31 305
Mobiliteitsbeleid

nr. 170
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 17 maart 2010

Het project Anders Betalen voor Mobiliteit (ABvM) is door uw Kamer op 11 maart jongstleden controversieel verklaard. Met deze brief wil ik u op de hoogte brengen van de consequenties die door mij aan de controversieel verklaring worden verbonden.

Ik heb opdracht gegeven om;

– Geen nieuwe financiële verplichtingen aan te gaan voor ABvM.

– De projectorganisatie af te bouwen.

– Het proces van aanbesteding en certificering op te schorten.

– De voorbereiding van de beoogde uitrol van het systeem stil te leggen.

Het inschrijvingsdossier voor de aanbesteding wordt niet naar de deelnemers gezonden. De gesprekken aan de tafels voor de certificering van de registratievoorziening en de dienstverleners worden opgeschort. Het bedrijfsleven zal hiervan op de hoogte worden gebracht. Zorgvuldigheid richting marktpartijen die tot nu toe sterk commitment bij het project hebben getoond vind ik van groot belang. Zij hebben, mede met het oog op toekomstige Europese ontwikkelingen, heel wat investeringen gedaan in tijd, mensen en middelen.

Vanzelfsprekend worden de mobiliteitsprojecten waarvoor reeds verplichtingen zijn aangegaan, uitgevoerd. Ook zonder invoering van de kilometerprijs hebben deze projecten een zelfstandige rol in het vergroten van de regionale bereikbaarheid. Rijkswaterstaat maakt, zoals u weet, ook regelmatig succesvol gebruik van dit middel bij (grote) wegwerkzaamheden. Zij hebben daarnaast tot doel om leerervaring op te doen die van pas kan komen bij de mogelijke invoering op termijn van enige vorm van beprijzing. De binnen de projectorganisatie opgebouwde kennis en expertise wordt adequaat geborgd. Een aantal producten wordt afgerond tot een niveau dat ze voor de toekomst waarde hebben als tussenresultaat. Dit betreft bijvoorbeeld de dossiers van de aanbesteding en certificering en een aantal reeds in gang gezette onderzoeken. De besprekingen in Europees verband met betrekking tot EETS (European Electronic Toll Service) worden voortgezet. Tot slot worden de halfjaarlijkse voortgangsrapportages in het kader van de Regeling grote projecten opgesteld.

Op deze wijze meen ik met gepaste terughoudendheid en kostenbewustzijn invulling te geven aan de controversieel verklaring door uw Kamer. Uitsluitend die activiteiten vinden doorgang die een nieuw kabinet de keuzevrijheid laten om het project definitief te stoppen, dan wel zonder onnodige vertraging te laten doorstarten.

De minister van Verkeer en Waterstaat,

C. M. P. S. Eurlings

Naar boven