrage per loontijdvak ten hoogste in aanmerking wordt genomen, voor werknemers als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, onderdeel b, van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 vastgesteld op:

    Loontijdvak

    Maximum bijdrage-inkomen

    Dag

    € 204,34

    Week

    € 1021,71

    Vier weken

    € 4086,85

    Maand

    € 4427,69

    Kwartaal

    € 13283,09

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2012.

Deze regeling wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

E.I. Schippers.

TOELICHTING

Met de onderhavige wijzigingsregeling worden de volgende wijzigingen met betrekking tot de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet (Zvw) voor 2012 doorgevoerd:

  • aanpassing van het maximum bijdrage-inkomen (op jaarbasis en voor de diverse loontijdvakken);

  • aanpassing van de percentages inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zvw overeenkomstig de begroting (Financieel Beeld Zorg) 2012 en

  • het laten vervallen van de kleinebanenregeling.

Onderstaand wordt per onderdeel nader op deze wijzigingen ingegaan.

Onderdelen A en B, sub 1 en 2

Het bijdrage-inkomen, bedoeld in artikel 42 van de Zvw, dat voor de heffing van de inkomensafhankelijke bijdrage ten hoogste in aanmerking wordt genomen, bedraagt voor het jaar 2012 € 50 064. In samenhang met dit hogere maximum bijdrage-inkomen daalt de inkomensafhankelijke bijdrage van 7,75% in 2011 naar 7,1% in 2012.

Het maximum bijdrage-inkomen wordt verhoogd van € 33 427 (2011) naar € 50 064 (2012). Daarmee wordt dit maximum bijdrage-inkomen gelijkgetrokken met de premiegrens voor de werknemersverzekeringen. Hiertoe is besloten in het kader van de Wet uniformering loonbegrip (Wul), die naar verwachting op 1 januari 2013 in werking zal treden. Los van de aanpassing van het maximum bijdrage-inkomen, zou de inkomensafhankelijke bijdrage met 0,15% zijn gestegen. In samenhang met het verhogen van het maximum bijdrage-inkomen is het bijdrage percentage ten opzichte van het percentage dat na deze verhoging zou hebben gegolden, met 0,8%-punt verlaagd (7,75% + 0,15% – 0,8% = 7,1%). Er is besloten om dit onderdeel van het in de Wul neergelegde beleid vooruitlopend op de overige onderdelen in te voeren, omdat dit een bijdrage levert aan een evenwichtig inkomensbeeld. Werknemers dienen belasting te betalen over de vergoeding van de inkomensafhankelijke bijdrage die zij van hun werkgever ontvangen. Voor een werknemer met een relatief laag inkomen daalt die belasting, omdat de inkomensafhankelijke bijdrage bij hen daalt. Werknemers met relatief hoge inkomens moeten meer belasting betalen, omdat bij hen de inkomensafhankelijke bijdrage stijgt, omdat het hogere maximum bijdrage-inkomen bij hen zwaarder telt dan de verlaging van het percentage.

In het hiernavolgende wordt aangegeven waarom het percentage van de inkomensafhankelijke bijdrage met 0,15% zou zijn gestegen indien dit niet ten gevolge van het verhogen van het maximum bijdrage-inkomen zou zijn verlaagd.

Van belang is dat de inkomensafhankelijke bijdrage 2012 is vastgesteld op grond van de inschatting van inkomsten en uitgaven van het Zorgverzekeringsfonds, zoals voorzien in de begroting 2012. Van belang is tevens dat in de wet is vastgelegd dat de inkomensafhankelijke bijdrage 50% dient uit te maken van de macropremielast. De andere helft wordt gevormd door de nominale premies, de rijksbijdrage ter vervanging van kinderpremies en de eigen betalingen.

De stijging van de zorguitgaven van de in de begroting 2011 beoogde stand voor 2011, naar de in de begroting 2012 voorziene inzichten voor 2012 is € 1,4 miljard. De helft hiervan moet worden opgevangen via de inkomensafhankelijke bijdrage. Deze groei van de zorguitgaven is hoger dan de groei van het premieplichtig inkomen. De uitgavenstijging leidt daarom tot een stijging van de inkomensafhankelijke bijdrage met 0,1%-punt.

Een tweede oorzaak van de genoemde bijstelling van de inkomensafhankelijke bijdrage is de ontwikkeling van het beoogde saldo van het Zorgverzekeringsfonds. In de begroting 2012 wordt gestreefd naar een positief saldo van € 1,8 miljard in 2012 om fondstekorten uit het verleden weg te werken. Dat is € 0,7 miljard minder dan in de begroting van 2011, waarin werd gestreefd naar een positief saldo van € 2,5 miljard in 2011. De daling van het beoogde saldo met € 0,7 miljard van het fonds slaat voor de helft neer in een lagere inkomensafhankelijke bijdrage. Dit leidt tot een daling van de inkomensafhankelijke bijdrage met circa 0,1%-punt.

In 2012 wordt de macro nacalculatie van de risicovereveningsbijdrage voor de zorgverzekeraars afgeschaft. In verband daarmee dienen verzekeraars hogere reserves aan te houden. In de begroting 2012 wordt er van uitgegaan dat er € 0,6 miljard extra reserves zullen worden opgebouwd. De helft daarvan slaat neer in hogere inkomensafhankelijke bijdragen. De inkomensafhankelijke bijdrage komt daardoor 0,1%-punt hoger uit.

Een vierde verklaring is gelegen in de regels ten aanzien van de fifty/fifty-verdeling. Per saldo is er in de jaren 2006 tot en met 2011 meer opgehaald via het nominale deel dan met de inkomensafhankelijke bijdrage. Hierdoor dient de premieverhouding in 2012 beperkt te worden gecorrigeerd (meer inkomensafhankelijk dan nominaal). Omdat de inkomensafhankelijke bijdrage in 2011 ongeveer 50% van de totale premielast opleverde, stijgt het aandeel van de inkomensafhankelijke bijdrage in de totale premielast van 2011 op 2012. Dit heeft een opwaarts effect op de inkomensafhankelijke bijdrage van 0,05%-punt.

Onderdeel B, sub 3

Op 1 januari 2010 is met artikel 52a van de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv) de regeling kleine banen in werking getreden. Deze regeling hield in dat de banen van werknemers jonger dan 23 jaar die minder dan 50% van het wettelijk minimumloon verdienden, vrijgesteld werden van de premies werknemersverzekeringen en van de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zvw. Op grond van artikel 122g van de Wfsv komt de regeling kleine banen te vervallen met ingang van 2012, tenzij een wetsvoorstel wordt ingediend. Bij brief van 26 mei 2011 heeft de minister van Sociale zaken en Werkgelegenheid aan de Tweede Kamer medegedeeld dat geen wetsvoorstel wordt ingediend (Kamerstukken II 2010/11, 29 544, nr. 306) om de regeling te continueren. Uit een evaluatie van de regeling is namelijk gebleken dat de doelstelling om werkloze jongeren via kleine banen een toegang tot de arbeidsmarkt te laten vinden niet in voldoende mate is gerealiseerd.

Onderdeel C

De verhoging van het maximum bijdrage-inkomen (onderdeel A) leidt ertoe dat de maximumbedragen per loontijdvak aanpassing behoeven. In onderdeel C is deze wijziging doorgevoerd.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

E.I. Schippers.